Zie Nieuws

Groene ruimte in Paramaribo: onderzoek en onderwijs met impact


In Nederland hechten we veel waarde aan groene ruimte, zeker in een groot stedelijk gebied. Denk maar eens aan het Vondelpark in Amsterdam, het Zuiderpark in Den Haag of het (award winnende) Ledeboerpark in ons eigen Enschede. Niet alleen zorgt openbaar groen het hele jaar door voor ontspanning, het zorgt ook voor een koele omgeving en biodiversiteit.

De interesse in de verschillende functies van groene ruimte voor mensen in steden is de laatste jaren in opkomst. Maar studies ernaar vinden vooral plaats in gematigde klimaten. In een tropisch land als Suriname is de relatie tussen mens en natuur anders. Picknicken na een potje voetballen in het park? Veel te warm. Beuken voor de schaduw? In de tropen staan palmbomen. Wieteke Willemen is samen met Nina Schwarz vanuit de faculteit Geo-Informatie Wetenschappen en Aardobservatie (ITC) betrokken bij een project dat zich bezighoudt met onderzoek en onderwijs rondom groene ruimte in Paramaribo. 

Onderzoek en onderwijs met impact

“We zijn bezig met vernieuwend onderzoek, modern onderwijs én het is een project met echte impact”, vertelt hoogleraar Willemen met een glimlach. “ITC werd benaderd door het Tropenbos Suriname met een duidelijke vraag: we willen in Suriname iets voor elkaar krijgen, zullen we samen de handen ineen slaan? Vanuit die afgebakende rol zijn we complementair aan een groep die daar echt iets wil bereiken.” Opvallend in dit project is de rol van digitale middelen om impact te bewerkstelligen. “Alle componenten hebben een innovatieve, digitale invalshoek”, aldus Willemen.

CITIZEN-BASED MONITORING 

Lisa Best van Tropenbos Suriname legt uit

Het onderzoek kijkt naar de rol van groene ruimte in de stad op welzijn. “We werken in de kern als volgt: vaak informatie verzamelen, over veel plekken, met diverse mensen. Samen met bijvoorbeeld overheidsinstellingen, scholen en buurtorganisaties bouwen we aan een netwerk van burgers. Dit noemen we citizen-based monitoring. De burgers helpen ons met het verzamelen van allerlei data, aan de hand van kleine weersensoren. Dit zijn Tamagotchi-achtige apparaatjes die elk uur de temperatuur en luchtvochtigheid meten”, vertelt Willemen. Bewoners van Paramaribo hangen de sensoren in hun tuin en zorgen ervoor dat de batterijen tijdig worden vervangen en de data op tijd wordt uitgelezen. “Ook gebruiken we de open access app EpiCollect. Elke maand vragen we gebruikers om dezelfde groene plek te bezoeken. Met een vragenlijst houden ze de status van het park bij. Dit toont trends vanuit de daadwerkelijke gebruikers van de groene ruimte”, zegt Willemen enthousiast.

Digitaal offline onderwijs 

Schwarz: “We willen de opgedane kennis overbrengen aan onze masterstudenten in Enschede, maar juist ook aan de studenten in Suriname. We zijn hiervoor een e-learning aan het ontwikkelen. Samen met onderwijsexperts van de UT kiezen we de best mogelijke onderwijsformats en designs.” Het elektronische lesmateriaal dat Schwarz en Willemen met hun collega’s ontwikkelen is offline te gebruiken. In Paramaribo hebben studenten niet overal toegang tot internet. Met het lesmateriaal van deze cursus kunnen studenten de leerstof eenmalig  installeren en vervolgens op elke plek studeren, zonder internetverbinding. “We gebruiken dus moderne e-learning mogelijkheden, maar houden ook rekening met de digitale infrastructuur in Suriname, waar niet alle studenten toegang hebben tot betaalbaar en stabiel internet.”

Lokaal impact bereiken

Uiteraard zorgt de coronacrisis ook hier voor de spreekwoordelijke kink in de kabel. “De ‘citizen science’ aanpak verlangt veel inbreng van burgers. Daarvoor moeten mensen geïnstrueerd worden en willen we een community-feeling creëren. Dat is toch lastig om alleen online te doen. Maar we richten ons vooral op de kansen die de huidige situatie met zich meebrengt”, zegt Willemen optimistisch. “We organiseren maandelijkse webinars waarbij we een veel groter publiek kunnen bereiken, dan voorheen in één enkel zaaltje in Paramaribo. Zo maken we ook hier de transitie van analoog naar digitaal.” Willemen en haar collega’s willen de bevindingen en aanpak delen met overheden en stedelijke planners in het Caribische gebied en de Nederlandse eilanden daar. Op die manier kan het onderzoek echt een verschil maken in hoe natuur in de stad ingezet kan worden voor welzijn. “Mijn ambitie is dat we door digitalisering onze complexe wereld completer in kaart kunnen brengen en daardoor beter begrijpen, door middel van “sensing” over tijd en in de ruimte. En daarbij vooral ook rekening houdend met groepen die niet voldoende in de ‘algemene statistieken’ worden vertegenwoordigd. Daarin zit ook een belangrijke uitdaging. De digitale kloof die we op zoveel plekken in de wereld tegenkomen, zien we ook in dit onderzoek terug.”

Over Wieteke Willemen en Nina Schwarz

Wieteke Willemen is hoogleraar bij de Universiteit Twente en verbonden aan de faculteit Geo-Informatie Wetenschappen en Aardobservatie (ITC). Haar onderzoek is er vooral op gericht kwantitatieve ruimtelijke informatie over ecosysteemdiensten -de voordelen van de natuur voor de mens- beschikbaar te maken ter ondersteuning van multi-objectieve besluitvorming. Nina Schwarz is een assistant professor bij ITC. Haar onderzoek focust op computermodellering van stedelijke ontwikkeling. Ga naar groenparamaribo.org voor meer informatie over het project in Paramaribo.

Over het project

Dit project wordt gefinancierd door het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken via de Twinningfaciliteit Suriname-Nederland en zal worden voortgezet met steun van NWO Nationale Wetenschapssagenda, Kwaliteit Leefomgeving route. 

R. Kwakman (Robin)
Communicatieadviseur (Faculteit ITC)