Ervaringen

Herman Offerhaus

Docentervaring

Mijn naam is Herman Offerhaus en ik universitair hoofdocent en onderzoeker bij de vakgroep Optical Sciences bij de Universiteit Twente.


Na de middelbare school in Heerlen ben ik Technische Natuurunde gaan studeren aan de TU Delft. Mijn afstudeerwerk heb ik gedaan bij het AMOLF in Amsterdam waar ik in aanraking kwam met lasers. In Twente ben ik gepromoveerd op het maken van hoog vermogen lasers. Daarna heb ik o.a. gewerkt als postdoc in Southampton en ben later teruggekeerd naar Twente als universitair docent.

Tijdens mijn postdoc raakte ik geïnteresseerd in het gebruik van de gecombineerde lasersystemen en de mogelijkheden die diodelaser-arrays daarvoor boden. Ik heb toen een STW project voorstel geschreven samen met Klaus Boller (van de LPNO groep) om daar verder onderzoek aan te doen aan op de Universiteit Twente. De Universiteit Twente was de uitgelezen plaats voor dit onderzoek door de aanwezigheid van een sterke groep op het gebied van laser onderzoek en de interesse in de combinatie van fundamenteel onderzoek met praktische toepassingen. Tegen het einde van dat onderzoek kwam er een universitaire docent positie vrij. Sindsdien zijn er een paar keer mogelijkheden geweest om te veranderen maar de combinatie van de infrastructuur voor natuurkunde/techniek met de mogelijkheden voor (medische) toepassingen hebben mij tot nu toe steeds voor Twente doen kiezen.

Nu al een jaar of 7 ben ik betrokken bij het onderwijs in Electriciteit en Magnetisme, in het bijzonder bij het eerstejaars vak (statische velden). Dat gaat vooral over de aantrekkingskrachten tussen ladingen en stromen en hoe je daarmee kan rekenen om praktische eigenschappen zoals de capaciteit van een condensator te berekenen. Sinds een paar jaar geven we dit vak in één blok aan de natuurkunde en wiskunde studenten samen. Dat zorgt voor een goede samenwerking tussen de studenten en meer begrip van de natuurkundestudenten voor de wiskunde en van de wiskundestudenten voor de natuurkunde.

Het mooie aan onderwijs, vind ik, dat mensen opbloeien als ze iets nieuws leren, iets nieuw snappen en nieuwe inzichten hebben. Electricteit en magnetisme bevat veel nieuwe concepten en manieren van denken die niet zomaar komen aanwaaien. Maar als “het kwartje valt” dan kunnen de studenten ook echt iets nieuws. Als docent leer ik bovendien ieder jaar meer over hoe mensen denken en die psychologische kant vind ik fascinerend. Het is wel frustrerend om te merken dat mijn inzicht in het leerproces (en het vak) niet altijd overdraagbaar is aan de studenten. Studenten maken vaak de fout om het vak in het begin een beetje te laten versloffen, denkend dat ze dat later wel kunnen inhalen. Dat kost vervolgens onevenredig veel moeite en een aantal studenten haalt het dan niet meer. Hoe vaak ik ook uitlegt dat het nodig is om te oefenen en bij te blijven (zelfs met grafiekjes van resultaten uit vorige jaren), moeten veel studenten het toch van hun eigen fouten leren.

In denk dat je keuze voor de stad waar je wil studeren ondergeschikt zou moeten zijn aan de keuze van je onderwerp. Je moet eerst bedenken wat je wil studeren. Dat is een vrijwel onmogelijke keuze, omdat je niet weet wat een studie inhoud voordat je die hebt gestudeerd, maar je moet toch kiezen. Voor de keuze kun je het beste afgaan op de combinatie van je talenten en je wensen voor de toekomst. Als je die keuze gemaakt hebt, en die is gevallen op technische natuurkunde (excellente keuze, gefeliciteerd) dan kun je kijken naar de verschillende mogelijkheden (Delft, Twente, Eindhoven, Groningen) waarbij er m.i. vooral verschillen in stijl zijn. Delft is wat pretentieuzer, Eindhoven is meer gericht op halfgeleider technologie, Twente is wat breder georiënteerd en wat kleinschaliger en Groningen is meer een algemene universiteit die technische natuurkunde er bij doet. De slogan “high tech, human touch” dekt de stijl van de UT heel behoorlijk; we doen fundamenteel onderzoek maar houden ook van de beugels van Grolsch.

Chat offline (info)