Zie Verlof

Familiegebeurtenissen

In bepaalde situaties heb je recht op extra verlof. Je moet dit verlof zo mogelijk uiterlijk 24 uur van tevoren aanvragen bij het secretariaat van jouw faculteit of dienst.

Gebeurtenis

Extra verlof

jouw huwelijk

eenmaal je arbeidsduur per week

huwelijk bloed- of aanverwanten 1e en 2e graad

1 kalenderdag als de viering plaatsvindt op een dag waarop jij normaal werkt

overlijden van jouw partner en overlijden bloed- of aanverwanten 1e graad

de dag van het overlijden tot en met de dag van de begrafenis of crematie

overlijden bloed- of aanverwanten 2e graad

maximaal 2 aaneensluitende kalenderdagen

overlijden bloed- of aanverwanten 3e en 4e graad

de tijd die nodig is om de begrafenis of crematie bij te wonen, met een maximum van 1 kalenderdag

overlijden van degene die samenwoont met een broer of zus van jouw partner

maximaal 1 kalenderdag als de uitvaart plaatsvindt op een dag dat je normaal werkt

Belast met de regeling  van de begrafenis en/of de nalatenschap van een bloed- of aanverwant in de 1e of de 2e graad

maximaal 2 kalenderdagen

jouw 25- en 40-jarige huwelijksjubileum

1 kalenderdag als je het viert op een dag waarop jij normaal werkt

25-, 40-, 50- en 60-jarig huwelijksjubileum van jouw (stief)ouders of de (stief)ouders van jouw partner

1 kalenderdag als de viering plaatsvindt op een dag waarop jij normaal werkt

Bij het overlijden van bloedverwanten en aanverwanten in de 2e graad is een maximum aantal verlofdagen aangegeven. In de praktijk kan dikwijls volstaan kan worden met minder verlof.

Voor het regelen van de uitvaart en/of de afwikkeling van de nalatenschap van een bloed- of aanverwant in de 1e en 2e graad, is er aanspraak op twee extra verlofdagen. Dit verlof is aanvullend op het verlof dat wordt verleend in het kader van het overlijden van bloed- of aanverwant in de 1e of 2e graad.

Graden bloedverwantschap en aanverwantschap

Uit onderstaand overzicht kun je de graad van bloedverwantschap of aanverwantschap aflezen die de UT hanteert voor verlof bij familiegebeurtenissen.

Bloedverwantschap

Aanverwantschap

Graad

- ouder medewerker

- kind medewerker

- ouder partner

- kind partner

1e graad

- grootouder medewerker

- kleinkind medewerker

- broer en zus medewerker

- grootouder partner

- kleinkind partner

- broer en zus partner

2e graad

- overgrootouder medewerker 
- achterkleinkind medewerker
- neef en nicht medewerker 
(kind van broer of zus)
- oom en tante medewerker 
(broer of zus van ouders)

- overgrootouder partner 
- achterkleinkind partner
- neef en nicht partner 
(kind van broer of zus)
- oom en tante partner 
(broer of zus van ouders).

3e graad

- betovergrootouder medewerker
- achterneef en achternicht medewerker
(kleinkind van broer of zus)
- neef en nicht medewerker
(kind van broer of zus ouders)
- oudoom en oudtante medewerker
(oom of tante van ouders)

- betovergrootouder partner
- achterneef en achternicht partner
(kleinkind van broer of zus)
- neef en nicht partner
(kind van broer of zus ouders)
- oudoom en oudtante partner
(oom of tante van ouders)

4e graad