Met een pepermuntje een scherpere afbeelding dan met de beste lens?
Verstrooid licht focusseert het scherpst
17 februari 2010
Een lens kan licht focusseren in doorzichtige materialen, zoals lucht, glas en zuiver water. De grootte van het focus bepaalt hoe scherp een beeld kan worden gemaakt. Hoewel de grootte van het focus afhangt van de kwaliteit van de lens, heeft zelfs de beste lens een limiet, omdat licht een golfverschijnsel is: het focus wordt groter naarmate het verder van de lens af ligt. Deze limiet wordt de diffractielimiet genoemd. In troebele materialen, zoals verf, melk of matglas, lijkt de situatie op het eerste gezicht nog erger: het licht wordt verstrooid tot een diffuse vlek en vormt helemaal geen scherp focus meer. Onderzoekers van de stichting FOM, het MESA+ Instituut voor Nanotechnologie van de UT en het FOM Instituut AMOLF in Amsterdam zijn tot de verrassende conclusie gekomen dat juist deze verstrooiing gebruikt kan worden om licht veel scherper te focusseren. Dit is van groot belang in de nanotechnologie, waar licht gebruikt wordt om minuscule structuren te maken en onderzoeken. Ze hebben hun bevindingen op 14 februari online gepubliceerd in Nature Photonics.
Het focusseren van licht dwars door een ondoorzichtig materiaal
is mogelijk door de invallende lichtgolven zo te vervormen dat ze
na het verstrooien precies in de richting van het focus lopen. Drie
jaar geleden toonden de onderzoekers voor het eerst aan dat licht
op die manier door vrijwel alle verstrooiende voorwerpen heen
gefocusseerd kan worden, van witte verf tot een eierschaal. Het
instrument dat de lichtgolven vervormt heeft net als ieder optisch
instrument last van de diffractielimiet. Als het licht op een
grotere afstand gefocusseerd wordt, wordt het focus onscherp.
Als er echter een verstrooiend materiaal - in dit geval een laagje
verf - geplaatst wordt tussen het instrument en het focus, blijkt
het plotseling mogelijk een veel kleiner focus te maken: het
verstrooide licht laat zich perfect focusseren, veel scherper dan
licht dat onverstoord door de lucht reist. Licht is zo ook beter te
focusseren op moeilijk bereikbare plaatsen, wat vooral voor de
nanotechnologie belangrijk is. Daarnaast liggen toepassingen in de
microscopie, waar de diffractielimiet het erg moeilijk maakt om de
kleinste onderdelen van een levende cel af te beelden, voor de
hand. Zou het mogelijk zijn om met, bijvoorbeeld, een pepermuntje
een scherpere afbeelding te maken dan met de beste lens? Deze vraag
is een open uitdaging tot verder onderzoek.

Licht focusseren met een doolhof. Verstrooiende materialen,
zoals witte verf, of een pepermuntje, zijn een doolhof voor licht:
het licht verstrooit en verandert steeds van richting. Omdat licht
een golfverschijnsel is, kunnen we het van meerder kanten tegelijk
het doolhof in sturen. Nadat het licht meerdere malen van richting
verandert, verlaat de lichtgolf het doolhof op weer meerdere
plaatsen tegelijk, maar nu zeer scherp gefocusseerd. Juist de
richtingsverandering in het doolhof zorgt er voor dat het licht
uiteindelijk beter te focusseren is.
Neem voor meer informatie contact op met:
Dr. Allard Mosk, Complex Photonic Systems (MESA+), a.p.mosk@utwente.nl,
telefoon 053 489 5392 of met FOM Communicatie, drs. Anita van Stel,
030 600 1208