Agendapunten

UR 10-294 Agendaformulier Profileringsfonds 2010

CvB stukken voor agenda Universiteitsraad



Overlegvergadering d.d. : 15 december 2010

Commissievergadering : OOS

Agendapunt : Profileringsfonds

Bijgevoegde stukken : stuk S&O/S&C/67888/FvK/SL d.d. 1 november 2010


Secretaris: Van Keulen paraaf: _____


Portefeuillehouder: Brinksma paraaf: _____



1.Status agendapunt:

Rol URaad:

oTer informatie

oTer advisering

X Ter instemming

oAnders:



2.Eerder behandeld in:

Naam gremium: Werkgroep Afstudeer regelingen (WAR)
Datum behandeling: najaar 2010

Naam agendapunt: Profileringsfonds

Conclusie toen:
Opstellen discussiepunten met name m.b.t. de Regeling Afstudeersteun en deze bespreken met delegaties Koepels studentenverenigingen/Student Union in najaar 2010



3.Toelichting/samenvatting:


Profileringsfonds


Art. 7.51 WHW ging tot nu toe over de financiële ondersteuning van studenten (afstudeerfonds) maar met de Wet Versterking Besturing wordt dit nu het Profileringsfonds (art. 7.51 nieuw).
De inwerkingtreding van dit artikel is door de wetgever bepaald op
1 september 2010.
De UR heeft instemming bij de inrichting en invulling van het Profileringsfonds.


Eén fonds is eenduidiger dan onder het oude WHW artikel en geeft aan instellingen méér ruimte voor eigen invulling. Er kunnen zich verschillende situaties voordoen waarvoor de student een beroep kan doen op het profileringsfonds, bijvoorbeeld in geval van ziekte, functiestoornis of als een student bepaalde bestuurswerkzaamheden verricht of lid is van een medezeggenschapsorgaan of opleidingscommissie.

De wet noemt ook een aantal nieuwe categorieën:

-bij onvoldoende studeerbare opleidingen is er ook een verplichting tot financiële ondersteuning van de student.

-instellingen kunnen aan niet-EER-studenten (deze hebben geen recht op studiefinanciering noch op betaling van wettelijk collegegeld) financiële ondersteuning bieden, waarbij vooral beoogd is een voorziening te creëren ter ondersteuning van talentvolle studenten uit de niet-EER-landen. Voorwaarde hiervoor is dat ze voldoen aan het woonplaatsvereiste.

Veel van waartoe de wet opdracht geeft bij de invulling van dit artikel heeft de UT al in huis.
De (uitgebreide) Regeling Afstudeersteun functioneert al vele jaren goed. Overigens is het toch goed nader te bezien of aanscherpingen nuttig zijn. Met bijv. de regeling voor buitenlandse studenten bij bijzondere omstandigheden (RAVIS) heeft de UT een tijd voorop gelopen. Beurzen voor talentvolle buitenlandse studenten worden reeds verstrekt.




De nieuwe wet geeft de instelling nu veel
meer beleidsvrijheid om zelf zaken te gaan invullen.

T.a.v. van de Regeling Afstudeersteun:

Aan de afspraak om vanuit de Werkgroep Afstudeer Regelingen (WAR) met een vertegenwoordings-groep uit de studentenorganisaties in overleg te treden teneinde hun visie te vernemen op de invulling van de regelingen in het profileringsfonds in het bijzonder de inhoud van de Regeling Afstudeersteun is gevolg gegeven. De WAR heeft met die visie in zijn advies zoveel als mogelijk rekening gehouden. Dit proces heeft gelopen in de periode juni 2009 t/m najaar 2010. Vervolgens heeft de WAR een voorstel gedaan aan het College van Bestuur dat daarover een besluit heeft genomen. De UR heeft instemmingsrecht op instelling van het Profileringsfonds (niet op de omvang van het fonds).


T.a.v. de Regeling UTS beurzen (voor talentvolle buitenlandse studenten):

De UT kent sinds 2003 een beurzenstelsel. Aanvankelijk was het systeem gebaseerd op leningen voor buitenlandse studenten (TSP). In 2007 heeft de UT het University Twente Scholarship (UTS) in het leven geroepen. Deze UTS beurzen werden in eerste instantie gefinancierd uit het ‘bovenwettelijke’ collegegeld. Inmiddels wordt het stelsel gevuld met de onderwijsopslag en giften vanuit het bedrijfsleven, alumni en vermogende particulieren.


Zoals gezegd treedt het profileringsfonds per 1 september 2010 in werking en kan er op dit moment een besluit worden genomen over de vulling daarvan. Het college heeft daartoe onderstaand besluit genomen.




4.(Voorgenomen) besluit CvB:


Het College van Bestuur besluit:

Gezien:

- de inhoud van het nieuwe WHW artikel 7.51 (Profileringsfonds);

- de toelichting zoals verwoord in het aan de UR te zenden agendaformulier (bijgevoegd);

- het bijgevoegde stuk S&O d.d. 1 november 2010 (S&O/S&C/67888/FvK/SL).

Overwegende:

- het nieuwe artikel 7.51 WHW is per 1 september 2010 in werking getreden met opdracht tot vorming van een Profileringsfonds;

- op dit moment kan worden volstaan met het vaststellen van welke regelingen onderdeel zullen vormen van het Profileringsfonds;

- de UT beschikt op dit moment over goed werkende regelingen ter financiële ondersteuning van studenten;

- de Werkgroep Afstudeer Regelingen (WAR) heeft mede op verzoek van het CvB uitgebreid overleg gepleegd met studentvertegenwoordigers teneinde hun visie te vernemen met name op het punt van de Regeling Afstudeersteun;

- een aantal punten tot mogelijke wijziging van de Regeling Afstudeersteun zijn onderzocht doch leiden op dit moment (nog) niet tot wijzigingen van die Regeling; op dit punt wordt het advies van de WAR overgenomen inhoudend om de Regeling Afstudeersteun op dit moment nog niet te wijzigen op de onderzochte punten;

- voor de Regeling UTS beurzen wordt op dit moment een raamregeling gegeven.

Besluit het College van Bestuur:

A. Per 1 september 2010 de omvang van het Profileringsfonds als volgt vast te stellen:

1.   Financiering uit component A in Profileringsfonds:

-  Regeling Afstudeersteun;

- RAVIS voor buitenlandse studenten;

- Topsport- en topcultuur Regeling.


2.   Financiering uit component B in Profileringsfonds:

UTS (beurzen voor talentvolle niet EER-studenten).

B. Het college bepaalt daarbij dat de financiële middelen onder component A (1e geldstroom) en die onder component B (OCW middelen i.c. onderwijsopslag en andere middelen (giften en schenkingen) die specifiek en uitsluitend bedoeld zijn voor getalenteerde studenten van buiten Nederland) strikt zullen worden gescheiden.

De UR te verzoeken in te stemmen met dit besluit onderdeel A.





----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------


GRIFFIE URaad: (door griffie UR in te vullen)

Eerder in URaad aan de orde geweest?

oNee.

oJa, op

Conclusie toen:


Nadere toelichting: (Voor als presidium/griffier vindt dat één van bovengenoemde punten nadere toelichting behoeft)

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………