Aandachtspunten

Aandachtspunten 2005-11-15

Aandachtspunten uit de overlegvergadering van de Universiteitsraad van

15 november 2005


Verslag

Naar aanleiding van het verslag herhaalt het college ten aanzien van het onderwerp TSM de eerder gedane toezegging om zodra de discussie met de betrokkenen afgerond is de UR bij de bespreking te zullen betrekken.


3 TU master Sustainable Energy Technology

De Universiteitsraad mandateert het presidium om zodra en indien de overige betrokken gremia positief over het instellen van deze 3 TU master geadviseerd hebben eveneens een positief instemmingsbesluit te nemen. Het college zal zorg dragen voor de vereiste informatie.

Tzt tekst besluit invoegen


Arbo en milieu Jaarplan 2005, herziene versie

De Universiteitsraad,

gezien:

de brief van het College van Bestuur aan de Universiteitsraad d.d. 23 september 2005 (UR 05-242);

het Arbo en Milieu jaarplan 2005;

overwegende dat:

tijdige toetsing door de Universiteitsraad niet heeft kunnen plaatsvinden, omdat het jaarplan veel te laat is verschenen en aangeboden;

ten aanzien van de volledigheid van het jaarplan grotendeels is tegemoetgekomen aan de eerder genoemde bezwaren van de Universiteitsraad (brief aan CvB d.d. 24 juni 2005, UR 05-155);

gehoord:

de mondelinge toelichting van R. Sanders, medewerker van de dienst PA&O;

besluit:

in te stemmen met het voorliggende Arbo- en Milieu jaarplan 2005.


Plan van aanpak Medewerkerstevredenheidsonderzoek

De personeelsgeleding van de Universiteitsraad,

gezien:

De nota “Risico Inventarisatie & Evaluatie Welzijn Universiteit Twente 2005” of “Plan van aanpak Medewerkerstevredenheidsonderzoek” d.d. mei 2005, UR 05-138;

overwegende dat:

Eerder genoemde bezwaren van de Universiteitsraad tegen dit plan voor wat betreft de uitvoering en de conclusies van het Medewerkerstevredenheidsonderzoek, onverminderd van kracht zijn;

De Universiteitsraad in dit geval niet belemmerend wil zijn voor de uitvoering van de positief gewaardeerde acties, die in het plan zijn opgenomen;

Een instrument wenselijk is om de werkbelasting van werknemers te monitoren, binnen groepen van werknemers met overeenkomstige taken te vergelijken en bij vermindering van de aanstelling een evenredige taakvermindering te kunnen realiseren.

gehoord:

De mondelinge toelichting van de heren Flierman en de Vries;

De toezegging van het CvB om meer aan de bezwaren van de Universiteitsraad tegemoet te komen door:

ohet opstellen van een overzicht van alle reeds gestarte activiteiten en gemaakte afspraken, in relatie tot het Plan van aanpak en onderverdeeld naar te onderscheiden doelgroepen binnen de UT, indien mogelijk te bespreken in de cyclus van januari 2006;

ohet jaarlijks opstellen van een Sociaal Jaarverslag, te beginnen in 2005, maar als eerste volledige verslag over het jaar 2006. In de vergadercyclus van januari 2006 zal hierover in de commissie P&S een eerste bespreking plaatsvinden;

ohet opstellen van een startnotitie Personeelsbeleid, die in de commissie P&S zal worden besproken, eveneens in januari 2006;

ohet opnemen van het punt: “Verbetering van de interne communicatie (over bestuur en beleid)” op de bestuurlijke agenda;

ote onderzoeken of voor UT- taken indicatieve normen opgesteld kunnen worden;

besluit:

in te stemmen met de nota “Risico Inventarisatie & Evaluatie Welzijn Universiteit Twente 2005”.


Nota Begrotingsbod 2006 en voortgang begrotingsproces

Naar aanleiding van de schriftelijke opmerkingen van de UR (UR 05-280) zegt het college toe het komende jaar actief te zullen bevorderen dat er onderwijsbegrotingen aan de faculteiten worden gemaakt.


Voortgang 3 TU proces

Het college geeft in antwoord op vragen van de raad dienaangaande aan, dat de te verwachten 50 miljoen Euro voor het 3 TU proces deels structureel ingezet zullen worden, bijvoorbeeld voor het aantrekken van toptalent. Voorzover het ingezet wordt voor nieuwe structurele bekostiging, zullen ander taken moeten worden afgestoten. Het kan ook deels tijdelijke extra financiering zijn bijvoorbeeld voor een dakpanconstructie.

Op de vraag van de UR naar de bevoegdheid van de medezeggenschap met betrekking tot de besluitvorming over de Centers of Excellence wordt door het CvB tenminste maximale informatie toegezegd. De vraag of hier wellicht van adviesrecht sprake is (“duurzame samenwerking”), zal buiten de vergadering met elkaar besproken worden.

Het CvB benadrukt desgevraagd het belang van het behoud van de drie domeinen voor de UT (biomedisch, natuurtechnisch en maatschappij- en gedragswetenschappelijk) en zegt toe deze – ook in het 3 TU-proces – in ere te zullen houden.


Bestuurlijke agenda CvB

Het college kondigt de uitgave van een compacte vlotlezende samenvatting van het Instellingsplan aan, inclusief een korte notitie waarin nadere accenten ten aanzien van een zestal deelonderwerpen worden aangegeven. In de december cyclus zal een en ander met de raad besproken worden.


Schriftelijke rondvraag (UR 05 283)

Het college wijst erop dat het de overheid is die de regelgeving ten aanzien van zorgverzekering en levensloop wijzigt, maar dat het bereid is om samen met PA&O na te gaan of er nog een UT-brief naar de medewerkers kan/moet gaan. Er wordt nog gestudeerd op de mogelijkheid om een collectieve ziektekostenverzekering voor de medewerkers af te sluiten, aldus het college.

Het CvB meldt vervolgens zich bewust te zijn van zijn verantwoordelijkheid voor met name de buitenlandse studenten in dezen en zegt toe voor correcte informatie te zullen zorgen.


Rondvraag

Naar aanleiding van de vraag vanuit de raad naar de mening van het college over het nieuwe wetontwerp WHOO, wordt afgesproken om zodra het wetsontwerp terugkomt van de Raad van State en de diverse adviezen terzake bekend zijn, het college samen met de UR hierover in overleg zal gaan.

De UR en het CvB zijn beide van oordeel dat het ongewenst is dat op elke universiteit afzonderlijk opnieuw overleg gevoerd zou moeten worden over de invulling van de door de staatssecretaris beoogde zorgplicht. Het is wenselijk dat de VSNU en het LOVUM in dezen gezamenlijk optrekken. Het CvB zal dit punt inbrengen in de VSNU en de voorzitter van de UR bij het LOVUM.

Naar aanleiding van de vraag naar de stand van zaken rond de Digitale Universiteit (DU), meldt het college dat men de integratie van de DU in SURF voorstaat. Indien dit niet op korte termijn gerealiseerd kan worden, wordt de deelname door de UT per december 2006 stopgezet (met 1 jaar opzegtermijn).