Checkpoint Charlie

Jarenlang passeerden bezoekers van de campus de in 2011 afgebroken karakteristieke portiersloge Charlie. De loge werd in 1996 gebouwd naar een ontwerp van Peter Defesche en stelde – om redenen die niemand nog weet – een sleepboot voor.

Portiersloge Charlie bij de ingang van het UT-terrein was het thuishonk van de Campuswacht. Wanneer je de campus opkwam via de hoofdingang, was Charlie het eerste gebouw dat je passeerde – het was dan ook voorzien van gebouwnummer 1. Charlie ontleende zijn naam aan het historische Checkpoint Charlie, tijdens de Koude Oorlog de belangrijkste controlepost tussen West- en Oost-Berlijn – en stond als Checkpoint Charlie bekend op de campus.

Vanaf de oprichting van de THT was de campusfilosofie een belangrijk uitgangspunt: studenten woonden in een gesloten gemeenschap en hadden tijdens hun studie weinig interactie met de buitenwereld. Maar die filosofie werd in de jaren negentig steeds meer naar de achtergrond verdrongen. Er klonk nu een heel ander geluid: de campus moest ‘vermaatschappelijkt’ worden. Woningen van medewerkers en hoogleraren werden verkocht en er kwam zelfs een openbare buslijn over de campus. Het universiteitsterrein werd steeds meer een openbare ruimte.

Opmerkelijk genoeg werd juist in deze periode een maatregel getroffen die daar tegenin druiste: voor alle in- en uitgangswegen, behalve de hoofdingang, werden slagbomen geplaatst om de campus af te sluiten van doorgaand verkeer. Bezoekers konden enkel op afspraak of met een speciaal verkregen pasje toegang krijgen tot de campus. De bouw van de portiersloge in 1996, feitelijk een barrière tussen de campus en de buitenwereld, illustreert deze tegenbeweging.

Vijftien jaar na de bouw werd Charlie in 2011 toch weer gesloopt. De UT wilde de integratie tussen de campus en het Business & Science Park bevorderen en de afgeslotenheid van de campus verminderen. Om de campus toegankelijker te maken, kwamen er zelfs meer rijbanen. Het maakte de campus weer uitnodigend, wat leidde tot een toename van het aantal feesten en activiteiten op het terrein.

Sommige medewerkers refereren nog altijd aan de hoofdingang als Charlie, maar wie een huidige student voorstelt om bij Charlie af te spreken, kan op een onbegrijpende blik rekenen. Net als het waarom van de sleepbootvorm zal ook het UT-begrip Checkpoint Charlie uiteindelijk in de vergetelheid raken.

Hoe Charlie aan de bar belandde...

Het hokje waar de portier zat tot 2011 heette Charlie, genoemd naar het historische Checkpoint Charlie, de bekende controlepost tussen Oost- en West-Berlijn. Martin Versteegh was student werktuigbouwkunde vanaf 2009 en zag het verlaten hokje, en de letters Charlie. Eerst hield hij zich nog in, maar toen de C verdwenen was, kon hij de verleiding niet weerstaan en nam hij de H en L mee, de rest bleef hangen. Maar omdat het de eerste keer zo makkelijk ging nam hij ook die resterende letters mee naar zijn studentenhuis NGTV 21.

‘Later heb ik nog een C meegenomen van de Faculty Club en zo was Charlie weer compleet. Eerst heb ik de letters een tijdje op mijn kamer gehad, later hebben we Charlie op de bar geschroefd. Daar hangen ze nu nog, zag ik laatst op de reünie’. Martin had een leuke tijd in het huis van 2009 tot 2016. ‘Het was er altijd gezellig en ook als je in het weekend niet naar huis ging, was er altijd wel iemand thuis, zodat je gezelschap had’. Met zijn studentikoze kleptomane neigingen is het overigens helemaal goed gekomen. Martin heeft een keurige baan, bij een machinebouwer voor de voedingsindustrie in Culemborg.

 Deze tekst is gepubliceerd in het UT relatiemagazine van december 2019.


De canon is altijd in ontwikkeling en staat open voor debat en discussie. Mis jij een gebeurtenis, kenmerk of markant persoon in de canon?

Voeg dan jouw eigen verhaal toe!