Persoonlijke omstandigheden

Onvoldoende studeer-baarheid of onderwijs-kundige overmacht

Een programma is onvoldoende studeerbaar als jouw opleiding zo is ingericht dat je daardoor niet in staat was het afsluitend examen met goed gevolg af te leggen binnen de periode die daarvoor staat. 

Let op: een studeerbaar programma wordt vaak alleen gegarandeerd als je op een regulier instroommoment (september) met de opleiding begint en een nominaal tempo volgt. Als je op een ander moment bent gestart of al (veel) vertraging hebt opgelopen is een nominaal programma helaas niet altijd (meer) mogelijk.

Een onstudeerbaar programma kan ontstaan doordat vakken niet meer kunnen worden gevolgd of afgrond of wanneer examens niet goed op elkaar aansluiten.
Het kan ook zijn dat bij een curriculum alle vakken in een bepaalde volgorde doorlopen moeten worden, terwijl de programmering van deze vakken zodanig is dat dit niet mogelijk is. Dit kan als je een specifiek vakkenpakket volgt waarbij essentiële vakken gelijktijdig geprogrammeerd staan. Het betreft dan een slechte organisatie van het onderwijs. Geringe herkansingsmogelijkheden kunnen dit probleem versterken.
Ook kan er sprake zijn van een onvoldoende studeerbaar programma als de onderwijskwaliteit te wensen over laat. Bijvoorbeeld doordat de studielast niet is afgestemd op de beschikbare tijd, docenten niet aanwezig zijn of de benodigde studiematerialen of andere onderwijsvoorzieningen onvoldoende beschikbaar zijn.

FOBOS - Tegemoetkoming Overmacht

Als je te maken krijgt met onvoldoende studeerbaarheid kun een beroep doen op de FOBOS-regeling Tegemoetkoming Overmacht. De aanvraag voor Tegemoetkoming Overmacht moet je indienen binnen 3 maanden na afloop van de periode waarin de onvoldoende studeerbaarheid zich heeft voorgedaan. Dat kan zijn een deel (module, blok, semester) van het door jou gevolgde studieprogramma. Bij problemen met stage of afstudeeropdracht moet de aanvraag binnen 3 maanden na beëindiging van de stage op opdracht worden ingediend.

Je bent verplicht om, zodra zich een probleem met de studeerbaarheid voordoet, dit zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de betrokken opleidingsdirecteur te melden.
Bij vaststellen van onderwijskundige overmacht wordt niet alleen gekeken wat de oorzaak is en of de opleiding alleen verantwoordelijk is, of dat jij mede de vertraging hebt veroorzaakt. Maar ook of de vertraging door tijdige melding bij de opleiding (studieadviseur) kon worden beperkt.

Zie voor meer informative hierover hoofdstuk 2, artikel 3. van de FOBOS-regeling (pdf, 533,36 kB)
op het pdf bestand