2001

01-04

WETENSCHAPSNIEUWS 01/04 29-3-2001

Agenda
Samenvattingen promoties
Benoemingen
Stellingen
Archief

Wetenschapsnieuws is een periodieke uitgave van de Universiteit Twente. Het verschijnt ± 20 maal per jaar in een oplage van 500 stuks. Voor nadere informatie, of voor een gratis abonnement, kunt u contact opnemen met de Dienst Communicatie en Transfer, Postbus 217, 7500 AE Enschede, tel. (053) 489 43 85, e-mail: b.meijering@cent.utwente.nl
Laatste nieuws op Internet: URL: http://www.utwente.nl/nieuws


Proefschriften ook on-line beschikbaar
Een groot aantal proefschriften zijn direct opvraagbaar via de website van de Universiteitsbibliotheek. De documenten zijn in het kader van het webdocproject per faculteit /instituut integraal opgeslagen in pdf formaat.

Samenvattingen promoties

De dynamiek van dynamica
WN 01/14 *15 maart 2001

oratie prof. dr. ir. A. de Boer als hoogleraar Technische Mechamica, faculteit Werktuigbouwkunde, ‘De dynamiek van dynamica’

De vakgroep Technische Mechanica houdt zich intensief bezig met het onderzoek op het gebied van constructietrillingen en geluid. Zo is er onderzoek gedaan naar het reduceren van geluid dat door een trillende wand wordt afgestraald. Een manier om dat geluid te verminderen is door de wand op te bouwen uit twee panelen met daartussen een luchtlaag. Als deze luchtlaag voldoende dun is, gedraagt de lucht zich ‘stroperig’, waardoor de wand minder trilt en minder geluid afstraalt. Barrières in de spleet kunnen dit effect nog vergroten.

Naast deze passieve manier om geluid te dempen wordt er de laatste jaren steeds meer gekeken naar actieve dempingmethoden. Daarbij wordt gebruik gemaakt van een systeem dat bestaat uit een sensor (bijvoorbeeld om de grootte van het trillingen van de wand te meten), een actuator (bijvoorbeeld een elektromagneet die een kracht genereert om de trillingen van de wand tegen te gaan) en een regelaar (om de grootte van de stroom door de elektromagneet te sturen).

Het actieve dempen wordt onder andere toegepast in de vliegtuigindustrie. In vliegtuigen moet worden gewerkt met speciale elektronica die bestand is tegen het hevige geluid en de trillingen die daar optreden. Door de elektronica te monteren in boxen die zodanig worden opgehangen dat ze actief worden gedempt, is het in de toekomst wellicht mogelijk om goedkopere en nieuwere elektronica te gebruiken. Een andere toepassing is reductie van geluid in schepen. Het lawaai van scheepsmotoren probeert men te reduceren door de trillingen bij de bron, de motor, weg te vangen.

De strategie van de vakgroep is alle beschikbare capaciteit in te zetten voor een beperkt aantal onderzoeksgebieden die ook nog eens relevant zijn voor de industrie. Daarvoor werkt men intensief samen met bedrijven en onderzoeksinstellingen als SKF, CORUS, TNO en NLR, waarmee langdurige contracten worden aangegaan.

informatie: drs. B. Meijering, tel. (053) 489 4385
e-mail: b.meijering@cent.utwente.nl

Noot voor de pers:
U kunt het boekje met de oratie van prof. De Boer opvragen bij de dienst Communicatie en Transfer van de Universiteit Twente, tel. (053) 489 4852.

 

Membraantechnologie sleutel tot duurzaamheid
WN 01/15 * 29 maart 2001

oratie prof. dr. ing. M. Mulder, faculteit Chemische Technologie: ‘Membraantechnologie, sleutel tot duurzaamheid’

Ruim een kwart eeuw geleden probeerden vooraanstaande wetenschappers de toestand van de wereld te voorspellen in de komende eeuw. Hun computermodel stelde een apokalyptisch beeld in het vooruitzicht als we op dezelfde manier zouden doorgaan met consumeren en produceren. Later werd het model aangepast en won de mening veld dat het door nieuwe technologie mogelijk zou zijn op een duurzame manier met de beschikbare grondstoffen om te gaan. Dat leidde tot een scenario van een duurzame samenleving, waarin technologieontwikkeling een belangrijke rol speelt.

Door de groei van de wereldbevolking, de stijgende welvaart en de toenemende industrialisatie wordt het milieu al meer belast. Om verdere vervuiling van ons ecosysteem te voorkomen en bewust om te gaan met de aanwezige grondstoffen is het noodzakelijk om tot gesloten systemen over te gaan. Die stellen ons niet alleen in staat waardevolle stoffen terug te winnen en te hergebruiken. We kunnen daarmee ook de vuil-last onder controle brengen, wat zelfs kan leiden tot ‘zero-discharge’. Een sleutelrol is hier weggelegd voor membraantechnologie, samen met bioconversie. Als we in staat zijn om bijvoorbeeld, door middel van nanofiltratie, het afvalwater van een rioolwaterzuiveringsinstallatie op te werken tot drinkwater, hebben we de macro-keten binnen het stedelijk gebied gesloten. En als we dan ook nog een goede oplossing vinden voor het concentraat, is er sprake van een zero-dischargesysteem – met als resultaat een sterke vermindering van de waterinname, van groot belang voor gebieden die het risico lopen van verdroging.

gesloten systemen

Toepassing van gesloten systemen brengt de nodige kosten met zich mee. In de industrie vormt dat niet zo’n probleem omdat het gebruik van gesloten systemen daar inmiddels leidt tot een sterke vermindering van lozingskosten en watergebruik. In de landbouw, tuinbouw en veeteelt is van deze gesloten systemen echter nog maar nauwelijks sprake. Toch zijn ook daar, vooral bij de melkveehouderij en tuinbouw, voldoende mogelijkheden om water terug te winnen en te hergebruiken, aldus prof. Mulder, die de invoering van membraantechnologie bij gesloten systemen tot hoofdthema van zijn leerstoel wil maken. Hierbij zal hij de nadruk leggen op membraanvervuiling en koncentraatopwerking.

biomassa

Behalve over watervervuiling moeten we ons, aldus Mulder, ook grote zorgen maken over het broeikaseffect, veroorzaakt door een toenemende CO2-uitstoot. In Kyoto is afgesproken dat de geïndustrialiseerde landen de CO2-uitstoot zullen verminderen. Maar dit valt alleen te realiseren, als we overgaan op duurzame energiebronnen ter vervanging van fossiele brandstoffen. Bij gebruikmaking van biomassa als energiebron wordt dan een gesloten CO2-systeem gerealiseerd, waarbij membraantechnologie eveneens een belangrijke rol zal vervullen, stelt Mulder. Zo laat biomassa zich omzetten in methaan, methanol of waterstof, – componenten die kunnen dienen als brandstof voor een brandstofcel. Hierdoor is de chemische energie van de brandstof rechtstreeks om te zetten in elektriciteit, met een efficiency die duidelijk hoger ligt dan bij de conventionele elektriciteitscentrales en met als bijkomend voordeel dat er geen gevaarlijke stoffen vrijkomen. Dankzij deze technologie wordt het dan tevens mogelijk om elektriciteit decentraal op te wekken, aldus prof. Mulder.

informatie: mw. drs. B. Koopmans, tel. (053) 489 4385
e-mail: b.j.m.koopmans@cent.utwente.nl

Noot voor de pers:
Dit is de eerste UT-oratie in Friesland (Martinikerk op de Breedeplaats, Franeker).
U kunt het boekje "Membraantechnologie, sleutel tot duurzaamheid" opvragen bij de dienst Communicatie en Transfer van de Universiteit Twente, tel. (053) 489 4366

 

Ondersteuning ontwerp interactieve ontdekkend-leeromgevingen
WN 01/16 *8 maart 2001

promotie drs. R. Limbach, faculteit Toegepaste Onderwijskunde: ‘Supporting instructional designers’

In het onderwijs wordt steeds vaker gebruik gemaakt van de mogelijkheden van informatie- en communicatietechnologie (ICT). Dat betekent bijvoorbeeld dat instructie ontworpen moet worden voor interactieve ontdekkend-leeromgevingen voor het vak natuurkunde in het studiehuis. Deze persoonsgebonden constructieve manier van leren heeft als doel de verwerving van diepgaande, flexibele en transferbevorderende kennis. Dit vergt een leeromgeving waarin de leerling wordt uitgenodigd een eigen kennisbasis op te bouwen. Leerlingen moeten daarbij relevante informatie zien te verwerven door het opstellen van hypothesen, het opzetten van experimenten en het trekken van conclusies.

Een ontwerper van interactieve ontdekkend-leeromgevingen heeft als taak een omgeving te bouwen waarbinnen een dergelijk ontdekkingsproces optimaal kan plaatsvinden. Tot nu toe is er weinig bekend hoe ontwerpers van dit type leeromgevingen het beste kunnen worden ondersteund. Renate Limbach richt zich in haar onderzoek op de ontwikkeling van adequate ondersteuning van deze leeromgevingen. Zij geeft hierin een beschrijving van het proces van het ontwerpen van het informatiesysteem. Dit informatiesysteem is geïntegreerd in het auteurssysteem SIMQUEST en geeft de ontwerper tips en informatie over relevante ontwerpaspecten.

promotor: prof. dr. J. Pieters
co-promotor: prof. dr. T. de Jong
informatie: drs. B. Meijering, tel. (053) 489 43 85
e-mail: b.meijering@cent.utwente.nl

 

Telematica ondersteunt groepswerk in onderwijs
WN 01/17 *6 april 2001

promotie drs. J.T. van der Veen, faculteit Toegepaste Onderwijskunde: ‘Telematic support for group-based learning’

Op veel instellingen voor het hoger onderwijs dient groepswerk als werkvorm om de studenten te activeren. In zijn proefschrift beschrijft Jan van der Veen het resultaat van een multidisciplinair onderzoek naar de mogelijkheden om groepswerk te ondersteunen met behulp van telematica.

Het onderzoek concentreert zich op de mogelijkheden van telematica om planning, operationalisatie en voortgangsbewaking voor docenten en groepen studenten eenvoudiger te maken. Voor studenten is het vaak lastig tussen groepsbijeenkomsten door samen te werken aan opdrachten of onderdelen daarvan. Projectruimtes en benodigde faciliteiten zijn namelijk beperkt aanwezig en studenten hebben steeds vaker andere verplichtingen of wonen ver van elkaar vandaan. Docenten vinden het lastig de voortgang van alle groepen te bewaken. Telematica nu kan zulke problemen helpen oplossen. Om te zien of deze oplossingen de gerezen problemen ook inderdaad verhelpen, werden ze uitgeprobeerd in drie praktijksituaties aan de Universiteit Twente.

Een terugkerend thema in het onderzoek was de afweging tussen functionaliteit en gebruiksgemak. Zo bleken zich in de eerste twee praktijksituaties maar enkele studenten per groep te specialiseren in het gebruik van de telematica-ondersteuning (workflow), met als resultaat dat er slechts beperkt gebruik van werd gemaakt. In de laatste praktijksituatie kregen studenten Technische Bedrijfskunde via het World Wide Web ondersteuning aangeboden bij het bestuderen van vakliteratuur en het uitwisselen van samenvattingen. De ontworpen oplossing sloot nauwer aan op de taken van studenten en docenten, bleek bovendien eenvoudig te bedienen en werd uiteindelijk veel gebruikt. Een randvoorwaarde voor succesvolle telematica-ondersteuning blijft wel dat de onderwijstaken door de studenten als nuttig worden gezien.

promotor: prof. dr. B. Collis
co-promotor: prof. ir. E. Michiels
informatie: drs. B. Meijering, tel. (053) 489 43 85
e-mail: b.meijering@cent.utwente.nl

 

Computerondersteunde adaptieve studietoetsen
WN 01/18 *19 april 2001

promotie drs.E.M.L.A. van Krimpen-Stoop, faculteit Toegepaste Onderwijskunde: ‘Detection of Misfitting Item-Score Patterns in Computerized Adaptive Testing’

Onderzoek over de vraag of antwoordpatronen al dan niet passen bij het veronderstelde responsmodel heet in het Engels person-fit analyse. Edith van Krimpen-Stoop heeft deze analyse toegepast op computerondersteunde adaptieve studietoetsen (CAT). Zij deed onderzoek naar afwijkend antwoordgedrag zoals voorkennis van bepaalde vragen op de studietoets, maar besteedde bijvoorbeeld ook aandacht aan opwarmen in het begin van de studietoets en vermoeidheid aan het eind van de studietoets.
Van Krimpen laat zien dat de person-fit-toetsingsgrootheden die voor conventionele papier-en-potlood-studietoetsen worden gebruikt, niet eenvoudig zijn toe te passen voor adaptief testen. Vandaar haar voorstel om gebruik te maken van nieuwe statistische technieken, afkomstig uit de statistische procescontrole. Deze technieken lijken inderdaad veelbelovend voor computerondersteunde adaptieve studietoetsen, gezien het grote percentage afwijkende antwoordpatronen dat ze helpen opsporen.

promotor: prof. dr. W.J. van der Linden
co-promotor: dr. R.R. Meijer
informatie: drs. B. Meijering, tel. (053) 489 43 85
e-mail: b.meijering@cent.utwente.nl

Benoemingen


Stellingen

Renate Limbach, faculteit Toegepaste Onderwijskunde, Universiteit Twente:

Wanneer op aardrijkskundige kaarten het bestaande wegennet op ware breedte wordt ingetekend blijkt dat de ‘asfaltering van Nederland’ vooralsnog een mythe is.

Judith Inberg, faculteit Chemische Technologie, Universiteit Twente:

Een snelle methode om het aantal vrouwelijke promovendi te verhogen is helaas het verlagen van het salaris van promovendi.

Zolang mensen je nog op je fouten wijzen zit je goed.