Zie Nieuws voor studenten

Veel lof voor kwaliteitsbeleid onderwijs Universiteit Twente

In november en december van het afgelopen jaar is de UT bezocht door een NVAO commissie in het kader van  de instellingstoets kwaliteitszorg onderwijs (ITK) én voor het toetsen van de plannen voor de kwaliteitsafspraken waar de minister van OCW om heeft gevraagd.

Gedurende in totaal vijf dagen heeft de commissie met verschillende groepen UT’ers (medewerkers en studenten) gesproken over allerlei onderwerpen die van belang zijn voor de kwaliteit van het onderwijs op de UT. De commissieleden waren positief over de uitkomsten van de gesprekken en hebben informeel al meegegeven dat de UT met glans voldoet aan alle standaarden op het gebied van onderwijs en onderwijskwaliteit. In het kader van  de ITK stelt de commissie een rapport op met bevindingen en aanbevelingen  dat aan de NVAO wordt voorgelegd. De NVAO neemt op basis daarvan het officiële besluit of de UT de instellingstoets van 2019 (evenals in 2013) heeft gehaald. Voor de Kwaliteitsafspraken stelt de NVAO alleen het rapport tekstueel vast en is het eindbesluit aan de  minister van OCW.

De passie voor onderwijs is overal zichtbaar

De commissie bestempelt de UT als een mooie organisatie, waarbij de ‘corporate spirit’ door hen duidelijk is ervaren. De passie voor onderwijs is overal zichtbaar. De commissie heeft een cultuur van permanente verbetering, en daarmee een goede kwaliteitscultuur ervaren. De commissie gaf expliciet aan openhartige gesprekken te hebben gevoerd met eerlijke, hardwerkende en betrokken medewerkers en studenten.

Standaard 1: Over visie en beleid

Het Twentse Onderwijsmodel (TOM) is volgens de commissie in volle omvang omarmd door de UT. Er is grote consensus over en het model zit in de haarvaten van de UT. Ook ziet de commissie dat er een sterke betrokkenheid van de omgeving en het werkveld is bij de opleidingen. Ondernemerschap is door de hele universiteit herkenbaar. De visie op internationalisering is helder en de commissie snapt de keuze voor Engelstalig onderwijs. Wel adviseert de commissie om ook ruimte te houden voor de Nederlandse taal.
Er is een duidelijke visie op groei van studentenaantallen en op de grenzen aan de groei. Als aanbeveling geeft de commissie mee om te kijken welke instrumenten in te zetten zijn om de groei binnen kaders te houden, samen met het ministerie.
Het toetsbeleid is goed vastgelegd met veel vrijheid voor opleidingen. Tot slot meldt de commissie dat de UT een mooi talentbeleid voor medewerkers heeft en pleit ervoor om lef te tonen en de durf te hebben om de echt goede docenten hoogleraar te maken.

Standaard 2: Over implementatie

De UT is bezig met een doorontwikkeling van het Twentse Onderwijsmodel, naar TOM 2.0. De commissie ziet dat als een mooi proces. De High Tech, Human Touch gedachte wordt nadrukkelijk gevoeld, waarbij de commissie de kanttekening maakt dat er nog ruimte is om stakeholders hier meer bij te betrekken.  De commissie ziet dat docenten goed benaderbaar zijn voor studenten en is onder de indruk van het aanbod voor docentprofessionalisering. De invoering van de faculteitsbesturen noemt de commissie een goede stap en merkt daarbij op dat de Universitaire Commissie Onderwijs (UC-OW) aandacht behoeft, aangezien dit een adviesorgaan is waar het in de praktijk soms als een besluitvormend orgaan word gezien. Het toevoegen van een studieadviseur in de examencommissie ziet de commissie als een goed idee dat in het belang is van studenten. Op het gebied van werkdruk heeft de UT vroegtijdig het probleem aangepakt. Er is het besef dat werkdruk een “veelkoppig monster” is. De aanpak zal niet direct leiden tot vermindering van werkdruk, maar de commissie ziet wel dat de UT op dit gebied op de goede weg is.

Tot slot geeft de commissie aan dat de UT wel meer mag doorpakken op het gebied van formatief toetsen.

Standaard 3: Over evaluatie en monitoring

Er wordt een continue lijn van verbetering in het kwaliteit van het onderwijs gezien door de commissie, met een breed scala aan monitoringsinstrumenten. De commissie is van mening dat het beroepenveld door de UT goed bij het onderwijs wordt betrokken. Met betrekking tot MISUT, het systeem voor managementinformatie, adviseert de commissie om ook kwalitatieve criteria toe te voegen.

Tot slot waardeert de commissie dat de UT zelf heldere aandachtspunten heeft durven benoemen in het evaluatierapport van het TOM.

Standaard 4: Over focus op ontwikkeling

De commissie ziet dat er ontwikkeling gaande is op alle gebieden en dat dit bij de UT nadrukkelijk een samenspel is tussen docenten en studenten. Er is veel respect voor de wijze waarop de nieuwe missie, visie en strategie van de UT, SHAPING2030, tot stand is gekomen, met veel betrokkenheid van de UT gemeenschap. Een echt bottom-up proces, waar in de digitale transformatie nog wel een weg te gaan is voor de UT. Hoewel de commissie heeft gezien dat de UT sterk is in aanpassen, adviseert ze om toch meer te prioriteren en niet alles tegelijk te doen.

Kwaliteitsafspraken duidelijk een bottom-up proces bij de UT

De commissie heeft de kwaliteitsafspraken op basis van drie criteria getoetst: 1. voldoende aansluiting bij de OCW thema’s, 2. proces van totstandkoming met betrokkenheid van studenten en medezeggenschap en 3. de wijze waarop monitoring wordt gedaan. Ook hier heeft de commissie geconstateerd dat de UT ruimschoots aan deze criteria voldoet.

De UT heeft gekozen voor eigen UT-profiel die sterk past bij de eigen onderwijsvisie, en die daarbij ook duidelijke overlap met de OCW-thema’s vertonen, zoals onderwijsintensiteit, studiesucces, onderwijsdifferentiatie, docentkwaliteit, studiebegeleiding en onderwijsfaciliteiten.
De commissie ziet in de UT-profilering een duidelijke bijdrage aan de kwaliteitsverbetering van het onderwijs. Studenten zijn volwaardige gesprekspartners geweest in het proces om tot de kwaliteitsafspraken te komen. Dat maakt dat het ook duidelijk een bottom-up proces is geweest, waarbij is aangesloten op al bestaande plannen binnen de opleidingen en faculteiten.

De commissie heeft gezien dat de UT veel tegelijk wil doen op het gebied van de kwaliteitsafspraken en heeft gezien dat er  veel verschillende projecten ter hand worden genomen. Ze adviseert om goed na te denken over de monitoring hierop, het lijkt verstandig om de monitoring op een iets minder gedetailleerd niveau in te regelen.

Vervolg

De UT verwacht binnen 2 maanden een rapport van de commissie omtrent de ITK en de kwaliteitsafspraken. Voor 1 mei dit jaar zouden de officiële besluiten moeten zijn genomen door de NVAO en door de minister van OCW.

Contact

Meer informatie is te vinden op de website: www.utwente.nl/quality-of-education. Bij vragen of opmerkingen kan contact worden opgenomen met Susanne Wichman en/of Marc-Jan Zeeman.