Slimme plantenmonitoring – Hoe zie je dorst vanuit de lucht?
Kun je vanuit de lucht zien of een plant dorst heeft? In dit UT FieldLab experiment onderzoeken we hoe planten reageren op verschillende groeiomstandigheden – en hoe we dat op afstand kunnen meten. Het idee is eenvoudig maar impactvol: vroegtijdige herkenning van stress bij planten maakt het mogelijk oogsten te redden, water te besparen en de biodiversiteit te beschermen. Thomas Groen: ‘Door nieuwe waarnemingsmethoden te ontwikkelen kunnen onderzoekers en beheerders van landschappen nog beter gebruik maken van de informatie die we van satellieten en drones krijgen’ .
Dit experiment valt bij UT FieldLab onder thema Voedselzekerheid en Biodiversiteit. Bekijk hier alle experimenten die horen bij dit thema.
Wat onderzoeken we?
We variëren in water, licht en voedingsstoffen om te zien hoe planten reageren. Sommige perken krijgen extra water, andere juist minder. Ook testen we mengsels van soorten versus monoculturen. Zo ontdekken we hoe biodiversiteit en stressfactoren de groei beïnvloeden. De centrale vraag: kunnen we deze verschillen betrouwbaar vastleggen met sensoren, drones en satellieten?
Hoe werkt het?
Camera’s en sensoren meten kleur, hoogte, bladstand en temperatuur. Daarnaast nemen we plantmonsters om hun chemische samenstelling te analyseren. Door deze gegevens te koppelen aan lichtreflectie leren we signalen van droogtestress herkennen. We testen sensoren op verschillende hoogtes – van dichtbij tot vanuit de lucht – om te zien welke technieken het meest geschikt zijn. We hebben een breed scala aan experimentele sensoren die verschillende ‘soorten’ licht kunnen zien, van zicht baar licht, wat wij ook met onze ogen kunnen zien, tot infrarood licht. Maar deze sensoren zijn zo specifiek dat ze hele subtiele nuances in kleurvariaties kunnen waarnemen die wij niet kunnen zien. Door te kijken of die kleurvariaties iets zeggen over de toestand waarin een plant zich bevind kunnen we kijken hoe deze sensoren ons nieuwe informatie kunnen geven. Ook werken we met referentieperken en rouleren soorten, zodat we eerlijke vergelijkingen kunnen maken door het jaar heen.
Waarom is dit belangrijk?
Dit experiment raakt aan grote thema’s zoals klimaatadaptatie, voedselzekerheid en natuurbeheer. Met deze kennis kunnen boeren en natuurbeheerders sneller ingrijpen bij droogte, water efficiënter gebruiken en biodiversiteit beter volgen. Het experiment legt de basis voor precisielandbouw en natuurbeheer in een veranderend klimaat.