Projecten The ageing brain

Ouder worden met een goed geheugen

 

Ouder worden met een goed geheugen

Het kortetermijngeheugen van de mens neemt op hogere leeftijd af. We vergeten sneller recent opgedane kennis, naarmate we ouder worden. Naar deze zogeheten ouderdomsgerelateerde geheugenstoornis is nog weinig onderzoek gedaan, in tegenstelling tot geheugenstoornis als het gevolg van een ziekte (zoals Alzheimer). Wel wordt aangenomen dat het afnemende geheugen iets te maken heeft met een verminderde bloedtoevoer naar de hersenen.

Onderzoeker Michel van Putten denkt met gebruik van gekweekte hersencellen te ontdekken wat er precies misgaat als de zuurstofvoorziening afneemt. ‘We willen snappen hoe het komt dat een lichte afname van de doorbloeding leidt tot een functiestoornis in de hersencellen. Uiteindelijk hopen we de klachten die daarmee gepaard gaan, te verlichten en dat we een medicijn kunnen vinden om verdere achteruitgang van het geheugen af te remmen. Misschien is zelfs een herstel van het geheugen mogelijk, door middel van gerichte training.’

Een op de vijf mensen boven de 50 heeft klachten over een afnemend geheugen. Ons ultieme doel is dat we die klachten kunnen verlichten, dat we een medicijn kunnen vinden om de verdere achteruitgang af te remmen.Michel van Putten
Het probleem

Ongeveer 20% van de bevolking boven de 50 jaar klaagt over een haperend geheugen, bij mensen boven de 80 jaar is dat zelfs 50%. Meestal gaat het om ons kortetermijngeheugen, ook wel werkgeheugen genoemd. Dingen van vroeger kunnen we ons vaak nog goed herinneren, maar recent opgedane kennis houden we minder goed vast. 

Onze hersenen zitten ongelooflijk ingewikkeld in elkaar. Hoe ze precies werken, weet nog steeds niemand. Wel weten we dat er zich in de hersenen zeker honderd miljard zenuwcellen bevinden met talrijke verbindingen (de zogeheten synapsen). Hoe meer verbindingen er zijn, hoe meer informatie kan worden doorgegeven en opgeslagen. Voor dat proces is een goede bloedtoevoer essentieel. Bij het ouder worden gaat echter de kwaliteit van hart en bloedvaten achteruit. Waarschijnlijk zorgt dat ervoor dat de communicatie tussen hersencellen stilvalt. Het exacte mechanisme van dit proces is nog onduidelijk. En dat is de reden dat we nog weinig kunnen doen tegen deze vorm van vergeetachtigheid.

Mijn droom

Als je een probleem met succes wilt aanpakken, moet je eerst weten waardoor het precies wordt veroorzaakt. Dat geldt ook voor de aan ouderdom gerelateerde geheugenstoornis. ‘We willen snappen hoe het komt dat een lichte afname van de doorbloeding leidt tot een functiestoornis in de hersencellen’, zegt onderzoeker Michel van Putten. ‘Pas dan kun je het proces remmen of misschien wel keren.’

De droom van Van Putten en zijn collega-onderzoekers is om in de toekomst (verdere) achteruitgang van het geheugen te voorkomen. ‘Een op de vijf mensen boven de 50 heeft klachten over een afnemend geheugen. Ons ultieme doel is dat we die klachten kunnen verlichten, dat we een medicijn kunnen vinden om de verdere achteruitgang af te remmen. Misschien is zelfs een herstel van het geheugen mogelijk, door middel van gerichte training.’

Mijn onderzoek

In ons kortetermijngeheugen spelen de contactpunten tussen hersencellen (de synapsen) een cruciale rol. Het zijn de plaatsen waar hersencellen met elkaar ‘praten’. Deze ‘gesprekken’ kosten veel zuurstof en zijn zeer gevoelig voor stoornissen van de doorbloeding. Bij het ouder worden neemt de hersendoorbloeding af, doordat de kwaliteit van het hart en de bloedvaten achteruit gaat. Dat leidt hoogstwaarschijnlijk tot het slechter functioneren van de synapsen, waardoor de ‘gesprekken’ tussen de hersencellen stilvallen. Het gevolg is een slechter wordend geheugen.

Maar wat gaat er dan precies mis? Om daar achter te komen maken de onderzoekers van de groepen Klinische Neurofysiologie en Biomedische Systemen en Signalen van de Universiteit Twente gebruik van gekweekte hersencellen op een plaatje met meetelektroden. Het direct meten aan hersencellen bij levende patiënten is namelijk niet mogelijk.

Parallel hieraan loopt onderzoek bij verschillende ziekenhuizen in het land (MST, Rijnstate, UMC Radboud en AMC) met patiënten met een hersenbeschadiging als gevolg van een zuurstoftekort.

Samengevat willen de onderzoekers:

  • duidelijkheid scheppen in de rol van de afgenomen hersendoorbloeding bij leeftijd gerelateerde stoornissen van het geheugen
  • een hersenmodel ontwikkelen om experimentele medicatie te testen zonder patiënten hieraan bloot te stellen
  • een medicament vinden dat beschermt tegen leeftijd gerelateerde hersenstoornissen.

Wie is Michel van Putten Prof. dr. ir. Michel van Putten (1963) is hoogleraar aan de UT en werkt als neuroloog/klinisch neurofysioloog in het Medisch Spectrum Twente. In zijn onderzoeksgroep wordt vooral onderzoek gedaan naar de effecten van zuurstofgebrek op de hersenen, onder andere bij patiënten die na een reanimatie op de intensive care worden behandeld, en naar de effecten van chronisch zuurstoftekort op de hersenfunctie.
Het onderzoek naar het voorkomen van geheugenschade bij ouderen staat onder leiding van drie onderzoekers, die al jaren samenwerken. Ze doen hun onderzoek zowel bij de Universiteit Twente als in de ziekenhuizen waar ze werken. Michel van Putten werkt nauw samen met Jeanette Hofmeijer en Joost le Feber.
Dr. Jeannette Hofmeijer (1971) is naast onderzoeker aan de UT ook vasculair neuroloog in ziekenhuis Rijnstate.  Zowel in het ziekenhuis als in het onderzoek richt zij zich op de effecten van zuurstoftekort op hersenen. ‘Mijn ambitie is een brug te slaan tussen klinisch en fundamenteel onderzoek, om te komen tot een meer diepgaand begrip van hersenaandoeningen in het algemeen en het effect van zuurstoftekort op de hersenen in het bijzonder.’Dr. ir. Joost le Feber (1967) is universitair docent Neurale Netwerken bij de vakgroep Biomedische Systemen en Signalen aan de Universiteit Twente. Hij promoveerde op een onderzoek naar de neurale communicatie tussen de hersenen en de lage urinewegen. Voor zijn huidige onderzoek aan de UT gebruikt hij gekweekte hersencellen om te kijken naar de netwerkaspecten van neuraal weefsel. Speerpunten zijn naast leren en geheugen onder andere de effecten van zuurstofgebrek en van bepaalde eiwitsamenklonteringen bij Alzheimer of Lew body dementie op het netwerk en de geheugenfunctie.

Endorsement

‘Het hele leven is netwerken en de hersenen doen niet anders. Voor het optimaal functioneren van de hersenen is een goed functionerend hooggespecialiseerd netwerk van belang. Het netwerk van de hersenen overtreft in complexiteit alle computers, maar is verrassend simpel georganiseerd als een small world netwerk. Kern hiervan zijn de synapsen, die als het ware de contactpunten van de hersenen zijn. Vele ziektes van de hersenen veroorzaken verlies of beschadigingen van de synapsen. Het bestuderen van de synaps in gekweekte hersencellen is dan ook van eminent belang voor het ontrafelen van ziekten waarbij geheugenverlies optreedt, zoals Alzheimer. Het ontwikkelen van geneesmiddelen die de synaps beschermen, het onderzoek van de Universiteit Twente, is dan ook van groot belang en verdient alle steun.’

 

Prof. dr. Philip Scheltens, directeur Alzheimercentrum Vumc

Uw steun

Naar geheugenstoornis als gevolg van een specifieke hersenziekte (zoals de ziekte van Alzheimer) wordt veel onderzoek gedaan. Voor deze patiënten is in beperkte mate behandeling mogelijk geworden. Ook zijn er diverse vormen van opvang en begeleiding. Een medicijn dat geheugenschade bij ouderen voorkomt.

Voor ouderdomsgerelateerde geheugenstoornis, die veel vaker voorkomt, zijn die mogelijkheden er niet of nauwelijks. ‘Onderzoek naar oorzaken, gevolgen en behandelingsmogelijkheden van leeftijd gerelateerde geheugenstoornis is daarom van groot belang’, zegt onderzoeker Michel van Putten.

Financiering van dergelijk onderzoek is via de reguliere kanalen lastig. ‘Daarom hopen we dat we met steun van donateurs verder kunnen. We delen met hen heel graag ons enthousiasme. Donateurs kunnen bijvoorbeeld komen kijken in het laboratorium naar hoe we in gekweekte neuronen (hersencellen) onderzoek doen. Maar ook kunnen we lezingen verzorgen bij bedrijven of instellingen.’