Statuten UT-Kring, 15 maart 1993

Statuten UT-Kring, 15 maart 1993

Hoving Notarissen

AD/OK. 13475

25955

2/12/92

STATUTENWIJZIGING

Heden, vijftien maart negentienhonderd drie en negentig, verscheen voor mij, mr Meindert Jan Brugma, notaris ter standplaats Enschede: de heer mr Berend Frederik Wesseling, kandidaat-notaris, wonende 7548 CG Enschede, Robijnstraat 14, geboren te Dedemsvaart op een en twintig maart negentienhonderd zes en vijftig, gehuwd.

De comparant verklaarde:

Op acht maart negentienhonderd drie en negentig is in de algemene vergadering van de vereniging: THT-KRING, gevestigd te Enschede, kantoorhoudende 7522 NA Enschede, Drienerbeeklaan 5, besloten:

­

de statuten van de vereniging na wijziging opnieuw vast te stellen;

­

hem, comparant, machtiging te verlenen tot het verrichten van alle handelingen, welke nodig zijn om de statutenwijziging tot stand te brengen.

Van deze besluiten is mij, notaris, genoegzaam gebleken uit een uittreksel uit de notulen van de betreffende vergadering dat aan deze akte wordt gehecht,

Ter uitvoering van voormeld besluit verklaarde de comparant thans de statuten als volgt gewijzigd vast te stellen:

Definities.

Waar in deze statuten wordt gesproken over Universiteit wordt bedoeld de Universiteit Twente te Enschede.

Waar in deze statuten sprake is van een aanduiding van een mannelijk persoon wordt daarmee ook een vrouwelijk persoon bedoeld.

NAAM EN ZETEL

Artikel 1.

1.

De vereniging draagt de naam: UT-KRING.

2.

De vereniging is gevestigd te Enschede.

DOEL

Artikel 2.

De vereniging stelt zich ten doel:

1.

het aankweken van gemeenschapszin en saamhorigheidsgevoel onder het personeel en oud-personeel van de Universiteit;

2.

het scheppen van mogelijkheden tot ontspanning en veelzijdige ontplooiïng van de belangstelling van de leden op het gebied van cultuur, techniek en sport;

3.

het versterken van het contact tussen de leden van de vereniging werkzaam in de verschillende beheerseenheden van de Universiteit;

4.

het op beperkte schaal bieden van service, informatie en bemiddeling aan de leden bij het behartigen van hun stoffelijke belangen.

DUUR

Artikel 3.

De vereniging is opgericht op achttien maart negentienhonderd vier en zestig. Zij duurt thans voor onbepaalde tijd voort.

LIDMAATSCHAP

Artikel 4.

1.

De vereniging kent leden en ereleden.

2.

Leden van de vereniging zijn zij die, behorend tot één van de in het derde lid van dit artikel genoemde groeperingen, schriftelijk bij het bestuur de wens te kennen hebben gegeven als lid te willen toetreden en als zodanig door het bestuur zijn toegelaten. Bij niet-toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.

3.

Leden van de vereniging kunnen slechts zijn:

a.

zij die werkzaam zijn aan de Universiteit;

b.

zij van wie het dienstverband met de Universiteit eervol is beëindigd om andere redenen dan het aanvaarden van een nieuwe werkkring alsmede hun weduwen en weduwnaren;

c.

zij die, niet behorend tot het personeel van de Universiteit volgens criteria vermeld in het huishoudelijk reglement een bijzondere persoonlijke relatie tot de Universiteit of de vereniging hebben.

4.

Ereleden zijn zij die wegens hun buitengewone verdiensten jegens de vereniging in het algemeen door de algemene ledenvergadering op voordracht van het bestuur daartoe zijn benoemd.

5.

Waar in deze statuten sprake is van leden en lidmaatschap zijn daaronder begrepen de ereleden en hun lidmaatschap tenzij kennelijk anders is bedoeld.

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP

1.

Het lidmaatschap eindigt:

a.

door het overlijden van het lid;

b.

door opzegging door het lid;

c.

door opzegging door de vereniging;

d.

door ontzetting.

2.

Opzegging door het lid kan geschieden zonder opgaaf van redenen.

3.

Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur en is slechts mogelijk:

a.

wanneer een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt;

b.

wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten van het lidmaatschap, bij deze statuten gesteld, te voldoen;

c.

wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

4.

Opzegging van het lidmaatschap kan slechts schriftelijk geschieden.

Opzegging door het lid kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar waarbij een opzegtermijn van ten minste vier weken in acht moet worden genomen. In afwijking van het vorenstaande kan een lid zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang beëindigen:

a.

op het moment dat het dienstverband met de Universiteit wordt beëindigd;

b.

indien van het lid redelijkerwijs niet verlangd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;

c.

alsmede binnen een maand nadat hem een besluit is meegedeeld tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie.

Een lid is niet bevoegd zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang op te zeggen in het geval van wijziging van geldelijke rechten verplichtingen.

5.

Ontzetting geschiedt door het bestuur en kan slechts plaatsvinden indien een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de verenging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.

6.

Het bestuur brengt een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging en een besluit tot ontzetting onder opgaaf van redenen ten spoedigste ter kennis van het betrokken lid. Hem staat binnen een maand na ontvangst van bedoelde kennisgeving beroep open op de algemene vergadering.

Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.

LEDENREGISTER

Artikel 6.

Het bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van de leden zijn opgenomen. De leden zijn verplicht er voor te zorgen dat hun adres bij het bestuur bekend is.

DONATEURS

Artikel 7.

1.

Donateurs zijn zij, natuurlijke of rechtspersonen, die hebben toegezegd de vereniging financieel te steunen met een jaarlijkse bijdrage waarvan het minimum bedrag door de algemene vergadering wordt vastgesteld.

2.

Donateurs hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die hun bij of krachtens deze statuten zijn toegekend en opgelegd.

3.

Het bestuur beslist omtrent de toelating van donateurs.

4.

De rechten en verplichtingen van een donateur kunnen te allen tijde door de donateur en door de vereniging worden beëindigd door opzegging. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.

Indien de rechten en verplichtingen in de loop van een verenigingsjaar eindigen blijft niettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd behoudens ontheffing van deze bepaling door het bestuur.

GELDMIDDELEN/CONTRIBUTIE

Artikel 8.

1.

De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:

a.

contributie van de leden;

b.

bijdragen van donateurs;

c.

overige baten.

2.

De leden zijn gehouden tot het betalen van een contributie waarvan de hoogte jaarlijks door de algemene vergadering zal worden vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld die een verschillende bijdrage betalen. Betaling van deze contributie dient te geschieden binnen de daarvoor in het huishoudelijk reglement gestelde termijn. Ereleden zijn vrijgesteld van het betalen van contributie.

3.

In bijzondere gevallen kan het bestuur aan leden geheel of gedeeltelijk ontheffing verlenen tot het betalen van een bijdrage.

BESTUUR

Artikel 9.

1.

Het bestuur bestaat uit ten minste vijf en ten hoogste elf personen en wordt door de algemene vergadering uit de leden benoemd.

2.

Indien het bestuur tijdelijk uit minder dan vijf personen bestaat blijft het niettemin bevoegd onder de verplichting zo spoedig mogelijk een algemene vergadering bijeen te roepen waarin in die vacature(s) wordt voorzien.

3.

Het bestuur maakt voor elke vacature een niet bindende voordracht op. Tegenkandidaten kunnen worden gesteld door ten minste vijf en twintig leden.

4.

De voorzitter van het bestuur wordt in functie benoemd.

Het bestuur wijst uit zijn midden een vice-voorzitter, een secretaris en een penning­meester aan.

5.

De bestuurders worden voor een periode van twee jaar benoemd.

6.

Het bestuur stelt een rooster van aftreden vast waarbij, zo mogelijk, jaarlijks een gelijk aantal bestuurders aftreedt. Aftredende bestuurders zijn terstond herbenoembaar.

7.

Een bestuurder kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst.

BESTUURSBEVOEGDHEID/VERTEGENWOORDIGING

Artikel 10.

1.

Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging.

2.

Het bestuur is mits met goedkeuring van de algemene vergadering bevoegd tot het aan­gaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van register­goederen en tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zeker­stelling voor een schuld van een ander verbindt.

Het ontbreken van goedkeuring als bedoeld in dit lid kan tegen derden worden inge­roepen.

3.

Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging, voor zover uit de wet niets anders voort­vloeit.

De bevoegdheid tot vertegenwoordiging komt bovendien toe aan de voorzitter tezamen met de secretaris. De voorzitter en de secretaris kunnen aan (een) andere bestuurder(s) schriftelijk volmacht verlenen namens hen de vereniging te vertegenwoordigen.

BESTUURSBESLUITEN

Artikel 11.

1.

Het bestuur kan alleen besluiten nemen indien de meerderheid van de bestuurders ter vergadering aanwezig is.

2.

Iedere bestuurder heeft het recht tot het uitbrengen van één stem.

3.

Alle besluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van stemmen.

ALGEMENE VERGADERINGEN

JAARVERGADERING

Artikel 12.

1.

Jaarlijks wordt door het bestuur een algemene vergadering, de jaarvergadering bijeen­geroepen en wel binnen twee maanden na afloop van het verenigingsjaar.

2.

In de jaarvergadering komen in ieder geval de volgende onderwerpen aan de orde:

a.

het jaarverslag van het bestuur;

b.

de balans en de staat van baten en lasten over het afgelopen verenigingsjaar;

c.

het verslag van de commissie ter controle van de rekening en verantwoording van de penningmeester over het afgelopen verenigingsjaar;

d.

de goedkeuring door de vergadering van de rekening en verantwoording van de penningmeester over het afgelopen verenigingsjaar;

e.

décharge van de penningmeester en het bestuur over de werkzaamheden inzake de rekening en verantwoording over het afgelopen verenigingsjaar;

f.

goedkeuring door de vergadering van de begroting van baten en lasten over het lopende verenigingsjaar;

g.

benoeming van een commissie ter controle van de rekening en verantwoording van de balans en de staat van baten en lasten over het lopende verenigingsjaar;

h.

statutaire verkiezingen;

i.

goedkeuring van de notulen van de vorige algemene vergadering.

ANDERE ALGEMENE VERGADERINGEN

Artikel 13.

1.

Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.

2.

Voorts is het bestuur verplicht een algemene vergadering bijeen te roepen op een termijn van niet langer dan vier weken indien ten minste een/tiende van de stemgerechtigde leden dit schriftelijk verzoekt.

Indien het bestuur binnen drie weken aan dit verzoek geen gevolg heeft gegeven kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan.

3.

De oproep en agenda voor een algemene vergadering worden ten minste veertien dagen van tevoren ter kennis gebracht van de leden.. Aan leden die daartoe de wens te kennen geven worden ook de overige vergaderstukken ter beschikking gesteld.

TOEGANG EN STEMRECHT

Artikel 14.

1.

Toegang tot een algemene vergadering hebben de leden die niet zijn geschorst. Een geschorst lid heeft toegang bij de behandeling van zijn schorsing.

2.

De leiding van een algemene vergadering berust bij de voorzitter van het bestuur. Bij diens afwezigheid wijst het bestuur een vervanger aan. Indien het bestuur niet aanwezig is wijst de vergadering een voorzitter aan.

3.

Van het verhandelde in een algemene vergadering worden door de secretaris of diens vervanger notulen gemaakt. De notulen worden in de eerstvolgende algemene ver­ga­dering ter goedkeuring voorgelegd aan de vergadering.

4.

Voorzover de statuten geen grotere meerderheid voorschrijven besluit de algemene vergadering bij volstrekte meerderheid van stemmen.

VERENIGINGSJAAR

Artikel 15.

1.

Het verenigingsjaar loopt van één september van enig jaar tot en met één en dertig augustus van het daarop volgende jaar.

2.

Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aan­tekening te houden dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van de vereniging kunnen worden gekend.

3.

Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen twee maanden na afloop van het verenigingsjaar een balans en een staat van baten en lasten op te maken.

SUBVERENIGING

Artikel 16.

1.

Indien een aantal leden gezamenlijk een bepaalde activiteit in verenigingsverband wil uitoefenen, verzoeken zij het bestuur om als subvereniging te mogen optreden.

2.

Het bestuur beslist over dit verzoek.

3.

Een subvereniging maakt als vereniging met beperkte dan wel volledige rechts­be­voegd­heid deel uit van de organisatie van de vereniging.

4.

Toetreding als lid tot een subvereniging is slechts mogelijk voor leden van de vereniging, alsmede de partners en minderjarige kinderen van leden van de vereniging.

Artikel 17.

1.

De subvereniging is gerechtigd, boven de contributie aan de vereniging, contributie te innen van haar leden.

2.

De contributie van de leden van de subvereniging dient te worden vastgesteld in overleg met en na goedkeuring van het bestuur van de vereniging.

Artikel 18.

De financiële middelen van een subvereniging bestaan uit:

a.

contributies van leden van de subvereniging;

b.

bijdragen van de leden van de subvereniging;

c.

eventuele bijdragen uit de kas van de vereniging;

d.

overige baten.

Artikel 19.

Een subvereniging kiest een bestuur bestaande uit ten minste drie en ten hoogste elf personen.

Artikel 20.

1.

Indien het bestuur van de vereniging dit nodig acht wordt één van de bestuurders van de vereniging aangesteld als gedelegeerd lid van het bestuur van de subvereniging. Hij brengt desgevraagd of uit eigener beweging verslag uit omtrent de activiteiten en de stand der financiën van de betreffende subvereniging.

2.

Het gedelegeerd lid ziet erop toe, dat de activiteiten van de (leden van de) subvereniging niet strijdig zijn met het belang van de vereniging in zijn geheel.

Artikel 21.

1.

Telkens wanneer het bestuur van de vereniging zulks nodig acht en in ieder geval wanneer bij een subvereniging ten minste vijftig leden zijn aangesloten, dient de subvereniging een huishoudelijk reglement voor haar activiteiten vast te stellen.

2.

Dit reglement behoeft de goedkeuring van het bestuur van de vereniging en mag niet in strijd zijn met de statuten en het huishoudelijk reglement van de vereniging.

Artikel 22.

Indien de activiteiten van een subvereniging naar het oordeel van het bestuur van de vereniging of van de algemene vergadering van de vereniging het voortbestaan van die subvereniging niet rechtvaardigen, kan het bestuur van de vereniging haar leden verzoeken de desbetreffende subvereniging te ontbinden.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 23.

Een door de algemene vergadering vast te stellen huishoudelijk reglement geeft nadere regels omtrent het lidmaatschap, het bedrag der contributie, de werkzaamheden van het bestuur, de vergaderingen en de wijze van uitoefening van het stemrecht. Voorts regelt het huishoudelijk reglement het ontstaan van subverenigingen en de verhouding van deze subverenigingen ten opzichte van de vereniging.

Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de wet noch met de statuten. Op een besluit tot wijziging van het huishoudelijk reglement is het in artikel 24 bepaalde van over­een­komstige toepassing.

Tenzij anders wordt besloten treedt een besluit tot wijziging van het huishoudelijk reglement onmiddellijk in werking.

WIJZIGING VAN STATUTEN

Artikel 24.

1.

Een besluit tot wijziging van de statuten kan slechts worden genomen door een alge­mene vergadering, welke is opgeroepen met de mededeling dat de betreffende wijziging zal worden voorgesteld.

2.

Wijzigingen kunnen alleen worden voorgesteld door het bestuur of door ten minste vijftig leden.

3.

Een afschrift van het voorstel, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opge­nomen, moet op een daartoe geschikte en kenbaar gemaakte plaats ter inzage liggen voor de leden vanaf ten minste vijf dagen vóór de desbetreffende algemene vergadering tot na afloop van de vergadering.

4.

Een besluit tot wijziging kan slechts worden genomen met ten minste twee/derde deel van de geldig uitgebrachte stemmen.

5.

Een statutenwijziging treedt eerst in werking, nadat hiervan een notariële akte is opge­maakt. Tot het doen verlijden van die akte is iedere bestuurder bevoegd.

ONTBINDING

Artikel 25.

1.

De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering, welke speciaal voor dit doel is bijeengeroepen. Het besluit daartoe kan door de algemene vergadering slechts worden genomen indien ten minste twee/derde deel van de stem­ge­rechtigde leden aanwezig is; het besluit tot ontbinding moet worden genomen met een meerderheid van drie/vierde deel van de geldig uitgebrachte stemmen. Is minder dan twee/derde deel van de stemgerechtigde leden aanwezig, dan wordt binnen een maand een nieuwe vergadering bijeengeroepen, waarin – ongeacht het aantal aanwezige leden – tot ontbinding kan worden besloten met een meerderheid van drie/vierde deel van de geldig uitgebrachte stemmen. Bij het besluit tot ontbinding wordt een bewaarder van de boeken en bescheiden aangewezen.

2.

Voor zover de algemene vergadering geen andere vereffenaars benoemt treden de bestuurders als zodanig op ter vereffening van het vermogen van de vereniging.

3.

De vereffenaars dragen hetgeen na voldoening van de schuldeisers van het vermogen is overgebleven gelijkelijk over aan de leden. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het overschot worden gegeven.

4.

Na afloop van de vereffening dienen de boeken en bescheiden van de vereniging gedurende tien jaren te worden bewaard door de in lid 1 benoemde bewaarder.

SLOTBEPALING

Artikel 26.

In alle gevallen, waarin de statuten of het huishoudelijk reglement niet voorzien, beslist het bestuur.

De comparant ……..