Richtlijnen Cum Laude Bachelor TW

De examencommissie kan aan studenten die slagen voor een examen met uitzonderlijke resultaten het predikaat ‘met lof’ toekennen. Er zijn richtlijnen vastgesteld voor de toekenning van dit predikaat bij het slagen voor het P-, B- en M-examen.

Het predikaat "met lof" wordt toegekend indien voldaan is aan de volgende voorwaarden:

·

bij het propedeutisch examen:

-

het gemiddelde van alle cijfers bedraagt 8 of meer;

-

het examen dient te zijn afgelegd binnen een jaar na de eerste inschrijving voor de propedeutische fase;

-

de beoordelingen van alle onderdelen van het studieprogramma zijn tenminste voldoende (“G”, “V”, 6 of hoger).

-

er zijn niet meer dan 3 vrijstellingen verleend.

·

bij het bachelorexamen:

-

het gemiddelde van alle cijfers uit de B2/B3-fase ("G" en "V" niet meegerekend) bedraagt 8 of meer;

-

het bachelorexamen is afgelegd binnen de diplomatermijn (4 ½ jaar na 1e inschrijving);

-

de beoordelingen van alle onderdelen van de B2/B3-fase, extra vakken meegerekend, zijn tenminste voldoende ("G", "V", 6 of hoger). Beoordelingen die voor het voldoen aan de exameneisen niet noodzakelijk zijn worden bij het bepalen van het relevante gemiddelde weggelaten.

-

de beoordeling van de eindopdracht is 8 of hoger.

·

Indien er lettermatige beoordelingen (A, B, C, E of P) voorkomen, zijn bovengenoemde criteria niet van toepassing, maar beslist de examencommissie.

In individuele gevallen kan de examencommissie het judicium toekennen indien de termijn waarbinnen het examen behaald moet zijn voor toekennen van het predicaat “met lof” op excuseerbare gronden overschreden is.