1. Home
  2. Science Stories
  3. WK-vragen: Kunnen robots ooit beter voetballen dan mensen?
Leestijd: 7 min.
Delen

WK-vragen: Kunnen robots ooit beter voetballen dan mensen?

Een bal die onverwacht van richting verandert. Een tegenstander die druk zet. Een teamgenoot die vrijloopt. Voetballers nemen voortdurend beslissingen in een fractie van een seconde. Voor mensen voelt dat bijna vanzelfsprekend. Voor robots is het een van de moeilijkste uitdagingen die er zijn.

Foto van Carlijn van den Heuvel
Carlijn van den Heuvel
Robot voetbalt met spelers nederlands elftal op WK voetbal
Afbeelding gemaakt met AI

Reeks WK-vragen

Tijdens het WK voetbal draait het om meer dan de wedstrijden alleen. In de reeks WK-vragen laten onderzoekers van de Universiteit Twente zien hoe wetenschap helpt om het grootste voetbaltoernooi ter wereld beter te begrijpen. Wat bepaalt prestaties op het veld? Hoe gebruiken topsporters data en nieuwe trainingstechnologie? En wat gebeurt er met stadions, supporters en mensenmassa’s als de spanning oploopt? Ontdek hoe onderzoek naar sport, technologie en menselijk gedrag rond het WK samenkomt.

Nu het WK voetbal volop bezig is, spreken we met Steven van Roon van het Robotics Centre. Want wat maakt voetbal zo ingewikkeld voor robots? En wat zegt dat over de toekomst van robotica, AI en autonome systemen?

Waarom voetbal zo moeilijk is voor robots

Volgens Steven komen in het robotvoetbal twee grote uitdagingen samen. "Een robot moet het spel fysiek goed kunnen spelen, het spel begrijpen en kunnen reageren op wat er gebeurt", zegt hij. "Hij moet bewegen, waarnemen, beslissen, anticiperen en samenwerken.” Dat begint al bij de beweging zelf. Een robot moet snel, stabiel en dynamisch genoeg zijn. Vooral humanoïde robots hebben het daarbij niet makkelijk. Lopen, draaien en balanceren vragen al veel van een systeem. Zelfs een bal schoppen blijkt ingewikkeld. Terwijl de robot op één been staat, moet hij zijn lichaam controleren en precies de juiste kracht gebruiken.

Daarnaast moet een robot voortdurend begrijpen wat er om hem heen gebeurt. Hij moet weten waar de bal is, waar hij zelf staat en hoe teamgenoten en tegenstanders bewegen. Vervolgens moet hij bepalen wat op dat moment de beste keuze is. Een beslissing die een mens in een fractie van een seconde neemt, vraagt bij een robot om een samenspel van sensoren, software en rekenkracht.

Meer dan alleen zien

Een robot kan met camera’s en sensoren informatie verzamelen. Maar de bal herkennen is iets anders dan begrijpen wat er in het spel gebeurt. Mensen filteren onbewust razendsnel wat belangrijk is en wat niet. De tribune, het geluid en de lijnen op het veld laten we onbewust links liggen. Daardoor kunnen wij ons gemakkelijk focussen op datgene wat echt belangrijk is.

Voor robots is dat volgens Steven veel minder vanzelfsprekend. "Een robot ziet in principe alles, maar moet nog leren wat belangrijk is. Mensen doen dat automatisch." Robots zijn normaal gesproken geprogrammeerd om obstakels te vermijden. Op een voetbalveld moeten ze juist actief naar de bal toe bewegen. Soms mag een robot druk zetten op een tegenstander, maar niet te hard. “De vraag is dus niet alleen wat een robot ziet. Maar vooral hoe hij die informatie interpreteert en welke actie daarbij past”, zegt Steven.

De rol van AI

Kunstmatige intelligentie helpt robots om sneller patronen te herkennen en spelsituaties te analyseren. Met simulaties kunnen robotsystemen duizenden scenario’s doorrekenen. Waar staan de spelers, welke keuzes zijn mogelijk en welke strategie werkt waarschijnlijk het beste?

Ook voetbalgames zoals EA Sports FC, voorheen bekend als FIFA, zijn daarbij interessant. Om zo’n game realistisch te maken, moet je begrijpen hoe voetbal werkt: hoe spelers bewegen, waar ruimte ontstaat en welke keuzes logisch zijn in een bepaalde situatie. Die digitale spelsituaties kunnen helpen om na te denken over robotvoetbal. Want voordat een robot op een echt veld kan samenwerken, kun je in een simulatie al veel scenario’s testen.

Toch lost AI niet alles op. Steven benadrukt dat een slimme beslissing in software nog steeds moet worden uitgevoerd door een fysieke robot. Die moet op tijd reageren, zijn evenwicht bewaren, en veilig bewegen. Volgens hem ligt de grootste uitdaging daarom nog vaak bij de hardware. Naarmate robots fysiek beter worden, verschuift die uitdaging steeds meer naar het begrijpen van het spel en het anticiperen op wat er gebeurt.

Kunnen robots ooit winnen van mensen?

De internationale robotvoetbalcompetitie RoboCup heeft al jaren een ambitieus doel. Rond 2050 moet een team volledig autonome robots kunnen winnen van de menselijke wereldkampioen voetbal. Steven sluit niet uit dat robots uiteindelijk beter worden dan mensen. “Ik weet niet wanneer, maar ik weet wel dát het kan.”

Maar als robots beter worden, verandert ook de vraag. Wanneer is de vergelijking nog eerlijk? Een robot kan misschien harder rennen, harder schieten of sneller reageren dan een mens. Moet je dan limieten instellen? En hoe vergelijk je een machine met spelers die moe worden, fouten maken of geblesseerd raken?

Juist die menselijke component maakt voetbal volgens Steven tot voetbal. “Emotie, vermoeidheid, onverwachte beslissingen en fouten horen erbij. Spelers kunnen gefrustreerd raken als alles misgaat of juist vleugels krijgen wanneer een onmogelijke bal toch loepzuiver in de kruising belandt. Dat maakt voetbal ook zo mooi om naar te kijken. Robots hebben dat soort emoties en momentum (nog) niet.”

Als robots op alle fronten beter worden, is het misschien geen wedstrijd meer tussen mens en robot. Dan verschuift de echte competitie naar de makers. Wie bouwt de beste robot?

Wat robotvoetbal ons leert

Robotvoetbal maakt zichtbaar hoe complex alledaagse handelingen eigenlijk zijn. Want de vaardigheden die daarvoor nodig zijn, tellen ook buiten het voetbalveld. Een robot in een ziekenhuis, fabriek, kas, magazijn of onbekend terrein hoeft geen doelpunten te maken. Maar hij moet wel veilig kunnen bewegen, zelfstandig beslissingen nemen en omgaan met onverwachte situaties.

Voor Steven zit de grootste belofte van robotica niet in het vervangen van mensen, maar in het ondersteunen ervan. "Een robot is en blijft een tool", zegt hij. "Als robots gevaarlijk, zwaar of repetitief werk kunnen overnemen, maken ze werk veiliger en beter."

Misschien is dat de belangrijkste les van robotvoetbal. Het gaat niet om de vraag of robots ooit wereldkampioen worden. Veel interessanter is hoeveel intelligentie er nodig is voor iets wat voor mensen vanzelfsprekend lijkt. Een pass geven, snelheid maken of reageren op een onverwachte beweging lijkt simpel. Maar achter elke actie gaan waarnemen, bewegen en samenwerken schuil. Juist dat samenspel maakt robotica zo uitdagend en interessant!

Kom studeren aan de Universiteit Twente

Vond je dit een boeiend artikel? Dan vind je deze studie(s) misschien ook interessant.

Gerelateerde verhalen