1. Home
  2. Science Stories
  3. Minder natuurijs in Nederland? Bruggen bieden de oplossing!
Duur: 12:30
Delen

Minder natuurijs in Nederland? Bruggen bieden de oplossing!

Tijdens de Olympische Spelen van 2026 in Milaan hopen we natuurlijk dat TeamNL een recordaantal schaatsmedailles wint. Go Joy, Jutta, Kjeld, Joep, et al.! Maar ironisch genoeg kunnen onze kampioenen in Nederland zelden terecht op natuurijs. Simpelweg omdat het te warm is. Professor Mark van der Meijde wil de traditie van schaatsen op natuurijs in Nederland levend houden en heeft mogelijk een oplossing gevonden. En dat in een verrassende hoek: bij bruggen en viaducten. Die worden al glad als het nét boven nul is. Hoe kan dat? En kunnen we dat effect gebruiken om schaatsers sneller de baan op te krijgen?

Foto van Robin Kwakman
Robin Kwakman

De laatste decennia warmen zomers én winters op, vertelt Van der Meijde in de reportage van Universiteit van Nederland. De bodem houdt dus veel langer warmte vast. En juist die aardwarmte is de grootste vijand van natuurijs. Zelfs als het ’s nachts vriest, smelt een dun laagje ijs overdag razendsnel weg door de warmte die uit de grond omhoog komt. Wat als je die aardwarmte beter kan tegenhouden?

Eerder natuurijs door bruggen en viaducten

Bruggen bevriezen veel sneller dan gewone wegen, omdat er geen warme bodem onder zit die hitte omhoog duwt. Bruggen koelen dus veel sneller af. Dit is voor weggebruikers gevaarlijk, maar voor natuurijsbanen juist een voordeel. Van der Meijde vroeg zich af: kunnen we dat principe gebruiken voor een natuurijsbaan? Een volledig ‘zwevende’ baan is toekomstmuziek, maar het idee zette hem wel op het spoor van innovaties onder het ijs.

Vier mini-ijsbanen als testlab

Op de campus van de Universiteit Twente staat het gloednieuwe UT FieldLab. Daar vind je vier mini-ijsbaantjes van 2x2 meter die er aan de bovenkant identiek uitzien, maar van binnen totaal verschillen. Met variaties in isolatie, toplaag en materiaaldikte onderzoekt Van der Meijde welke opbouw het snelst ijs vormt. Met sensoren onder de ijsbaantjes en een klimaattoren vol sensoren wordt alles gemeten: zonlicht, wind, bodemwarmte en de temperatuur in elke laag van de baan.

Isoleren heeft voor- en nadelen

Eén van de materialen die onderzocht worden is schuimbeton. Dit materiaal is namelijk zeer licht en goed isolerend. Van der Meijde: “Schuimbeton heeft een hele hoge isolatiewaarde. We zien in metingen dat het wel 6 graden verschil kan geven tussen de onderkant en de bovenkant.” Dat betekent dus zes graden minder warmte die vanuit de bodem het ijs bereikt. Oftewel: veel sneller bevriezend water.

Toch is té goed isoleren ook weer niet wenselijk. "Een baan moet overdag zijn warmte kwijt kunnen, zodat ’s nachts opnieuw ijs kan groeien", legt van der Meijde uit. Hoe je die balans vindt, is precies waar het experiment op het UT FieldLab antwoord op moet geven. Bekijk hierboven de video van Universiteit van Nederland voor meer informatie neem een kijkje op de website van het UT FieldLab om meer te leren over alle experimenten die daar worden uitgevoerd.

Kom studeren aan de Universiteit Twente

Vond je dit een boeiend artikel? Dan vind je deze studie(s) misschien ook interessant.

Gerelateerde verhalen