1. Home
  2. Science Stories
  3. Hoe slecht zijn onze bruggen echt?

Hoe slecht zijn onze bruggen echt?

Op 7 september ging de Hardenbergerbrug in de A28 bij Nijkerk van de ene op de andere dag dicht. Bij een inspectie bleek dat er zand en grind onder de pijlers vandaan waren gespoeld. Het herstel stond pas voor november gepland. Zulke berichten komen de laatste jaren vaker voorbij. Zijn onze bruggen echt zo slecht?

Foto van Kees Wesselink - Schram
Kees Wesselink - Schram
Luchtfoto van de Merwedebrug in de A27 met vrachtverkeer en een binnenvaartschip

De meeste Nederlandse bruggen en viaducten stammen uit de jaren zestig en zeventig. Ze zijn ontworpen voor het verkeer van toen. Op sommige trajecten rijden er nu acht keer zoveel voertuigen overheen, en een volle vrachtwagen weegt ongeveer vier keer zoveel als waar de ontwerpers rekening mee hielden.

Beton en staal slijten anders

Ingenieurs rekenden destijds ook anders. Bij betonnen bruggen uit die tijd is de dwarskracht vaak onderschat. Dat is de kracht die een constructie als het ware probeert door te knippen. Met de rekenmethodes van nu vallen zulke constructies eerder af. Maar bij metingen blijkt keer op keer dat er meer draagkracht in de constructie zit dan de oude berekeningen laten zien.

Rijkswaterstaat beheert 1.149 bruggen. In het laatste overzicht van de staat van de infrastructuur staan 72 bruggen, viaducten en tunnels onder verhoogde inspectie, vanwege leeftijd, technische risico's of uitgesteld onderhoud. En die bruggen zijn niet allemaal van beton. De Merwedebrug, de Haringvlietbrug en de Van Brienenoordbrug staan ook op die lijst. Alle drie stalen bruggen.

Een stalen brug bezwijkt zelden onder één zware vrachtwagen. Het is de herhaling die telt. Honderdduizenden passages laten het staal telkens een fractie meebuigen en in de lassen ontstaan dan minuscule scheurtjes die bij elke volgende vrachtwagen een stukje doorgroeien. Ingenieurs noemen dat vermoeiing.

De rekening loopt op

Voor de periode 2026 tot en met 2030 raamt Rijkswaterstaat de vernieuwing van bruggen, tunnels en sluizen op bijna 12,9 miljard euro. Ruim 6,5 miljard daarvan is nog niet gedekt. Het gaat dus om een opgave die veel groter is dan de brug die vandaag toevallig dicht is.

En het Rijk beheert maar een klein deel. Gemeenten hebben er alleen al 66.000 in beheer en ruim tachtig procent van alle bruggen, sluizen en viaducten is eigendom van decentrale overheden. TNO berekende dat de vernieuwing van de Nederlandse infrastructuur tot 2100 zo'n 260 miljard euro kost, en dat 55 procent van die kosten bij gemeenten terechtkomt.

Leeftijd zegt weinig

Deze inschatting is voornamelijk gebaseerd op leeftijd. Dat kan een idee geven over wanneer een brug toe is aan vervanging, maar eigenlijk zegt het onvoldoende. “Een vrij jonge brug kan aan vervanging toe zijn omdat de technische toestand slecht is terwijl een oude brug nog veel langer mee kan gaan omdat het draagvermogen nog voldoende is”, vertelt Andreas Hartmann, universitair hoofddocent infrastructuurbeheer aan de UT.

Eigenlijk is het probleem dat vooral gemeenten geen goed beeld hebben over de daadwerkelijke toestand van hun bruggen. Ze beheren er samen tienduizenden en kunnen die onmogelijk allemaal laten doorrekenen zoals Rijkswaterstaat dat doet. “Het is een kwestie van beter inzicht krijgen in het gedrag van bestaande bruggen door nadere inspecties en monitoring”, vertelt Andreas.

Meten is weten

Dat inzicht pakt vaak gunstig uit. Neem de Maaslandse Dambrug in Schipluiden, de enige toegangsweg naar een buitengebied van de gemeente Midden-Delfland. Op papier mocht er nog maar 20 ton overheen. Ingenieurs zetten er vervolgens een proefbelasting op van 450 kilonewton, driekwart van wat de norm met alle veiligheidsmarges voorschrijft. De brug gaf nauwelijks mee en kan er nog minstens dertig jaar tegenaan. Bij proefbelastingen in Leidschendam, Waddinxveen, Den Bosch en Amsterdam bleek er telkens hetzelfde aan de hand.

Dus hoe slecht staat het ervoor?

Bij Rijkswaterstaat is het antwoord redelijk hard. Die 1.149 bruggen worden scherp gevolgd en gaan dicht zodra een inspectie iets vindt, zoals bij Nijkerk. Bij de tienduizenden gemeentelijke bruggen is het antwoord een schatting op bouwjaar, en dat blijkt telkens weer een slechte voorspeller.

Waarschijnlijk zijn onze bruggen dus minder slecht dan de vervangingscijfers doen vermoeden en slechter in beeld dan je zou willen. Elke brug die wel gemeten wordt, verschuift een aanname naar een feit. Dertig jaar extra voor de Maaslandse Dambrug betekent dat die brug voorlopig niet vervangen hoeft. Dat betekent dat weer extra geld kan naar een brug die het wel nodig heeft.

Kom studeren aan de Universiteit Twente

Vond je dit een boeiend artikel? Dan vind je deze studie(s) misschien ook interessant.

Gerelateerde verhalen