Efficient contact met je begeleiders

Tijdens je these word je begeleid door twee docenten van de opleiding Psychologie, je eerste en tweede begeleider. De eerste begeleider is hoofdverantwoordelijke voor het eindproduct. Indien je extern je onderzoek doet kun je, naast deze twee begeleiders, ook nog begeleid worden door iemand van het bedrijf of de instelling. Wanneer je het onderzoek op locatie verricht, is het wenselijk dat hierover ook een gesprek plaatsvindt tussen je begeleider en de organisatie waar je het onderzoek uitvoert.

Zorg dat je tijdens de eerste bijeenkomst met je begeleiders duidelijke afspraken maakt over het type en de hoeveelheid begeleiding dat je wenst. Voor een goede voortgang van je afstudeeropdracht zijn gesprekken met de betrokkenen onontbeerlijk. Hier komt bij dat je vaak de link bent tussen de universiteit en de organisatie waar je afstudeert (bij een externe opdracht).

Contact met je interne begeleiders van de universiteit

Bij zowel interne als externe opdrachten zul je de eerste begeleider van de universiteit een aantal keer te spreken krijgen. Hoe vaak je een gesprek hebt hangt af van de afspraken die je hebt gemaakt met je begeleiders. Wanneer de eerste begeleider dat wenselijk acht, zal ook de tweede begeleider en/of externe begeleider bij een gesprek aanwezig zijn.

Het is van belang dat je de opdracht zelfstandig uitvoert. Indien voor jouw voortgang een gesprek met je begeleider(s) noodzakelijk is, houd je dan aan de volgende gedragsregels:

-

Maak de afspraak.

-

Geef aan wanneer je de stukken aanlevert. Gesprekken zonder materiaal vooraf zijn zinloos. Lever de stukken vier werkdagen van tevoren aan (blijf je begeleiders niet bestoken met iedere nieuwe versie van een paragraaf). Overleg of ze de papieren of de elektronische versie willen.

-

Geef aan waarover je het wilt hebben of waar je moeite mee hebt.

Het afstudeerproces bestaat uit een aantal fasen. De meeste begeleiders willen je op de volgende momenten spreken:

-

Aan het begin van je onderzoek zul je een of twee gespreken hebben over de planning, inhoud etc. van je onderzoek

-

Bij het afsluiten van het afstudeercontract, met de nadruk op de onderzoeksvraag (hoofd- en deelvragen).

-

Na de opzet van het onderzoeksontwerp (inclusief respondenten, steekproef, operationalisering van begrippen, etc.).

-

Nadat de eerste versie van het analyseschema en de resultaten bekend zijn (lever bijvoorbeeld een hoofdstuk in met lege tabellen, maar benoem deze wel nauwkeurig).

-

Wanneer je de complete these, inclusief resultaten, conclusies en aanbevelingen hebt geschreven. Meestal zal de eerste versie van je these niet meteen goed zijn en zul je het moeten aanpassen voordat het wordt goedgekeurd.

-

Tijdens de zogenaamde groen-licht-bijeenkomst, inclusief verbeterde versie van je scriptie met Engelse samenvatting.

De tweede begeleider fungeert vooral als meelezer van de eerste begeleider, maar zal actief betrokken zijn bij het beoordelen van je onderzoeksaanpak en de concepten van je hele scriptie. Indien de eerste begeleider dat noodzakelijk acht, zal de tweede begeleider ook bij andere fasen worden betrokken.

Maak van ieder gesprek een verslag. Som daarin op welke afspraken er zijn gemaakt en eventueel met welke vragen je nog zit. Vermeld ook wanneer de volgende afspraak is. Stuur dit verslag ook naar je begeleider(s).

Contact met de externe begeleider

Voor de bedrijfsbegeleider geldt dat je werkbare, realistische afspraken moet maken. In het begin zal het contact intensiever zijn dan nadat de onderzoeksopzet duidelijk is geworden. In het begin is een beschikbaarheid van de bedrijfsbegeleider van twee uur in de week wel noodzakelijk.