Internationalisering en de Universiteit Twente: hoe staan we ervoor?

dinsdag 24 februari 2026

Internationalisering is al jarenlang een belangrijk onderdeel van het onderwijs en onderzoek aan de Universiteit Twente. De mondiale ontwikkelingen in studentenmobiliteit en de komst van de Wet internationalisering in balans (WIB) maken het thema actueler dan ooit. De UT is positief over het feit dat de formerende partijen van plan zijn om stevig te investeren in onderwijs, onderzoek en innovatie. De bezuinigingen van het vorige kabinet op het onderwijs worden hiermee teruggedraaid. Ook voor ‘internationaal’ is dit positief.

Hieronder een overzicht van recente trends rondom internationalisering en de manier waar op de UT hiermee omgaat in 2026.

Internationale instroom: mondiale verschuivingen en UT-ontwikkelingen

Wereldwijd groeit de internationale markt voor studenten. Tegelijkertijd verschuift de bestemming van studenten: waar de ‘big four’ (Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Canada en Australië traditioneel dominant waren, kiezen studenten steeds vaker voor andere landen. Strengere immigratieregels in een aantal klassieke studielanden en de opkomst van sterke universiteiten in onder meer India versterken die trend.

Aan de Universiteit Twente leidde dit de afgelopen jaren tot een relatief stabiel beeld. Bij de bacheloropleidingen stabiliseerde de internationale instroom over de afgelopen drie jaar. Binnen die stabilisatie zijn wel verschuivingen zichtbaar: het aantal studenten van buiten de EER nam toe, het aantal Duitse studenten nam af en de instroom uit andere EER-landen bleef grotendeels stabiel.

Bij de masteropleidingen was sinds 2022 sprake van groei. In 2025 is, op basis van de cijfers per 1 oktober, een daling te zien, met name onder studenten van buiten de EER. De instroom uit EER-landen bleef na drie jaar groei stabiel.

Naast internationalisering houdt de UT nadrukkelijk oog voor de instroom van Nederlandse studenten. Een zichtbaar voorbeeld is de bachelor Psychologie, die sinds dit collegejaar ook in het Nederlands wordt aangeboden en leidde tot een toename van het aantal Nederlandse studenten.

Tegelijkertijd wordt de aansluiting van internationale studenten op de Nederlandse arbeidsmarkt steeds belangrijker. De UT investeert hier actief in, onder meer via de minor Going Dutch en de projectgroep Employability International Students. Ook werkt de universiteit samen met regionale en landelijke partners om internationale afgestudeerden te behouden voor Twente en Nederland.

Instellingsplan: hoge prioriteit aan internationaal talent

In het concept instellingsplan van de Universiteit Twente dat er nu ligt, is de UT duidelijk over dit onderwerp: ‘Wetenschap is inherent een internationale exercitie. De UT heeft een internationale gemeenschap en is met trots geworteld in Twente. Daar komt bovenop dat de UT als technische universiteit aan cruciale nationale ambities werkt – bijvoorbeeld het Beethoven programma rondom chiptechnologie – die van ons vragen om ruim baan te bieden aan internationaal talent. Internationaal talent (studenten, promovendi, staf) dat net zo makkelijk mee doet als Nederlands talent. Daar staan wij voor vanuit onze waarden als universiteit en als samenwerkingspartner in Nederland, en we geven er dus hoge prioriteit aan.’

Landelijke instroom

Landelijk staat de instroom aan universiteiten onder druk. Uit de definitieve inschrijfcijfers voor collegejaar 2025–2026 blijkt dat zowel de Nederlandse als internationale bachelorinstroom is gedaald: respectievelijk met 3,3 en 3,6 procent ten opzichte van vorig jaar. De instroom van internationale studenten daalt daarmee voor het derde jaar op rij, met de sterkste afname bij studenten uit EER-landen. Universiteiten van Nederland benadrukt dat deze ontwikkeling de urgentie onderstreept van een samenhangende talentstrategie om Nederland aantrekkelijk te houden voor (internationaal) talent, wetenschap en innovatie. In techniek en gezondheid is overigens nog wel sprake van een lichte groei. De volledige cijfers zijn te vinden via Universiteiten van Nederland.

Stand van zaken Wet internationalisering in balans

De Wet internationalisering in balans (WIB) is bedoeld om beter te sturen op de internationale instroom en de positie van het Nederlands in het hoger onderwijs. Onlangs is het aangepaste wetsvoorstel voor advies naar de Raad van State gestuurd. Een belangrijke stap in het proces richting behandeling in de Tweede Kamer.

In het aangepaste voorstel is de voorgestelde taaltoets voor bestaande opleidingen versoepeld: die geldt nu alleen voor nieuwe opleidingen. Nieuwe niet-Nederlandstalige opleidingen moeten aantonen dat er behoefte is aan onderwijs in een andere taal bij de commissie ‘doelmatigheid’.

De WIB wil onder meer:

  • meer instrumenten geven om de instroom van internationale studenten te sturen, zoals numerus fixus-opties per traject;
  • de zogenoemde doelmatigheidstoets invoeren voor nieuw (en mogelijk bestaand) anderstalig onderwijs;
  • de positie van het Nederlands als taal in het hoger onderwijs behouden en versterken;
  • de verplichting tot het bevorderen van Nederlandse taalvaardigheid uitbreiden naar alle studenten, inclusief internationals.

Het voorstel werd aangepast op verzoek van de Tweede Kamer en maakt deel uit van langer lopende maatschappelijke en politieke discussies over de balans tussen internationale aantrekkingskracht en de kwaliteit, toegankelijkheid en doelmatigheid van het Nederlandse hoger onderwijs.

Taal en onderwijssamenstelling

De UT biedt al jaren onderwijs aan in zowel het Nederlands als het Engels. Die tweetalige opzet blijft in de kern overeind. In de politiek en bij het ministerie van OCW is erkend dat Engelstalig onderwijs in veel UT-opleidingen passend is. Waar dat minder het geval was, zijn aanpassingen gedaan, zoals bij Psychologie.

Sinds vorig jaar werkt de UT met een officieel tweetalig voertaalbeleid. Daarnaast investeert de universiteit al geruime tijd in de Nederlandse taalvaardigheid van internationale staf en studenten, onder meer via een uitgebreid en grotendeels kosteloos NT2-programma.

In aansluiting op het nieuwe voertaalbeleid zijn meerdere initiatieven in ontwikkeling of gestart, waaronder:

  • een taalcoachingprogramma waarbij medewerkers op vrijwillige basis internationale collega’s ondersteunen bij het leren van Nederlands;
  • nieuw NT2-cursusaanbod gericht op ‘Nederlands aan de universiteit’ en ‘Nederlands op het werk’;
  • begeleiding van internationale docenten die onderwijs in het Nederlands willen gaan verzorgen.

Deze inzet draagt bij aan integratie in de Nederlandse samenleving, versterkt de binding met de regio en bevordert de onderlinge samenwerking binnen de universiteit.

Internationale onderzoekers en talent

Het politieke debat over internationalisering riep de afgelopen jaren bij internationale onderzoekers en studenten vragen op en leidde soms tot terughoudendheid. De samenwerking in internationale onderzoeksprojecten bleef echter grotendeels intact.

Voor de werving van internationaal talent had het debat wel effect. Kandidaten gaven aan zich minder welkom te voelen in Nederland. Met de toenemende duidelijkheid over de WIB kijkt de UT weer met meer vertrouwen vooruit. De universiteit blijft zich inzetten voor een open, inclusieve en internationale leer- en werkomgeving, die essentieel is voor de kwaliteit en maatschappelijke impact van onderwijs en onderzoek.

Wat betekent dit voor werving internationaal talent, waar zet de UT in 2026 op in?

Het Nationaal Versterkingsplan ChipTech Talent (‘Beethoven’) is een treffend voorbeeld. Dit plan vormt de inzet om in de periode 2025-2030 met de vier technologische kernregio’s - Brainport, Twente, Zuid-Holland en Noord Nederland - gezamenlijk met kennisinstellingen en bedrijven een samenhangend en opschaalbaar opleidings - en wervingsprogramma te realiseren, om dit vanaf 2030 structureel te maken.De Beethoven masteropleidingen streven naar een groei van +86 studenten per jaar vanaf 2030 (+26% ten opzichte van 2024). Deze groei wordt voornamelijk verwacht vanuit externe internationale instroom; andere groepen (bijv. UT-transferstudenten, hbo-studenten) blijven ondersteunend, maar secundair. Focuslanden zijn Italië, Spanje en Indonesië (in samenwerking met RUG, RU, TU/e, TUD), en India en Turkije voor initiatieven die alleen door UT worden uitgevoerd.

Regionaal wordt in samenwerking met Saxion, het ROC van Twente, Ondernemend Twente en Twente Board ingezet op het versterken van de regioprofilering via bijvoorbeeld het vergroten van de online zichtbaarheid (ohchips.nl) en deelname aan studiekeuzebeurzen in de regio.

De focus op een thema als chiptechnologie zorgt voor een heldere boodschap richting studiezoekers en zorgt daarmee op een kosteneffectieve manier tot een sterke zichtbaarheid en interesse vanuit studiezoekers. De eerste resultaten tonen een sterk gestegen interesse in chiptechnologieopleidingen aan en de focus in het komende jaar ligt op het omzetten van interesse naar aanmelding en uiteindelijk inschrijving in samenwerking met CES, SP en de faculteiten.

Relatiemanagement, en het communiceren van de mogelijkheden die de UT biedt aan internationale studenten (e.g. huisvesting, campus, arbeidsmarkt) ten opzichte van andere universiteiten, zijn daarnaast ook belangrijke speerpunten in de marketingcommunicatie. Zo beheert M&C een netwerk van internationale scholendecanen die regelmatig vragen stellen over mogelijkheden aan de UT en waarin proactief communicatie over e.g. toelatingseisen en open dagen wordt gedeeld.