Zie Ons verhaal

#035 Edwins creatieve technologie

Het verhaal van Linda’s roman-in-wording is een verhaal over Edwins creatieve technologie

Door te schrijven, creëert communicatieadviseur Linda Pasqual-van der Landen een fictieve wereld op papier. De robottechnologie waar haar collega Edwin Dertien zich mee bezighoudt, was tot voor kort óók fictie – maar anno 2021 zijn robots onderdeel van onze realiteit. Dat maakt Linda nieuwsgierig: waar haalt Edwin zijn inspiratie vandaan? ‘Je moet je niet te hard in één ding vastbijten.’

Klik voor de Engelse versie

Maandag 14 Juni 2021 

Een hoofd vol maffe plannen

Linda: ‘De eerste keer dat ik jou live in actie zag, was tijdens een introductiebijeenkomst voor nieuwe medewerkers. Je vertelde daar enthousiast over je vakgebied. Maar ik ken je al langer – van de Klokhuis-filmpjes die mijn dochter kijkt. Hoe zou jij zélf omschrijven wat voor werk je doet?’

Edwin: ‘Kort door de bocht: ik bouw robots. Maar eigenlijk heb ik verschillende leuke petten op. Aan de UT ben ik docent Creatieve Technologie. Die bachelorstudie gaat over de interactie tussen technologie en mensen. Mijn onderzoek bij RaM gaat vooral over het ontwerpen van robots, bijvoorbeeld voor de gasindustrie.

Naast mijn UT-werk doe ik veel techniek in kunstprojecten. Leuk, want zo kan ik vaak ook studenten betrekken bij werk voor opdrachtgevers buiten het UT-netwerk. En ik leid een creatief-technische werkplaats voor mensen met autisme. Ook daarin leg ik veel links met de UT – denk aan onderzoek rondom autismeproblematiek, of studenten die bij ons een afstudeeropdracht doen.’

Linda: ‘Als je kijkt naar de uitgangspunten van Shaping2030, ben jij een soort poster child voor de UT-visie. Alles wat je doet, hangt met elkaar samen en beïnvloedt elkaar.’

Edwin: ‘Klopt. Dat is de kern van creativiteit: je moet je niet te hard in één ding vastbijten. Juist als je bezig bent met verschillende projecten, krijg je kruisbestuiving en ontstaat nieuwe inspiratie. Een nadeel daarvan is dat ik nergens écht specialist in ben, en dat het soms lang duurt voordat een project af is. Toch is dit voor mij de beste manier om creatief en innovatief bezig te zijn.’

“Juist als je bezig bent met verschillende projecten, krijg je kruisbestuiving en ontstaat nieuwe inspiratie”
Edwin Dertien

Linda: ‘Dat was ook goed te zien bij ‘We gaan het maken (een tv-programma van de NPO, waar UT-onderzoekers mensen met een beperking helpen aan oplossingen in hun dagelijks leven, red.). Ik heb alle afleveringen met veel interesse bekeken – ook omdat ik zelf een fysieke beperking heb. Ik vroeg me af: hoe was het voor jóu om mee te doen?’

Edwin: ‘Op internet werd ik al Emmett Brown genoemd, die gekke professor uit Back tot the Future, haha! En in een interview met Tubantia noemden ze me ‘professor Furby’. Maar zonder gekheid: wat ik mooi vind, is dat dit programma gaat over mensen die ondanks hun handicap hun leven op orde hebben. Het is geen zielige-mensen-tv. Onze vraagstukken gingen ook niet over leven of dood. Ik ging bijvoorbeeld aan de slag om een gamecontroller te ontwikkelen voor Marc, een 24-jarige jongen met een progressieve spierziekte. Tijdens zo’n project trap je wel regelmatig in je eigen valkuilen…’

Linda: ‘Zoals?’

Edwin ‘Je onderschat al gauw op welk millimeterniveau iemands leven zich afspeelt. Eerst denk je: ach, we leggen gewoon een pittenkussen onder die controller, klaar. Maar als je écht goed kijkt hoe zo’n jongen werkt en wat zijn lichaam nog kan, zie je dat het niet zo eenvoudig is. Marc kon het verschil voelen tussen een gloednieuwe controller en eentje waar honderd uur mee was gespeeld. Ik had ook niet verwacht hoe belangrijk het bleek om hem vanaf dag één te betrekken. Je kunt wel een prachtige oplossing voor iemand verzinnen, maar als het niet goed vóelt, gaat hij er niets mee doen.’

Linda: ‘Dat herken ik. Met hulpmiddelen is het altijd verschrikkelijk zoeken… Na een operatie aan mijn pols experimenteerde ik met spraaksoftware. Leuk bedacht, maar ik werd al snel knettergek – laat mij maar gewoon typen! Zeg: wat mij opviel, is dat jij tot een paar keer toe zei dat jullie techniek open source beschikbaar moet zijn. Maar heeft dat wel zin, als het zo specifiek op één persoon is gericht?’

Edwin: ‘Sinds We gaan het maken krijg ik bijna dagelijks e-mails van mensen die vragen of ik ook hen kan helpen. Hartstikke leuk, maar daar heb ik geen tijd voor. Dus om te voorkomen dat ik een fabriekje moet opzetten, deel ik m’n kennis graag online – dan kunnen anderen er zelf wat van maken.’

“Je kunt wel een prachtige oplossing verzinnen, maar als het niet goed voelt, gaat iemand er niets mee doen”
Edwin Dertien

Linda: 'Hé, en die creatieve werkplaats... Wat doen jullie daar precies?’

Edwin: ‘We hebben dagbesteding voor mensen met autisme die in het ‘gewone’ systeem zijn uitgevallen. Vaak hebben ze eerder een carrière gehad als dierenarts, jurist of boekhouder, maar liepen ze daarin vast. Structureren en communiceren is voor mensen met autisme vaak lastig. Qua vakinhoud komen ze prima mee, maar op het moment dat ze zelfstandig moeten gaan plannen, raken ze in de knoop.

‘Ons aanvankelijke idee was om te draaien op opdrachten van lokale bedrijven. Maar al snel moesten we concluderen dat elke vorm van prestatiedruk killing is. Daar heb ik iets op verzonnen. Onlangs mochten we een escaperoom ontwikkelen voor het Palte Huis, een historisch museum in Oldenzaal. Daar heb ik drie afstudeerders van Creative Technology op gezet. Zij bedachten het concept en de verhaallijn en droegen het project, onze werknemers maakten de puzzels.’

Linda: ‘Wat goed! Dan heb je ook weer die interactie tussen verschillende groepen. Over werkdruk gesproken: met alle dingen die jij tegelijk doet, kan ik me voorstellen dat je soms ook kortsluiting in je hoofd hebt. Hoe ervaar je dat zelf?’

Edwin: ‘Tja, op een universiteit is het werk nooit om vijf uur af. Maar ik moet zeggen dat ik steeds minder slapeloze nachten heb. En áls ik dan eens wakker lig, krijg ik vaak juist verhelderende inzichten waarmee ik verder kan. Aan het begin van de coronacrisis liep ik enorm met dat online lesgeven te stoeien. Ik vond het zó’n nare ervaring: iedereen heeft z’n camera en microfoon uit, en dan sta je daar drie kwartier te praten zonder dat je enig idee hebt hoe je verhaal aankomt. Als ik dat had gewild, was ik wel radiomaker geworden. Na een paar keer gaf ik het op. Ik ben m’n colleges gaan opnemen en editen in blokjes van tien minuten.’

“Ik word er gewoon blij van om praktisch en inhoudelijk bezig te zijn”
Edwin Dertien

Linda: ‘Zodat het wat toegankelijker werd?’

Edwin: ‘Precies. Studenten mogen die filmpjes thuis bekijken. Nu gaan we tijdens de online sessie in kleine groepjes aan de slag, en meer op inhoud de diepte in. Dat werkt wél.’

Linda: ‘Wat drijft jou om al deze verschillende dingen te doen?’

Edwin: ‘Hmm, ik heb geen achterliggend masterplan. Uit elk project waar ik ‘ja’ tegen zeg, komen weer mooie vondsten. In die zin voelt mijn werk nog steeds als een grote ontdekkingstocht; ik word er gewoon blij van om praktisch en inhoudelijk bezig te zijn. Dat is misschien ook waarom ik al vrij lang assistant-professor ben. Dat blijft vast nog wel een tijdje zo – ik heb nog allerlei maffe plannen in m’n hoofd.’

LINDA PASQUAL-VAN DER LANDEN (1981)

studeerde Nederlands aan de Universiteit Leiden en is communicatieadviseur bij BMS en co-projectleider van Mindlab. Linda houdt van schrijven en redigeren. Zij zet zich graag in voor alles wat te maken heeft met inclusie, diversiteit en sociale veiligheid. Voor haar komst naar Enschede en de UT (in 2019), werkte Linda bij ZonMw en schreef zij blogs voor HandicapNL. In die blogs liet zij lezers ervaren hoe het voor haar is om te leven met een lichamelijke beperking.

Edwin Dertien (1979)

is docent Creative Technology, onderzoeker en creatief robotontwerper bij de vakgroep Robotics and Mechatronics van de faculteit Electrical Engineering, Mathematics and Computer Science (EECMS). Aan de UT én daarbuiten werkt hij aan robots voor de industire, zorg en kunstwereld. Daarnaast is hij medeoprichter van AssortiMens, een creatief-technische werkplaats voor mensen met autisme.