De hunkerbunker

Anno 2020 wordt de campus nog steeds een mannenbolwerk genoemd. In 1964, met een eerste lichting van 244 mannen en 3 vrouwen was dat zeker het geval. Bij oprichting van de UT drie jaar eerder, stelde men zelfs nog dat meisjes ‘met andere bedoelingen studeerden dan om ingenieur te worden’. Op de komst van vrouwen was de campus dan ook niet toegerust en toen al in de eerste lichting de eerste vrouwelijke studenten  zich aandienden, stond men in Twente dan ook voor een niet voorzien probleem.

 
Meisjesflat aan de campuslaan

De ‘voorbereidingscommissie’, die verantwoordelijk was voor de opstart van de hogeschool in brede zin, van het werven van hoogleraren tot de organisatie van de introductiedagen en van het ontwikkelen van het curriculum tot het realiseren van de huisvesting, was er namelijk van uitgegaan dat alleen mannelijke studenten op de campus zouden komen wonen. Het huisvesten van de eerste meisjes heeft heel wat voeten in de aarde gehad, want "voor meisjes zal niet gebouwd worden" had de bouwcurator in 1961 stellig gezegd. Gaandeweg werd er toch gesproken over dat vrouwen het gelijkheidsbeginsel niet ontzegd kon worden en zelfs dat meisjes ook ‘een goede invloed’ konden hebben op de studentengemeenschap.  

Omdat toch drie (eigenwijze?) dames zich in 1963 inschreven voor een studie aan de Hogeschool Twente, moest er op stel en sprong een boel dingen geregeld worden, want zelfs tot de toiletten aan toe, was de campus ingericht op alleen mannelijke studenten. Ook de huisvesting werd hierdoor een heikel punt, want er moest een aparte meisjeshuisvesting komen. Want jongens en meisjes samen huisvesten was in die tijd uit den boze! Voor de stafleden verrezen er woningen aan o.a. de Drienerbeeklaan en de Langenkampweg. De studentes werd een plek toegewezen in één van deze stafwoningen. Ze namen hun intrek aan de Drienerbeekweg.

Later werd een meisjeshuisvesting ingericht waar nu het huidige gebouw Logica staat. Personeel dat in de buurt van het 'meisjeshuis' woonde, hield een oogje in het zeil. Tjeerd Plomp, destijds hoogleraar Toegepaste Onderwijskunde, was één van die personeelsleden, en vond deze toezichtstaak vanzelfsprekend. Zo ook tijdens de dansavonden, waarbij er streng op werd gelet dat er niet te dicht op elkaar gedanst zou worden… Meisjes op de campus waren namelijk schaars goed en door de vele aandacht die ze kregen ontstonden er allerlei geruchten. Er werd bijvoorbeeld beweerd dat campusdecaan prof. dr. Jan Schuijer ’s avonds de meisjesflats afliep om deze te controleren op de aanwezigheid van mannelijke studenten, maar zelf heeft hij dit altijd ontkend. 

Het personeel was echter niet de enige die een oogje in het zeil hield. Er was een aparte flat gelegen naast de tennisbanen, gebouwd voor de vrijgezelle mannelijke stafleden. In de volksmond werd deze toren de “Hunkerbunker” genoemd, want het flatje keek namelijk precies uit op de binnenplaats van de meisjeshuisvesting.

Met de toestroom van vrouwelijke studenten komen daarna meerdere zogenoemde meisjesflats. Wanneer het gemengd wonen in zwang raakten weten we niet precies. Wellicht dat de lezers daar meer informatie over hebben? Feit is wel dat er tot september 1989 nog de mogelijkheid was om gebruik te maken van meisjeshuisvesting voor diegenen die dat wensten. Dat dat niet zo heel gek is, bewijzen wel de specifieke meisjesstudentenhuizen die tot op de dag van vandaag nog in de stad aanwezig zijn.


De hunkerbunker 

De canon is altijd in ontwikkeling en staat open voor debat en discussie. Mis jij een gebeurtenis, kenmerk of markant persoon in de canon?

Voeg dan jouw eigen verhaal toe!