Vergadering 256 (19-04-2012)

Datum: 31 mei 2012

Kenmerk: EH/HR/v2.0

Kort verslag

van de 256ste vergadering van het Lokaal Overleg gehouden op

donderdag 19 april 2012 in Vleugel 100

Aanwezig Dhr. ir. K.J. van Ast (CvB, voorzitter Lokaal Overleg)

Mw. drs. M.C.J. Spit (directeur HR)

Mw. mr. E. Hooftman-van Rietschoten (HR, Secretaris)

ABVAKABO Dhr. dr. K. Poortema (lid)

Dhr. R.F. van ’t End (lid)

CNV-PZ Dhr. R. Klapwijk (lid)

Dhr. ir. F. Houweling (plv. lid)

Dhr. M. van Gessel (adviseur)

1.

Opening & Mededelingen

·

Mw. Spit meldt dat mw. Hooftman-van Rietschoten per 1 september 2012 de taak van dhr. Van Doorn als secretaris van het Lokaal Overleg zal overnemen.

·

Agendapunten 5 en 6 worden op verzoek van het OPUT gevoegd behandeld.

De voorzitter doet de volgende mededelingen:

·

De webapplicatie Nevenwerkzaamheden is live gegaan. Alle medewerkers hebben hierover een e-mailbericht ontvangen met het verzoek hun nevenwerkzaamheden via de webapplicatie te registreren. Het is aan de leidinggevenden te controleren of de webapplicatie goed wordt ingevuld. Er is een koppeling gemaakt met FJUT, zodat in de webapplicatie FJUT staat of nevenwerkzaamheden al dan niet zijn geregistreerd.

·

Prof. dr. C.A. van Blitterswijk heeft aangegeven zijn functie van Wetenschappelijk Directeur van Onderzoeksinstituut MIRA neer te leggen. Hij blijft als Hoogleraar verbonden aan de UT. Prof. dr. V. Subramaniam volgt prof. Van Blitterswijk op als WD van MIRA.

·

Op korte termijn wordt een medewerkersonderzoek (voorheen medewerkerstevredenheidsonderzoek genoemd) gedaan. Vanwege de reorganisatie RoUTe’14+ is het onderzoek enige tijd verdaagd. Het onderzoek behelst circa 80-85 vragen. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek, die voor de zomer bekend worden gemaakt, zal een plan van aanpak worden opgesteld, dat met de URaad zal worden besproken. Een aantal vragen hebben betrekking op werkdruk. In overleg met de URaad zijn een aantal vragen toegevoegd betreffende URaad en CvB.

·

Reorganisatievoorstel route 14+ is op het onderwijsmodel na afgewikkeld. De URaad heeft niet ingestemd met het in het plan genoemde Twents Onderwijsmodel (thans genoemd: Nieuw Onderwijsmodel, oftewel NOM). Het CvB is genoodzaakt de plannen met betrekking tot het NOM wel verder uit te werken en dit gebeurt dan ook. In de volgende vergadering met de URaad in juni 2012 zullen de plannen over NOM opnieuw ter instemming aan de URaad worden voorgelegd. Onbekend is nog of de plannen omtrent het NOM personele gevolgen zullen hebben. De intentie bestaat om de volle breedte onderwijs te blijven geven, maar of dat lukt moet nog blijken. De gevolgen van NOM zijn onder meer het wijzigen van de werkwijze en verdeling van onderwijs. Personele gevolgen kunnen bijvoorbeeld gelegen zijn in het feit dat er teveel onderwijsverplichtingen bij te weinig personen komen te liggen en voorts bijvoorbeeld in de ondersteuning door S&O (bijscholing). Het is nu nog onduidelijk hoe dit eruit komt te zien. E.e.a. is ook afhankelijk van (eventuele) toekomstige bezuinigingen vanuit de overheid. Het is de bedoeling om NOM per 1 september 2013 in te voeren.

·

In het kader van de Cao-onderhandelingen wordt binnen de verschillende universiteiten (incl. de UT) onder het personeel steekproefsgewijs een enquête gehouden over de wensen op het gebied van loonontwikkeling, primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden. De enquête wordt uitgevoerd door IVA te Tilburg. IVA maakt een selectie van deelnemers aan de enquête op basis van het door de UT aangeleverde personeelsbestand. Dhr. Van Gessel merkt op dat ook onder vakbondsleden een dergelijke enquête is gehouden.

·

Op grond van een afspraak tussen de staatssecretaris van OCW en de universiteiten zullen alle universiteiten prestatieafspraken maken met OCW voor de periode 2013 t/m 2015.

·

Naar aanleiding van een vraag van dhr. Klapwijk merkt de voorzitter op dat de Dienstraad wordt betrokken bij het aantrekken van een ad interim Directeur ICTS. Dit proces is reeds gaande. De Dienstraad wordt tevens gekend bij de opdracht die de ad interim Directeur ICTS gaat uitvoeren. Dhr. Klapwijk meldt dat er vrees bestaat voor outsourcing of reorganisatie. De voorzitter merkt op dat nog onduidelijk is of er gevolgen zullen zijn voor (de organisatie van) het ICT-Servicecentrum.

De Interimmanager krijgt als taak de continuïteit van de dienstverlening te borgen en de relatie met de klant te verbeteren. Er wordt met de Interimmanager expliciet geen taakstellende bezuiniging afgesproken. De bezuiniging op de ondersteuning van de dienstverlening wordt UT breed bezien en meegenomen in de kerntaken discussie. Hiermee krijgt mogelijk de nieuwe directeur van ICTS mee te maken.

·

Dhr. Klapwijk merkt op dat de Tripartite commissie in het kader van de reorganisatie RoUTe ‘14+ is ingesteld, de regeling Nevenwerkzaamheden is vastgesteld en het Personeelsplan RoUTe’14+ op 6 maart 2012 door het OPUT is ontvangen. Verder is, in samenwerking met de URaad, een werkgroep ingesteld met betrekking tot de ontwikkeling van een nieuwe vorm van medezeggenschap. In het volgende Lokaal Overleg zal door het OPUT een voorstel worden gedaan over de afbouw van de Reserve Arbeidsvoorwaardengelden.

2.

Conceptverslag 254ste en 255e vergadering

De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld.

Dhr. Klapwijk merkt met betrekking tot het verslag van de 255e vergadering op dat de informatie als opgenomen in punt 4 van de notulen met betrekking tot de post “vervolgde wetenschappers” nog moet worden verstrekt (Nb: is reeds op 24 november 2011 toegezonden). Voorts is de term “vervolgde wetenschapper” wellicht geen wenselijke. Met betrekking tot punt 7 van de notulen van voormeld verslag (“employability”) wenst het OPUT op de hoogte te worden gehouden van de voortgang. Mw. Spit merkt op dat de trekker van dit onderwerp wegens ziekte tijdelijk afwezig is.

3.

Concept Jaarrekening Decentrale Arbeidsvoorwaardengelden (AVWG) 2011 & Stand van zaken Reserves AVWG per 31-12-2011

Concept Jaarrekening Decentrale Arbeidsvoorwaardengelden (AVWG) 2011

De jaarrekening wordt onder voorbehoud van de beantwoording van de volgende vragen vastgesteld:

-

Voor de post UT Stimuleringsfonds was voor 2011 een bedrag van € 50.000 begroot en is een bedrag van € 94.000 besteed. Wat is de reden van deze overschrijding?

-

Voor WIW-banen was voor 2011 geen bedrag begroot en is een bedrag van € 38.000 besteed. Waar is dit aan besteed?

-

Hebben de WIW-ers garantie op een vaste baan bij de UT?

Na beantwoording van voormelde vragen wordt de concept Jaarrekening AVWG 2011 in het volgende Lokaal Overleg opnieuw ter vaststelling voorgelegd.

Dhr. Klapwijk stelt de vraag of de begroting voor het UT Stimuleringsfonds van € 50.000 voor 2011 & 2012 correct is, aangezien in 2011 € 94.000 is uitgegeven.

Stand van zaken Reserves AVWG per 31-12-2011

De eindrapportage 2011 projecten Arbeidsvoorwaardengelden (OPUT) (kenmerk FEZ/KS/3-4-2012) wordt niet vastgesteld, aangezien de stand reserve per 1 januari 2011 onjuist vermeld staat. Dat moet zijn € 5.324.000. De aangepaste eindrapportage zal in het volgende Lokaal Overleg opnieuw ter vaststelling worden voorgelegd.

4.

Nieuwe posten Begroting AVWG 2011-2012; extra toelichting op nieuwe projecten

De voorstellen met betrekking tot de nieuwe posten worden door het OPUT geaccordeerd. Ook de constructie dat de Eenheid Campus een eigen bijdrage van medewerkers zal vragen voor sportfaciliteiten is akkoord.

Een aantal kanttekeningen/opmerkingen:

-

De bekostiging van de eigen bijdrage voor Sport & Gezondheid van de Eenheid Campus wordt voor 2012 bekostigd uit de Reserve AVWG voor het gehele kalenderjaar 2012. Het betreft een bedrag van € 80.500.

-

Met betrekking tot nieuwe voorstellen voor 2013 merkt dhr. Klapwijk op dat deze beter gekwantificeerd moeten worden (beter gespecificeerd, meer “SMART”).

-

Op een vraag van dhr. Klapwijk hoeveel aanvragen in het kader van het UT Stimuleringsfonds zijn afgehandeld in 2011 merkt mw. Spit op dat er 6 of 7 zijn.

-

Voorts wordt van de zijde van het OPUT opgemerkt dat er bij de evaluatie van het project UT Stimuleringsfonds de evaluaties van het Ambassadeursnetwerk betrokken kunnen worden.

-

Met betrekking tot het project Wisselende Activiteiten wordt zijdens het OPUT opgemerkt dat diverse landelijke onderzoeken zijn gedaan. Bijv. de Technische Universiteit Eindhoven doet een onderzoek over dit onderwerp, welke onderzoeksuitslag op korte termijn bekend zal worden gemaakt.

-

De evaluaties van de projecten zullen op de agendaplanner worden vermeld.

5./6. Werkwijze OPUT; voorstel bonden & agendaplanner

Afgesproken wordt de door het OPUT voorgestelde nieuwe werkwijze in het vervolg te hanteren. De agendaplanner van HR sluit aan bij deze werkwijze. De Agenda Overleggen zullen worden ingepland. Zijdens het OPUT worden een aantal onderwerpen aangedragen die moeten worden toegevoegd aan de huidige versie van de agendaplanner (van 10 april 2012 – kenmerk mvd/HR/v1.1), te weten:

- Werkkostenregeling;

- Verlofregeling;

- Klachtenregeling (deze is reeds in de agendaplanner vermeld).

De werkkostenregeling en verlofregeling worden tevens op CAO-niveau behandeld; de CAO-discussie en lokale discussie moeten elkaar niet doorkruizen.

De bedoeling van de nieuwe werkwijze is dat op het Agenda Overleg de agendapunten van het Lokaal Overleg worden vastgesteld en dat nadien geen nieuwe agendapunten meer aan de orde worden gesteld. Verder is het streven dat er na het Technisch Overleg geen nieuwe stukken meer worden ingediend en dat zoveel mogelijk wordt voorkomen dat er na het Technisch Overleg zijdens OPUT nog nieuwe vragen aan de orde worden gesteld.

7.

Invoering NS Businesscard; op verzoek bonden

Naar aanleiding van vragen van de bonden over de invoering van de NS Businesscard verwijst de voorzitter naar de brief van 14 maart 2012 (kenmerk: 369.830/HR) aan het OPUT. De medewerker heeft de keuze tussen een persoonlijke kaart of een afdelingskaart. Dhr. Klapwijk merkt op dat in de uitvoering hieraan geen gehoor wordt gegeven. Bij bepaalde diensten is geen afdelingskaart beschikbaar.

Mw. Spit merkt op dat FEZ de (2) afdelingen die geen afdelingskaart hadden besteld, heeft medegedeeld dat alsnog een afdelingskaart moet worden aangeschaft.

Dhr. Klapwijk merkt voorts op dat het OPUT schriftelijk wenst te worden geïnformeerd over de persoonsgegevens die door de UT aan de NS zijn verstrekt in het kader van de NS Businesscard. Deze informatie zal worden toegezonden.

8.

Stand van zaken ICTS; op verzoek bonden

Dit agendapunt is bij de mededelingen aan de orde geweest.

9.

Voortgang herplaatsing met ontslag bedreigde medewerkers RoUTe ‘14+; op verzoek bonden

Mw. Hooftman-van Rietschoten merkt op dat de Herplaatsingscommissie met alle herplaatsingskandidaten inmiddels een intakegesprek heeft gevoerd. Tot nu toe heeft de Herplaatsingscommissie nog niemand kunnen herplaatsen. De herplaatsingskandidaten zijn gewezen op de andere faciliteiten uit het sociaal plan, ook de HR-managers van de faculteiten hebben dit gedaan. Twee herplaatsingskandidaten hebben besloten voor de vertrekpremie te kiezen.

Voorts zijn er op dit moment 6 medewerkers in bezwaar gegaan tegen het besluit in het kader van de reorganisatie RoUTe ‘14+. Een aantal bezwaartermijnen lopen nog, dus het zouden er meer kunnen worden.

Het OPUT vraagt zich af of de mogelijkheid tot aanvragen via de Tripartite commissie voldoende duidelijk is bij de groep met ontslag bedreigden in het kader van de reorganisatie RoUTe'14+. Hieromtrent wordt nadere informatie verstrekt.

Voorts is gediscussieerd over het moment van vaststellen van het Personeelsplan (is door de UT voldaan aan art. 9.7 CAO NU?). Het OPUT vraagt in dit kader om informatie over de besluitvormingsprocedure. Deze informatie zal worden verstrekt.

Voorts stelt het OPUT de vraag of het in art. 7.2 Sociaal Plan genoemde financieel advies is geregeld en zo ja, hoe? Deze informatie zal eveneens aan het OPUT worden. In dit kader wordt voorts opgemerkt dat er een verzoek is ingediend bij de Concerndirectie HR om dergelijk financieel advies (m.n. over WW/BWNU) en dat dit verzoek zou zijn afgewezen. Dit wordt uitgezocht.

Tot slot wordt door het OPUT opgemerkt dat in een aantal besluiten van vakbondsleden is opgemerkt dat er tegen het reorganisatieplan geen bezwaar meer open staat. Het OPUT acht dit misleidend, aangezien de medewerker hierdoor zou kunnen denken dat bezwaar tegen het besluit tot opheffing van zijn functie niet meer mogelijk is. Niet-ontvankelijkverklaring in beslissingen op bezwaar zou volgens het OPUT achterwege moeten worden gelaten, aangezien dit in strijd zou zijn met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

De voorzitter merkt in dit kader op dat onder de besluiten de bezwarenclausule (mogelijkheid tot het indienen van bezwaar) is vermeld en dat de mogelijkheid om bezwaar te maken duidelijk is voor de betrokken medewerkers.

10.

Rondvraag

Geen opmerkingen.

11.

Sluiting

De voorzitter sluit de vergadering om 16:10 uur.

-0-0-0-

Actiepunten van 256e LO

1

Voortgang employability (OPUT op de hoogte houden)

2

3 vragen over jaarrekening decentrale AVWG 2011 beantwoorden.

3

Is begroot bedrag voor UT stimuleringsfonds correct? (€50.000)

4

Evaluaties voor AVWG-projecten op agendaplanner zetten.

5

Schriftelijke informatie welke persoonsgegevens door de UT aan de NS zijn verstrekt in het kader van NS business card.

6

Informatie over de bekendheid bij de groep met ontslag bedreigden over de mogelijkheid van aanvragen via de tripartiete commissie.

7

Informatie over de besluitvormingsprocedure rond het vaststellen van het Personeelsplan.

8

Informatie over hoe de aanvraag voor financieel advies is geregeld volgens artikel 7.2 van het sociaal plan.