Vergadering 243 (12-03-2009)

logo UT

OPUT nr. 09/4

VERSLAG

van de 243e vergadering van het Lokaal Overleg gehouden op

Donderdag 12 maart 2009 in Vleugel 100

Aanwezig Dhr. Dr. A.H. Flierman (voorzitter CvB)

Dhr. Drs. A.H.G. Brunger (directeur PA&O)

Mw. I.M. Miessen (beleidsmedewerker PA&O)

Mw. S.P. Boekholt (notulen)

ABVAKABO Dhr. Dr. K. Poortema

Dhr. R.F. van ’t End

Dhr. M. Schuurman

CNV-PZ Dhr. R. Klapwijk

Dhr. H. Strootman

AC/FBZ ---

VAWO ---

Mw. M. Scholten (secr.bonden)

1. Opening & Mededelingen

De heer Flierman opent de vergadering.

Mededelingen CvB: de heer Flierman introduceert Sofia Boekholt, nieuwe secretaresse PA&O, die in het vervolg zal notuleren.

2. Conceptverslag 241ste vergadering

Het verslag wordt met een wijziging vastgesteld.

In het verslag zal worden vermeld dat de voorgestelde artikelnummer verwijzing door het OPUT wordt opgenomen in de levensloopregeling.

N.a.v. actiepuntenlijst:

· Punt 1

De Notitie Functieroulatie en Evaluatie mentorennetwerk zijn 2 verschillende documenten. De documenten zullen spoedig worden toegezonden.

3. Detacheringsovereenkomsten Catering

Op verzoek van het OPUT is dit punt opnieuw geagendeerd.

De bonden vinden het onterecht dat bij medewerkers met een min/max contract, de uren in het aangeboden detacheringscontract gefixeerd zijn op het gegarandeerde minimum .

Volgens de bonden staat dit haaks op het eerder afgesproken sociaalplan, waarin de arbeidsvoorwaarden voor gedetacheerden onverkort blijven gelden.

De medewerkers met een min/max contract hebben de afgelopen jaren meer uren gewerkt dan het gegarandeerde minimum. Bovendien is de aanstellingsvorm min/max niet legitiem omdat de CAO NU hierin niet voorziet. De bonden verzoeken het CvB, om uitvoering te geven aan het sociaalplan een besluit te nemen over het aantal uren waarop de medewerkers worden gedetacheerd.

Zeven medewerkers met een min/max aanstelling hebben de detacheringsovereenkomst niet getekend en zullen een individueel bezwarentraject ingaan indien het CvB vasthoudt aan het gegarandeerde minimum.

De voorzitter geeft aan dat het CvB pas een besluit kan nemen als personen om een uitbreiding van hun dienstverband verzoeken.
Het CvB is verbaasd over een feit dat de vijf medewerkers met een aanstelling voor een vaste arbeidsduur, de detacheringsovereenkomst nog niet hebben getekend. Volgens de heer Klapwijk zijn zij solidair met hun collega’s.

Als algemene opmerking geeft de voorzitter aan dat in de vorige vergadering is afgesproken dat de verdere procedure in het eerstvolgende TO-OPUT zou worden besproken. Hij was dan ook zeer verbaasd toen de heer Strootman kort na de vorige vergadering contact met hem opnam voor een nadere uitleg. In dit contact zijn suggestieve teksten gebruikt en is e.e.a. verkeerd vertaald. De heer Flierman spreekt zijn ongenoegen hierover uit.

De heer Strootman merkt op dat hij zelf niet bij de vorige vergadering is geweest en dat er inmiddels een bijeenkomst met de betrokken medewerkers was geweest waaruit bleek dat er naast onduidelijkheid een gespannen situatie was en het verwijt viel dat er geen uitwerking werd gegeven aan de afspraak in het Sociaal Plan.

Naar aanleiding van deze bijeenkomst heeft hij contact opgenomen met de heer Flierman voor een nadere uitleg.

4. Verlofregeling B&A

Op verzoek van de bonden is dit punt geagendeerd. De aanscherping van de verlofregeling van B&A wordt gezien als wijziging in de zin van de CAO, art. 9. Volgens het OPUT kan deze wijziging slechts uitgevoerd worden als daarover overeenstemming is bereikt in het lokaal overleg.

Toegelicht wordt dat de aanpassing slechts een praktische uitwerking vanuit de CAO en de Verlofregeling UT betreft naar het eigen bedrijfsproces. De leidinggevende heeft het recht in het dienstbelang aanbevelingen te doen.

De goedkeuring van een dergelijke uitwerking is de bevoegdheid van de dienstraad.

Het OPUT vindt het echter van belang dat de verlofregeling uniform moet gelden en zal daarom met een voorstel komen.

5.

Fusie ITC en Lokaal Overleg

Op verzoek van de bonden is dit punt geagendeerd. Het OPUT vraagt of de overplaatsing van 26 fte OBP naar de UT zou kunnen leiden tot boventalligheid en daarmee tot een reorganisatie voor de UT.

Volgens de heer Flierman zijn gedwongen ontslagen niet aan de orde.

Verder garandeert hij dat er door de fusie met het ITC geen reorganisatie bij de UT komt.

Er zal door de fusie met het ITC geen sprake van verdringing van medewerkers zijn.

De medewerkers van ITC nemen hun eigen werk (functie) mee, volgens: ‘mens volgt functie’.

De fusie zal geen rechtspositionele gevolgen voor UT medewerkers hebben.

Toegelicht wordt dat er geen reorganisatie aan de orde is en er zullen geen gedwongen ontslagen vallen.

Een ITC medewerker wordt per 1 januari 2010 een UT medewerker en geniet daarmee een gelijkwaardige behandeling

6.

Rondvraag

De heer Klapwijk vraagt naar het personeelsplan Inkoop van het FB. Er zal naar de stand van zaken worden geïnformeerd.

De heer Poortema vraagt waarom de medewerkers van de beveiliging weer in dienst van de UT zijn gekomen.

Geconstateerd is dat de under management constructie in deze fase niet de beste oplossing is. Daarom wordt deze constructie beëindigd en is de UT op zoek naar een teamleider beveiliging. Overigens blijft de overeenkomst met CSU voorlopig van kracht en loopt de flexibele inhuur via deze externe partij door. Voor de medewerkers van de beveiliging het personeel heeft deze wijziging geen directe gevolgen.

Om 12.00 uur wordt de vergadering gesloten.

ACTIEPUNTENLIJST

Nr.

Onderwerp

Wie

Wanneer

1.

Toezenden notitie functieroulatie

PA&O

z.s.m.

2.

Toezenden evaluatie mentorennetwerk vrouwen

PA&O

z.s.m.

3.

Voorstel verlofregeling n.a.v. verlofregeling B&A

OPUT

z.s.m.

4.

Toezenden Personeelsplan Inkoop / FB

PA&O

z.s.m.