Zie Op onderwerp vinden

Vertrouwenspersoon, klachten en bezwaar

Vertrouwenspersoon 

Als je te maken hebt met ongewenst gedrag zoals agressie, discriminatie, geweld, (seksuele) intimidatie, pesten of stalking, of met een conflict in de werksituatie dat aan dergelijk ongewenst gedrag is gerelateerd, kun je terecht bij een vertrouwenspersoon voor advies en ondersteuning.

  • Lees meer over de vertrouwenspersoon

    Het college van bestuur heeft vier medewerkers als vertrouwenspersoon benoemd.
    Deze medewerkers verrichten hun taak als vertrouwenspersoon naast hun reguliere functie.

    De vertrouwenspersoon geeft advies aan en ondersteunt individuele medewerkers die geconfronteerd worden met ongewenst gedrag zoals agressie, discriminatie, geweld, (seksuele) intimidatie, pesten of stalking. Als medewerker kun je ook bij de vertrouwenspersoon terecht als je te maken hebt met een conflict in de werksituatie dat aan ongewenst gedrag is gerelateerd of daaruit voortvloeit. Ook PhD kandidaten kunnen bij de vertrouwenspersoon terecht. Voor bachelor- en masterstudenten geldt dit niet; zij hebben de mogelijkheid een beroep te doen op een van de studentendecanen in geval van ongewenst gedrag.

    De vertrouwenspersoon heeft de bevoegdheid om alle informatie in te winnen die redelijkerwijs noodzakelijk is om een goed inzicht te krijgen in de aard en omvang van het probleem.
    Uiteraard gaat de vertrouwenspersoon hier strikt vertrouwelijk mee om. De vertrouwenspersoon is niet onpartijdig maar staat aan de kant van de medewerker. De vertrouwenspersoon neemt ten opzichte van de werkgever een onafhankelijke positie in. De vertrouwenspersoon is niet op zoek naar de waarheid maar zal jou helpen het probleem op te lossen. Als de acties die je samen of in overleg met de vertrouwenspersoon onderneemt niet het gewenste resultaat hebben, kun je overwegen een formele klacht in te dienen bij het college van bestuur. De vertrouwenspersoon kan je hierin adviseren. Als je dat wenst kan de vertrouwenspersoon je gedurende deze procedure ondersteunen.

    De Code (on)gewenst gedrag, door het College van Bestuur vastgesteld op 22 mei 2018, heeft tot doel waarborgen te scheppen voor een goed en stimulerend werk- en studieklimaat. In de gedragscode worden onder meer de diverse vormen van ongewenst gedrag en de procedures om dergelijk gedrag te stoppen beschreven.

    • Vertrouwenspersonen op de UT

      Het college van bestuur heeft de volgende medewerkers als vertrouwenspersonen benoemd. De vertrouwenspersonen zijn niet faculteitsgebonden. Je kunt zelf kiezen met wie je contact op wilt nemen.

    • Advies en bemiddeling

      De vertrouwenspersoon fungeert als klankbord en tussenpersoon. De vertrouwenspersoon treedt niet op als scheidsrechter. Wel kan de vertrouwenspersoon adviezen uitbrengen, bemiddelen tussen partijen of de hulp inroepen van een professionele mediator. De vertrouwenspersoon kan ook informatie inwinnen die noodzakelijk is om goed inzicht in het probleem te krijgen. Bij dit alles staat jouw belang voorop. De vertrouwenspersoon gaat strikt vertrouwelijk om met jouw verhaal.

    • Vertrouwelijk en onafhankelijk

      De vertrouwenspersoon zal luisteren, adviseren en je ondersteunen bij het vinden van een oplossing. Je kunt er onder alle omstandigheden vanuit gaan dat de vertrouwenspersoon jouw verhaal vertrouwelijk behandelt. De vertrouwenspersoon zal ook geen enkele actie ondernemen als jij daarmee niet hebt ingestemd.

      De vertrouwenspersoon is onafhankelijk ten opzichte van de werkgever en geniet daarin bescherming van de zijde van de werkgever.

    • Indienen formele klacht

      Het onderwerp van een klacht is altijd een gedraging. Onder een gedraging valt zowel een ‘doen’ als een ‘nalaten’. Dit laatste is het geval als de UT, één of meer UT-medewerkers of een UT-orgaan volgens jou iets hadden moeten doen maar dat hebben nagelaten. Zowel een ‘doen’ als een ‘nalaten’, dat naar jouw mening niet correct was, kan onderwerp zijn van een klacht. Het is mogelijk om dit informeel aan de orde te stellen, maar ook kan de formele weg van een klachtenprocedure worden bewandeld. Dit doe je door een klacht te richten aan het college van bestuur.

      De Klachtenregeling Universiteit Twente beschrijft hoe klachten worden behandeld. De klachtenregeling bestrijkt een zeer ruim terrein. Een klacht kan bijvoorbeeld gaan over de begeleiding door een docent, oncollegiale samenwerking, discriminatie, agressie of (seksuele) intimidatie. Studenten (ook aanstaande en voormalige studenten) moeten hun klacht indienen bij het Klachtenloket Universiteit Twente. Alle anderen – medewerkers van de UT maar ook bijvoorbeeld gastdocenten, bezoekers en stagiaires – moeten hun klacht schriftelijk indienen bij het college van bestuur.

      Een schriftelijk ingediende klacht moet aan een aantal vormvereisten (zie 'Klachtprocedure' bij  'Klachten en geschillen' op de vorige pagina) voldoen. In principe moet een klacht binnen één jaar, nadat de gedraging waarover wordt geklaagd zich heeft voorgedaan, worden ingediend. De UT is niet verplicht om een klacht die daarna wordt ingediend in behandeling te nemen. Alleen in uitzonderlijke omstandigheden zal daartoe worden overgegaan.

      Een onafhankelijke klachtencommissie onderzoekt de klacht. Een belangrijk onderdeel van dit onderzoek is de hoorzitting waarop de klager en de aangeklaagde hun standpunten mondeling kunnen toelichten. De klachtencommissie legt haar bevindingen vast in een advies. Het college van bestuur neemt vervolgens, op basis van dit advies, een beslissing over de afhandeling van de klacht.

      Gedurende de gehele klachtprocedure is de Nederlandse taal leidend. De reden daarvoor is dat de klachtprocedure geënt is op Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder de Algemene wet bestuursrecht, de cao Nederlandse Universiteiten, diverse gedragscodes en de Klachtenregeling Universiteit Twente.

      Als je het niet eens bent met de afhandeling van je klacht door het college van bestuur kun je een klacht indienen bij de Nationale Ombudsman.

Klachten en geschillen

Daarnaast is het mogelijk een formele klacht in te dienen bij het college van bestuur. Het onderwerp van een klacht is altijd een gedraging. Dat kan ongewenst gedrag zijn zoals hiervoor staat omschreven, maar ook ander incorrect gedrag van een medewerker, een (bestuurs)orgaan, dan wel de UT in het algemeen.

  • Klachtprocedure

    Het onderwerp van een klacht is altijd een gedraging. Onder een gedraging valt zowel een ‘doen’ als een ‘nalaten’. Dit laatste is het geval als de UT, één of meer UT-medewerkers of een UT-orgaan volgens jou iets hadden moeten doen maar dat hebben nagelaten. Zowel een ‘doen’ als een ‘nalaten’, dat naar jouw mening niet correct was, kan onderwerp zijn van een klacht. Het is mogelijk om dit informeel aan de orde te stellen, maar ook kan de formele weg van een klachtenprocedure worden bewandeld. Dit doe je door een klacht te richten aan het college van bestuur.

    De Klachtenregeling Universiteit Twente beschrijft hoe klachten worden behandeld. De klachtenregeling bestrijkt een zeer ruim terrein. Een klacht kan bijvoorbeeld gaan over de begeleiding door een docent, oncollegiale samenwerking, discriminatie, agressie of (seksuele) intimidatie. Studenten (ook aanstaande en voormalige studenten) moeten hun klacht indienen bij het Klachtenloket Universiteit Twente. Alle anderen – medewerkers van de UT maar ook bijvoorbeeld gastdocenten, bezoekers en stagiaires – moeten hun klacht schriftelijk indienen bij het college van bestuur.

    Een schriftelijk ingediende klacht moet aan een aantal vormvereisten voldoen. In principe moet een klacht binnen één jaar, nadat de gedraging waarover wordt geklaagd zich heeft voorgedaan, worden ingediend. De UT is niet verplicht om een klacht die daarna wordt ingediend in behandeling te nemen. Alleen in uitzonderlijke omstandigheden zal daartoe worden overgegaan.

    Een onafhankelijke klachtencommissie onderzoekt de klacht. Een belangrijk onderdeel van dit onderzoek is de hoorzitting waarop de klager en de aangeklaagde hun standpunten mondeling kunnen toelichten. De klachtencommissie legt haar bevindingen vast in een advies. Het college van bestuur neemt vervolgens, op basis van dit advies, een beslissing over de afhandeling van de klacht.

    Gedurende de gehele klachtprocedure is de Nederlandse taal leidend. De reden daarvoor is dat de klachtprocedure geënt is op Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder de Algemene wet bestuursrecht, de cao Nederlandse Universiteiten, diverse gedragscodes en de Klachtenregeling Universiteit Twente.

    Als je het niet eens bent met de afhandeling van je klacht door het college van bestuur kun je een klacht indienen bij de Nationale Ombudsman.

    • Nederlandse taal leidend

      Een klachtprocedure is gestoeld op Nederlandse wet- en regelgeving. Het klachtrecht is geregeld in hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht. In een klachtprocedure zijn vaak de cao Nederlandse Universiteiten, diverse regelingen en/of gedragscodes van toepassing. In geval van meningsverschillen over de interpretatie van Nederlandstalige en Engelstalige versies van dergelijke wet- en regelgeving, is de Nederlandse tekst bindend. Om deze reden is Nederlands de voertaal tijdens klachtprocedures.

      Stukken die in een vreemde taal zijn gesteld, moeten door de indiener daarvan worden vertaald in het Nederlands als de klachtencommissie dit voor een goede behandeling van de klacht nodig vindt. In de regel wenst de klachtencommissie deze vertaling binnen een termijn van twee weken te ontvangen.

      Ook de hoorzitting vindt plaats in de Nederlandse taal. Een betrokkene die de Nederlandse taal niet machtig is, dient op eigen kosten voor een tolk te zorgen.

      Het advies van de klachtencommissie en het bijgevoegde verslag van de hoorzitting worden eveneens in de Nederlandse taal gesteld.

    • Onderzoek van de klacht door de klachtencommissie

      De klachtencommissie stuurt de klachtbrief door aan degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft. In de klachtprocedure wordt deze persoon als ‘aangeklaagde’ aangemerkt. Gelijk met het doorzenden van de klachtbrief wordt de aangeklaagde in de gelegenheid gesteld schriftelijk te reageren op de klacht. Doorgaans moet deze reactie binnen twee weken worden ingediend.

      De klachtencommissie nodigt vervolgens de klager en de aangeklaagde uit voor een hoorzitting. Op deze hoorzitting, die niet openbaar is, kunnen klager en aangeklaagde hun standpunten toelichten en kan de klachtencommissie hen bevragen. Klager en aangeklaagde kunnen zich tijdens de hoorzitting laten bijstaan, bijvoorbeeld door een vertrouwenspersoon of een collega.

      Ter voorbereiding op de hoorzitting stelt de secretaris van de klachtencommissie een dossier samen. Dit dossier bevat in ieder geval de klachtbrief en de reactie daarop van de aangeklaagde. De klager, de aangeklaagde en de leden van de klachtencommissie ontvangen dit dossier voorafgaand aan de hoorzitting.

      Indien nodig verzamelt de klachtencommissie aanvullend materiaal. In dat geval worden klager en aangeklaagde van deze stukken op de hoogte gesteld.

      Op basis van haar bevindingen stelt de klachtencommissie een advies op. Dit advies bevat het verslag van de hoorzitting. De klachtencommissie geeft advies over de gegrondheid dan wel ongegrondheid van de klacht. Ook kan de klachtencommissie het college van bestuur adviseren bepaalde maatregelen of besluiten te nemen.

      Het college van bestuur beslist vervolgens op basis van het advies van de klachtencommissie over de afhandeling van de klacht. Indien de conclusie van het college van bestuur afwijkt van het advies van de klachtencommissie vermeldt het college van bestuur in zijn beslissing de reden hiervoor.

    • Samenstelling klachtencommissie (inclusief jaarverslagen)

      Iedere formele klacht wordt onderzocht door een onafhankelijke klachtencommissie, de klachtencommissie Universiteit Twente. De leden van deze commissie worden door het college van bestuur benoemd.

      De klachtencommissie Universiteit Twente bestaat uit:

      • Een voorzitter en plaatsvervangend voorzitter, beiden extern (dus niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het college van bestuur), te weten drs. Y.J. Bouwman-Bakker en mr. J. Wesseling-Lubberink;
      • twee leden op voordracht van de UT, te weten ing. H.A. Akse (faculteit TNW) en dr.ir. J.F.C. Verberne (voormalig faculteit EWI)
      • twee leden op voordracht van het OPUT (overlegorgaan Personeelszaken UT), te weten W.C.J. Beekman en L.J.M. Ketting.

      Iedere commissie die een klacht behandelt bestaat uit een voorzitter, een lid namens de UT en een lid namens het OPUT. Bij de concrete samenstelling van een commissie voor een klacht wordt – indien nodig – rekening gehouden met het onderdeel van de UT waarin de klager en/of de aangeklaagde werkzaam zijn. Een lid van de klachtencommissie die een directe collega is van de klager en/of de aangeklaagde of anderszins een of beide personen (goed) kent, kan geen zitting nemen in de betreffende commissie. Dit om iedere schijn van vooringenomenheid of partijdigheid te voorkomen.

      De klachtencommissie wordt bij haar werkzaamheden inhoudelijk en organisatorisch ondersteund door de secretaris, V. Trifunovic. Als je meer informatie wenst over de procedure kun je bij haar terecht via telefoon 7899. In de regel is zij op maandag en woensdag werkzaam voor de UT.

      De klachtencommissie brengt jaarlijks verslag uit van haar werkzaamheden aan het college van bestuur. De jaarverslagen die vanaf 2010 zijn opgesteld zijn voor iedere belangstellende beschikbaar.

    • Vormvereisten klacht

      Studenten moeten hun klacht indienen bij het Klachtenloket Universiteit Twente. Alle anderen (UT-medewerkers, bezoekers, gastdocenten, stagiaires, etc.) dienen hun klacht schriftelijk in bij het college van bestuur.

      Een (schriftelijke) klacht bevat in ieder geval:

      • naam en adres van de indiener;
      • ondertekening door de indiener;
      • dagtekening;
      • een omschrijving van de gedraging waarop de klacht zich richt;
      • de reden van de klacht.

      Het college van bestuur (in het geval van studenten: het Klachtenloket Universiteit Twente) stuurt de klacht door aan de klachtencommissie ter verdere behandeling en advisering.

      Als je klacht niet aan een of meer van de vormvereisten voldoet, stelt de klachtencommissie je in de gelegenheid dit verzuim te herstellen. De klachtencommissie geeft je hiervoor doorgaans twee weken de tijd voor.

  • Geschilprocedure
    • Geschilprocedure in grote lijnen

      De relatie tussen medewerker en leidinggevende is vaak goed. Toch kun je te maken krijgen met een situatie waarbij je als medewerker het niet eens bent met een beslissing van je leidinggevende over een bepaald onderwerp. In dit geval dien je de situatie met je leidinggevende te bespreken. Als het geschil zich blijft voordoen kun je het formeel aan de orde stellen in een geschilprocedure. 

      De Geschillenregeling Universiteit Twente geldt vanaf 1 november 2020 en is van toepassing op geschillen daterend vanaf 1 januari 2020. De regeling beschrijft hoe geschillen worden behandeld. Ook vind je daarin alle onderwerpen die je volgens de cao Nederlandse Universiteiten als geschil kunt voorleggen. Een geschil kan betrekking hebben op de volgende onderwerpen:

      • Personeelsbeoordeling;
      • wijziging van functie zonder voorafgaande overeenstemming of overeenkomst hierover met werknemer;
      • weigering van een bevordering naar de functionele schaal;
      • toekenning, afwijzing, intrekking of terugbetaling studiefaciliteiten;
      • weigering toestemming tot het verrichten van nevenwerkzaamheden;
      • naleving van salarisafspraken en de uitvoering van het keuzemodel of
      • naleving van de verlofaanspraken.

      Een geschil dient elektronisch te worden ingediend via geschillen-hr@utwente.nl.  

      Een ingediend geschil moet aan een aantal vormvereisten voldoen. In principe dien je het geschil in binnen 6 weken, nadat de beslissing van je leidinggevende, waarop het geschil betrekking heeft, aan jou is verzonden. Geschillen uit de periode van 1 januari 2020 tot 1 november 2020 kunnen nog met terugwerkende kracht worden ingediend binnen 6 weken na 1 november 2020. Een geschil dat niet tijdig is ingediend wordt niet in behandeling genomen, tenzij sprake is van uitzonderlijke omstandigheden.

      Een onafhankelijke geschillencommissie behandelt het geschil. Een belangrijk onderdeel van de geschilprocedure is de hoorzitting waarop medewerker en leidinggevende hun standpunten mondeling kunnen toelichten. De geschillencommissie legt haar bevindingen vast in een advies. Het College van Bestuur neemt vervolgens, op basis van dit advies, een beslissing over het geschil.

      Gedurende de gehele geschilprocedure is de Nederlandse taal leidend. De reden daarvoor is dat de geschilprocedure geënt is op Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder het civiele arbeidsrecht, de cao Nederlandse Universiteiten, Sectorale geschillenregeling Nederlandse Universiteiten en de Geschillenregeling Universiteit Twente.

      Aan het indienen van een geschil zijn geen kosten verbonden. De kosten die je eventueel maakt voor juridische bijstand zijn wel voor eigen rekening. Verder kunnen eventuele vertaalkosten voor jouw rekening komen.

    • Samenstelling Geschillencommissie

      Een formeel geschil wordt behandeld door een onafhankelijke geschillencommissie, de geschillencommissie Universiteit Twente. De leden van deze commissie zijn deskundig en niet aan de universiteit verbonden. Zij worden door het College van Bestuur benoemd.

      De geschillencommissie Universiteit Twente bestaat uit de volgende leden:

      Ieder geschil wordt door een geschillencommissie behandeld die bestaat uit een voorzitter en 2 leden. Bij ieder geschil vindt er een nieuwe samenstelling van de commissie plaats. Op deze manier rouleert het voorzitterschap onder de bovengenoemde leden.

      De geschillencommissie wordt bij haar werkzaamheden inhoudelijk en organisatorisch ondersteund door de secretaris, V. Trifunovic. Als je meer informatie wenst over de procedure kun je bij haar terecht via v.trifunovic@utwente of telefoon 7899. In de regel is zij op maandag en woensdag werkzaam voor de UT.

      De geschillencommissie brengt jaarlijks verslag uit van haar werkzaamheden aan het College van Bestuur. De jaarverslagen die vanaf 2020 zijn opgesteld zijn voor iedere belangstellende beschikbaar en worden gepubliceerd op de UT-website.

    • Vormvereisten verzoekschrift

      Een geschil leg je voor aan de geschillencommissie met een verzoekschrift. Dit verzoekschrift wordt elektronisch ingediend via geschillen-hr@utwente.nl en bevat in ieder geval:

      • Jouw naam, functie, adres en woonplaats;
      • de naam van de leidinggevende die betrokken is bij het geschil;
      • een duidelijke omschrijving van het geschil waar het verzoekschrift betrekking op heeft met, indien mogelijk, overlegging van een afschrift van de beslissing of de daarmee vergelijkbare vaststelling, waar het verzoekschrift betrekking op heeft;
      • jouw standpunten en motivatie waarom je het niet eens bent met de beslissing;
      • de dagtekening en jouw ondertekening.

      De secretaris houdt bij of er geschillen binnenkomen op het e-mailadres, bevestigt de ontvangst van het geschil aan betrokkene en zet de verdere behandeling in gang.

      Als je verzoekschrift niet aan een of meer van de vormvereisten voldoet, stelt de geschillencommissie je in de gelegenheid dit verzuim te herstellen. Hiervoor krijg je doorgaans twee weken de tijd.

    • Werkwijze geschillencommissie: hoorzitting en advies

      De geschillencommissie stelt de leidinggevende op de hoogte van het verzoekschrift. Gelijk met deze kennisgeving wordt de leidinggevende in de gelegenheid gesteld schriftelijk te reageren op het geschil. In de geschilprocedure wordt deze reactie aangemerkt als verweerschrift. Doorgaans moet deze reactie binnen twee weken worden ingediend.

      De geschillencommissie nodigt vervolgens de medewerker en de leidinggevende uit voor een hoorzitting. Een hoorzitting blijft achterwege als naar het oordeel van de voorzitter van de commissie een geschil niet in behandeling hoeft te worden genomen.

      Op de hoorzitting, die niet openbaar is, kunnen de partijen hun standpunten toelichten en kan de geschillencommissie hen bevragen. Medewerker en leidinggevende kunnen zich tijdens de hoorzitting laten bijstaan, bijvoorbeeld door een vertrouwenspersoon of een collega. Wanneer je een getuige en/of deskundige mee wil nemen naar de hoorzitting, dien je dit vooraf te melden bij de secretaris van de geschillencommissie.

      De hoorzitting vindt in principe plaats in elkaars fysieke aanwezigheid. Alleen wanneer externe omstandigheden dit noodzakelijk maken, kan de hoorzitting digitaal plaatsvinden, mits de medewerker toestemt.

      De geschillencommissie bereidt de hoorzitting voor door het dossier te bestuderen. De secretaris zorgt voor samenstelling en verzending van dit dossier aan de commissieleden, de medewerker en de leidinggevende. Dit dossier bevat in ieder geval het verzoekschrift, een afschrift van de bestreden beslissing of daarmee vergelijkbare vaststelling waar het verzoekschrift betrekking op het heeft en het verweerschrift. Overigens kan de medewerker en/of leidinggevende nadere stukken indienen, tot tien dagen voor de hoorzitting.

      Op basis van haar bevindingen stelt de geschillencommissie een advies op. Het verslag van de hoorzitting wordt bij dit advies gevoegd. De geschillencommissie brengt advies uit over de ontvankelijkheid van het geschil (voldoet het geschil aan alle voorwaarden om in behandeling te nemen) en de gegrondheid dan wel ongegrondheid van het geschil en motiveert op grond van welke argumenten zij tot dit advies is gekomen. 

      Vervolgens beslist het College van Bestuur op basis van het advies van de geschillencommissie over het geschil. Je ontvangt deze beslissing van het College van Bestuur. Indien deze beslissing afwijkt van het advies van de geschillencommissie, dient het College van Bestuur te motiveren waarom er wordt afgeweken van het advies van de commissie.

    • Nederlandse taal leidend

      Een geschilprocedure is gebaseerd op Nederlandse wet- en regelgeving. Hierbij is de cao Nederlandse Universiteiten en diverse regelingen van toepassing. In geval van meningsverschillen over de interpretatie van Nederlandstalige en Engelstalige versies van dergelijke wet- en regelgeving, is de Nederlandse tekst bindend. Om deze reden is Nederlands de voertaal tijdens geschilprocedures.

      In het geval dat een partij de Nederlandse taal niet machtig is, zal informele correspondentie door de commissie in het Engels plaatsvinden.

      De hoorzitting vindt plaats in de Nederlandse taal. Indien ten minste één van de procespartijen de Nederlandse taal onvoldoende machtig is, wordt een beëdigde tolk ingeschakeld. Dit geschiedt onder verantwoordelijkheid en op kosten van de Universiteit Twente op grond van goed werkgeverschap in combinatie met het vigerende Voertalenbeleid van de Universiteit Twente. De secretaris van de commissie zorgt voor het inschakelen van de tolk.

      Stukken die in een vreemde taal zijn gesteld, moeten door de indiener daarvan worden vertaald in het Nederlands als de geschillencommissie dit voor een goede behandeling van het geschil nodig vindt. In de regel wenst de geschillencommissie deze vertaling binnen een termijn van twee weken te ontvangen. Als je geschil gegrond of gedeeltelijk gegrond wordt verklaard, krijg je na afloop van de procedure een vergoeding van gemaakte vertaalkosten door de UT. Hiervoor moet een factuur en specificatie van de gemaakte vertaalkosten worden overlegd. Deze vergoeding bedraagt een maximaal bedrag per vertaald woord overeenkomend met het hoogste tarief per woord dat het College van Bestuur met haar vertaalpartners is overeengekomen voor een vertaling van de Engelse naar de Nederlandse taal. In 2020 betreft dit € 0,19 per woord exclusief BTW.

      Het advies van de geschillencommissie en het bijgevoegde verslag van de hoorzitting worden in de Nederlandse taal gesteld. In het geval dat een partij de Nederlandse taal niet machtig is, zullen deze stukken in het Engels worden vertaald. Dit geschiedt onder verantwoordelijkheid en op kosten van de Universiteit Twente.

HOUSE OF INTEGRITY

Binnen de Universiteit Twente hebben we een integraal integriteitsprogramma, genaamd 'House of Integrity'.Op donderstaande pagina is alle informatie gebundeld op het gebied van integriteit binnen de Universiteit Twente voor zowel studenten als medewerkers.