Op deze pagina vind je (achtergrond)informatie over verzuim & re-integratie. Dit geeft je inzicht in de stappen die de diverse betrokkenen moeten ondernemen om de procesgang conform de 'Wet Poortwachter' uit te voeren. De afspraken rondom verzuim en re-integratie zijn vastgelegd in de Verzuimrichtlijn.

Verzuim en re-integratie

  • Verzuim en re-integratie richtlijn UT

    De universiteit zet in op duurzame inzetbaarheid van medewerkers. Toch kan het gebeuren dat je uitvalt door ziekte. Dan is het belangrijk dat jij en je leidinggevende weten wat er van jullie wordt verwacht. Deze richtlijn beschrijft de belangrijkste onderwerpen rond verzuim.  

    Wanneer je ziek bent en hierdoor je eigen werkzaamheden niet kunt uitvoeren, heb je maximaal 104 weken recht op doorbetaling van salaris conform de cao NU (artikel 4 Ziekte- en Arbeidsongeschiktheidsregeling Nederlandse Universiteiten). Dit recht heb je alleen als je je houdt aan de voorschriften die gelden in de situatie waarin je door een medische oorzaak ongeschikt bent voor je eigen functie. Als werkgever heeft ook de universiteit verplichtingen. Deze voorschriften en verplichtingen vloeien voort uit de Wet verbetering poortwachter, de Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar, de Beleidsregels beoordelingskader poortwachter, de Arbeidsomstandighedenwet, de wet WIA, de privacywetgeving en de cao NU (ZANU).
     

    Arbeidsomstandighedenspreekuur

    Ook als geen sprake is van ziekteverzuim, kan het zijn dat je vragen hebt over (dreigende) gezondheidsklachten in relatie tot het werk. Wil je die bespreken met een bedrijfsarts? Maak dan via 088 - 2726312 of verzuimdesk.hengelo@arbounie.nl een afspraak voor het Arbeidsomstandighedenspreekuur. De bedrijfsarts deelt uitsluitend informatie uit dit spreekuur met jouw leidinggevende als jij daarmee instemt.

    De regels

    1.   Ziek? Meld dit bij je leidinggevende

    Op de eerste verzuimdag meld je je vóór aanvang van de normale werktijd, echter uiterlijk vóór 9:00 uur, persoonlijk telefonisch ziek bij je leidinggevende. Is deze niet bereikbaar, neem dan contact op het secretariaat van de afdeling/faculteit/dienst. Laat indien nodig een nummer achter waarop je bereikbaar bent, zodat je leidinggevende contact op kan nemen.

    Ben je niet in staat om je persoonlijk ziek te melden (bijvoorbeeld vanwege een ongeval of opname)? Vraag dan iemand uit je directe omgeving om dit voor jou te doen.

    Word je tijdens werktijd ziek, meld je dan persoonlijk af bij je leidinggevende of het secretariaat van de afdeling/faculteit/dienst.

    Bij een ziekmelding mag je leidinggevende vragen:

    • hoe het met je is;
    • wanneer je denkt weer aan het werk te kunnen;
    • waar, wanneer en hoe je te bereiken bent;
    • naar lopende afspraken en werkzaamheden die overgedragen moeten worden;
    • naar de mogelijkheid om kosten te verhalen op een derde partij, bijvoorbeeld omdat sprake is van een ongeval.

    Een leidinggevende mag bij de ziekmelding niet vragen wat je precies hebt, hoe het komt dat je ziek bent en wat je eraan gaat doen. Uiteraard mag je dit wel op eigen initiatief vertellen. Doe je dit, dan mag de leidinggevende deze informatie niet vastleggen in het online verzuimvolgsysteem.

    2.   Wees bereikbaar

    Zorg dat je tijdens een verzuimperiode goed bereikbaar bent voor je leidinggevende en de arbodienst. Controleer in de webapplicatie Adreswijziging (medewerkersportal) of de door de UT geregistreerde adres- en telefoongegevens nog correct zijn en pas deze zo nodig aan. Verblijf je tijdelijk op een ander (verpleeg)adres, geef dit dan door aan je leidinggevende.

    3.   Hou contact

    Het is belangrijk dat je in een verzuimperiode regelmatig contact hebt met je leidinggevende en dat je zo veel mogelijk betrokken blijft bij het werk en de organisatie. Maak hierover afspraken met je leidinggevende, ook als re-integratie voorlopig nog niet aan de orde is.

    4.   De arbodienst

    Een ziekmelding wordt binnen 24 uur doorgegeven aan de arbodienst die de (medische) verzuimbegeleiding verzorgt.

    De arbodienst neemt binnen twee weken na de ziekmelding contact met je op om te beoordelen of je moet worden gezien door de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach. Als je leidinggevende en/of HR dit nodig vinden, kunnen zij de arbodienst vragen om je eerder op te roepen.

    Ontvang je een uitnodiging voor het spreekuur van de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach, dan moet je daar gehoor aan geven. Verstrek hen desgevraagd de informatie die nodig is om vast te kunnen stellen dat je om medische redenen je eigen werk niet kunt uitvoeren en recht hebt op doorbetaling van salaris. Ook ben je verplicht mee te werken aan een relevant (medisch) onderzoek door of in opdracht van de bedrijfsarts.

    Ben je met een geldige reden verhinderd voor het spreekuur? Geef dit dan uiterlijk 48 uur voor de geplande afspraak door via 088 - 2726312 of verzuimdesk.hengelo@arbounie.nl. Als je (bij herhaling) zonder bericht niet op een afspraak verschijnt of deze zonder geldige reden afzegt, kan de universiteit een sanctie opleggen (zie onder 8).

    De bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach bekijkt wat jouw belastbaarheid is en beoordeelt of jouw behandeling adequaat en effectief is, adviseert jou en je leidinggevende en geeft waar mogelijk een prognose voor werkhervatting. In overleg met jou vraagt de bedrijfsarts zo nodig medische informatie op bij een behandelaar.

    Tijdens het hele re-integratieproces heb je regelmatig contact met de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach. Soms is een 3-gesprek (bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach, medewerker en leidinggevende) of een 4-gesprek (bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach, medewerker, leidinggevende en HR) zinvol.

    Second opinion

    Ben je het niet eens met een re-integratieadvies van de bedrijfsarts, dan kun je een tweede oordeel vragen aan een andere bedrijfsarts. Je vraagt dit aan via je eigen bedrijfsarts. De second opion bedrijfsarts is werkzaam bij een andere arbodienst. De kosten van de second opinion zijn voor rekening van de universiteit.

    Ook kun je bij UWV een deskundigenoordeel aanvragen. Op de website van UWV vind je meer informatie over procedure en kosten.

    In verband met jouw privacy, mag de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach geen medische informatie delen met de universiteit (leidinggevende, HR). Bij medische informatie moet je denken aan informatie over diagnose en behandeling.

    5.   Re-integratie

    Re-integreren doe je samen met je leidinggevende. Dit vereist van beide kanten een positieve, actieve houding en enige flexibiliteit. Daarom verwachten we van jou dat je meedenkt over mogelijkheden om terug te keren naar werk. Het is belangrijk dat je actief werkt aan herstel, geen activiteiten verricht die dit kunnen belemmeren en samen met je leidinggevende een praktische invulling geeft aan de adviezen van de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach. De insteek: benut de mogelijkheden die je wel hebt.

    De primaire focus ligt op terugkeer in je eigen functie. In eerste instantie zijn alle re-integratie-inspanningen hierop gericht. Dit is een continu proces waarin je samen met je leidinggevende blijft onderzoeken of dit mogelijk is. Het kan zijn dat je in het kader van je re-integratie tijdelijk ander werk (aangepast eigen werk of ander passend werk) gaat doen. Ook dan blijft het doel terugkeer in je eigen functie.

    De bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach adviseert over tempo en wijze van re-integratie. Ook adviseert hij/zij over interventies die kunnen bijdragen aan een duurzame werkhervatting. Deze adviezen worden vastgelegd in spreekuurrapportages. Jij ontvangt een afschrift van deze rapportages. Jouw leidinggevende en HR kunnen de rapportages inzien via het online verzuimvolgsysteem van de UT.

    Kun je door ziekte je eigen werkzaamheden niet uitvoeren, maar kun je volgens de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach wel ander werk verrichten (aangepast eigen werk of ander passend werk)? Bekijk dan samen met je leidinggevende hoe jullie dit kunnen organiseren. HR (decentraal en centraal) kan jullie hierbij ondersteunen.

    Blijkt tijdens de re-integratie dat je je eigen werkzaamheden blijvend niet meer kunt uitvoeren - ook niet met aanpassingen - en is er binnen de universiteit voor jou ook geen ander passend werk voorhanden? Dan ga je samen met je leidinggevende en HR op zoek naar mogelijkheden buiten de universiteit. Bij dit zogenaamde ‘2de spoor’ schakelt de HR externe expertise in. Bijvoorbeeld een arbeidsdeskundige en/of een re-integratiebedrijf.

    De procesgang tijdens re-integratie wordt ondersteund door en inzichtelijk in een aantal verplichte documenten. Deze documenten vormen samen (de kern van) het re-integratieverslag (RIV). Zie voor meer informatie de bijlage Documenten 1e en 2e ziektejaar. 

    Deskundigenoordeel

    Loop jouw re-integratie vast en kom je er met de universiteit niet uit? Dan kun je UWV vragen om een onafhankelijk en deskundig oordeel over de situatie te geven. Ook de universiteit kan UWV vragen om de re-integratie inspanningen te toetsen. Op de website van UWV vind je meer informatie over het Deskundigenoordeel.

    6.   Verlof

    Tijdens een verzuimperiode bouw je gewoon verlofuren op. Wel stopt bij medewerkers met een volledig dienstverband de opbouw van de flexibele werkduur na 6 maanden (gedeeltelijk) verzuim door ziekte.

    Het is de bedoeling dat je tijdens een langere verzuimperiode gewoon verlof blijft opnemen. Tijdens dit verlof ben je vrijgesteld van re-integratieverplichtingen. Je vraagt verlof digitaal aan bij je leidinggevende via de Medewerkersportal. Bij het opnemen van verlof worden de uren afgeboekt conform het arbeidspatroon dat je zou werken als je niet ziek zou zijn.  

    Verlof mag geen belemmering vormen voor herstel of re-integratie in werk. Stem dit af met de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach.

    Neem je geen of onvoldoende verlof op, dan bestaat de kans dat er verlofuren vervallen omdat je ze niet op tijd hebt opgenomen (zie Verlofregeling Universiteit Twente). Hierbij geldt een uitzondering voor medewerkers die om medische redenen (een deel van) hun verlofuren niet hebben kunnen opnemen omdat er geen benutbare mogelijkheden waren om in werk te re-integreren. Zij behouden het recht om deze uren in een latere periode op te nemen. Dit is in zijn algemeenheid slechts het geval als je bent opgenomen in een ziekenhuis of andere zorginstelling en/of bedlegerig bent. Of als je voor het uitvoeren van activiteiten in het dagelijks leven afhankelijk bent van anderen en niet zelfredzaam bent. Bij de beoordeling hiervan adviseert de bedrijfsarts.

    7.   Hersteld? Geef dit door aan je leidinggevende

    Je hervat je eigen werk zodra je hiertoe in staat bent. Ben je volledig of gedeeltelijk hersteld? Geef dit dan direct persoonlijk door aan je leidinggevende. Van volledig herstel is sprake als je je eigen functie met alle bijbehorende taken en verantwoordelijkheden weer zonder beperkingen en duurzaam kunt uitvoeren. Van gedeeltelijk herstel is sprake als je je eigen werk naar inhoud en resultaten weer tegen volledige loonwaarde kunt uitvoeren, maar in uren nog beperkt bent.

    Voer je in het kader van de re-integratie aangepast eigen werk of ander passend werk uit? Dan ben je voor de daarmee gemoeide uren (nog) niet hersteld.

    In overleg met je leidinggevende kun je altijd op eigen initiatief het werk hervatten, tenzij de bedrijfsarts nadrukkelijk adviseert dit nog niet te doen. Dit wordt dus niet door je huisarts of een behandelaar vastgesteld. Wel zal de bedrijfsarts indien nodig contact opnemen met een behandelaar.

    8.   Sancties

    Bij verzuim door ziekte ben je verplicht om je aan de (wettelijke) voorschriften te houden. Doe je dit niet, dan kan dit gevolgen hebben. Als werkgever kan de universiteit een sanctie opleggen. Zo kan bij onvoldoende medewerking de salarisbetaling worden gestopt. Een aanhoudend gebrek aan medewerking kan zelfs een grond opleveren voor ontslag.

    Als werkgever moet ook de universiteit zich aan de regels houden. Heeft de universiteit volgens UWV niet genoeg gedaan aan jouw re-integratie en vraag jij na 104 weken verzuim door ziekte een WIA-uitkering aan? Dan kan UWV de universiteit verplichten maximaal 1 jaar langer salaris door te betalen.

  • Ziek tijdens vakantie

    Ziek worden tijdens vakantie is vervelend. Onder voorwaarden, kunnen al afgeschreven verlofuren in overleg weer worden toegevoegd aan je verlofsaldo:

    • Meld je op de eerste ziektedag vóór 9:00 uur ziek bij je leidinggevende. Net zoals je zou doen als je niet op vakantie zou zijn.
    • Geef je vakantieadres (of het adres waar je wordt verpleegd) en het telefoonnummer waarop je bereikbaar bent door aan je leidinggevende. Laat ook weten of je in staat bent om te reizen.
    • Zorg dat je te allen tijde telefonisch bereikbaar bent.
    • Verblijf je buiten Nederland? Bezoek dan een arts ter plaatse en vraag om een officiële doktersverklaring (in het Nederlands of het Engels) waaruit blijkt dat je door ziekte niet in staat bent om eigen of andere werkzaamheden te verrichten. De verklaring bevat minimaal naam, adres en telefoonnummer van de behandeld arts; de aanvangsdatum van ziekte; een duidelijke omschrijving van de mate van arbeidsongeschiktheid en een schatting van de vermoedelijke duur van de arbeidsongeschiktheid.
      Verblijf je in Nederland? Geef dan gehoor aan de oproep van de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach.
    • Weer beter? Geef dit dan meteen door aan je leidinggevende. Net zoals je dat zou doen als je geen vakantie zou hebben.
  • Vakantieverlof tijdens ziekte

    Tijdens een periode van (gedeeltelijk) ziekteverzuim bouw je gewoon verlofuren op. Wel stopt bij medewerkers met een volledig dienstverband en een 40-urige werkweek de opbouw van de flexibele werkduur na 6 maanden (gedeeltelijk) verzuim door ziekte.

    Het is de bedoeling dat je tijdens een langere verzuimperiode gewoon verlof blijft opnemen. Tijdens dit verlof ben je vrijgesteld van re-integratieverplichtingen. Je vraagt verlof digitaal aan bij je leidinggevende via de Medewerkersportal. Bij het opnemen van verlof worden de uren afgeboekt conform het arbeidspatroon dat je zou werken als je niet ziek zou zijn. Let op: verlof mag geen belemmering vormen voor herstel of re-integratie in werk. Stem dit af met de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach.

    Neem je geen of onvoldoende verlof op, dan loop je het risico dat er verlofuren vervallen omdat je ze niet op tijd hebt opgenomen (zie Verlofregeling Universiteit Twente). Hierbij geldt een uitzondering voor medewerkers die om medische redenen (een deel van) hun verlofuren niet hebben kunnen opnemen omdat er geen benutbare mogelijkheden waren om in werk te re-integreren. Zij behouden het recht om deze uren in een latere periode op te nemen. Dit is in zijn algemeenheid slechts het geval als je bent opgenomen in een ziekenhuis of andere zorginstelling en/of bedlegerig bent. Of als je voor het uitvoeren van activiteiten in het dagelijks leven afhankelijk bent van anderen en niet zelfredzaam bent. Bij de beoordeling hiervan adviseert de bedrijfsarts.

Proces verzuim

  • Het proces poortwachter in beeld

    In het het onderstaande stroomschema is is het verzuim en re-integratie proces voor het 1ste en 2de ziektejaar stapsgewijs in beeld gebracht.

    Verzuim en re-integratie - jaar 2
  • Documenten 1ste en 2de ziektejaar

    De procesgang tijdens de re-integratie wordt in het eerste en tweede ziektejaar ondersteund door en inzichtelijk gemaakt in een aantal verplichte documenten. Deze documenten vormen samen (de kern van) het re-integratieverslag (RIV). Uiterlijk in de 93ste week van een verzuimperiode stuurt de universiteit het re-integratieverslag digitaal naar UWV. Vervolgens toetst UWV aan de hand van het re-integratieverslag of werkgever en werknemer in redelijkheid konden komen tot de re-integratie-inspanningen die zijn gedaan. Het re-integratieverslag legt daarmee de basis voor de WIA-keuring. Onderstaand een overzicht van de verplichte documenten. Per document is beschreven wat de inhoud is, wie verantwoordelijk is en wanneer het gereed moet zijn.

    Document

    Wat

    Wie

    Wanneer

    Probleemanalyse

    De bedrijfsarts brengt in kaart welke medische en niet-medische factoren het verzuim veroorzaken en beïnvloeden. Hij/zij geeft aan wat de beperkingen van de werknemer zijn en hoe die het (toekomstige) werk en de mogelijkheid tot werkhervatting belemmeren. De Probleemanalyse bevat ook een advies over de wijze waarop de mogelijkheden tot herstel en werkhervatting kunnen worden benut of vergroot.


    Het kan voorkomen dat de belastbaarheid van de werknemer verslechtert of verbetert. In dat geval wordt de Probleemanalyse via de spreekuurrapportage bijgesteld/aangevuld.

    Bedrijfsarts














    Bedrijfsarts

    Uiterlijk week 6













    Indien nodig

     Document

     Wat

     Wie

    Wanneer

    Plan van aanpak

    Medewerker en leidinggevende leggen in onderling overleg vast wat zij concreet gaan doen om de mogelijkheden tot werk te vergroten. Denk hierbij aan een tijdelijke aanpassing van de werkzaamheden, de werkplek, de werkorganisatie of de werktijden. Ook kan de inzet van (externe) hulp worden afgesproken. De afspraken in het Plan van aanpak zijn gebaseerd op de Probleemanalyse en worden regelmatig besproken en geëvalueerd.


    Het Plan van aanpak is geen statisch document. Medewerker en leidinggevende bespreken de gemaakte afspraken regelmatig en stellen deze waar nodig bij. Bijvoorbeeld omdat:

    • de werkhervatting niet volgens plan verloopt;
    • de belastbaarheid van de medewerker verandert;
    • de werkhervatting niet stabiel is;
    • de medische behandeling stagneert;
    • periodes van werk en uitval elkaar afwisselen;
    • er te lang gewerkt is zonder loonwaarde;
    • de hervatting op te laag niveau is of voor te weinig uren, zonder perspectief op eigen of ander passend werk. 

    Medewerker

    +

    Leidinggevend














    Medewerker

    +

    Leidinggevende

    Uiterlijk week 8















    Minimaal eens per 6 weken

    Document

    Wat

    Wie

    Wanneer

    Eerstejaarsevaluatie

    Medewerker en leidinggevende blikken terug op de re-integratieactiviteiten in het eerste ziektejaar. Ook stellen zij vast welk re-integratieresultaat in het tweede ziektejaar behaald kan worden en welke activiteiten daaraan bijdragen. Vraag is of de re-integratie nog op koers ligt, hoe de uitvoering van gemaakte afspraken is verlopen en wat er nog nodig is om de re-integratie te doen slagen. Er moeten basale keuzes worden gemaakt als het gaat om re-integratie binnen de universiteit of bij een andere werkgever.  Zo nodig wordt de gevolgde re-integratiekoers voor de komende periode bijgesteld. Op grond van de beleidsregels van UWV, kan arbeidsdeskundig onderzoek of de inzet van een 2de spoor traject noodzakelijk zijn.  

    Medewerker

    +

    Leidinggevende

    Tussen week

    46 en 52

     Document

    Wat

    Wie

    Wanneer

    Actueel oordeel

    Ten behoeve van de eindevaluatie en de WIA-aanvraag, beschrijft de bedrijfsarts de belastbaarheid van de medewerker en de stand van zaken met betrekking tot de re-integratie op dat moment (beperkingen en arbeidsmogelijkheden, verloop van ongeschiktheid voor werk, toekomstmogelijkheden etc.). Dit is een update van de Probleemanalyse.

    Bedrijfsarts

    Tussen week

    78 en 91

     

     

     

     

    Eindevaluatie

    In de eindevaluatie van het Plan van aanpak geven medewerker en leidinggevende hun oordeel over re-integratiemogelijkheden tijdens de gehele verzuimperiode. De leidinggevende geeft ook zijn mening over de toekomstige re-integratiemogelijkheden van de medewerker. De inhoud van het Actueel oordeel wordt betrokken in de Eindevaluatie.

    Medewerker

    +

    Leidinggevende

    Uiterlijk in

    week 91

    Document

    Wat 

    Wie

    Wannee 

    WIA-aanvraag

    Hebben alle inspanningen van medewerker en werkgever niet geleid tot volledige terugkeer in de eigen functie, dan dient de medewerker een WIA-aanvraag in bij UWV. UWV informeert de medewerker hierover in week 88.

    Medewerker

    Uiterlijk in

    week 93

    Document 

    Wat 

     Wie

    Wanneer

    RIV

    Alle belangrijke documenten over de re-integratie van de medewerker vormen samen het re-integratieverslag (RIV). De werkgever levert deze documenten digitaal aan via het werkgeversportaal UWV.

    HR centraal

    Uiterlijk in

    week 93

  • Arbeidsdeskundig onderzoek

    Een arbeidsdeskundig onderzoek is een onderzoek naar de werksituatie en inzetbaarheidsmogelijkheden van een zieke medewerker. De wet verplicht werkgevers om te onderzoeken hoe werknemers die zijn uitgevallen naar vermogen kunnen blijven werken. Ben je als medewerker langdurig (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt, dan kan een arbeidsdeskundig onderzoek inzicht verschaffen in de mogelijkheden, beperkingen en de geschiktheid van werkinhoud en -omgeving. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een arbeidsdeskundige die zijn/haar bevindingen en advies vastlegt in een rapportage.

    Het onderzoek bestaat in de regel uit een gesprek met jou, je leidinggevende en mogelijk een bezoek aan de werkplek. Jij en je leidinggevende ontvangen een rapport met de conclusies van het onderzoek en een advies over de vervolgstappen in de re-integratie.

    De arbeidsdeskundige beantwoordt o.a. de volgende vragen:

    • Kun jij het eigen werk bij de UT nog (duurzaam) uitvoeren?
    • Zo niet, is het eigen werk met aanpassingen (inhoud, omstandigheden, omvang etc.) passend te maken?
    • Zo niet, kun jij ander passend werk bij de UT uitvoeren?
    • Zo niet, zijn er mogelijkheden om jou naar werk buiten de UT te begeleiden en is een vervolgtraject (re-integratie in spoor 2) gewenst?

    Het arbeidsdeskundig onderzoek en de bijbehorende rapportage vormen de basis voor de verdere invulling van de re-integratie.

  • Deskundigen oordeel UWV

    Het deskundigenoordeel UWV is een onafhankelijk oordeel over de voortgang van de re-integratie en de actuele medische situatie van een zieke medewerker. Als een deskundigenoordeel wordt aangevraagd, zal de verzekeringsarts UWV (en/of de arbeidsdeskundige UWV) een eigen oordeel vormen over de arbeidsmogelijkheden en de actuele gezondheidssituatie. Over het algemeen zal hij daarvoor ook eigen onderzoek instellen en vraagt hij zo nodig informatie op bij de behandelaar(s).

    Het deskundigenoordeel geeft antwoord op één van de volgende vragen:

    • Kan de medewerker op een bepaalde datum zijn eigen werk weer volledig doen?
    • Is het werk dat medewerker doet, wil doen of moet doen passend?
    • Heeft de UT genoeg gedaan voor de re-integratie van de medewerker?
    • Heeft de medewerker genoeg gedaan voor zijn/haar re-integratie?
    • Kan het veelvuldig ziekteverzuim van de medewerker binnen 26 weken verminderen als het werk of de werkomgeving wordt aangepast? Of door de medewerker te herplaatsen in een andere passende functie, eventueel door scholing?

    Het deskundigenoordeel doet uitspraak over de arbeids(on)geschiktheid van een medewerker en de van de re-integratiemogelijkheden. Het is een niet-bindend oordeel van UWV en geen formele beslissing. Je kunt er dus geen bezwaar tegen maken. Het oordeel is ook geen advies over hoe de re-integratie verder moet worden aangepakt. Het is een momentopname waarin wordt getoetst of de UT en de medewerker voldoen aan de verplichtingen en verantwoordelijkheden bij ziekte en verzuim.

    Zowel de UT als de medewerker kunnen bij UWV een deskundigenoordeel aanvragen. Vraagt de medewerker het deskundigenoordeel aan, dan betaalt hij/zij hiervoor € 100.

    Kijk voor meer informatie over het deskundigenoordeel op de website van UWV.

  • Re-integratie in spoor 2

    Soms wordt in de loop van een verzuimperiode duidelijk dat er weinig of geen zicht is op duurzame hervatting van het eigen werk en dat er binnen de UT ook geen andere passende functie beschikbaar is. In dat geval moet een zogenaamd 2de spoortraject worden gestart. Meestal schakelt de UT hiervoor een extern re-integratiebureau in. Mogelijk is er al arbeidsdeskundig onderzoek uitgevoerd om vast te stellen welke werkzaamheden passend zijn.

    Een 2de spoortraject richt zich op het vinden van een passende functie buiten de UT. Uiteraard wordt hierbij rekening gehouden met jouw persoonlijke inzetbaarheidsmogelijkheden. Belangrijke onderdelen van spoor 2 zijn sollicitatiebegeleiding en het actief verkennen van de arbeidsmarkt. Ook een tijdelijke werkervaringsplaats of een proefplaatsing bij een andere werkgever kunnen een opstap zijn naar duurzame werkhervatting elders.

    Terugkeer in eigen werk of naar een andere passende functie binnen de UT (spoor 1) geniet altijd de voorkeur. Om de kansen op duurzame werkhervatting zo groot mogelijk te houden, kunnen spoor 1 en spoor 2 tijdens de re-integratie naast elkaar lopen. Ook kan er gewisseld worden van spoor 1 naar 2 en vice versa, afhankelijk van ontwikkelingen (wel/geen toename van belastbaarheid). Een 2de spoortraject mag alleen achterwege blijven als er na 12 maanden (gedeeltelijk) ziekteverzuim concreet uitzicht is op duurzame werkhervatting in de eigen functie of een andere passende functie binnen de UT (spoor 1).

    Na 104 weken (gedeeltelijke) ziekteverzuim beoordeelt UWV de gezamenlijke re-integratie activiteiten. UWV verwacht een actieve houding van alle betrokkenen en zal onderzoeken of de UT én de medewerker zich voldoende hebben ingespannen om in de re-integratie het maximale resultaat te behalen.

Langdurig verzuim

  • Salaris korting langdurig verzuim

    Salariskorting na 9 maanden

    In Nederland geldt voor werkgevers bij ziekte gedurende de eerste twee jaar (104 weken) een loondoorbetalingsverplichting. De werkgever moet in deze periode per jaar minstens 70% van het salaris betalen. Deze verplichting is in de cao Nederlandse Universiteiten als volgt uitgewerkt:

    • Je ontvangt gedurende de eerste 9 maanden je volledige salaris.
    • Na 9 maanden wordt je salaris over niet-gewerkte uren gekort naar 76%. Over gewerkte uren (eigen werk/aangepast eigen werk/ander werk) ontvang je het volledige salaris.

    Werkwijze UT

    Na ruim 6 maanden (gedeeltelijk) ziekteverzuim, ontvang je een brief van HR met informatie over een aantal onderwerpen die van belang zijn bij langdurig ziekteverzuim. In deze brief wordt onder andere de salariskorting na 9 maanden ziekteverzuim aangekondigd en toegelicht.

    Om de salariskorting zo goed mogelijk te berekenen, correcties achteraf te voorkomen én meer inzicht te geven in de berekening, vragen we je om na 9 maanden (gedeeltelijk) ziekteverzuim zelf bij te houden hoeveel uren je hebt gewerkt. Dit betreft zowel de uren waarvoor je bent hersteld en integraal je eigen werkzaamheden verricht, als de uren waarvoor je passend werk verricht (aangepast eigen werk of ander passend werk). Hiervoor ontvang je vanaf de 10e maand via de e-mail aan het begin van elke kalendermaand een formulier waarop je kunt invullen hoeveel uren je in de lopende kalendermaand daadwerkelijk hebt gewerkt. Het ingevulde formulier stuur je vóór de 10de van de daaropvolgende kalendermaand retour. Ter controle ontvangt je leidinggevende een kopie van jouw opgave.

    Aan de hand van jouw opgave berekent de salarisadministratie de korting op jouw salaris. De korting wordt zichtbaar op de salarisstrook die je aan het einde van de maand kunt inzien in de Medewerkersportal.

    De verwerking van de salariskorting loopt dus altijd één maand achter. Dit betekent dat je salaris in de kalendermaand waarin je voor het eerst weer de hele maand volledig hersteld bent, voor de laatste keer wordt gekort.

  • Folder langdurig verzuim

    Deze informatie is voor medewerkers van de UT die langer dan zes maanden ziek zijn. In de 7de maand van ziekte ontvangt de medewerker een brief over de salariskorting vanaf de 9de maand van ziekte en de folder “langdurig Verzuim”.

re-integratie

  • Arbo Unie team

    De Universiteit Twente werkt samen met Arbo Unie. Het Arbo Unie team bestaat uit berdijfsartsen, inzetbaarheidscoache en psychologen. Het team stelt zich graag aan je voor:

    Johan de Jong
    Bedrijfsarts

    Mijn naam is Johan de Jong, 56 jaar, functie bedrijfsarts-stralingsarts. Belangrijke aspecten binnen mijn werk, zowel in relatie tot werknemer/cliënt als samenwerking met werkgever, zijn professionele deskundigheid en onafhankelijkheid, vertrouwen en transparantie. Binnen die condities zet ik mij graag in binnen organisaties, adviseer ik gevraagd en ongevraagd en denk graag mee op de verschillende thema’s inzake arbeid en gezondheid.

    Cor Post
    Bedrijfsarts
    Jeroen Hesselink
    Inzetbaarheidscoach

    Ziekte, verzuim, arbeidsongeschiktheid en duurzame inzetbaarheid. Zomaar een aantal termen die jullie af en toe voorbij horen komen maar waarmee ik dagelijks te maken heb. Als inzetbaarheidscoach adviseer ik organisaties en werknemers op het gebied van arbeidsongeschiktheid en inzetbaarheid. Hierbij maak ik gebruik van mijn ervaring als personeelsadviseur en verpleegkundige. Belangrijke aspecten voor mij in een duurzame relatie met klanten zijn gelijkwaardigheid, eerlijkheid en duidelijkheid. Vanuit mijn adviesrol bij Thales ben ik bekend met de doelgroep hoger opgeleid technisch personeel. Zelf blijf ik fit door veel te sporten (hardlopen, wielrennen en schaatsen) Ik kijk uit naar een plezierige samenwerking met jullie.

    Sarah van Keulen MSc.
    Psycholoog

    Mijn naam is Sarah van Keulen MSc., 31 jaar oud. Ik werk als psycholoog bij Arbo Unie. Hier ondersteun ik mensen met diverse klachten, waaronder angst- en stemmingsklachten, burnout, en neurobiologische stoornissen als ASS (Autisme Spectrum Stoornis) en ADHD (aandachtstekortstoornis). Soms is er sprake van uitval op het werk, maar ook preventieve ondersteuning behoort tot de mogelijkheden.

    Zelf heb ik aan de Vrije Universiteit in Amsterdam Arbeids- en Organisatiepsychologie en Klinische psychologie gestudeerd en gewerkt als docent Communicatievaardigheden. Hierdoor kan ik mij goed verplaatsen in het reilen en zeilen op een universiteit.

    Van belang vind ik het om te kijken naar de mogelijkheden en iemand te ondersteunen om weer in zijn kracht te komen.

    Riejanne van Woerkom
    Psycholoog

    Ik ben Riejanne van Woerkom en werkzaam als psycholoog bij Arbo Unie. Als psycholoog begeleid ik mensen met bijvoorbeeld burn-out-klachten, depressie, angsten of mensen die om andere redenen merken dat ze hun werk (mentaal) niet meer aankunnen. Maar ook mensen die preventief aankloppen kunnen bij mij terecht, om te voorkomen dat ze uitvallen. Ik begeleid mensen met uiteenlopende achtergronden en van diverse organisaties. Te denken valt aan onderwijsinstellingen als Saxion en diverse basisscholen, maar ook zorginstellingen, gemeenten en bedrijven in de commerciële sector.

    Tjeerd Jorritsma
    Psycholoog
  • Vragen aan bedrijfsartsen en inzetbaarheidscoache

    In de opzet van de verzuimbegeleiding die de UT vanaf 1 januari 2018 hanteert, is het de bedoeling dat leidinggevenden waar mogelijk vóór een gepland consult een duidelijke vraagstelling formuleren voor de inzetbaarheidscoach of bedrijfsarts. Zo kunnen de inzetbaarheidscoach en bedrijfsartsen gerichter en concreter adviseren over mogelijkheden tot werkhervatting en maatregelen die bij kunnen dragen aan een duurzame terugkeer in het werk. Dit vraagt van leidinggevenden een actieve inbreng. Onderstaand een aantal voorbeelden van vragen die leidinggevenden kunnen stellen.

     Achtergrond verzuim

    • Wordt het verzuim van mijn medewerker volledig verklaard door ziekte of spelen andere factoren een rol en zo ja, welke?

    Inzetbaarheid

    • Wanneer kan mijn medewerker het eigen werk naar verwachting weer (deels) hervatten?
    • Wat zijn de concrete niet-medische belemmeringen van mijn medewerker ten aanzien van het eigen werk en zijn deze belemmeringen tijdelijk of blijvend?
    • Op basis van de door mijn medewerker geschetste mogelijkheden en belemmeringen wil ik mijn medewerker de volgende werkzaamheden laten uitvoeren: ……………………………………………………
    • Welke adviezen heeft u in dit kader voor mij?
    • Welk tijdschema (opbouw en verdeling van uren) kan het beste gehanteerd worden bij de geleidelijke werkhervatting?
    • Hoe voorkom ik dat mijn medewerker opnieuw met dezelfde klachten uitvalt?
    • Welke werkzaamheden kan mijn medewerker als gevolg van de vastgestelde belemmeringen voorlopig niet verrichten?
    • Welke werkzaamheden/handelingen kan mijn medewerker wel verrichten?

    Interventies

    • Is de behandeling/begeleiding van mijn medewerker adequaat of zijn aanvullende/alternatieve interventies noodzakelijk om de re-integratie te bevorderen?
    • Spelen privéproblemen een rol bij de stagnatie in het re-integratieproces en zo ja, wat kan ik doen om de medewerker hierin te ondersteunen?
    • Zijn er aanpassingen of maatregelen die mijn medewerker kunnen helpen om (meer) aan het werk te gaan en dit ook vol te houden?

    Werkrelatie

    • Op welke manier kan ik de verbinding naar het werk herstellen/in stand houden/verbeteren?
    • Het contact met mijn medewerker verloopt moeizaam. Hoe kan ik de communicatie weer op gang brengen c.q. verbeteren?
    • Hoe kan ik bij mijn medewerker de oriëntatie op terugkeer naar het werk versterken?
    • Wat weerhoudt mijn medewerker ervan om zijn werkzaamheden duurzaam te hervatten?
  • Overzicht bedrijfsarts en inzetbaarheidscoach per faculteit/dienst

    OVERZICHT BEDRIJFSARTS EN INZETBAARHEIDSCOACH PER FACULTEIT/DIENST

     

    Bedrijfsarts

    Inzetbaarheidscoach

    Faculteit BMS

    Johan de Jong

    Jeroen Hesselink

    Faculteit ET

    Johan de Jong

    Jeroen Hesselink

    Faculteit EWI
    (EEMCS)

    Cor Post

    Jeroen Hesselink

    Faculteit ITC

    Cor Post

    Jeroen Hesselink

    Faculteit TNW
    (S&T)

    Cor Post

    Jeroen Hesselink

    GA

    Cor Post

    Jeroen Hesselink

    CES

    Cor Post

    Jeroen Hesselink

    CFM

    Cor Post

    Jeroen Hesselink

    FIN

    Cor Post

    Jeroen Hesselink

    HR

    Johan de Jong

    Jeroen Hesselink

    LISA

    Cor Post

    Jeroen Hesselink

    M&C

    Johan de Jong

    Jeroen Hesselink

    SP

    Johan de Jong

    Jeroen Hesselink

    CONTACTGEGEVENS MEDEWERKERS ARBO UNIE

    Inzetbaarheidscoache
    Jeroen Hesselink is de inzetbaarheidscoache voor de UT. Hij zorgt voor de individuele arbeidsgezondheidskundige begeleiding van medewerkers. Daarvoor heeft hij contact met medewerkers, leidinggevenden, HR en de bedrijfsarts.

    Jeroen Hesselink

    +31652502049

    Jeroen.Hesselink@arbounie.nl


    Bedrijfsartsen
    Johan de Jong en Cor Post zijn de bedrijfsartsen voor de UT. Zij zorgen voor de individuele arbeidsgezondheidskundige begeleiding van medewerkers, adviseren op het terrein van ziekteverzuim en re-integratie, verzuimpreventie en opsporing van beroepsziekten. Daarvoor hebben zij contact met medewerkers, leidinggevenden, HR, het management en de inzetbaarheidscoach.

    Johan de Jong

    +31652501296

    johan.de.jong@arbounie.nl

    Cor Post

    +31652502139

    cor.post@arbounie.nl


    Psychologen
    Riejanne van Woerkom, Sarah van Keulen en Tjeerd Jorritsma zijn de bedrijfspsychologen voor de UT. Zij verzorgen de individuele psychologische begeleiding en ondersteuning van medewerkers. Dit gebeurt in overleg met leidinggevenden en HR, onder verantwoordelijkheid van de bedrijfsarts.

    Riejanne van Woerkom

    +31652502400

    Riejanne.van.Woerkom@arbounie.nl

    Sarah van Keulen

    +31637708707

    Sarah.van.Keulen@arbounie.nl

    Tjeerd Jorritsma

    +31652502369

    tjeerd.jorritsma@arbounie.nl


    Binnendienst
    De Binnendienst zet opdrachten, afspraken en de administratieve afhandeling die daarmee gemoeid is in gang. De contactgegevens van de Binnendienst staan op de uitnodigingsbrieven die medewerkers ontvangen voor afspraken bij de inzetbaarheidscoach, bedrijfsarts of psycholoog. Mocht een medewerker contact willen opnemen met de bedrijfsarts of een afspraak maken voor het Arbeidsomstandighedenspreekuur, dan kan hij of zij dit regelen via de Binnendienst. Als een leidinggevende een spoedoproep (binnen 48 uur op werkdagen) nodig vindt, kan hij of zij dit eveneens regelen via de Binnendienst.

    Telefoon:           088 – 272 63 12
    E-mail:                 verzuimdesk.hengelo@arbounie.nl

    BEZETTING LOCATIE ARBO UNIE OP DE CAMPUS VAN DE UNIVERSITEIT TWENTE (GEBOUW SLEUTEL)

    Dag

    Tijd

    Bedrijfsarts

    Inzetbaarheidscoach

    Maandag

    08:30 – 12:30

    Johan de Jong en Cor Post

     Jeroen Hesselink even weken

    13:00 – 17:00

    Johan de Jong en Cor Post

    Jeroen Hesselink even weken

    Dinsdag

    08:30 – 12:30


     

    13:00 – 17:00


     

    Woensdag

    08:30 – 12:30



    13:00 – 17:00

     Cor Post


    Donderdag

    08:30 – 12:30

     


    13:00 – 17:00


    Jeroen Hesselink even weken

    Vrijdag

    08:30 – 12:30


    Jeroen Hesselink

    13:00 – 17:00


     Jeroen Hesselink