Zie Op onderwerp vinden

Media training tips voor onderzoekers

Op deze pagina staan mediatraining tips en aanbevelingen voor onderzoekers.

Vooraf

  • Waar heb je mee te maken? (journalist, medium, doelgroep, strekking, evt. andere partijen, deadline) Bekijk eens een editie / aflevering van het programma of medium.
  • Tip:  maak voorafgaand aan het interview duidelijke afspraken over inzage. Je hebt recht op correctie van feitelijke onjuistheden. Dit is vaak niet mogelijk als het gaat om geluids- of beeldopnamen. Maak ook afspraken over specifieke vermeldingen (zorg er in elke geval voor dat de Universiteit Twente genoemd wordt).

Vragen en antwoorden

  • Wat zijn logische vragen? En wat zijn je antwoorden hierop. (Ook vragen die je liever niet krijgt)
  • Bepaal je kernboodschap.
  • Bepaal de overige belangrijke punten die je per sé wilt vertellen in het interview.
  • Tip: haak aan op de actualiteit en gebruik voorbeelden.
  • Bij inhoudelijk lastige materie: bedenk een metafoor.
  • Overschat het niveau van de doelgroep en de voorkennis niet.

Het interview

  • Presenteer je als wetenschapper (daarom ben je gevraagd).
  • Noem de Universiteit Twente (als dat nog niet gebeurd).
  • Geschreven pers: neem de tijd voor een interview en zorg dat je op een rustige plek zit.
  • Geschreven pers: neem voorafgaand de afspraken nog even door over inzage op feitelijke onjuistheden en correcties op conceptteksten.
  • Laat je niet verrassen door overvaltechnieken van een journalist. Neem rustig je tijd en bel bijvoorbeeld terug op een door jou gewenst tijdstip.
  • Open het interview met de kernboodschap.
  • Geef structuur aan, belicht de aspecten waarover je wilt vertellen (opsomming).
  • Breng niet teveel onderwerpen tegelijkertijd ter sprake, houd het duidelijk en krachtig.
  • Durf onvolledig te zijn.
  • Vermijd jargon / afkortingen / technische terminologie. 
  • Corrigeer de journalist zo snel mogelijk wanneer hij je iets in de mond wil leggen dat niet klopt. 
  • Wees voorzichtig bij twijfel. Als je iets niet weet, of je aarzelt over de gevoeligheid van een bepaald thema, zeg dan dat je hier op terug wilt komen. Het is altijd mogelijk om achteraf telefonisch een toelichting te geven, nadat je informatie hebt opgezocht.
  • Oordeel niet over andere partijen.
  • ‘Off the record’ bestaat niet. Alles kan en mag gebruikt worden. Het interview is pas afgelopen als de journalist weg is. Let dus ook op losse vragen (bijv. tijdens fotografie).
  • Gebruik metaforen / beeldende en vergelijkende taal om een onderwerp meer te laten spreken. Besteed aandacht aan toepassingen / toekomstplaatje.
  • Laat je niet in een hoek drukken. Soms leggen journalisten scherpe stellingen voor om een ja / nee antwoord uit te lokken. Geef gewoon genuanceerd antwoord als dat nodig is. Blijf bij je eigen formuleringen.
  • Wees jezelf. Laat ook zien wat jou fascineert, wat vind je hier zo leuk / interessant aan?
  • Vat aan het eind de belangrijkste punten uit je boodschap samen.
  • Zorg voor een duidelijke afsluiting.
  • Denk mee over foto’s / beeldmateriaal.

Adviezen voor radio en tv

  • Houd je boodschap kort en krachtig.
  • Praat niet te snel. Laat je niet opjagen door het tempo van de vragen.
  • Wees in het gesprek met de journalist alert op momenten waarop je de brug kunt slaan naar jouw eigen verhaal.
  • Ga niet in de verdediging. Geef een actief antwoord en grijp daarbij waar mogelijk terug op de kernboodschap.
  • Denk mee over een geschikte locatie.
  • Houd er rekening mee dat TV vaak veel tijd kost.
  • Niet live: dan vaak veel herhaling. Vaak wordt ook gevraagd om de gestelde vraag mee te nemen in je antwoord.
  • Houd je handen vrij tijdens een interview, neem geen pen, papier of iets ander in je hand. Dit leidt af.
  • Kijk niet recht in de camera, maar naar de journalist.
  • Zorg dat je houding en gezichtsuitdrukking aansluiten bij het antwoord.
  • Zorg voor een rechte, open houding.
  • Wees vooral jezelf.
  • Kleding: pas op met drukke motieven.
  • Probeer het gesprek positief te beëindigen.