Opgaves

Opgave 2

In onderstaande figuur zien we een driehoek met een vierkant, zodat de hoeken van het vierkant precies de driehoekszijden raken.  De lengtes van de zijden van de driehoek zijn gegeven : 13, 20 en 21.

a)       Teken de lijn vanuit de bovenste hoek van de driehoek, loodrecht naar beneden tot aan de onderste zijde. Wat is de lengte van deze lijn? Je kunt in je antwoord gebruik maken van de stelling van Pythagoras.

b)      Bereken de lengte van de zijden van het vierkant. Je kunt in je oplossing gebruik maken van je antwoord bij (a).