Ramses Wessel Utwente
Martin Rosema Utwente
Joost van den Akker Utwente

UT doet onderzoek naar referendum Associatieverdrag Oekraïne


De vakgroep Bestuurskunde van de Universiteit Twente doet onderzoek naar verschillende aspecten van het referendum over het Associatieverdrag tussen de Europese Unie, haar lidstaten en Oekraïne.

Prof. Ramses Wessel

Wessel doet als deskundige op het terrein van de rol van de Europese Unie in de wereld veel onderzoek naar de manier waarop de EU en de lidstaten samen moeten werken in hun betrekkingen met andere staten. Hij kijkt momenteel met een aantal collega’s in Europa naar de juridische gevolgen van een eventuele ‘tegen-stem’ bij het referendum. Wessel: “Dit zou een situatie zijn die we nog niet vaak hebben gezien. Het Verdrag is een zogenoemd ‘gemengd akkoord’ en is gesloten tussen de EU, de lidstaten en Oekraïne. Wanneer Nederland het verdrag niet zou bekrachtigen zullen de staatshoofden en regeringsleiders, inclusief Oekraïne, opnieuw naar het verdrag moeten gaan kijken. Wel is het zo dat het grootste gedeelte van het verdrag (over de handel) ook zonder de lidstaten gesloten kan worden. Alleen op het politieke gedeelte, over samenwerking op bijvoorbeeld het terrein van mensenrechten, corruptiebestrijding en veiligheid, zou Nederland een uitzonderingpositie kunnen claimen. Hier zijn wel verschillende juridische opties voor te bedenken, maar wie hier nu uiteindelijk beter van zou worden is wel de vraag.”

Martin Rosema

Rosema doet onderzoek naar een ander aspect van het referendum, namelijk het stemgedrag van kiezers. In samenwerking met I&O Research deed hij in december al onderzoek naar de opvattingen van kiezers over het verdrag met Oekraïne. Rosema zegt hierover: “Toen al zagen we dat een meerderheid geneigd was om tegen te gaan stemmen en dat de initiatiefnemers erin waren geslaagd om het referendum te ‘framen’ als een stemming over meer of minder Europese Unie. We concludeerden dat er een klein wonder moest gebeuren om de voorstanders van het verdrag op 6 april aan een meerderheid te helpen. Alle peilingen wijzen erop dat het de voorstanders inderdaad niet lukt om die achterstand in te lopen.” Of de opkomst de drempel van 30 procent zal overschrijden durft hij niet te zeggen: “Opkomst is moeilijk te voorspellen, daar durf ik niets op te verwedden.”

Joost van den Akker

Een specifiek onderzoek naar referenda over EU-aangelegenheden wordt gedaan door van den Akker. Hij onderzoekt onder welke omstandigheden EU-referenda tot stand kunnen komen en onder welke omstandigheden regeringen een voor hen succesvolle uitslag bewerkstelligen. Dit onderzoek laat zien dat EU-referenda in andere landen veelal op grote aandacht van het publiek kunnen rekenen. De opkomstcijfers liggen gemiddeld boven de 60%. Het is ook niet zo dat een ingewikkeld verdrag zich niet zou lenen voor een referendum, mits de vraagstelling helder is en de informatievoorziening adequaat. Van den Akker vindt het terecht dat burgers allerlei argumenten laten meewegen bij hun keuze. Dat is ook hun goed recht. In zijn eigen woorden: “Dat is de vrije afweging van de kiezer, net zoals het bij dit raadgevend referendum de vrije afweging van Kamerleden en regering is hoe zij met de uitslag omgaan.”

Janneke van den Elshout
Persvoorlichter (aanwezig ma-vr)
Chat offline (info)