Reactie van/aan de Raad

UR 11-355 Standpunt URaad m.b.t. Reorganisatie



Aan het College van Bestuur





uw kenmerk


telefoon

053 - 489 2027

ons kenmerk

UR 11-355

fax


datum

16 december 2011

e-mail

j.ribberink-vanmiddelkoop@utwente.nl

bijlage(n)


cc.


Onderwerp

Reorganisatieplan




Geacht college,


Hierbij stuur ik u het standpunt van de Universiteitsraad met betrekking tot de Reorganisatie toe, zoals dit gepresenteerd en besproken is in de overlegvergadering van 14 december jl. Het conceptbesluit ten behoeve van de vergadering van 21 december volgt later.


Standpunt Reorganisatieplan RoUTe 14+ op 15 dec 2011

Belangrijkste overwegingen:

Het college is bereid om (rekening houdend met een inschatting van de “Veermanmiddelen” die vanaf 2013 een voorwaardelijke aanvulling op de eerste geldstroom onderwijsmiddelen vormen) vooralsnog te sturen op een totale bezuiniging van M€ 11, hetgeen het handhaven van de huidige promotiepremie en een verhoging van de onderwijsbekostiging mogelijk maakt.

De oorspronkelijke hoofddoelstelling van de reorganisatie was om op grond van een kwaliteitsbeoordeling van de onderzoekgroepen tot een algehele herschikking/vernieuwing van het leerstoelenpallet te komen, waarbij ook rekening werd gehouden met een strategische fit. Gaandeweg dit proces heeft dit echter, onder meer door structurele tekorten bij sommige faculteiten en (financiële en sociale) kosten van gedwongen ontslag, geleid tot keuzes die sterk gerelateerd zijn aan natuurlijk verloop en tot ingrepen in groepen die niet tot de core business worden gerekend.

De adviezen van de faculteitsraden worden genuanceerd door de laatste ontwikkelingen, zoals het oplossen van knelpunten en extra overleg met de FR-en.

De URaad heeft begrip voor de wijzigingen in de procesgang en de gewijzigde beoordeling door de centrale raden, constateert dat er op detailniveau het nodige blijft aan te merken op het reorganisatieplan, maar is desalniettemin bereid nu spoedig tot een besluit te komen om helderheid te bieden aan betrokkenen.

Het deelplan van GW biedt nog immer financieel en personeel de nodige onduidelijkheden, en dan met name m.b.t. de gerapporteerde “max. 4” gedwongen ontslagen bij de nieuw te vormen leerstoel OWK. De onderbouwing (link met de taken/financiën), het exacte aantal op te heffen functies en de wijze waarop deze zullen worden aangewezen in de 3 groepen die tot OWK worden samengevoegd ontbreken ten onrechte aan het plan.

Standpunt: de Universiteitsraad heeft de discussie rondom het reorganisatieplan in het overleg van 14 december 2011 gehoord en is bereid in te stemmen met het reorganisatieplan gedurende de 30 dagen termijn, maar bij voorkeur voor het Kerstreces, indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

1.Het plan t.a.v. GW aangepast en beter onderbouwd wordt in overleg met de FR GW, waarbij in ieder geval voor de nieuw te vormen vakgroep OWK het takenpakket en de daarvoor benodigde personele omvang wordt uitgewerkt, de personele reductie wordt vastgelegd en de wijze waarop deze wordt bereikt. De raad krijgt daartoe inzicht in het personeelsplan en de actuele financiële meerjarenraming van faculteit en groepen.

2.Voor de resterende individuele gevallen van dreigend ontslag wordt een beoordelingscommissie voor van-werk-naar-werk-trajecten ingesteld, paritair samengesteld vanuit de werkgever enerzijds en de vakbonden(OPUT)/ medezeggenschap anderzijds. Voor de bekostiging van van-werk-naar-werk-trajecten met een tijdelijk karakter kan de OPUT-reserve worden aangewend. Daarbij dient een breed kader van instrumenten ingezet kunnen worden: herplaatsing, omscholing, verzelfstandiging, remplaçanten regeling, overbrugging, etc. De commissie geeft een advies over de wenselijkheid en uitvoering van een dergelijk traject, mede op grond van een totaalkostenplaatje voor de UT (scenario’s/business plan). Aanvragen staan open voor alle medewerkers wiens functie in het kader van het reorganisatieplan wordt opgeheven.

Daarnaast verzoekt de raad aan het college om op korte termijn nog een verbeterslag/uitwerkingsslag te realiseren om het draagvlak voor uitvoering van de reorganisatie te vergroten:

De deelplannen voor TNW en EWI, waaronder een eventueel vervroegd vertrek van medewerkers, worden uitgevoerd binnen de reguliere begroting van deze faculteiten.

Het deelplan t.a.v. CTW wordt in het licht van de actuele financiële meerjarenraming opnieuw met de FR besproken om te bezien of bij CTW eenzelfde uitkomst gerealiseerd kan worden als bij EWI en TNW.

Het deelplan ten aanzien van de centrale diensten wordt zodanig aangepast dat de ontslagbedreigde (op een generieke functie) herplaatst wordt.

Het deelplan t.a.v. MB wordt in het licht van actuele financiële meerjarenraming opnieuw met de FR besproken, waarbij mogelijkheden tot en “kosten” van herplaatsing van ontslagbedreigden afgewogen worden tegen de kosten van non-activiteit.


Onze voorkeur gaat ernaar uit dat de wijzigingen die voortvloeien uit de reeds gedane toezeggingen van het college (zie brief college d.d. 12-12-2011) en de overige overeen te komen veranderingen in een definitieve tekst van het reorganisatieplan worden vastgelegd.




Met vriendelijke groet,

namens de Universiteitsraad,




drs. F.L. Lagendijk

voorzitter