Reactie van de Raad

UR 09-229 Adviesaanvraag Reservebeleid

universiteitsraad

Griffie

Spiegel – kamer 300/302



Aan het College van Bestuur,



Uw kenmerk


Telefoon

053 - 489 2027

Ons kenmerk

UR 09 - 229

Fax


Datum

4 september 2009

e-mail

j.ribberink-vanmiddelkoop@utwente.nl

Betreft: Adviesvraag Reservebeleid


Geacht college,


De UR heeft uw adviesvraag voor het Reservebeleid UT 2009 mogen ontvangen. De raad heeft grote waardering voor de wijze waarop in dit document complexe financiële zaken gestructureerd en inzichtelijk gepresenteerd worden. Ook steunen wij in principe de gedachte dat het beschikbare geld niet moet worden “opgepot”, maar moet worden ingezet voor onze primaire processen. Er zijn wat de raad betreft na de bespreking in de commissie FVA nog enkele aandachtspunten.


Aangezien het eigen vermogen niet (volledig) liquide is, zal meer vreemd vermogen in de vorm van liquide middelen moeten worden aangetrokken. Dit brengt kosten met zich mee, en is bovendien van invloed op de mogelijkheid om in de toekomst vermogen aan te trekken. Ook is het nog onduidelijk wat de uitkomst is van de nieuwe contractafspraken bij reeds bestaande leenoverkomsten.

De economische en politieke situatie is daarbij op dit moment onzeker. Door de economische crisis kunnen zowel de eerste als de tweede en derde geldstroom onder druk komen te staan.


Dit overwegende dient het reservebeleid jaarlijks onderdeel te gaan uitmaken van de Kadernota.


Gelet op het belang van de nota voor de financiële toekomst van de UT en het hoge risicoprofiel dat in de nota geschetst wordt, wil de Raad alvorens een definitief besluit te nemen, een onafhankelijk deskundige raadplegen. Gezien bovenstaande - maar onder voorbehoud van de uitkomsten van onze consultatie - komen we tot het volgende concept-besluit, waarin de overlegpunten schuin gedrukt zijn. We gaan er van uit dat de UR binnen de 30 dagen termijn u definitief zijn besluit kan meedelen.


CONCEPT-BESLUIT:

De Universiteitsraad

Gezien:

-Het document ‘Reservebeleid Universiteit Twente 2009’, kenmerk: FEZ/387.216

Gehoord:

-De mondelinge toelichting van het College in de commissievergadering FVA van 26 augustus 2009 en het overleg van 9 september 2009;

-De resultaten en het oordeel van de onafhankelijk deskundige;

Overwegende dat:

-Het document een duidelijke aanzet is tot meer transparantie in het financieel management;

-De geformuleerde uitgangspunten voor het reservebeleid een voortzetting zijn van het in 1998 ingezette beleid;

-Er de laatste jaren een onbalans is gegroeid tussen de centrale (dalende) en decentrale (stijgende) reserves;

-De nota Reservebeleid feitelijk een verantwoording is voor de mogelijke investeringsruimte uitgaande van verantwoorde aannames voor de solvabiliteit en de liquiditeit;

-Een onttrekking van M€ 25 ten behoeve van het primaire proces feitelijk gefinancierd wordt uit het langlopende krediet om de hoogte van de reserves op peil te houden;

-Het accepteren van hogere vermogenskosten voor een langere termijn een verantwoord risico is;

-Acceptatie van een verslechtering van zowel de cashflow als het resultaat over eveneens een langere termijn verantwoord is;

Gehoord de toezegging van het College dat

-Een nota Reservebeleid een vast onderdeel van de jaarlijkse Kadernota zal worden, waarin ook expliciet de in de huidige nota gemaakte aannames over de risicoaannames geanalyseerd worden;

Besluit:

Positief te adviseren over de nota Reservebeleid Universiteit Twente 2009.


Met vriendelijke groet,

namens de Universiteitsraad




drs. F.L. Lagendijk,

voorzitter