Agendapunten

9. Financiële regelingen UT



Aan: Voorzitter Universiteitsraad



uw kenmerk


telefoon

053 489 5655/8034

ons kenmerk

382.760 S&O/FvK

e-mail

f.e.vanklaveren@S&O.utwente.nl

datum

4 juni 2008



onderwerp

Financiële regelingen voor studenten:
A. RAVIS regeling (buitenlandse studenten)
B. Wijziging regeling topsport (toevoeging Topcultuur)



Zowel de RAVIS regeling als de Topsport regeling zijn terug te vinden in het Instellingsspecifieke deel van het Studentenstatuut UT: http://www.utwente.nl/studentenbalie/regelingen_statuut/


A.Wijziging RAVIS Regeling (buitenlandse studenten)


De huidige RAVIS regeling voor buitenlandse studenten bepaalt o.m.:
1. “Studenten die bij aanvang de opleiding de leeftijd van 30 jaar hebben overschreden komen

niet voor deze regeling in aanmerking”.

2. “De omstandigheden op grond waarvan van deze regeling RAVIS gebruik kan worden gemaakt zijn uitsluitend:

a. de in de bijlage B bij de Regeling Afstudeersteun toegelaten bestuursfuncties;

b. ziekte en zwangerschap;

. c. overlijden van de partner of familie in de eerste graad”.


Het doel van dit agendapunt is te bewerkstelligen dat de leeftijdsgrens van 30 jaar wordt losgelaten en het voor internationale studenten mogelijk wordt om een ruimer beroep te doen op de erkende omstandigheid “overlijden van familie”.

Het aantrekken van buitenlandse studenten is speerpunt van beleid van alle universiteiten zo ook de UT. De eerste successen zijn geboekt en het aantal ingeschreven buitenlandse studenten stijgt jaarlijks. De nieuwe studenten zijn afkomstig uit zowel de EER als de niet-EER landen. Ook deze studenten worden evenals de Nederlandse studenten gezien als ‘eigen’ studenten.
De universitaire organisatie wordt daar in toenemende mate op aangepast. Ook wordt steeds meer duidelijk tegen welke problemen deze groep studenten aan loopt.

Studentendecanen hebben regelmatig te maken met buitenlandse studenten die studievertraging oplopen door ziekte, bijzondere familieomstandigheden of overmacht. De gevolgen voor met name de groep die afkomstig is van buiten de EER zijn groot. De regels met betrekking tot verblijfsvergunning, inschrijving en collegegeld zitten zo in elkaar dat deze studenten te maken krijgen met grote financiële problemen. De studenten kunnen hierdoor genoodzaakt zijn hun studie voortijdig af te breken.

De RAVIS regeling is een aanvulling op de Regeling Afstudeersteun. De laatste regeling is voor studenten met een prestatiebeurs (studiefinanciering). In beide regelingen kunnen studenten bij ziekte, overlijden in de 1
e graad of bij bestuurswerkzaamheden een beroep op doen op de regeling.

Een beroep op de regeling bij overlijden van andere familieleden dan in de 1e graad is niet mogelijk terwijl dit wel een probleem is.
Het verliezen van familie is voor een internationale student verdrietig en/of emotioneel. Sterker nog juist wanneer je op grote afstand zit van je familie kan zo’n verlies extra ingrijpend zijn. De kans op studievertraging is in zo’n geval groot en begrijpelijk. Het zou dan ook goed zijn om hiervoor een voorziening te treffen.

Voorgesteld wordt om een uitbreiding te geven aan de mogelijkheid om bij overlijden van bepaalde familieleden een beroep te doen op de RAVIS regeling. In plaats van een beperking tot de eerste graad wordt voorgesteld het volgende limitatieve lijstje te hanteren:
overlijden van
-
de partner;
- de ouders;
- kinderen;
- broer en zuster.

N.B. De Regeling Afstudeersteun wordt dan op dezelfde wijze gewijzigd.

Voorgesteld wordt ook om de leeftijdsgrens van 30 jaar af te schaffen omdat het hier duidelijk om een andere doelgroep gaat met andere problemen die niet op alle punten te vergelijken is met de Nederlandse student. Daarnaast heeft de UT met het opzetten van de Stichting UTSP (Advies en Toetsingscommissie UT-Scholarship) een vernieuwde beleidslijn ingezet wanneer het gaat om de internationale student. Redenen zijn:

- De gemiddelde internationale student is vaak al wat ouder dan de Nederlandse student wanneer hij hier komt studeren. De gemiddelde Nederlandse student die aan de universiteit komt studeren is afkomstig van het VWO, is rond de 18 jaar als hij hier begint en kan aanspraak maken op studiefinanciering. Of studenten stromen door vanuit het HBO en zijn dan rond de 22 jaar. De gemiddelde internationale student daarentegen is veelal veel ouder. Een steekproef bij het admission office heeft laten zien dat rond de 30% van de studenten die bij de UT een master komt doen 30 jaar of ouder is. Het aandeel studenten van 30 jaar en ouder is volgens de cijfers bij internationale studenten 3 keer zo hoog als bij de Nederlanders.

- De Nederlandse student mag wanneer hij voor het eerst studiefinanciering aanvraagt niet ouder dan 30 zijn, maar vervolgens mag de studiefinanciering wel doorlopen tot zijn 34 jaar mits de student zijn studie niet tussentijds onderbreekt! In dit geval zou deze wat oudere Nederlandse student dus ook aanspraak kunnen maken op de regeling afstudeersteun. Die grens loopt verder dan 30 jaar.

- Belangrijk is het feit dat de gevolgen van ziekte en familieomstandigheden voor niet-EER studenten onevenredig groot zijn:

- De gemiddelde beursstudent kan niet ergens een paar maanden bijlenen. Een paar maanden uitloop kan betekenen dat de student onverrichter zake rechtsomkeert zonder diploma naar huis moet. Terwijl de Nederlandse student nog 3 jaar kan bijlenen bij de IBG.

- De WHW (wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek) en de daarop
gebaseerde inschrijvingsregeling maakt het onder dergelijke omstandigheden mogelijk om de inschrijving te onderbreken en collegegeld gerestitueerd te krijgen. Nederlandse studenten en studenten uit EER- landen kunnen financiële gevolgen van ziekte en/ of familieomstandigheden op deze manier beperken. Voor studenten van buiten de EER is er een probleem. Hun verblijfsvergunning, afgegeven door de IND, is gekoppeld aan de inschrijving als student. Wanneer zij hun inschrijving beëindigen vervalt hun verblijfsrecht. Consequentie daarvan is dat restitutie van collegegeld niet mogelijk is;

- Daarnaast is een dan een deel van het probleem dat het collegegeld voor niet-EER studenten hoog is. De bedragen liggen bij de UT voor een niet-EER student tussen de € 3804,- en €8310,

-Verder heeft de UT internationalisering hoog in het vaandel en is recent de Stichting UTS opgericht met onder meer de heer Flierman, de heer Zijm, de heer Mouthaan en twee externe kandidaten in het bestuur. Het UTSP is een beurzenprogramma van de UT gericht op de werving van (excellente) internnationale studenten. De Stichting UTSP kent geen leeftijdsgrens.

-Andere beurzenprogramma's kennen veelal geen of een veel hogere leeftijdsgrens. De Nederlandse overheidsbeurs HSP Huygens kent een leeftijdsgrens van 35 jaar. De Nederlandse overheidsbeurs NFP kent geen leeftijdsgrens. Shell heeft een leeftijdsgrens van 35. StuNed (een beurzenprogramma voor Indonesiërs) kent een leeftijdsgrens van 40 voor mannen en 45 voor vrouwen. De Robert McNamara kent een leeftijdsgrens van 45 jaar. Zoals je leest ligt die leeftijdsgrens bij al deze voorbeelden hoger en dat heeft te maken met de doelgroep. Internationale studenten zijn gemiddeld genomen ouder wanneer ze hier hun Masters komen doen.

-Er wordt in de huidige RAVIS-regeling een leeftijdsgrens van 30 gehanteerd in navolging van de regeling afstudeersteun. De regeling afstudeersteun hanteert de leeftijdsgrens van 30 omdat je tot en met de leeftijd waar op je 30 wordt, studiefinanciering kan aanvragen in Nederland. De regeling afstudeersteun heeft dus met name de Nederlandse student met studiefinanciering op het oog. De doelgroep van de RAVIS-regeling ziet er zoals hiervoor al toegelicht heel anders uit.

Ervaringen met aanvragen tot nu toe:

In de afgelopen 3 jaar hebben er slechts 10 studenten een aanvraag ingediend voor een RAVIS-beurs. Twee van de aanvragen zijn afgekeurd de rest is toegekend. Het merendeel van de aanvragen was in verband met ziekte gedaan.

De problematiek van de studenten die ouder waren dan 30 zie je in deze cijfers niet terug omdat zij vanwege hun leeftijd geen aanvraag in konden dienen. Gezien de samenstelling van de populatie van de groep internationale studenten zou wellicht een toename 30% verwacht kunnen worden.

Samenvattend:

Het verzoek om een RAVIS-beurs is met ingang van het studiejaar 2008-2009 ook mogelijk bij:
overlijden van
-
de partner;
- de ouders;
- kinderen;
- broer en zuster.

In aansluiting op het UTSP-beleid wordt de leeftijdsgrens voor het aanvragen voor de RAVIS-beurs afgeschaft.





B. Wijziging Topsport Regeling (uitbreiding met topcultuur)

Destijds waren er overwegingen om alléén een Topsport regeling in het leven te roepen en geen aparte Topcultuur regeling:

- studenten die aan topcultuur activiteiten deelnemen waren er vrijwel niet;

- het gaat hier om een geheel andere “tak van sport” t.w. cultuuractiviteiten en die doet men

doorgaans het hele leven; sport daarentegen is geconcentreerd in een zeer beperkte periode in de levensfase. Daar waar in een incidenteel geval toch een regeling zinvol

zou zijn was, zou een ad hoc individuele voorziening analoog aan de Topsport regeling worden getroffen.


Er worden twee vormen van ondersteuning onderscheiden:

1. Studiebegeleiding

Aan erkende topsporters wordt studiebegeleiding op maat gegeven. De topsporter stelt tenminste één keer per jaar (desgewenst één keer per trimester) een geïntegreerd sport- en studieplan op in overleg met zijn begeleider van de faculteit.

Dit plan behelst een optimale afstemming tussen studie en sport: een studieprogramma met inachtneming van zowel het studierooster als trainings- en wedstrijdschema’s; faciliteiten voor tentamens, practica e.d. in periodes waarin de topsporter in training is dan wel aan (selectie)-wedstrijden deelneemt.

2. Financiële ondersteuning

Aan erkende topsporters wordt naast studiebegeleiding ook - indien nodig - financiële ondersteuning toegekend. Deze vorm van ondersteuning bestaat uit:


Financiële ondersteuning gedurende een beperkt aantal maanden in de vorm van afstudeersteun. Voor iedere erkende periode van twaalf maanden wordt aan de student-topsporter een forfaitaire termijn van vier maanden studievertraging vastgelegd. Dit voor de periode dat recht bestaat op gemengde studiefinanciering.

Desalniettemin lijken er nu toch meer studenten te zijn die topcultuur activiteiten zijn gaan ontplooien. Het gaat hier bijv. om stijldansen. Vanuit de sector cultuur is aangegeven dat er behoefte bestaat om ook te kunnen beschikken over een Top cultuur regeling.


Voorgesteld wordt om met ingang van het studiejaar 2008-2009 Topcultuur studenten ook in aanmerking te laten komen voor de voorzieningen die de regeling Topsport biedt.
In voorkomende gevallen zal de Topsportcommissie bij aanvragen advies inwinnen bij het hoofd Cultuur S&O en de voorzitter van de CultuurKoepel Apollo.

De Werkgroep Afstudeer regelingen (WAR) wordt gemandateerd om de Topsport Regeling technisch aan te passen.


Het bovenstaande leidt dan tot de volgende besluiten die het college in zijn vergadering van

2 juni 2008 heeft genomen:


T.a.v. de RAVIS regeling:

Overwegende:

- dat de UT de internationalisering hoog in het vaandel heeft staan;

- dat in de bestaande RAVIS regeling er een te strakke beperking aanwezig is t.a.v. de leeftijdsgrens van 30 jaar alsmede het criterium 1e graad bij overlijden van familie eveneens te beperkt is;

- dat er een verband is tussen de RAVIS regeling en de Regeling Afstudeersteun;

- dat de extra kosten kunnen worden gefinancierd uit het bestaande centrale budget “financiële ondersteuning studenten”.






Het College van Bestuur besluit:

- de RAVIS regeling met ingang van het studiejaar 2008-2009 zodanig te wijzigen dat de daarin opgenomen leeftijdsgrens van 30 jaar wordt afgeschaft en het criterium “overlijden familie in de 1e graad” enigszins wordt opgerekt; op het punt van het “overlijden familie in de 1e graad” de Regeling Afstudeersteun overeenkomstig te wijzigen;

- de Universiteitsraad te verzoeken hiermede in te stemmen;

- de WAR te mandateren de genoemde regelingen op genoemde punten bij te stellen en die bijgestelde regelingen vervolgens op te nemen in het Studentenstatuut.


T.a.v. van de Regeling Topsport:

Overwegende:

- dat er al geruime tijd een Regeling Topsport bestaat;

- dat er geen Regeling Topcultuur bestaat;

- dat er vanuit de sector cultuur bij S&O is aangegeven dat er behoefte is aan een Regeling Topcultuur;

- er geen dwingende redenen zijn om niet te beschikken over een Regeling Topcultuur;

- dat de extra kosten kunnen worden gefinancierd uit het bestaande centrale budget “financiële ondersteuning studenten”.

Het College van Bestuur besluit:

- met ingang van het studiejaar 2008-2009 studenten die topcultuur bedrijven ook in aanmerking te laten komen voor de voorzieningen die de regeling Topsport biedt;

- de Universiteitsraad te verzoeken hiermede in te stemmen;

- de WAR te mandateren de Topsport regeling bij te stellen en die bijgestelde regeling vervolgens op te nemen in het Studentenstatuut.


Het college verzoekt u in te stemmen met bovengenoemde besluiten.




Namens het College van Bestuur,





Drs. P.A. Binsbergen,

Secretaris van de Universiteit





c.c.: S&O, S&C, SU, FEZ, P&O, B&A