Agendapunten

UR 08-354 Brief CvB Vragen UR over de Toets Nieuwe Opleiding ES

Voorzitter Universiteitsraad





telefoon

053-489 2037

ons kenmerk

S&C/384.416/RvD

fax

053-489 4898

datum

4 november 2008

e-mail

r.vandijk@utwente.nl

cc

Faculteit MB



onderwerp

Vragen UR in commissie OOS over de Toets Nieuwe Opleiding:

European Studies (BSc)



Volgens afspraak ontvangt u hierbij de beantwoording van de vragen die de UR heeft gesteld in de vergadering van de commissie OOS. De antwoorden staan vet gedrukt. De tekst is op ons verzoek aangeleverd door de samenstellers van de toets nieuwe opleidingen onder verantwoordelijkheid van de opleidingsdirecteur. Het CvB kan zich geheel in de gegeven antwoorden vinden.


Volgens het rapport gaan European Studies studenten veel (al dan niet verplicht) gebruik maken van taalcursussen Frans en Spaans (en Nederlands). Het Talen Coordinatie Punt (TCP) wordt genoemd als aanbieder. De cursus Nederlands voor European Studies studenten kost 100 euro. Indien dit in het studieprogramma staat en verplicht zou zijn, zijn dit verplichte extra kosten. Dit is niet toegestaan.

Deelname is niet verplicht. In de nieuwe centrale regeling van de UT die dit jaar is ingegaan worden geen kosten meer berekend aan de studenten, maar de kosten doorberekend aan de faculteit.

oHeeft TCP voldoende capaciteit voor deze cursussen?

Omdat in de nieuwe regeling de kosten worden doorberekend aan de faculteit, kan het TCP deze capaciteit inhuren.

oTCP heeft nog geen aanbod voor cursussen Frans. Staat dit wel op de planning van TCP om dit aanbod te creëren voordat de ‘nieuwe opleiding’ ES start?

Zie antwoord op bovenstaande vraag. Dit kan in onderling overleg worden geregeld tussen de faculteit en het TCP.

oVolgens de internetpagina van TCP is een cursus voor Spaans gratis voor UT-studenten. Is het de intentie van de UT om hier aan vast te houden, ook als er bijvoorbeeld 50 aanvragen zijn (er zijn 15 plekken nu)?

Ja, zie ook het antwoord op bovenstaande vragen.

oKunnen andere UT studenten ook gebruik maken van de taalcursussen onder de zelfde voorwaarden?

Ja, op voorwaarde dat er voldoende plaatsen beschikbaar zijn. De kosten zijn dan uiteraard voor rekening van de betreffende faculteit.

oKrijgen ES studenten voorrang ten opzichte van andere studenten bij meer belangstelling dan plaatsen?

Ja, omdat de betreffende taalcursus in onderling overleg met ES wordt aangeboden (dat gebeurt nu al met de cursus Nederlands voor 1e jaars ES-studenten) en dus buiten het reguliere aanbod van het TCP valt.

oHoe staat het CvB tegen de extra kosten bij verplichte (want in studieprogramma) cursussen?

Zie boven, deelname is niet verplicht. De kosten komen voor rekening van de faculteit.


In het studieprogramma (pagina 24 van het rapport) staan twee ‘vakken’ genoemd met 0 EC, namelijk een cursus Nederlands en een cursus Spaans/Frans. Verder staat in eindterm 4ac (pag 19) het volgende: “Has some basic knowledge of a second major European language”.

oBij een eindterm moet er tijdens de opleiding training zijn in datgene wat getoetst moet worden. Met nul studiepunten kan men niet getraind worden en zal er ook niet getoetst worden. Hoe kan de eindterm gehaald worden? Of is het CvB van mening dat deze eindterm beter uit het rapport gehaald kan worden? En wat vindt het CvB van de constructie ‘0-EC-vakken’?

We kunnen ook tussen haakjes toevoegen: (only for those students who have chosen to do the second major European language course). Voor ons zijn 0-EC vakken aanvaarbaar als het niet gaat om verplichte vakken



BSc-opleidingen zijn ontwikkeld voor Nederlandstalige studenten. Toen MSc-opleidingen ontwikkeld werden zijn deze direct gebouwd op Engelstaligheid.

oIs het CvB van mening dat op dit moment Engelse BSc opleidingen voldoende gefaciliteerd worden?

§Te denken valt aan voldoende (interessante) Engelstalige minors, goede informatie in de Engelse taal qua inhoud en taalkundig (inschrijf-zaken, uitschrijf-zaken, minor-informatie, studentenstatuten)

Ja, op het niveau van de universiteit en faculteit zijn voldoende voorzieningen. De masters zijn ook al in het Engels. In het kader van het internationaliseringsbeleid en de internationale gedragscode, die we hebben getekend, blijft de kwaliteit van de voorzieningen een aandachtspunt. De relevante documenten (zoals de OER) zijn alle in het Engels vertaald en beschikbaar. Er worden thans reeds voldoende relevante Engelstalige minors aangeboden en het aanbod zal in de komende jaren naar verwachting verder worden uitgebreid.



Op pagina 29, paragraaf 3.7 van het rapport zijn de toelatingscriteria genoemd. Een aantal keren wordt als criteria gesteld: “A sufficient control of the Dutch language is required”. Dit lijkt de UR onwenselijk, omdat dit dus als toelatingscriterium geldt. Is het CvB van mening dat deze taaleis als toelatingscriterium zou moeten gelden?

De Nederlandse taaleis geldt niet voor dit programma. In de laatste bepaling op p.30 wordt hiervoor uitdrukkelijk een uitzondering gegeven. Dit zijn de huidige bepalingen voor de bachelor Bestuurskunde. Een aanpassing van de tekst in de nieuwe OER is inderdaad nodig als European Studies een opleiding wordt met een eigen CROHO-nummer. De huidige tekst zou dan tot teveel verwarring leiden.


In het rapport staat vermeld dat de opleiding studenten stimuleert om een semester naar het buitenland te gaan om te studeren. Dit is ook het beleid dat het CvB voorstaat. In het studieprogramma op pagina 24 van het rapport is semester vijf (met minorruimte) daar ongeschikt voor omdat er twee verplichte vakken ingeroosterd staan.

oIs het CvB voornemens om richting de opleiding European Studies aan te geven dat deze vorm van semester vijf geen stimulans geeft om een semester naar het buitenland te gaan voor de studie?

Voor studenten die naar het buitenland willen is het mogelijk om deze twee verplichte vakken op een alternatieve manier in te vullen. De huidige situatie is niet ideaal, maar is noodgedwongen, omdat veel MB studenten een afwijkende (internationale) minor van 25 EC kiezen (de minor Sustainable Development of de minor International Management) met allebei een stage in het buitenland in het 3e kwartiel. De twee verplichte vakken in het eerste semester kunnen daarom niet worden verplaatst naar het 3e kwartiel.


Op pagina 34 van het document is sprake van de volgende zin: “The provision of workstations and PC’s has become less relevant”. De UR is van mening dat dit op zich zelf kan kloppen, maar dat hiermee voorbijgegaan wordt aan ARBO regelgeving met betrekking tot laptop gebruik. Indien meer laptops gebruikt worden door studenten houdt dit in dat er niet bezuinigd kan worden op werkplekken, hoogstens op de PC’s als zodanig.

oIs het CvB van mening dat de alinea onvolledig is aangaande werkplekken?

We zullen nog een goed naar deze formulering van deze zin kijken in het licht van de plannen voor de nieuwbouw van de faculteit Management en Bestuur op de campus.


Verdienen huidige European Studies-studenten (formeel dus BSK-ES studenten) zodra de opleiding BSc ES geaccrediteerd is een diploma BSc Bestuurskunde (Public Administration) of BSc European Studies?

De huidige studenten krijgen nog een Bsc Bestuurskunde (international Track European Studies). De studenten die instromen vanaf het jaar waarop de accreditatie ingaat, krijgen een Bsc European Studies


Met betrekking tot minors staat minimaal twee maal (pagina 25 en 30) dat bijvoorbeeld een minor Business Administration, Psychology of Communication Studies gevolgd kan worden, bijvoorbeeld om door te kunnen stromen naar gelijknamige MSc opleidingen na de BSc opleiding. Het gaat in deze gevallen echter om Nederlandstalige minoren.

oWil het CvB alle (of minimaal de hier genoemde minoren) in het Engels laten aanbieden, met consequentie dat Nederlandstalige studenten hier niet mee uit de voeten kunnen, of heeft het CvB andere plannen met minoren in het BSc onderwijs (eventueel gedifferentieerd naar Engelstalig en Nederlandstalig)?

De faculteit MB is afhankelijk van het minoraanbod van andere faculteiten. We hopen als CvB ook dat steeds meer minoren (mede) in het Engels worden aangeboden.


Zal de duidelijke zichtbaarheid van European Studies na een accreditatie zodanig kannibaliseren op Bestuurskunde dat de opleiding Bestuurskunde geen bestaansrecht meer heeft? Of is de verwachting van het CvB dat het in de orde grootte van de huidige aantallen aanmeldingen blijft?

Wij verwachten geen groot kannibaliseringseffect, omdat wij vooral interesse van studenten verwachten die nu ook niet kiezen voor Bestuurskunde. Opmerking CvB: wij zijn in het algemeen geen voorstander van het blijven bestaan van de track waaruit een nieuwe opleiding voortkomt omdat dit oneigenlijke concurrentie van de nieuwe opleiding kan betekenen. Bovendien verzwakt het de aanvraag.


De eindtermen 1h en 3d gaan over ‘impact of technology’. Uit de delen van de vakomschrijvingen en het studieprogramma lijkt dit niet erg (duidelijk) naar voren te komen.

oHoe past de voorgestelde BSc opleiding binnen Route ’14 en binnen het daarin geschetste profiel?

De opleiding European studies past op een vergelijkbare manier binnen de Route 14 als de overige niet-technische opleidingen binnen de faculteit MB.


Een algemene opmerking: als UT mogen we best trots zijn op het feit dat we Bachelor of Science en Master of Science opleidingen mogen aanbieden. In officiële documenten en wervings-uitingen zou deze trotsheid wel naar buiten mogen komen.

oIs het CvB trots ook trots op de wetenschappelijke opleidingen die de UT mag aanbieden?

oZo ja, is het CvB dan van mening dat dit breder uitgedragen zou moeten worden in bijvoorbeeld zelfevaluatierapporten, ‘Toets nieuwe opleiding’-rapporten, graduatesite etc.?

Ja, het CvB is daar trots op. We vinden dat ook naar voren komen in deze aanvraag doordat European Studies (net als haar moederopleiding bestuurskunde) een groot belang hecht aan een gedegen fundering in de vier basisdisciplines (politicologie, recht, economie en sociologie) en de onderzoeksmethodologie.




Overeenkomstig het door het College van Bestuur genomen besluit,

Secretaris van de Universiteit,






Drs. P.A. Binsbergen