reacties van de URaad

9. Catering brief UR besluit

logo URaad UT

universiteitsraad

Griffie

Spiegel – kamer 500



Aan het College van Bestuur




Uw kenmerk

ABZ/375.779/Lze

Telefoon

053 - 489 2027

Ons kenmerk

UR 06-259

Fax


Datum

7 september 2006

e-mail

j.ribberink-vanmiddelkoop@utwente.nl

Betreft: Toekomst UT Catering



Geacht college,



In de gecombineerde commissievergadering van de commissies FV&A en PS&I op dinsdag 29 augustus jl. is uitgebreid gesproken over de plannen van het college met betrekking tot de verschillend aspecten van catering op de UT. Er is afgesproken dat we over 3 separate onderwerpen met elkaar zullen overleggen en dat de URaad daar ook apart advies over uitbrengt, uiteraard rekening houdend met de samenhang tussen deze onderwerpen. Het gaat dan om:

Taakafbakening Catering op de UT

Catering concept voor de UT

De gewenste beheervorm voor de catering op de UT


Deze brief betreft het 3e onderwerp en gaat in op het voorgenomen besluit om te komen tot uitbesteden van de catering en het uitzetten van een aanbestedingstraject.


In de commissievergadering is duidelijk gemaakt dat na het bestuderen van het rapport van Hospitalty Consultants het voor de raad geen uitgemaakte zaak is dat uitbesteden een (groot) financieel voordeel oplevert. Er zijn veel kritische kanttekeningen te plaatsen bij het uitgewerkte vergelijkingsmodel als het gaat om de uitgangspunten, de berekeningen en de gemaakte schattingen. Het besluit om in de toekomst de catering door een externe organisatie te laten verzorgen is dus niet gebaseerd op een aangetoonde financiële noodzaak, maar meer op een bestuurlijke wenselijkheid. De voordelen van uitbesteding zijn dan meer flexibiliteit, betere beheersbaarheid, innovatiekracht en verminderd bedrijfsrisico. Op termijn geldt ook het voordeel van het wegvallen van verplichtingen t.o.v. eigen personeel.


De raad heeft op zichzelf geen uitgesproken voorkeur voor een van de beheervormen die zijn vergeleken, maar pleit voor een optimaal ingevuld catering concept, met een passend assortiment, een flexibele organisatie en goede kwaliteit/prijs verhouding. Bovendien moet de UT er niet te veel op toe moeten leggen. Daarom kan de raad wel meegaan in het idee om tot uitbesteding te komen, maar stelt dan wel als randvoorwaarde dat de voorgenomen zorgvuldigheid met name jegens de huidige medewerkers van UT-C, zich vertaalt naar een oplossing waarbij de huidige medewerkers in een detacheringsconstructie hun werk kunnen blijven doen. Dit moet in de aanbestedingsprocedure meegenomen worden.


Daarnaast lijkt het verstandig om vóór het begin van het aanbestedingstraject te komen tot de vaststelling van een cateringconcept om daarmee een goede definitie te kunnen geven van de gewenste voorzieningen en dienstverlening die een externe cateraar zal moet offreren.

Zoals het college ook in de commissievergadering heeft aangegeven, dient de haalbaarheid van de uitbesteding onder de gewenste voorwaarden (financieel, personeel, cateringvoorzieningenniveau) gedurende de uitbestedingprocedure getoetst te worden. Op enig moment kan dit leiden tot herziening van het besluit tot uitbesteding.

In het overleg van 12 september zouden we de volgende punten met u willen bespreken:

1.Kan voor een externe cateraar de gecombineerde aanbesteding van meerdere kavels niet aantrekkelijker zijn?

2.

3.Het onderstaande concept - besluit.



CONCEPT BESLUIT Universiteitsraad (Schuin gedrukt zijn de passages waarop het overleg zich kan toespitsen)


De Universiteitsraad,

gezien:

De bestuurlijke notitie UT-catering met bijlagen en de adviesaanvraag van het CvB (kenmerk ABZ/275.779/Lze);


overwegende dat:

De gerapporteerde vergelijking van exploitaties in eigen beheer en bij uitbesteding geen rekening houdt met o.m. transitiekosten en winstoogmerk van de externe cateraar en financiële voordelen voor de UT derhalve niet doorslaggevend (kunnen) zijn

Het college argumenteert dat de bestuurlijke keuze voor uitbesteding ook meer is ingegeven door de aspecten flexibiliteit, beheersbaarheid, innovatiekracht en bedrijfsrisico.

De taakafbakening UT-C en studentenorganisaties, het Cateringconcept en de toekomstige rechtspositie van het cateringpersoneel helder moeten zijn vastgelegd alvorens tot aanbesteding kan worden uitgegaan.

De door het personeel gewenste detacheringsconstructie een gerechtvaardigde randvoorwaarde bij uitbesteding is.

De Dienstraad FB de medezeggenschapsbevoegdheid uitoefent ten aanzien van het reorganisatieplan bij uitbesteding en het OPUT en het CvB in dat geval een sociaal plan overeen dienen te komen;

gehoord de toezegging van het college dat:

De taakafbakening UT-C en studentenorganisaties wordt vastgelegd na een separaat advies van de UR ter zake.

De nadere invulling van het cateringconcept aan de UR ter advies wordt voorgelegd alvorens de aanbesteding zal plaatsvinden.

De uitbesteding van de Catering slechts zal plaatsvinden onder de voorwaarde van de detacheringsconstructie of een voor het Cateringpersoneel in UT-dienst gelijkwaardige oplossing.

Het besluit tot uitbesteding van de Catering wordt heroverwogen indien dit onder de afgesproken randvoorwaarden niet haalbaar of financieel nadelig mocht blijken.

Aan het einde van de contractperiode een evaluatie met de UR wordt besproken ten aanzien van de criteria waarop het uitbestedingbesluit is gebaseerd.


besluit:

positief te adviseren ten aanzien van de in dit besluit genoemde randvoorwaarden voor uitbesteding en het daaraan verbonden besluitvormingstraject.


Met vriendelijke groet,

namens de Universiteitsraad



Ir. T.M.J. Meijer

voorzitter