agendastukken

Verslag interne 2006-01-31

logo Universiteitsraad UT

universiteitsraad

Griffie

Spiegel – kamer 500



Uw kenmerk


Telefoon

053 - 489 2027

Ons kenmerk

UR 06 022

Fax


Datum

1 februari2006

e-mail

j.ribberink-vanmiddelkoop@utwente.nl

Betreft: Verslag interne vergadering UR d.d. 31 januari 2006



Aanwezig: CC: Brinkman, Houweling, D. Meijer (vz), Pol, Poorthuis, Wormeester, IJzermans

UReka: Van Dijk, Hendriks, Hesselink, Hollman, Lippinkhof, N. Meijer

Griffie: Ribberink, Peijster (verslag)

Afwezig: Becht, Deetman, Gutteling, van der Wal (allen m.k.)



1. Opening 13.40 uur

De voorzitter opent de vergadering en geeft aan dat agendapunt 7. Vergoedingsregeling in de volgende cyclus behandeld zal worden. Dit geldt tevens voor het onderwerp Contract Arbodienst.


2. Mededelingen

a. Bijeenkomst 14-2-2006 met FR's. De voorzitter geeft aan dat er een uitnodiging is verzonden aan de voorzitters. Peijster merkt op dat ze slechts 1 aanmelding heeft ontvangen van Deetman. De voorzitter meldt dat vanuit de UR Wormeester, IJzermans, D. Meijer en Deetman aanwezig zullen zijn. Hij zal nog een herinneringsmail zenden.

b. Extra interne vergadering 28-02-2006. De agenda is akkoord. Deetman zal deze vergadering voorzitten. De vergadering begint om 09.00 uur en vindt plaats in L200. 's Avonds is er een etentje. De stukken voor deze vergadering moeten 16 februari bij de griffie aanwezig zijn.

c. Commissie vergaderingen. Omdat het CvB heeft aangegeven in de commissievergaderingen aanwezig te willen zijn moeten er afspraken gemaakt worden over de tijdstippen waarop de vergaderingen plaats vinden. D. Meijer heeft twee opties: 1) 2uur vergaderen per commissie vanaf 12.00 uur. Of parallelle vergaderingen die elkaar gedeeltelijk overlappen. Brinkman merkt op dat er leden zijn die aanwezig willen zijn in verschillende commissievergaderingen, dit is niet mogelijk bij parallelle vergadersessies. Het volgende wordt afgesproken: cie. O&O 12.00 – 14.00 uur, cie. P&S 14.00 – 16.00 uur, cie. F&V 16.00 – 18.00 uur. De tijdstippen zijn mede afhankelijk van de agendapunten en de aanwezigheid van de CvB leden.

d. Convenant CvB-OPUT-UR. Poorthuis en D. Meijer zullen als afvaardiging het overleg bijwonen.

Er zijn geen andere mededelingen.


3. Verslag vergadering interne 2005-12-06 (UR 05-335)

Tekstueel.

Pagina 3. regel 28. "Meijer" wordt gewijzigd in "D. Meijer".

N.a.v. Geen opmerkingen.

Met inachtneming van bovenstaande wijziging wordt het verslag vastgesteld.


4. Postlijst in- en externe post UR (UR 06-014)

Er zijn geen vragen of opmerkingen.


5. Actiepuntenlijst bijgewerkt t/m 13 januari 2006 (UR 06-005)

De voorliggende actiepuntenlijst wordt gewijzigd naar aanleiding van opmerkingen en informatie uit de commissies.


6. Wijzigingen financiële regelingen Studentenstatuut (UR 06-010)

Het voorliggende besluit is akkoord. De brief kan aan het college verzonden worden. Tevens zal dit besluit ter registratie in de aandachtspunten opgenomen worden.


7. Wijziging vergoedingregeling medezeggenschap (UR 06-009)

Vervalt. Wordt doorgeschoven naar de volgende cyclus.


7a. Vastgoed, een up-date. Investeringsschema (UR 06 006)

In de commissievergadering heeft Van Ast één en ander nader toegelicht. Van Ast heeft aangeboden om in de overlegvergadering een presentatie te geven. De voorzitter heeft aangegeven dat dit gezien de agenda mogelijk is.


8. Startnotitie Personeelsbeleid (UR 06-011)

In de commissievergadering is voorliggende notitie besproken. Hier kwam naar voren dat de UR graag een iets nader uitgewerkte tekst zou willen bespreken. Flierman heeft aangegeven dat dit niet de bedoeling is. Naar aanleiding van deze notitie zullen werknotities volgen per specifiek onderwerp. Al deze (aan elkaar geniete) notities samen vormen dan de beleidsnota Personeelsbeleid. Gevraagd wordt op welke momenten de UR dan met wat moet instemmen? Moet de UR dat zelf bij houden? Gevraagd wordt om een 'meer beleidsmatige' notitie. Wel is aangegeven dat er een overzicht volgt van de reeds opgestarte projecten en dat hierover een evaluatie volgt. Tevens volgt er met betrekking tot de cursussen voor leidinggevende een inhoudelijke bijstelling. Specifieke aandacht zal worden gegeven aan "een brede kijk op de UT, de instellingsdoelen en eilandjes-vorming".

Er is geen procedure afgesproken. De volgende behandeling/bespreking zal plaatsvinden in april. Pol vraagt of de gestelde vragen in de notitie apart behandeld c.q. beantwoord zijn? Of moet dit nog gebeuren? Ze merkt op dat aangegeven moet worden welke doelgroepen belangrijk zijn voor de URaad (prioritering).

De voorzitter vraagt of er een brief hierover aan het college gezonden moet en wat hierin opgenomen moet worden. Er wordt opgemerkt dat er eveneens meer aandacht zou moeten zijn voor Engelstaligheid van docenten. Tevens is de budgettering voor al deze projecten belangrijk.

Poorthuis stelt de brief op en zal als woordvoerder optreden.


9. Werkplan Bestuurlijke agenda incl. Verwondernotitie (UR 06-013, 05-334)

a. Bestuurlijke Agenda

Van Dijk geeft nadere uitleg over de bestuurlijke agenda. Hierbij wordt opgemerkt dat de in rood aangegeven punten geen prioritering aangeven maar actie vergen van het college. Brinkman merkt op dat tijdens de O&O-vergadering is aangegeven dat er te veel "rood" is aangegeven in de notitie. Tevens is er een prioritering bij deze notitie nodig. Er worden veel nieuwe activiteiten opgestart. Misschien zouden eerst de "oude" activiteiten afgemaakt moeten worden. Gedacht kan worden aan o.a. oplossing voor matchingproblematiek, kwaliteitszorg. Poorthuis geeft aan dat binnen de ICT de cohesie tussen alle onderdelen ontbreekt. Er zijn veel losse blokken. Samenhang hierbij is noodzakelijk.

Hollman merkt op nieuwsgierig te zijn naar de startnotitie Onderwijs die in februari verschijnt.

De voorzitter geeft aan dat de CC-fractie in een prioritering heeft aangegeven welke activiteiten zij belangrijk vindt en deze wil bespreken in de overlegvergadering. UReka geeft aan dit eveneens te zullen doen.

Afgesproken wordt dit punt tijdens de vergadering mondeling te zullen behandelen. Eventueel zullen onderling de reacties uitgewisseld worden.


b. Verwondernotitie

De voorzitter vraagt of er hierover nog reacties aan Flierman c.q. het college gegeven moeten worden. Opgemerkt wordt dat Flierman op 9 februari hierover een debat aangaat in de Faculty Club. Nadere informatie volgt. Van Dijk geeft aan op twee punten een reactie te willen geven. Het betreft de "Cultuur" en de "Kritische reflectie". Lippinkhof zal over deze punten mondeling een vraag stellen in de overlegvergadering. De voorzitter bekijkt of hij aangaande deze notitie nog een "ludieke" reactie zal geven.

Afgesproken wordt dat de inbreng voor beide punten vanuit de fracties gegeven zal worden.


10. TSM (UR 06-012)

In de commissievergadering is aangegeven dat het contract tussen TSM en UT vertrouwelijk voor de leden beschikbaar is. Afgesproken wordt dat enkele leden dit contract zullen bekijken. Het punt gaat van de overlegagenda af.


11. Voortgang 3TU (UR 05-347)

D. Meijer geeft aan dat er zojuist nog een vergadering van de commissie P&S is geweest in aanwezigheid van Flierman. Hij merkt op dat de CC-fractie de voorliggende plannen van de Centers of Excellence (CoE) vertaald heeft naar plannen voor de UT en de consequenties die hieruit voortvloeien. Er worden vele nieuwe leerstoelen ingesteld. Uit de plannen blijkt dat hiervoor nieuw personeel aangetrokken wordt. Dit betekent dus een reorganisatie bij de technische faculteiten, bovenop de huidige reorganisaties die lopen vanwege het begrotingstekort. Flierman gaf aan dat nog niet bekend is wat de consequenties van de plannen zijn en of er over twee jaar eventueel een tweede reorganisatie zou volgen. Tevens moet de verdringing van het "zittend" personeel hier ook bij betrokken worden.

D. Meijer merkt op dat Flierman heeft aangegeven een nota te zullen schrijven over de gevolgen van de CoE’s voor de UT. Deze moeten bekend worden. Deze nota zal waarschijnlijk niet voor de overlegvergadering van 7 februari beschikbaar zijn. Wormeester geeft aan deze werkwijze niet gepast te vinden. Pas na twee jaar reageren op de plannen kan niet. Er gaan totale leerstoelgroepen weg. Het moet duidelijk worden welke gevolgen deze plannen hebben. Er zal geld van de UT beschikbaar moeten komen. Misschien moet er geen geld in het Kennispark maar in Onderzoek voor de UT gestoken worden.

Ribberink merkt op dat de M€ 50 nog niet eens beschikbaar is. D. Meijer geeft aan dat er duidelijkheid moet komen. Deze plannen hebben verstrekkende gevolgen voor de organisatie en de lopende reorganisatie bij de technische faculteiten. Er kan niet pas actie ondernomen worden na het wegvallen van de M€ 50. Wormeester merkt op dat er beleid middels reorganisatie gevoerd wordt. Hij geeft in het kort zijn visie op al deze maatregelen. Lippinkhof geeft aan het jammer te vinden dat deze consequenties niet duidelijk naar voren kwamen tijdens de commissievergadering. Tevens zal de fractie van UReka deze plannen nog scannen op de consequenties ervan voor de UT. De voorzitter vraagt of hierover nog iets op papier gezet moet worden. Wormeester zal de vragen die leven verwoorden tijdens de vergadering.


Van Dijk merkt op dat de overige bespreekpunten uit de commissievergadering eveneens teruggekoppeld moeten worden. De voorzitter vraagt of hij dit wil doen.

Van Dijk geeft kort aan dat de volgende punten besproken zijn:

- bevoegdheden van de medezeggenschap inzake CoE's.

- federatievorming: de organisatie van de rechtspersoonlijkheid. Vragen die hier gesteld werden: Betreft dit alleen de financiële kant of ook het beheersaspect. Waar ligt de verantwoordelijkheid voor onderwijs en onderzoek. Op welke wijze wordt de medezeggenschap hierop geregeld. Is er een penvoerende universiteit (algemeen of per Center of Excellence?

- bij een éénjarige master is er geen mogelijkheid voor studenten om deel te nemen aan medezeggenschap. Onderzocht wordt of en wat hieraan gedaan kan worden.

- doorstroommatrix. Informatie hierover volgt.

- bij de ontwikkeling van de onderzoekscenters bestaat er de kans van verdringing van de niet-technische faculteiten in 3TU verband. Hoe wordt dit door het CvB gezien? Poorthuis vult aan dat het college zegt dat de maatschappij wetenschappelijke faculteiten van de UT gezien moeten worden als specifieke UT activiteiten en niet bij het 3TU proces betrokken moeten worden. Deze faculteiten c.q. opleidingen doen het goed. De kwaliteit en instroom zijn groot. Gevraagd wordt naar de kwaliteitscriteria voor de CoE's. De vragen zijn o.a. wie bepaalt ze, wat zijn de criteria? Tevens is het onderzoek voor niet-technische faculteiten een hellend vlak. Er is veel minder onderzoek uit te voeren/noodzakelijk.

Afgesproken wordt dat in de overlegvergadering het volgende besproken wordt.

- Wormeester behandelt de impact van de voorstellen voor de UT.

- Brinkman bespreekt de voorstellen vanuit de maatschappij wetenschappelijke faculteiten. Voorbereiding samen met Pol.

- Lippinkhof bespreekt de rechtspositionele kant van de voorstellen. Voorbereiding in overleg met Van Dijk.


De voorzitter vraagt Van Dijk om rapportage te doen uit het 3TUM overleg van vorige week. Van Dijk meldt dat het 'verlanglijstje' 3TU besproken is. Dit betrof echter alleen de onderwijsactiviteiten. Voor onderzoek moet eveneens een 'verlanglijstje' opgesteld worden. D. Meijer zal dit samen met iemand van de TUD en TUE doen. 24 februari is de volgende vergadering gepland. Vooraf zal D. Meijer dit 'verlanglijstje' ter afstemming voorleggen aan de URaad.


12. Schriftelijke rondvraagpunten

Er zijn geen punten in voorbereiding.


13. Rondvraag

Geen.


18. Sluiting 14.50 uur