Mijn TOM

De docent steelt niet langer de show

Gijs Krijnen is docent en werkt bij de faculteit EWI, opleiding Electro Techniek (EE). Daarnaast is hij sinds een jaar of acht docent bij Advanced Technology (AT). Bij AT is hij ook de modulecoördinator van de eerste module: Man-Machine.

In de eerste module van AT worden veel interactieve werkvormen gehanteerd waarbij de studenten echt actief aan het werk zijn. Dit gebeurt zowel binnen als buiten het project. Zo heeft Gijs als modulecoördinator bijvoorbeeld met zijn collega’s onderzocht hoe ze Problem-Based Learning (PBL) in konden zetten.

Problem-Based Learning

Binnen het Engineering-gedeelte van de module krijgen de studenten twee keer per week redelijk grote probleemopgaven waar ze een oplossing voor moeten bedenken. De studenten gaan in kleine groepjes aan de slag en presenteren twee dagen later hun uitkomsten. Wanneer de groepen verschillende uitwerkingen hebben, wordt het pas echt interessant! ‘Het gaat erom dat de studenten met elkaar in discussie gaan, en zo het goede beeld krijgen van hoe de concepten in elkaar zitten’. Gijs geeft aan dat je als docent bij een PBL sessie maar weinig ‘voor’ de groep staat. ‘Er is veel meer ruimte voor de student en ook meer verantwoordelijkheid; en dat is volgens mij wat we willen’.

Gijs geeft aan dat deze manier van werken er voor zorgt dat studenten veel tijd besteden aan de opdrachten en onderwerpen. Dit is aan de ene kant positief, de studenten besteden hun tijd echt aan studeren. Maar als docent moet je waken dat studenten andere onderdelen van de module niet laten liggen.

Quizbijeenkomsten

Gijs vertelt dat er ook een soort quizbijeenkomsten worden georganiseerd. Tijdens deze bijeenkomsten krijgen studenten korte vragen die ze in ongeveer drie minuten moeten uitwerken. Daarna kunnen studenten stemmen met welk antwoord ze het eens zijn. Ook hier worden vervolgens de verschillende antwoorden onderling bediscussieerd. De studenten moeten elkaar dus uitleggen waarom ze voor een bepaald antwoord hebben gekozen; dit is een soort peer instruction.

Project

In de module zit een project waarin studenten niet alleen kennis toepassen, maar ook nieuwe kennis opdoen. ‘We wilden een project hebben dat niet alleen een illustratieproject is. In het project zitten vrij veel open vraagstellingen die ze al aan kunnen pakken wanneer ze die stof nog niet behandeld hebben’. De studenten moeten dan zelf bronnen zoeken om het probleem aan te pakken. Wat Gijs nog wel spannend vindt, is dat het project erg open is, de studenten mochten zelf het onderwerp en aanpak van hun project bepalen. Eén van de vragen waar hij mee zit is: ‘Hoe veel moet je daar nou wel of niet op sturen?’ De reden dat er toch gekozen is voor een open project is dat ‘je wilt dat studenten vanuit hun eigen enthousiasme en inzichten gaan werken’. Ieder van de groepen wordt begeleid door een student-assistent, een soort tutor. De student-assistent stimuleert zijn of haar groepje om zo goed mogelijk te presteren, zowel in het proces als op de inhoud.

Integratie tussen moduleonderdelen

Gijs geeft aan dat studenten het project niet kunnen doen zonder de andere moduleonderdelen te begrijpen. Alle overige moduleonderdelen zijn dus (gedeeltelijk) geïntegreerd met het project. Hij vindt het jammer als de module een samenvoeging van oude vakken wordt. ‘Probeer van die module echt iets leuks te maken en neem dat project heel serieus’. Gijs is zich ervan bewust dat het herontwerpen van je onderwijs veel tijd in beslag neemt, dit ervaart hij ook zelf. Toch geeft hij aan dat het herontwerpen van je onderwijs veel mogelijkheden biedt. ‘Het geeft je de kans om weer eens heel fris tegen je onderwijs aan te kijken’.





Oktober 2013