Mijn TOM

Wees niet bang voor chaos

Michel Ehrenhard heeft bestuurskunde gestudeerd en is bij technische bedrijfskunde gepromoveerd, nu onderzoekt hij ondernemerschapsprocesssen bij de vakgroep NIKOS van de faculteit BMS. Maarten Bonnema heeft zich na zijn opleiding elektrotechniek gespecialiseerd in mechatronica en technische systemen en is expert in systems engineering bij faculteit CTW. In module 8 van AT moesten drie gebieden samenkomen: Systems Engineering (Maarten Bonnema en Jos Benschop), Entrepreneurship & Innovation Management (Michel Ehrehard) en Knowledge Production (reflectieonderwijs; Adri Albert de la Bruheze en Fokko Jan Dijksterhuis). Aan het moduleteam de uitdaging om deze verschillende gebieden te integreren in één module.

Overzicht krijgen en overzicht houden

Systems Engineering gaat over ontwerpen van complexe systemen die worden gecreëerd vanuit meerdere disciplines, een geïntegreerde module past daar dus goed bij. ‘We hebben er heel duidelijk voor gekozen om het project centraal te stellen. Alle theorie was op een of andere wijze gerelateerd aan het project’ vertelt Michel. ‘En bedrijven leverden realistische en actuele opdrachten aan,’ vult Maarten aan. De studenten waren direct vanaf dag 1 met het project bezig, de theorie werd verspreid over de module aangeboden. Studenten moesten een ontwerp bedenken wat van (economische) waarde is voor een bedrijf en moesten dus bedenken welke kennisstromen nodig zijn om dit te realiseren maar ook stilstaan bij de (toekomstige) maatschappelijke implicaties hiervan. Hier hadden de studenten  alle drie de disciplines voor nodig.

Georganiseerde chaos

De studenten kregen te maken met een ‘georganiseerde chaos’, doordat de vraagstelling heel open was en ze in grote projectgroepen van 12 studenten moesten werken. ‘Ze moeten zelf de ordening aanbrengen’, licht Maarten toe. Binnen hun projectgroep werkten ze in subgroepen van 3 à 4 studenten. Maarten: ‘Ze moeten dus op elkaar kunnen vertrouwen. Zo’n subgroep gaat onderdelen uitwerken en ze kunnen elkaar niet allemaal controleren. Ze moeten elkaar kritische vragen durven stellen om erachter te komen of het goed is uitgevoerd.’ Dat biedt een mooie leerervaring want zo gaat het in bedrijven ook.

Samen iets moois neerzetten

De samenwerking binnen het team van vijf docenten verliep goed. In het begin was het een beetje aftasten, maar het team had al snel een klik. Volgens Maarten en Michel is de goede samenwerking te danken aan het feit dat ze van tevoren met elkaar hebben afgesproken dat het project centraal zou staan. ‘Niet ieder voor zich met zijn eigen stokpaardje. We keken naar het totale eindresultaat. De module gaat ook om de integratie van vakgebieden, dan is het heel raar als je alle deelgebieden los gaat organiseren,’ merkt Maarten op. ‘Als je elkaar een beetje kunt vertrouwen, dan loopt het gewoon goed.’ Michel benoemt verder dat ze er goed op gelet hebben dat onderdelen niet dubbel behandeld werden. Wanneer je weet wat een ander behandelt, hoef je dat niet zelf te doen. Dat geeft ruimte om weer op andere punten meer de diepte in te gaan. ‘We zijn echt uitgegaan van de TOM principes bij het ontwerp van deze module’ vertelt Michel.

Geen tentamens maar essays

Maarten vertelt dat ze er bewust voor gekozen hebben om niet met tentamens, maar met essays en opdrachten te toetsen. Het team was hier erg enthousiast over: ‘Wij constateerden al snel dat je uit het essay heel goed kunt halen of ze het hebben gesnapt en het zorgt voor een goede balans tussen individuele- en groepsbeoordeling,’ vertelt Maarten. ‘Wij bieden de stof aan als een soort van gereedschapskist: studenten kunnen sommige stof wellicht wel gebruiken en andere niet, maar ze moeten zich er wel van bewust zijn wat ze wel en niet gebruiken. In het essay moeten ze hierop reflecteren,’ licht hij toe. Michel geeft toe dat enerzijds het nakijken van essays meer werk is,  ‘maar het is ook veel leuker om 50 verschillende business ideeën te lezen dan 50 keer dezelfde vragen te checken aan de hand van een standaardantwoordmodel’.

Weinig ‘control’ maar wel verwachtingsmanagement

‘Als je studenten vraagt wat zij mooi vinden aan deze module, dan zou dat zijn dat het een praktische opdracht is, dat er een bedrijf aan gekoppeld is en dat er ook weinig ‘control’ is,’ vertelt Maarten. Zelfstudietijd is niet ingeroosterd in de module, er is ruimte vrijgelaten voor het bezoeken van bedrijven. Er waren ook geen verplichte bijeenkomsten, ‘Toch zagen we dat studenten heel trouw bleven komen!’ zegt Michel. Verwachtingsmanagement is wat dat betreft wel belangrijk in deze setting: ‘Aan het begin vertellen we heel nadrukkelijk dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor het resultaat en dat wij klaar staan om te helpen wanneer nodig, maar ze moeten het eerst zelf doen,’ legt Maarten uit. Veel studenten zijn blij met de vrijheid maar voor sommige studenten is het moeilijk. ‘We zouden de studenten die een beetje op het randje hangen en moeite hebben met de manier van werken nog iets meer kunnen aanmoedigen volgend jaar,’ geeft Michel toe. ‘Daar kunnen we komend jaar nog een mooie stap mee maken.’

Vertrouw de student en wees niet bang voor de chaos

Maartens tip voor andere moduleteams is: wees niet bang voor de chaos. ‘Durf de student eigen verantwoordelijkheid te geven en vertrouw ze dan ook,’ licht hij verder toe. Hij verwijst naar hun moduleopzet waarbij bewust is gekozen niet te werken met deeltoetsen en maar een beperkt aantal tussenrapportages. Michel vult aan dat het van belang is dat we ons realiseren dat kennis ook belangrijk is, maar dat kunnen reflecteren en samenwerken steeds belangrijker wordt. Het is volgens hem waardevol om mensen in de module te betrekken die feeling hebben met de praktijk, bijvoorbeeld docenten met werkervaring in een bedrijf of gastdocenten. ‘Wij moeten ten slotte ook studenten afleveren die snappen hoe het in de praktijk gaat.’ Ook adviseert Maarten andere moduleteams om te gaan praten met collega’s van IO en WB. ‘Daar lopen veel mensen rond met kennis over hoe je zo’n project goed op kunt zetten.’ Vanuit de faculteit had Maarten ook al waardevolle ervaring met projectonderwijs. Ook het ondernemerschapsdeel bouwt sterk op ervaringen met twee eerdere en goede beoordeelde projectvakken binnen bedrijfskunde en Advanced Technology. Maar, zoals Maarten aangeeft: ‘docenten die vanuit de standaard vakken overgaan naar een project, dat is een enorme stap, ik kan me het wel voorstellen dat dat moeilijk is’.