UTTechMed CentrumNieuwsUT leidt drie van de zeven 'Perspectief' programma's

UT leidt drie van de zeven 'Perspectief' programma's Over virusoverdracht, artrose en duurzamer staalproductie

Drie van de nieuwe en ambitieuze  ‘Perspectief’ onderzoeksprogramma’s worden geleid door UT-wetenschappers: Detlef Lohse leidt een programma dat gaat over het terugdringen van virusverspreiding via de lucht, Marcel Karperien gaat onderzoek doen naar nieuwe diagnose en behandeling van artrose en Ton van den Boogaard leidt een Perspectief-programma over het vaker toepassen van schroot in het productieproces van staal. In twee andere programma’s is de UT ook partner. De uitreiking vindt plaats tijdens het TEKNOLOWGY festival op 31 mei.

In totaal zijn zeven Perspectief-programma’s geselecteerd door NWO Technische en Toegepaste Wetenschappen (NWO-TTW), de vroegere Technologiestichting STW. Ze gaan over urgente problemen, zoals schone technologie en duurzame voedselvoorziening. In totaal kunnen de komende jaren 74 onderzoekers aan de slag binnen deze programma’s. Via het ministerie van Economische Zaken en Klimaat kent NWO 22 miljoen toe, van betrokken bedrijven en organisaties komt daarbovenop ook nog 10 miljoen.

Virusoverdracht via lucht verhinderen

Mitigation Strategies for Airborne Infection Control (MIST)

programmaleider: prof.dr. Detlef Lohse, Physics of Fluids, faculteit Technische Natuurwetenschappen

Sinds COVID-19 wereldwijd toesloeg zijn we ons ten zeerste bewust van het gevaar van zich door de lucht verspreidende ziekten. In het MIST-programma slaan virologen, epidemiologen, vloeistofmechanici en ingenieurs de handen ineen om virusoverdracht via de lucht te begrijpen en te verhinderen. De onderzoekers bestuderen onder verschillende omstandigheden de besmettelijkheid van virussen, de verspreiding van vochtdruppeltjes in de lucht, en de invloed van ventilatie en luchtreiniging op de virusoverdracht. Vervolgens vertalen ze deze kennis in praktische aanbevelingen over welke maatregelen het meest efficiënt, kosteneffectief en duurzaam in te zetten zijn in verschillende omgevingen, variërend van bij mensen thuis tot in ziekenhuizen, scholen en treinen. 

  • Consortium

    Deelnemende kennisinstellingen: MARIN, NLR, Radboudumc, TNO, TU Eindhoven, TU Delft, UMC Groningen, Universiteit Twente, Universiteit van Amsterdam

    Bedrijven: Arcadis, BAM, Carrier, Euromate, Greensol, Hiensch Engineering, Heinen & Hopman, I-Vention, Medspray, Novaerus, Philips, PlasmaMade, Signify, Virobuster

    Andere maatschappelijke partners: ArtiZ, CCN, KHN, KNHB, KNLTB, NS, PO-raad, REHVA, Rijksvastgoedbedrijf, RIVM, Sportinnovator, TVVL, VLR, VO-raad

In actie tegen artrose

OAinject

programmaleider: prof. Marcel Karperien, TechMed Centre, faculteit Technische Natuurwetenschappen

Meer dan 1,5 miljoen Nederlanders lijden aan artrose – een reumatische aandoening van de gewrichten die pijn, stijfheid en moeite met bewegen veroorzaakt. Aangezien artrose een aandoening is die vooral bij ouderen voorkomt, zal door de vergrijzing het aantal patiënten alleen maar toenemen. Op dit moment bestaat er nog geen afdoende behandeling. Het OAinject-programma ontwikkelt nieuwe diagnostische hulpmiddelen die bepalen welke vorm van artrose iemand precies heeft om op maat gemaakte behandelingen mogelijk te maken. Daarnaast werken de onderzoekers aan innovatieve manieren om medicijnen via een depot in het gewricht langdurig, geleidelijk, en ter plaatse toe te dienen. Op deze manier wil het consortium ervoor zorgen dat patiënten een actieve levensstijl kunnen behouden die andere aandoeningen zoals hart- en vaatziekten en dementie helpt voorkomen.

  • Consortium

    Deelnemende kennisinstellingen: ErasmusMC, Maastricht UMC+, Radboudumc, TU Delft, Universiteit Maastricht, UMC Utrecht, Universiteit Twente

    Bedrijven: Chondropeptix, DSM Biomedical, IBIS Technologies, InnoCore Pharmaceuticals, 20Med Therapeutics, Nordic Bioscience, Orthros Medical, Procore, QVQHolding, Ssens

    Andere maatschappelijke partners: Deventer Ziekenhuis, ReumaNederland, Stichting Proefdiervrij

Meer gebruikt materiaal in staal

Data Enhanced Physical models to reduce Materials use (DEPMAT)

programmaleider: prof.dr.ir. Ton van den Boogaard, faculteit Engineering Technology

Om de CO2-uitstoot van de staalproductie te verminderen en een drastische reductie in de benodigde hoeveelheid ijzererts te realiseren, zou het goed zijn om meer schroot te hergebruiken in het productieproces. Maar dat is complex, omdat de samenstelling van het schroot niet altijd hetzelfde is. Dit leidt tot variaties in de mechanische eigenschappen van het geproduceerde staal, en daarmee tot problemen bij de vervaardiging van staalproducten. Het DEPMAT-programma ontwikkelt nieuwe materiaalmodellen die voorspellen hoe de samenstelling van de grondstoffen en de instellingen van het productieproces de uiteindelijke eigenschappen van het geproduceerde staal beïnvloeden. Op deze manier wordt het mogelijk om meer schroot te gebruiken en toch een constante staalkwaliteit te garanderen.

  • Consortium

    Deelnemende kennisinstellingen: TU Delft, TU Eindhoven, Universiteit Twente

    Bedrijven: Bosch Transmission Technology, Geerts Metaalwaren, Outokumpu Nirosta, SKF, Tata Steel

    Andere maatschappelijke partners: M2i

Daarnaast is de UT partner in de programma’s ‘Schoon varen op ammoniak’, geleid door de TU Delft en ‘Duurzame voedselproductie door voorspelbare bodem’, geleid door NIOO-KNAW.

Lees meer in het persbericht van NWO en over het programma van TEKNOWLOGY op 31 mei.

ir. W.R. van der Veen (Wiebe)
Persvoorlichter (aanwezig ma-vr)
+31 53 489 4244 | +31 6 12185692
 w.r.vanderveen@utwente.nl
Gebouw: Spiegel Tuin