Onderwijs

Reglementen Onderwijs

Bindend studieadvies en studentactivisme

Bindend sudieadvies EWI

Alle eerstejaarsstudenten van de bacheloropleidingen Technische Informatica, Technische Wiskunde, Creative Technology en Electrical Engineering krijgen te maken met een bindend studieadvies, ook wel afgekort tot BSA. Dit betekent dat je de opleiding niet mag voortzetten wanneer je aan het eind van het eerste jaar onvoldoende resultaat hebt behaald.

Normen BSA
De minimale norm waaraan je als student moet voldoen is voor alle opleidingen binnen EWI gelijk. Het resultaat wordt gemeten aan de hand van het aantal behaalde EC in het eerste studiejaar, waarbij 1 EC staat vooreen studiebelasting van 28 uur. Een studiejaar heeft een totale studiebelasting van 60 EC of 1680 uur. Aan het eind van het eerste studiejaar dient tenminste 45 EC behaald te zijn.

Studiebegeleiding
Iedere student krijgt aan het begin van het studiejaar een aanspreekpunt toegewezen. Dit is de studieadviseur eventueel aangevuld met een docentmentor/tutor of studentmentor. De student krijgt regelmatig feedback op de studievoortgang; middels persoonlijke gesprekken en/of een voorlopig studieadvies. Het contact met de studieadviseur is essentieel in het geval van bijzondere omstandigheden die tot studievertraging (kunnen) leiden (zie hoofdstuk 4).

De studieadviseur maakt van alle gesprekken met de studenten gespreksnotities. Deze notities staan in Osiris en zijn voor de student altijd inzichtelijk. De student kan op deze manier ook teruglezen wat de gespreksonderwerpen zijn geweest. In het geval van bijzondere omstandigheden zal dit ook in Osiris op deze manier worden genoteerd. De gespreksnotities zijn alleen inzichtelijk voor de student en de studieadviseur. Gesprekken met docentmentoren/tutoren en of studentmentoren worden niet in Osiris genoteerd.

Gevolgen BSA
Wanneer de student een negatief bindend studieadvies heeft gekregen, mag hij zich voor een periode van drie jaar vanaf 1 september van het aansluitende studiejaar niet opnieuw inschrijven voor dezelfde opleiding aan de Universiteit Twente.

Staken van de studie
Studenten die vóór 1 februari een verzoek tot uitschrijving hebben ingediend via Studielink en op basis daarvan per 1 februari zijn uitgeschreven van de opleiding, krijgen geen bindend studieadvies. Zij kunnen zich per 1 september weer inschrijven, deze inschrijving zal gelden als de eerste inschrijving van de student. Studenten die zich na 1 februari uitschrijven, krijgen bij het niet behalen van de norm een negatief bindend studie advies. Bij overstap naar een andere opleiding buiten de UT is een andere procedure mogelijk om te voorkomen dat er dubbel collegegeld betaald moet worden. Ga voor meer informatie naar Student Services in de Vrijhof.

1. Visie: Waarom het BSA?

Een leidend principe in de visie van de Universiteit Twente is dat de student als partner betrokken isbij de inrichting en uitvoering van het onderwijs. Het onderwijs is een product van de samenwerking tussen de universiteit en haar studenten; een product dat alleen door een gedeelde verantwoordelijkheid en inspanning voor de kwaliteit ervan tot stand kan komen.

De UT biedt studenten uitdagend onderwijs. Dit kan alleen zo ervaren worden als de student op de juiste plek is. Adequate studiebegeleiding, goede matching en samenwerking met het omringend HBO-onderwijs moeten hiervoor zorgen. De uitdaging voor de UT is om goed georganiseerd onderwijs aan te bieden. Van de studenten mag verwacht worden dat zij inzet en ambitie tonen. Uit eerdere ervaringen van de deelnemende opleidingen blijkt dat studenten die minder dan 45 EC in het eerste jaar halen weinig kans hebben de studie succesvol af te ronden. Bij enkele opleidingen is ook gebleken dat het niet behalen of uitstellen van bepaalde vakken een negatief effect heeft op het studiesucces. Studenten die in deze situatie terecht zijn gekomen, blijken bij de betreffende opleiding niet op de juiste plek te zitten om het beste in zichzelf naar boven te halen.

De hoofddoelstelling van het BSA is studenten sneller “op de juiste plek” te krijgen. Daarnaast heeft het BSA als doel studenten uit te dagen om vanaf het begin van hun studie hoge studieprestaties te leveren. Studenten moeten wel de mogelijkheid hebben om aan extra-curriculaire activiteiten deel te nemen, bijvoorbeeld deelnemen in een commissie of een studiereis mede organiseren.

Wanneer een student in het eerste jaar voldoende EC en bepaalde kritische vakken haalt, zou de student tijdig de studie moeten kunnen afronden. Wanneer de student ondanks voldoende inzet toch vertraging oploopt, zal er serieus gekeken moeten worden wat er aan de hand is. Concluderend kan gezegd worden dat het BSA ook tot verplichtingen bij de opleiding leidt.

Het behalen van de norm moet gezien worden als absoluut minimum. Het doel zou moeten zijn om in het eerste jaar de propedeuse te halen. Onderwijs- en examenprogramma’s zijn zo ontworpen dat studenten aangezet worden daarnaar te streven en bij voldoende inspanning 60 EC in het eerste jaar moeten kunnen realiseren. Elke opleiding heeft een Opleiding- en Examenregeling (OER) die de rechten en plichten regelt van studenten ten aanzien van onderwijs, tentamens en examens. In de OER is ook opgenomen of de opleiding een BSA hanteert. De uitvoering van het BSA door de opleiding moet voldoen aan de richtlijn bindend studieadvies. Dit document “hoe werkt het Bindend Studieadvies” is een uitwerking van alle voor studenten relevante artikelen uit de richtlijn. In de richtlijn is ook opgenomen dat opleidingen aanvullende eisen mogen opnemen in het opleidingsspecifieke deel van de OER. In het studiejaar 2012-2013 is dat voor geen van de EWI opleidingen het geval.

2. Jaarcirkel BSA en studiebegeleiding
Studiebegeleiding is niet gebonden aan bepaalde tijdstippen per jaar. Wanneer daar behoefte aan is, kan contact gezocht worden met de mentor en/of studieadviseur. In het eerste jaar zijn er een aantal fasen aan te wijzen die van belang zijn wanneer opleidingen het BSA hanteren.

Fase 1

De student krijgt voor 1 september een brief met informatie over het BSA. Hierin staat onder andere dat de opleiding werkt met een BSA, de relevante eindnormen en de procedure rondom studieadviezen. In het kennismakingsgesprek wordt dit nogmaals onder de aandacht gebracht bij de student. Dit individuele gesprek vindt plaats voor eind oktober en wordt gehouden door de studieadviseur, docentmentor of studentmentor. Wanneer er sprake is van persoonlijke omstandigheden die voor vertraging zorgen, kan worden gewerkt met een persoonlijk studieplan. Wanneer daar reden toe is, zal deze mogelijkheid besproken worden tijdens het kennismakingsgesprek.

Fase 2
De student krijgt uiterlijk voor 25 januari een eerste studieadvies, zodat de student nog kan besluiten om voor 1 februari te stoppen met de opleiding. Dit is een advies gebaseerd op de dan al bekende tentamenresultaten behaald in blok 1A. In de praktijk krijgen studenten dit advies al in december, omdat de resultaten van blok 1A eerder bekend zijn. Bij dit advies worden studenten die niet op koers lopen om de norm te behalen, tevens opgeroepen voor een gesprek met de studieadviseur.

Wanneer studenten na afloop van de tweede tentamenperiode (Blok 1B) niet op koers lopen om de norm te behalen worden ze (opnieuw) opgeroepen voor een gesprek.

Fase 3
Voordat de studenten een zogenoemd eindadvies krijgen, wordt een tweede studieadvies gegeven. Dit advies wordt uitgebracht nadat de tentamens van blok 2A bekend zijn (mei/juni). Wederom worden studenten opgeroepen voor een gesprek wanneer ze niet op koers lopen om de norm te behalen.

Fase 4
Wanneer de student na afloop van het studiejaar aan de norm heeft voldaan krijgt de student een positief advies. Dit houdt in dat de student kan doorstromen in het tweede bachelorjaar en eventuele niet voltooide eerstejaars vakken kan voltooien in zijn verdere studieloopbaan. De student die niet aan de norm heeft voldaan, krijgt uiterlijk 31 augustus een negatief bindend studie advies.

Dit wordt gegeven door de examencommissie op basis van de resultaten tot en met de herkansingsperiode van blok 2B (blok 3). Zo snel mogelijk nadat de examencommissie uitspraak heeft gedaan, wordt de student hiervan op de hoogte gesteld door de opleiding. Bij een negatief bindend studieadvies moet de student per direct stoppen met de opleiding en kan zich drie jaar vanaf 1 september van het aansluitende studiejaar niet opnieuw inschrijven voor dezelfde studie op de Universiteit Twente. Het is mogelijk dat bij persoonlijke omstandigheden deze norm niet geldt of een andere norm van toepassing is. De student dient zo snel mogelijk maken aan de studieadviseur dat er persoonlijke omstandigheden van toepassing zijn. Zie voor meer informatie hoofdstuk 4.

In onderstaande tabel is uitgesplitst wanneer een student een negatief studieadvies krijgt en tijdens het studiejaar en uitgenodigd wordt bij de studieadviseur.


Op koers voor positief studieadvies?

Blok 1a

Blok1b

Blok 2a

Blok 2b

Technische Informatica 

10/15

20/30

30/45

45/60

Technische Wiskunde

09/15

19/30

29/45

45/60

Creative Technology

10/15

20/30

30/45

45/60

Electrical Engineering

15/15*

30/30*

45/45*

45/60

*bij de gesprekken wordt wel door de SA gekeken naar de ‘deelcijfers’

3. Persoonlijke omstandigheden
Het kan voorkomen dat een student door persoonlijke omstandigheden (een periode) niet of nauwelijks heeft kunnen studeren. Onder persoonlijke omstandigheden worden verstaan: ziekte, handicap, bijzondere familieomstandigheden, zwangerschap en bestuurslidmaatschap. Wanneer hierdoor de norm mogelijk niet gehaald kan worden is het belangrijk op tijd de juiste acties te ondernemen. Mogelijk kan er dan van de norm afgeweken worden. Hieronder worden de procedure en de rol van de bsa-commissie, studentendecaan en examencommissie besproken

3.1 De basisprocedure

1. De student meldt bij de studieadviseur dat de studie hinder ondervindt of gaat ondervinden door persoonlijke omstandigheden. De student draagt er zorg voor dat er zoveel mogelijk officiele verklaringen (van deskundigen zoals bijvoorbeeld huisarts of psycholoog) van zijn situatie beschikbaar zijn. Zie hiervoor ook de Richtlijn Bindend Studieadvies Universiteit Twente.

2. De studieadviseur en student maken samen een studieplan dat recht doet aan de omstandigheden. Het studieplan wordt opgenomen in het BSA-dossier van de student.

3. Wanneer er niet aan de BSA-norm voldaan kan worden, moet de student een afspraak maken met de studentendecaan (Zie 6.2)

4. Vervolgens dient de student voor 1 juli een aanvraag voor toetsing van de omstandigheden in bij de BSA-commissie (Zie 6.3). Deze aanvraag bestaat uit een persoonlijke verklaring over de ernst, en de aard van de omstandigheden met bewijsstuk naar de Rode Balie in de Bastille: Universiteit Twente, secretaris BSA-commissie, De Rode Balie, Postbus 217, 7500 AE Enschede.De volgende gevallen kunnen zich voordoen:

a. in het geval van ziekte, handicap/functiebeperking of bijzondere familieomstandigheden is het bewijsstuk een verklaring van arts of psycholoog, welke dient aan te geven in welke mate de studievoortgang is belemmerd en een schatting van de periode te geven waarin de persoonlijke omstandigheid zich voordoet. De student kan ook contact op nemen met een campushuisarts voor het verkrijgen van deze verklaring.

b. in het geval van zwangerschap/bevalling is dit een verklaring van de verloskundige of gynaecoloog met daarin de verwachte datum van geboorte. Bij een zwangerschap wordt aangenomen dat de studente vier maanden niet of nauwelijks in staat is om te studeren. Indien de studievertraging meer bedraagt dan de genoemde vier maanden moet er, voor de periode dat de vertraging langer duurt, een andere grond dan zwangerschap/bevalling zijn.

5. De BSA-commissie beoordeelt de geldigheid, de verwachte duur en de ernst van de persoonlijke omstandigheden. Hierover wordt een advies uitgebracht aan de examencommissie en aan de student.

6. De Examencommissie geeft het eindadvies (wel/geen negatief BSA) en zal rekening houden met de ziekteperiode en de geleverde studieprestaties beoordelen in het licht van het aangepaste studieplan. (Zie 4.4)

3.2 Studentendecaan

Een studentendecaan informeert en adviseert de student bij alle problemen waar hij/zij tijdens de studie mee te maken kan krijgen. De studentendecaan lost het probleem niet op, maar kan wel adviseren, bemiddelen en/of doorverwijzen naar andere hulp- of dienstverleners of instanties. Uit ervaring is gebleken dat het voor studenten lastig is om een persoonlijke verklaring te schrijven. Daarom moet de student voordat hij/zij de aanvraag voor toetsing indient een afspraak maken met de studentendecaan. De studentendecaan kan advies geven en helpen met de formulering van het probleem. De studentendecaan kan ook adviseren over andere (financiële) regelingen die van toepassing kunnen zijn. Na toestemming van de student kan de studentendecaan dit inbrengen in het overleg van de BSA-commissie.

3.3 BSA-commissie

De student kan een aanvraag bij de BSA-commissie indienen wanneer de door de opleiding gestelde norm voor studievoortgang door persoonlijke omstandigheden niet wordt gehaald. Op basis van de door de student aangeleverde informatie, zoals beschreven in paragraaf 4.1, toetst de BSA-commissie de aanvraag. De commissie 2011-2012 bestaat uit de volgende leden:

- mevrouw drs. P. van Adrichem-Rotteveel (tevens voorzitter van Commissie Verlening Afstudeersteun)

- mevrouw mr. C. van Dijken (studentendecaan)

- de heer dr. ir. R. Langerak (niet-betrokken opleidingsdirecteur)

- de heer M.A.M. Evertzen (niet-betrokken studieadviseur)

De secretaris van de BSA-commissie is mevrouw M. van Heijst-Wijkhuizen. Er wordt vertrouwelijk omgegaan met de gegevens van de student.

3.4 Examencommissie

De Examencommissie van de opleiding brengt voor 31 augustus het eindadvies uit. Dit kan een positief of negatief bindend studieadvies zijn. Wanneer een student een aanvraag bij de BSAcommissie heeft ingediend wordt de Examencommissie schriftelijk op de hoogte gesteld. De BSAcommissie beoordeelt de geldigheid, de verwachte duur en de ernst van de persoonlijke omstandigheden.

Op basis van het advies van de BSA-commissie en de geleverde studieprestaties in het licht van het aangepaste studieplan zal de examencommissie een bindend eindadvies uitbrengen.

4. In beroep gaan

De student kan in beroep gaan tegen een negatief bindend studieadvies. Het beroep dient schriftelijk en ondertekend ingediend te worden bij het Klachtenloket UT. De termijn voor het indienen van het beroepschrift bedraagt 6 weken na dagtekening van het besluit van de examencommissie. Binnen 10 weken na ontvangst van het beroepschrift wordt er uitspraak gedaan.

Studentactivisme bij bacheloropleidingen EWI

Uitgangspunten:

  • EWI onderschrijft het belang van studiegerelateerd activisme zoals besturen en commissies van de studieverenigingen, sportverenigingen en dergelijke.
  • De kwaliteit en de voortgang van de studie heeft prioriteit
  • In de eerste twee studiejaren studeert men voltijds en dient activisme naast de studie gedaan te worden. Dit komt neer op Categorie 1 zoals omschreven in BESCHRIJVING VAN DE TOEWIJZING VAN ACTIVISMEBEURZEN EN VASTGESTELDE BASISLIJST VAN ACTIVISMEBEURZEN[1]
  • Activisme dat niet naast de studie gedaan kan worden wordt gedurende de eerste twee studiejaren niet ondersteund en wordt sterk afgeraden
  • Bij door de UT erkend activisme dat niet naast de studie gedaan kan worden, maar dat nog wel enige ruimte biedt voor studie stelt de opleiding zich meewerkend op. Dit betreft activisme van de categoriën 2 en 3 van bovengenoemd document, en studenten die bovendien (bijna) nominaal de eerste twee jaar van hun studie afgerond hebben. De medewerking van de opleiding houdt in dat de student in overleg met de opleiding (studieadviseur of bachelorcoördinator) een studieplan opstelt dat naast het activisme uitgevoerd kan worden. Als dit studieplan delen van modules bevat dan kan de student bij de examencommissie een verzoek indienen om de geldigheid van de resultaten voor deze onderdelen met een jaar te verlengen.


[1] Zie Bijlage B van de FOBOS regeling.

REGELING HARDE KNIP

Informatie over de "Harde knip" vind je hier

Onderwijs- en examenregeling (OER)

2016-2017

Richtlijn Bachelor OER

Onderstaand document betreft de Richtlijn voor alle Onderwijs- en Examenregelingen. Deze geldt voor alle bacheloropleidingen binnen EWI behalve ATLAS. Deze richtlijn wordt per opleiding aangevuld met de Opleidingsspecifieke bijlage van de OER.

Opleidingsspecifieke bijlagen Bachelor OER

Master OER

2015-2016


Richtlijn Bachelor OER

Onderstaand document betreft de Richtlijn voor alle Onderwijs- en Examenregeling. Deze geldt voor alle bacheloropleidingen binnen EWI. Deze richtlijn wordt per opleiding aangevuld met de Opleidingsspecifieke bijlage van de OER.

Opleidingsspecifieke bijlagen Bachelor OER

Opleidingsspecifieke bijlagen Master OER

2014-2015

Richtlijn Bachelor OER

Onderstaand document betreft de Richtlijn voor alle Onderwijs- en Examenregeling. Deze geldt voor alle bacheloropleidingen binnen EWI. Deze richtlijn wordt per opleiding aangevuld met de Opleidingsspecifieke bijlage van de OER.

Opleidingsspecifieke bijlagen Bachelor OER

Opleidingsspecifieke bijlagen Master OER

Regels en Richtlijnen