Regelingen

Gedragscode voertalen

(Positief advies UR d.d. 3 maart 2010; CvB brief km. S&C/389.373/sm d.d. 10 maart 2010 aan UR)

  1. Het bacheloronderwijs aan de UT wordt gegeven en de examens worden afgenomen in het Nederlands. In afwijking van de eerste volzin kan in een bacheloropleiding een andere taal worden gebezigd: 
    1. wanneer het een opleiding met betrekking tot die taal betreft, 
    2. wanneer het onderwijs betreft dat in het kader van een gastcollege door een anderstalige docent gegeven wordt, of 
    3. indien de specifieke aard, de inrichting of de kwaliteit van het onderwijs dan wel de herkomst van de studenten daartoe noodzaakt.
  2. Het masteronderwijs aan de UT wordt Engelstalig gegeven, aangezien de specifieke aard, de inrichting en de kwaliteit van het onderwijs daartoe noodzaakt.
  3. Voor al het Engelstalig onderwijs aan de UT geldt dat de examens Engelstalig worden afgenomen, tenzij de specifieke aard, de inrichting of de kwaliteit van het onderwijs, dan wel de herkomst van de student aanleiding geeft om het examen Nederlandstalig af te nemen.
    Ten aanzien van de bepalingen in artikel 2 en artikel 3 gelden de volgende voorwaarden:
    1. het is de verantwoordelijkheid van de opleidingen om te voorkomen dat het Engelstalig aanbieden van het onderwijs en het Engelstalig afnemen van examens ten koste gaat van de kwaliteit en studeerbaarheid van het onderwijs, 
    2. om de kwaliteit van het Engelstalig onderwijs te garanderen dienen alle docenten die bij het uitoefenen van hun onderwijstaken Engels als voertaal hanteren aantoonbaar te beschikken over het niveau van Engelse taalvaardigheid, dat nodig is om de betreffende onderwijstaak naar behoren uit te voeren. De opleiding, waartoe een onderwijseenheid behoort, wordt verantwoordelijk gehouden voor het toezien op en het naleven van deze voorwaarde,
    3. om de kwaliteit van het Engelstalig onderwijs te garanderen dienen alle studenten die wensen deel te nemen aan het betreffende onderwijs en de daaraan verbonden examens, aantoonbaar te beschikken over de daartoe benodigde Engelse taalvaardigheid. De opleiding, waartoe een onderwijseenheid behoort, wordt verantwoordelijk gehouden voor het toezien op en het naleven van deze voorwaarde,
    4. indien een opleiding constateert dat docenten of studenten niet voldoen aan de voorwaarden zoals gesteld in het tweede en derde lid, dient de opleiding, waartoe de betreffende onderwijseenheid behoort de docenten en studenten de mogelijkheid te bieden om alsnog aan de gestelde voorwaarden te voldoen. Daarbij dient een opleiding nadrukkelijk rekening te houden met de voorwaarde zoals gesteld in het eerste lid.
  4. In het Onderwijs- en Examenreglement (OER) van iedere opleiding dient te zijn vastgelegd welke voertaal wordt gehanteerd binnen de betreffende opleiding. Voor de Engelstalige opleidingen geldt dat in het OER dient te zijn vastgelegd op welke wijze de opleiding garandeert, dat wordt voldaan aan de daaraan verbonden voorwaarden, zoals gesteld in artikel 3.