Over humor valt te twisten

Over Humor Valt te Twisten!

Onderzoekje Wetenschapswinkel Introductiemarkt 2009

Een stralende zon aan de hemel, 29 graden op de thermometer, een lekker muziekje en honderden studenten: kortom alle ingrediënten voor een perfecte introductiemarkt. Gewapend met drie cartoons, een zak vol roerstaafjes en met een uitrusting als echte wetenschappers was ook de Wetenschapswinkel UT vertegenwoordigd.

Dat wetenschap een serieuze zaak is, wil natuurlijk niet zeggen dat humor niet te onderzoeken is. Èn dat is nu precies wat wij op deze woensdagmiddag 19 augustus gedaan hebben. Als ludieke actie om de wetenschapswinkel te promoten hebben wij dit maal zelf een ‘mini-experimentje’ onder de studenten uitgevoerd.

Aan studenten is gevraagd om drie cartoons te beoordelen en een daarbij passend cijfer te geven van nul tot en met tien. Hoe leuker de cartoon, hoe hoger het cijfer. Het beoordelen gebeurde echter wel met een extra handicap: met behulp van een roerstaafje. Studenten moesten òf een roerstaafje tussen de tanden klemmen (zodat er een lach op je gezicht ontstaat) òf juist het lepeltje tussen de lippen klemmen (er ontstaat zo een frons op het gezicht).

Het experimentje is gebaseerd op de ‘Facial Feedback Hypothesis’, dat een relatie veronderstelt tussen emotionele expressie en emotionele gevoelens. Darwin merkte op dat het toe- of afnemen van expressies de intensiteit van de corresponderende emoties beïnvloedt. Volgens William James zal een individu die gedwongen wordt om te glimlachen de cartoon hoger beoordelen dan een individu die juist gedwongen wordt om te fronsen.

De cijfers en gegevens van 42 studenten zijn genoteerd en wat blijkt wanneer we eerst naar de totalen kijken (zowel conditie tussen de tanden als tussen de lippen)?

Allereerst zijn er grote verschillen waar te nemen in de cijfers die studenten geven aan dezelfde cartoon. Zo wordt er aan cartoon nummer 2 (“Er zit zoveel in”) door een student nog het cijfer 0 toegekend, de volgende student ziet de humor er wel van in en deelt zelfs een tien uit. Over humor valt dus te twisten! De drie cartoons worden beoordeeld met respectievelijk de gemiddelde cijfers 6.6 (cartoon 1), 3.8 (cartoon 2) en een 7.1 (cartoon 3).

Vervolgens kijken we naar de verschillende condities. Is er een duidelijk verschil tussen studenten met een lach op het gezicht (roerstaafje tussen de tanden) en studenten met een frons (lepeltje tussen de lippen)? Het antwoord kan kort zijn: Nee, er is door ons geen duidelijk verschil tussen de condities waargenomen!

Onder de conditie ‘lach’ worden de cartoons als volgt beoordeeld: 6.6, 3.6, 7.3. Onder de conditie ‘frons’ worden de cartoons beoordeeld: 6.6, 3.9, 7.0. Zoals uit de gegevens valt af lezen is er bij cartoon 2 zelfs sprake van een hogere beoordeling wanneer er met een ‘frons’ gekeken is dan met een lach! Dit gaat dus juist tegen onze hypothese in.

Natuurlijk kunnen op basis van dit onderzoekje geen harde en significante uitspraken worden gedaan en is er gezien alle externe omstandigheden en het beperkte aantal respondenten, geen sprake van een ècht wetenschappelijk onderzoek. Ben jij wel geïnteresseerd in het uitvoeren van een ècht wetenschappelijk onderzoek? Houd dan onze internetsite in de gaten voor actuele opdrachten!

http://www.wewi.utwente.nl/studenten/

Afbeelding: cartoon 1

Cartoon 1

Afbeelding: cartoon 2

Cartoon 2

Afbeelding: cartoon 3

Cartoon 3