1999

99-13

WETENSCHAPSAGENDA 99/13 07-10-1999

Agenda

Samenvattingen promoties

Stellingen

Archief

Deze wetenschapsagenda is een periodieke uitgave van de Universiteit Twente. Zij verschijnt ± 20 maal per jaar in een oplage van 500 stuks. Bel of mail ons voor nadere informatie of een gratis abonnement.

Dienst Voorlichting en Externe Betrekkingen, Postbus 217, 7500 AE Enschede, telefoon (053) 489 4244, E-mail: b.meijering@veb.utwente.nl
Laatste nieuws op Internet: URL: http://www.utwente.nl/nieuws


Proefschriften ook on-line beschikbaar
Een groot aantal proefschriften zijn direct opvraagbaar via de website van de Universiteitsbibliotheek. De documenten zijn in het kader van het webdocproject per faculteit /instituut integraal opgeslagen in pdf formaat.

Samenvattingen promoties

Succesvolle ontwerper hanteert regels creatief

*vrijdag 8 oktober 1999

promotie drs. J.I.A. Visscher-Voerman, faculteit Toegepaste Onderwijskunde, ‘Design Approaches in Training and Education: a reconstructive study’

Van onderwijskundige ontwerpers met een goede reputatie kunnen we veel leren. Dat was het uitgangspunt van drs. J.I.A. (Irene) Visscher-Voerman voor haar promotie-onderzoek. Na een uitgebreide praktijkstudie concludeerde zij dat de meeste ontwerpers liever vanuit oplossingen werken dan vanuit problemen, in tegenstelling tot wat traditionele ontwerpmodellen voorschrijven. Verder blijkt dat ontwerpers veel ontwerpregels onbewust inzetten en als vanzelfsprekend ervaren. Echt vakmanschap is de kunst der regels creatief te hanteren.

Via een uitgebreide ‘exploratieve reconstructiestudie’ probeerde Irene Visscher boven water te krijgen hoe onderwijskundige ontwerpers met een goede reputatie in de praktijk te werk gaan. Oriënterende interviews met 14 ontwerpers en een literatuurstudie, werden gevolgd door een casestudie in verschillende ontwerpsectoren zoals: schoolboek- en curriculumontwikkeling; ontwerp van educatieve media en van afstandsonderwijs; ontwerp van bedrijfsopleidingen zowel door interne opleidingsafdelingen als door externe bureaus. In een afsluitende workshop werden ontwerpers geconfronteerd met de ontwerpprincipes die Visscher hieruit had gedestilleerd.

Valkuilen

Omdat ontwerpers veelal vanuit een bepaalde expertise ontwerpen kan hun werkwijze volgens Visscher gekarakteriseerd worden als ‘oplossingsgestuurd’. Dit in tegenstelling tot traditionele ontwerpmodellen die een probleemgestuurde aanpak voorstaan. De mate van innovatie bepaalt in de praktijk het algemene verloop van de ontwerpprocessen sterk. Gebrek aan tijd of budgettaire problemen zijn nog wel eens reden om specifieke activiteiten, zoals evaluaties, over te slaan.

Visscher formuleerde op basis van haar bevindingen een reeks mogelijke verbeteringen voor bestaande ontwerpmethoden. Ontwerpers starten doorgaans met een beperkte analyse die uitmondt in een projectplan om het project op de rails te krijgen. Deze analyse richt zich op de specificering van de oplossing. Bestaande materialen, kleine prototypen en het doordenken van mogelijke valkuilen passeren hierbij de revue.

Cycli

‘Formatieve evaluatie’ is volgens Visscher handig als geïntegreerd onderdeel van de ontwerpersaanpak. Succesvolle ontwerpers hebben dergelijke, vaak informele, evaluatie-activiteiten al zodanig in hun werk opgenomen dat zij ze niet langer als afzonderlijke activiteiten beschouwen. Juist wel als aparte activiteit zien de ontwerpers de ‘anticipatie op de implementatie’. Veel aandacht richten zij erop om toekomstige gebruikers en betrokkenen voor te bereiden op hun nieuwe product.

Het creëren van ‘ownership’ is ook een belangrijke middel om tot een goed eindproduct te komen. Bij vormen van herontwerp zijn veelal minder cycli nodig en kan bijvoorbeeld de analyse-activiteit worden beperkt. Ook ‘concurrent engineering’ technieken worden volgens Visscher in de onderwijskunde nog niet ten volle benut. Hierbij worden verschillende ontwerpactiviteiten vroegtijdig en voortdurend op elkaar afgestemd.

Het strikt volgen van ontwerpprincipes leidt niet per se tot een goed ontwerp. In één van haar stellingen constateert Visscher dat het strikt volgen van de regels van harmonie en contrapunt evenmin een garantie biedt op een goede compositie. Visscher weet waarover ze praat want twee jaar geleden haalde ze haar ‘praktijkdiploma koordirectie’ bij Kees Stolwijk aan het Conservatorium in Enschede.

promotoren prof. dr. J.J.H. van den Akker en prof. dr. Tj. Plomp
informatie M.A.M. van Zaalen, tel (053) 489 2214
e-mail m.a.m.vanzaalen@veb.utwente.nl


Microscoop brengt immuunreacties in kaart

promotie ir. O.H. Willemsen, faculteit Technische Natuurkunde, ‘Detection of Tip-Surface Interactions in Atomic Force Microscopy’

Atomic Force Microscopy maakt het mogelijk om moleculen af te beelden, door met een scherpe naald over een oppervlak te scannen. Deze ‘scanning’ microscopie technieken zijn sterk in opkomst. Ook is het nu mogelijk om de krachten te meten die nodig zijn om een molecuul, of complex van moleculen, los te trekken van het oppervlak. Willemsen heeft hiervoor een nieuwe methode ontwikkeld, waarbij hij een ‘receptor’ aanbrengt op de tip, een stof die alleen moleculen van één specifieke andere stof aantrekt. Komt zo’n gemodificeerde tip dan in de buurt van een molecuul dat –als een sleutel in een sleutelgat- past in die receptor, dan kan de AFM-tip de verbinding tussen de receptor en het molecuul lostrekken. De interacties tussen de tip en de moleculen van het oppervlak zijn dan precies te meten. De meetmethode brengt immuunreacties tussen antilichamen en antigenen in beeld: de krachtige combinatie van afbeelding en krachtmeting lokaliseert deze reacties heel precies. Willemsen verwacht dat met zijn methode binnenkort ook celmembranen kunnen worden afgebeeld, om ook moleculaire interacties in het immuunsysteem te kunnen onderzoeken.

promotores prof.dr. J. Greve en prof.dr. C. Figdor
informatie ir. W.R. van der Veen, tel (053) 489 4244
e-mail w.r.vanderveen@veb.utwente.nl

 

Beter innoveren met het juiste personeel

promotie J. Siswanto, faculteit Technologie & Management: ‘Attitudes of Indonesian engineers and R&D staff towards critical roles in the innovation process'

Indonesische bedrijven krijgen steeds meer te maken met veranderende regionale en globale markten. Productiebedrijven die willen overleven en groeien, kunnen niet meer alleen vertrouwen op externe steun door overheidsmaatregelen. Om een lange-termijn concurrentievoordeel op te bouwen is het belangrijk dat een bedrijf de juiste mensen in huis heeft om innovaties te bedenken en uit te voeren. In het onderzoek is gekeken welke kennis en houding R&D-personeel en ingenieurs nodig hebben om effectief en efficiënt te innoveren, welke persoonlijke factoren het succes van een innovatie ondersteunen en welk personeelsbeleid er nodig is om het benodigde gedrag te initiëren en te stimuleren.

Om effectief en efficiënt te innoveren zijn mensen nodig die samen negen rollen kunnen vervullen: ideegenerator, ideekampioen, projectleider, portier, sponsor/coach, integrator, verkenner, ambassadeur en een inventief handelend persoon. Iemand kan meerdere rollen vervullen, maar niet alle rollen kunnen verenigd zijn in één persoon. Uit analyse blijkt dat de rollen van ambassadeur, integrator en projectleider in Indonesië moeilijk zijn te vervullen door gebrek aan kennis en/of kunde. Een mogelijke oorzaak hiervoor kan liggen in het opleidingssysteem voor dit personeel of in culturele achtergronden.

De persoonlijke factoren die bijdragen aan het succes van een innovatie zijn uitgedrukt in het begrip Innovatieve spirit. Deze spirit is gemeten aan de hand van eigenschappen als creativiteit, bekwaamheid en motivatie. Innovatieve spirit blijkt het best te voorspellen op basis van de scores voor betrokkenheid en de stijl van creatief probleemoplossen.

Over het algemeen blijkt uit het onderzoek dat Indonesische ingenieurs en R&D-personeel met een hoge innovatieve spirit een geloof hebben in nieuwe dingen. Zij houden van veranderingen en niet van de status quo. Ze neigen niet zozeer om ‘dingen beter te doen’ als wel om ‘dingen anders te doen’. Ze buigen de bestaande regels in plaats de bestaande structuur te volgen. Hun motivatie is meer gedreven door een behoefte aan prestatie en affiniteit dan door een behoefte aan macht.

De uitkomsten van het onderzoek geven duidelijke handvatten voor personeelsbeleid. Bij werving van nieuw personeel kan een bedrijf rekening houden met de gewenste eigenschappen. Goede loopbaanbegeleiding kan er bijvoorbeeld voor zorgen dat de minder ontwikkelde eigenschappen worden getraind.

promotoren prof. dr. J.G. Boerlijst en prof. dr. ir. E.J. de Bruijn
informatie mw. W. de Koning, telefoon (053) 489 43 63
e-mail w.dekoning@veb.utwente.nl

Stellingen

Wim Elving, faculteit Wijsbegeerte en Maatschappijwetenschappen , Universiteit Twente

Naast het debat over de noodzakelijke invoering van goede euthanasiewetgeving is het noodzakelijk een discussie te voeren over een betere palliatieve en terminale zorg.

Leertheoretisch gezien resulteren bordjes verboden te roken, met daarop een afbeelding van een brandende sigaret, tot een grotere neiging een sigaret op te steken.