1998

98-10

WETENSCHAPSAGENDA 98/10 25-08-98

Agenda

Samenvattingen promoties

Stellingen

Archief

 

Deze wetenschapsagenda is een periodieke uitgave van de Universiteit Twente. Zij verschijnt 20 maal per jaar in een oplage van 500 stuks. Bel of mail ons voor nadere informatie of een gratis abonnement.

Dienst Voorlichting en Externe Betrekkingen, Postbus 217, 7500 AE Enschede, telefoon (053) 489 43 85, E-mail: a.m.dijkstra@veb.utwente.nl


 

Proefschriften ook on-line beschikbaar
Een groot aantal proefschriften zijn direct opvraagbaar via de website van de Universiteitsbibliotheek. De documenten zijn in het kader van het webdocproject per faculteit /instituut integraal opgeslagen in pdf formaat.

Samenvattingen promoties

katalysatoren en synthesegas
* 27 augustus, 15.00 uur

promotie ir. A.G. (Andrť) Steghuis, faculteit: Chemische Technologie, ĎCatalyzed partial oxidation of methane to synthesis gasí

Aardgas is behalve als aantrekkelijke brandstof ook in toenemende mate van belang als chemische grondstof voor de industrie. Hiervoor wordt methaan, het belangrijkste bestanddeel van aardgas, omgezet naar synthesegas, een mengsel van koolmonoxide en water. Synthesegas is op zijn beurt de basis voor de productie van een aantal belangrijke chemische grondstoffen als methanol, ammoniak en benzine. Ir. Andrť Steghuis onderzocht en ontwikkelde katalysatoren die bij de oxidatie van methaan naar koolmonoxide en waterstof (synthesegas) een rol spelen. Zijn onderzoek richtte zich vooral op de zogenaamde directe partiŽle oxidatie over oxidische katalysatoren.

Het blijkt dat katalysatoren die gebaseerd zijn op overgangsmetalen, bij aanwezigheid van zuurstof en kinetisch bepaalde omstandigheden, de volledige verbranding van methaan bewerkstelligen. Pas in tweede instantie zorgen ze, via de reformings-reacties van methaan met de volledige verbrandingsproducten, voor de vorming van synthesegas. Een tweede conclusie is dat oxyden van niet-reduceerbare metalen met een relatief hoge bindingssterkte van zuurstof methaan voor een deel direct kunnen omzetten naar synthesegas. Deze directe vorming van synthesegas is gebaseerd op de reactie van methaan naar koolmonoxide, waterstof en water.

Steghuis heeft door zijn onderzoek meer inzicht verkregen in proces van methaanoxidatie over verschillende materialen en welke factoren daarbij van belang zijn. Met de ontwikkeling van geschikte katalysatoren voor partiŽle oxidatie van methaan naar synthesegas is ťťn van de belangrijkste processtappen, de synthesegas-productie, sterk te verbeteren. Deze kennis kan eraan bijdragen ver afgelegen aardgasvelden in de toekomst efficiŽnt te gebruiken door ter plekke methaan naar synthesegas om te zetten en hiermee een goed te transporteren waardevol product te maken.
Het onderzoek is gefinancierd door de Europese Unie en onderdeel van het Joule II programma.

promotor prof. dr. J. A. Lercher
co-promotor dr. J.G. van Ommen
informatie mw.drs. A.M. Dijkstra, telefoon (053) 489 43 85
email a.m.dijkstra@veb.utwente.nl


kunststoffen met fluor
* 28 augustus, 13.15 uur

promotie drs. P.J. (Peter Jan) Slangen, faculteit Chemische Technologie: ĎNovel amphiphilic monomers and polymers with oligo (hexafluoropropene oxide) segmentsí

Teflon (polytetrafluoretheen) is een kunststof met bijzondere eigenschappen. Het materiaal is bijzonder goed vuil- en waterafstotend; een voorbeeld is de anti-aanbaklaag in de koekenpan. En ondanks de moeite die het kost om het materiaal te verwerken, is het tegen lage kosten te maken. Over andere fluorhoudende kunststoffen is relatief weinig bekend. Ir. P.J. (Peter Jan) Slangen maakte en onderzocht de eigenschappen van nieuwe fluorbevattende materialen en testte of deze nog betere eigenschappen hebben ten opzichte van teflon. Via organische synthese produceerde hij verschillende (nieuwe) materialen en testte deze op onder meer water- en vuilafstotende of vuilafwerende eigenschappen, gecombineerd met een goede stabiliteit tegenover chemicaliŽn, hoge temperaturen en bruikbaarheid bij lage temperaturen.

Uit zijn onderzoek bleek dat synthese van materialen met een hoge zuiverheid mogelijk is. De materialen bezitten zeer lage oppervlakte-energieŽn en stoten daardoor water en vuil bijzonder goed af. Bij lage temperaturen zijn de materialen interessant omdat ze, in tegenstelling tot teflon, niet kunnen kristalliseren. Daarnaast bleek dat het inbouwen in het materiaal van een zogeheten 'koolwaterstofspacer' de oppervlakte-energieŽn nog verder verlaagt, maar de thermische stabiliteit reduceert.

Uiteindelijk heeft Slangen een bijdrage geleverd aan de fundamentele kennis over materialen die fluorether segmenten bevatten. Toepassingen zijn echter in de directe toekomst nog niet te verwachten. De materialen zouden wel als smeermiddel in de ruimtevaartindustrie of als coating kunnen worden toegepast, maar vanwege de hoge productiekosten is er nog geen toepassing voor dagelijks gebruik. Toch kunnen de materialen, als ze tenminste tegen lagere kosten kunnen worden geproduceerd, vanwege hun vuil- en waterafstotende eigenschappen geschikt zijn voor de industrie. Het onderzoek is gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

promotor prof. dr. M. MŲller
informatie mw.drs. A.M. Dijkstra, telefoon (053) 489 43 85
email a.m.dijkstra@veb.utwente.nl


micro-actuator helpt bij glaucoom
* 28 augustus, 15.00 uur

promotie: C. R. (Cristina) Neagu, faculteit Elektrotechniek: ĎA Medical Microactuator based on an Electrochemical Principal'

Ongeveer vijf procent van de wereldbevolking ouder dan 40 jaar heeft te kampen met een te hoge oogdruk en bij tien procent van alle blinde mensen in Nederland is glaucoom de oorzaak. Glaucoom, groene staar, is een aandoening die, door een te hoge oogdruk, schade aan het optische zenuwcentrum veroorzaakt. Deze schade kan leiden tot afname van het gezichtsvermogen en kan uiteindelijk blindheid veroorzaken. Op dit moment wordt vochtophoping in het oog tegengegaan door de implantatie van een afvoersysteem in het oog. Probleem is alleen dat na de ingreep het niveau van de oogdruk niet te voorspellen is. Bovendien kan de oogdruk voor de patiŽnt niet optimaal worden bijgesteld. PatiŽnten met een glaucoomimplantaat moeten eens in de drie jaar een operatie ondergaan. Dit is een onplezierige ingreep met het risico van beschadiging van het deel van het oog dat nog goed is.

Toepassing van een systeem dat de afvoer van oogvocht continu regelt kan deze postmedische behandeling voorkomen. Zoín regeling zou de behandeling van glaucoom dan ook aanzienlijk verbeteren en vereenvoudigen. Voor dit doel is een microsysteem ontwikkeld die te combineren valt met de bestaande glaucoomimplantaten. Dit systeem, dat werkt als een actieve klep, houdt de oogdruk continu op een gewenste waarde. Door de uitwijking van een geÔntegreerd membraan onder controle te houden, regelt het systeem de doorstroom van het oogkamervocht.
Om een laag energieverbruik en een gedoseerde toevoer mogelijk te maken, is gekozen voor een elektrochemische aandrijving van de actieve klep. Deze aandrijving is gebaseerd op de elektrolyse van een elektroliet op waterbasis. Omkeerbare elektrochemische reacties, gestuurd door een externe stroombron, zorgen voor gasproductie of -reductie; waarbij de richting van dit proces wordt bepaald door de stroomrichting. In een gesloten systeem dient de corresponderende toe- of afname van de gasdruk ertoe om de uitwijking van een buigzaam membraan te regelen en daardoor de doorstroom van het oogkamervocht te bepalen. Als er geen stroom van of naar de elektronische cel loopt, blijft de druk en dus de membraanuitwijking en kanaalweerstand, in het ideale geval constant. Dit betekent dat er dan geen energie nodig is om het niveau van de doorstroomsnelheid constant te houden.
Behalve een relatief hoge druk (tot vele tientallen atmosfeer) maakt het beschreven systeem grote uitwijkingen mogelijk, terwijl het energieverbruik toch relatief laag is ten opzichte van andere aandrijfprincipes. Hoewel commercieel gebruik door glaucoompatiŽnten nog niet aan de orde is, leent het systeem zich al wel voor toepassingen met minder stringente vereisten. Verder is aangetoond dat elektrochemie een nuttig aandrijfprincipe is binnen de microsysteemtechnologie.

promotor prof. dr. M. C. Elwenspoek
co-promotor prof. dr. J. J. Kelly
assistent-promotor dr. J. G. E. Gardeniers
informatie drs. B. Meijering, telefoon (053) 489 4244
e-mail b.meijering@veb.utwente.nl


membraantechnologie als milieutechnologie
* 28 augustus, 16.45 uur

promotie: ir. N.F.A. van der Vegt, faculteit Chemische Technologie: ĎMolecular dynamics simulations of sorption and diffusion in rubbery and glassy polymers'

Membraantechnologie speelt een belangrijke rol bij het oplossen van milieuverontreinigingsproblemen. Zo is het mogelijk om vervuilde lucht of vervuild water te zuiveren, wanneer je daarvoor tenminste een geschikt membraan gebruikt. Maar wanneer is een membraan geschikt? Om deze vraag te kunnen beantwoorden, heb je fundamentele kennis nodig over het transportgedrag van moleculen door membranen. Van der Vegt heeft dit in zijn onderzoek op atomair niveau onderzocht. Hij heeft zich hierbij hoofdzakelijk gericht op het transportgedrag door rubber- en glasachtige polymeren die gebruikt worden in membraanscheidingen. Om het transportgedrag in beeld te krijgen, zijn er computersimulaties gebruikt die in hoge mate de toepasbaarheid van membranen kunnen voorspellen.

De sorptiecoŽfficient (het aantal moleculen dat oplost bij evenwicht) en de diffusiecoŽfficient (de snelheid waarmee de moleculen zich verplaatsen) van opgeloste moleculen zijn twee belangrijke eigenschappen die bepalen of een polymeer geschikt is voor een bepaalde toepassing of niet. Eerder uitgevoerde experimenten hebben hierover veel theoretische modellen opgeleverd, maar over het transportgedrag in glasachtige polymeren bestaat nog veel onduidelijkheid. Van der Vegt is er als eerste in geslaagd om het sorptiegedrag in glasachtige polymeren met succes te simuleren. Deze simulaties leidden tot een beter inzicht in de toepassingsmogelijkheden van deze polymeren. Ook kan men aan de hand van de simulatietechnieken berekenen en voorspellen of bepaalde membranen op een efficiŽnte manier te gebruiken zijn. Inzicht in de oplosbaarheid van moleculen in membranen is bijvoorbeeld van groot belang in moleculaire scheidingsprocessen zoals bijvoorbeeld het filteren van benzinedampen uit lucht.

promotor prof. H. Strathmann
co-promotor prof. dr. W.J. Briels
assistent-promotor dr. M. Wessling informatie
informatie mw.drs. A.M. Dijkstra, telefoon (053) 489 43 85
email a.m.dijkstra@veb.utwente.nl


inspraak en eerlijke controle gewenst bij locatiekeuze afvalverwerkingsinrichtingen
* 3 september, 16.45 uur

promotie: drs. M. (Mirjam) Galetzka, faculteit Wijsbegeerte en Maatschappijwetenschappen: ĎIn the neighbourhood: Explaining local opposition to the siting of waste facilities in the Netherlands'

De bouw van technologische en industriŽle installaties, zoals afvalverwerkingsinrichtingen, stuit vaak op oppositie van de lokale bevolking. In het onderzoek van Galetzka is gekeken naar de factoren die van invloed zijn op de oppositie tegen de locatiekeuze van twee afvalverwerkingstechnologieŽn: een stortplaats en een afvalverbrandingsinstallatie (AVI). Zij heeft dit onderzocht door survey onderzoek uit te voeren naar de publieke risicobeleving. Ook zijn er met succes verschillende sociaal psychologische theorieŽn toegepast om een hypothetisch model op te kunnen stellen. Dit model geeft een verklaring van de gedragsintentie van omwonenden om actie te ondernemen tegen de locatiekeuze van een afvalverwerkingsinrichting in de buurt.

Galetzkaís onderzoek bestaat uit drie deelonderzoeken. Het eerste onderzoek is erop gericht om een algemeen beeld te krijgen van de publieke perceptie van de twee technologieŽn. De twee hierop volgende onderzoeken richtte zich allebei op de reacties van omwonenden op de locatie van enerzijds een stortplaats en anderzijds een AVI. Zo werd aan omwonenden van bestaande AVIís, omwonenden van AVIís in aanbouw en niet-omwonende gevraagd te reageren op een scenario waarin plannen voor de bouw van een nieuwe AVI in de buurt stonden aangekondigd. Verassend is het resultaat van het onderzoek. Het blijkt dat niet-omwonenden het meest negatief reageren op dit scenario. Terwijl omwonenden van een AVI in aanbouw het minst negatief reageren. De omwonenden van een bestaande AVI zitten er precies tussenin. Naast de resultaten over risicobeleving volgen uit het onderzoek ook nog enkele beleidsimplicaties. Ten eerste wensen omwonenden een rechtvaardige en betrouwbare procedure tijdens de besluitvorming. En ten tweede blijkt een financiŽle compensatiemaatregel geen goede oplossing wanneer men besluit een AVI in de buurt te bouwen. Dit zien omwonenden namelijk als omkoping. Omwonenden uiten hun voorkeur voor maatregelen die gericht zijn op inspraak en Ďeerlijkeí controle.

promotor prof. dr. O. Wiegman informatie
informatie mw.drs. H.A. Bakker, telefoon (053) 489 43 63
e-mail h.a.bakker@veb.utwente.nl


Stellingen

G.W. Bos, Chemische Technologie, Universiteit Twente:
Hoewel inmiddels duidelijk is aangetoond dat de grondslagen van de methode Montignac niet berusten op wetenschappelijke feiten, blijft de methode onder hogeropgeleide landgenoten zeer populair, hetgeen nogmaals bewijst: als de wijn is in de man, is de wijsheid in de kan (Van der Pant, K.A.M.I., Ned. Tijdschr. Geneeskunde, 142, 238-242, 1998)

De Nederlandse bijdrage aan het Olympisch schaatsen in Nagano 1998 kan met recht als 'strip-teasing' worden aangemerkt.

Dat de term Algemeen Beschaafd Nederlands een contradictio in terminis is, blijkt wel uit het feit dat in deze taal een 'wees' op ťťn lijn wordt gesteld met een 'hoerenjong'.

Peter Jan Slangen, Chemische Technologie, Universiteit Twente:
Het gillen van meisjes bij slecht het vallen van de naam "Back Street Boys", zonder dat ook maar in de verste verten een lid van deze popgroep te bekennen is, kan worden gezien als aanvullend bewijs, dat Pavlov gelijk had met zijn theorie over de geconditioneerde reflex.

De verschillende ontwikkelingen van de Engelse taal in Engeland, de Verenigde Staten en AustraliŽ gedurende de laatste 300 jaar, kunnen worden gezien als een onderbouwing van de (neo-)Darwinistische ideeŽn betreffende variatie van een soort, versterkt door isolatie.

Ir. R.E.G. (Edwin) Poorte, Technische Natuurkunde, Universiteit Twente:
Gezien het feit dat je steeds eerder te oud bent voor veel functies is het opmerkelijk dat de opleiding van jongeren steeds langer duurt.

De naam reality TV is goed gekozen, niet zozeer omdat het dagene laat zien wat de mens in werkelijkheid overkomt, maar omdat het datgene laat zien wat de mens in werkelijkheid is.

De kans dat onder ťťn kap wonende Nederlandse huizenbezitters hun houtwerk in dezelfde kleur verven is klein.

Binnen "engineering accurary" zijn alle deelnemers van individuele prestatie sporten, zoals atletiek en schaatsen, winnaar.

Deeltjesversnellers worden wel betiteld als de kathedralen van de wetenschap. Deze vergelijking gaat voorbij aan het feit dat kathedralen door niet-gelovigen mooier gevonden worden dan deeltjesversnellers door niet-wetenschappers.

Elwin Savelsbergh, Toegepaste Onderwijskunde, Universiteit Twente:
Succesvolle invoering van een europees milieukeurmerk zal als bijwerking hebben dat milieuvriendelijke producten over langere afstranden vervoerd worden.

De ware onderzoeker is overŗl op ontdekkingsreis.