UT-hoogleraar Loes Segerink werkt in een consortium samen met andere onderzoeksinstellingen aan een biosensorchip die baarmoederhalskanker in urine opspoort. De nieuwe technologie moet het uitstrijkje vervangen. Ze hoopt dat de nieuwe methode over vijf tot tien jaar een passend alternatief is.
‘De standaardmethode nu is een uitstrijkje,’ legt Segerink uit. ‘Dat moet naar een lab, waar het wordt onderzocht op aanwezigheid van het Humaan Papillomavirus (HPV-virus), een indicator dat er in de toekomst kans is op baarmoederhalskanker. Zo’n uitstrijkje laten afnemen, is geen fijne ingreep. En je zit een paar weken in onzekerheid tot je de uitslag krijgt,’ legt Segerink het probleem uit.
Te laat
Mede daardoor laat de helft van alle vrouwen tussen de dertig en zestig jaar in Nederland nooit een uitstrijkje maken, ondanks dat ze allemaal regelmatig een oproep in de brievenbus krijgen. Met alle gevolgen van dien. ‘De kanker is heel goed op te sporen, maar veel mensen komen er pas achter als het al te laat is. Terwijl het volledig te voorkomen is.’
De opkomst bij het bevolkingsonderzoek onder vrouwen met een migratieachtergrond is nog lager, weet Segerink. Volgens haar zelfs maar rond de twintig tot dertig procent. Dat komt onder andere door taal, taboe, angst voor een eventuele mannelijke dokter en het simpele feit dat in sommige culturen de man de post sorteert en niet doorheeft hoe belangrijk het is. ‘Dat is de meer sociologische tak van het onderzoek; hoe bereik je deze doelgroep? We zouden bijvoorbeeld theehuizen en moskeeën erbij kunnen betrekken.’
Potje urine
Segerinks chip kan straks onderdeel worden van een apparaatje dat DNA-sporen van baarmoederhalskanker in urine detecteert. ‘Onderzoek doen is op deze manier veel makkelijker. Vrouwen hoeven alleen een potje urine in te leveren. Een doktersassistent analyseert een monster met een apparaatje. Bijna letterlijk zo gepiept. Je weet direct de uitslag.’
Samenwerking
De onderzoeker werkt hiervoor samen met het TechMed Centrum. ‘Vooral op het gebied van studenteninteracties. We hebben namelijk veel studenten van de opleidingen biomedische technologie en technische geneeskunde op dit project zitten.’
Ook wordt er samengewerkt met het bedrijfsleven, zoals met UT-spin-off Micronit. Daar werken ze aan de Mykee, een zogenoemd sample-to-answer platform om op eenvoudige wijze snel testresultaten te krijgen. ‘Samen met Laura Folkertsma-Hendriks van Micronit zijn wij aan het kijken hoe we de Mykee kunnen inzetten voor dit project, zodat het inderdaad toepasbaar wordt buiten de universiteit. De eerste resultaten zijn veelbelovend.’
Meer informatie
Deze tekst verscheen eerder in het TechMed Magazine 2026, interview door Martin ter Denge (U-Today).
Meer recent nieuws
do 16 jul 2026Veni-subsidie voor drie UT-onderzoekers
wo 15 jul 2026Wereldwijd unieke metingen in Enschede moeten stedelijke hittestress beter voorspellen
di 14 jul 2026UT-hoogleraar Cristian Hesselman werkt mee aan advies voor weerbaardere telecom- en internetinfrastructuur
ma 13 jul 2026Van Twents idee naar wereldbedrijf: Geert-Jan Bruinsma ontvangt Van den Kroonenberg Oeuvre Award
do 9 jul 2026NWO-toekenningen voor vier UT-onderzoekers