De zorg verandert razendsnel en technologie speelt daarin een steeds grotere rol. Achter de schermen vormen steeds meer innovaties onderdeel van de dagelijkse praktijk. Technisch geneeskundigen (TG’ers) zijn onlosmakelijk hieraan verbonden, ze ontwikkelen in samenwerking met artsen en andere zorgverleners steeds slimmere, snellere en complexere oplossingen. Wat het werk van deze beroepsgroep inhoudt, lieten vier TG’ers, afgestudeerd aan de Universiteit Twente, zien tijdens een persbijeenkomst in het Radboudumc.
Technisch geneeskundigen staan met techniek in de zorg. ‘Onze titel doet vermoeden dat we alleen met techniek bezig zijn, maar we zijn óók BIG‑geregistreerde zorgprofessionals,’ vertelt Roel Verhoeven, technisch geneeskundige en voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Technisch Geneeskundige, tijdens de opening van het evenement. ‘We bewegen ons moeiteloos tussen de wereld van de patiënt en die van de technologie.’
Hoewel technisch geneeskundigen veel handelingen mogen uitvoeren die ook artsen verrichten, zijn er significante verschillen. Zo ligt de nadruk binnen de opleiding Technisch Geneeskunde, naast het centraal staan van de techniek, meer op anatomie en fysiologie. ‘Technisch geneeskundigen worden minder opgeleid om ziektebeelden te herkennen of behandelen’, legt Verhoeven uit. ‘Maar de combinatie van medische kennis en technologische expertise is erg waardevol. Zo is er grote behoefte aan technologie in de zorg, niet alleen om de zorg te kunnen verbeteren, maar ook om met minder personeel te kunnen leveren.’ Daarmee benadrukt Verhoeven ook de noodzakelijke samenwerking tussen arts en technisch geneeskundige: ‘We kunnen van elkaar leren. Juist door intensief samen te werken, kunnen we de kwaliteit van zorg verbeteren.’
Door het doolhof wat de longen heet
Tijdens de bijeenkomst gaven verschillende technisch geneeskundigen een inkijkje in hun werk. Zo ook Verhoeven, die de pers letterlijk meenam in het longenlabyrint. Hij ontwikkelde samen met longarts en hoogleraar Erik van Heijden een procedure waarmee artsen afwijkingen diep in het longweefsel kunnen bereiken, iets wat voorheen niet zonder risico mogelijk was.
Zijn innovatie is inmiddels zo verfijnd dat ook andere zorgprofessionals ermee worden getraind. ‘Op dit moment gebruiken 9 ziekenhuizen deze techniek om bij patiënten met onduidelijke longafwijkingen tóch een diagnose te kunnen stellen,’ vertelt Roel. ‘Vaak kunnen we goed inschatten of iets goedaardig of kwaadaardig is, maar in de twijfelgevallen biedt dit systeem eindelijk een manier om zekerheid te krijgen.’
Innovatie tot in de vingertoppen
Naast Verhoeven gaf ook collega Laura van Ginkel een kijkje in haar dagelijkse werk. Op de vraag wat technisch geneeskundigen allemaal kunnen betekenen binnen een ziekenhuis, reageert ze lachend: ‘Ik kan uren praten over de rollen die we vervullen en de innovaties die we nog kunnen realiseren.’ Laura promoveert momenteel op de ontwikkeling van patiëntvriendelijker gips met behulp van een 3D-printer. Een ogenschijnlijk simpel product dat in de praktijk verrassend veel problemen oplevert.
‘Er is nog zóveel te verbeteren,’ legt ze uit. ‘Patiënten geven vaak aan dat het gips irriteert, jeukt of te warm is. Voor medisch professionals is het ook onhandig: als ze net bij een plek moeten zijn die onder het gips zit, moet alles er weer af en opnieuw worden aangebracht.’ De nieuwe variant op het gips is eenvoudig te verwijderen, goed schoon te maken en bevat ventilatieopeningen waardoor de huid kan ademen. ‘We zijn nog bezig met de ontwikkeling, maar de patiënten die het geprobeerd hebben zijn enorm enthousiast,’ vertelt Van Ginkel.
Belangrijke rol op de IC
Collega Ruud van Kaam werkt aan de andere kant van het technisch spectrum. Waar sommigen nieuwe innovaties ontwikkelen, richt hij zich juist op de toepassing ervan op de IC. Daar zorgt hij voor patiënten met onder meer ernstig hersenletsel door de druk in hun hoofd te analyseren.
‘Op de IC houd ik de hersenen van deze patiënten continu in de gaten,’ legt Van Kaam uit. ‘Met een sensor meten we de druk in het hoofd. Op basis daarvan kunnen we complexe berekeningen uitvoeren die helpen bepalen welke behandeling op dat moment het beste is.’
Als technisch geneeskundige speelt hij een belangrijke rol in het analyseren en interpreteren van data. ‘Omdat we zoveel technische kennis hebben, kunnen we dit soort berekeningen goed doorgronden. En doordat we óók medische kennis hebben, kunnen we die informatie vertalen naar een concreet en onderbouwd advies,’ zegt Van Kaam.
Diepe hersen stimulatie bij Parkinsonpatiënten
Tot slot vertelt collega Koen van der Veen over zijn werkzaamheden als technisch geneeskundige bij de neurochirurgie. Hij is bezig met de toepassing en ontwikkeling van diepe hersenstimulatie (Deep Brain Stimulation (DBS)) bij mensen met de ziekte van Parkinson. DBS is een therapie waarbij twee elektroden in een specifiek hersengebied worden ingebracht in het hoofd van de patiënt. Met behulp van deze elektroden kunnen elektrische signaaltjes worden afgegeven in het brein, waardoor bij mensen met de ziekte van Parkinson bewegingsklachten verminderen.
Bij zijn toelichting zijn ook twee patiënten aanwezig: Klaas en Ruth. Het stel heeft beide de ziekte van Parkinson en is hiervoor behandeld met DBS. ‘Sinds het instellen van de therapie hebben we bijna geen last meer van de trillingen,’ vertelt Ruth. ‘We hoeven ook een stuk minder medicijnen te slikken, dat is ook heel fijn,’ vult Klaas aan.
De elektroden worden aangestuurd door een soort 'pacemaker’, die wordt geplaatst onder de huid bij het sleutelbeen. ‘Je voelt alleen een bobbeltje, maar verder heb je er helemaal geen last van,’ zegt Klaas. Het stel laat beide trots zien waar de 'pacemaker’ geplaatst is. Op de vraag hoe dit hun leven heeft veranderd, reageren ze enthousiast. ‘We hebben er veel kwaliteit van leven voor teruggekregen. Dankzij de DBS slikken we nu ook minder medicijnen, deze kunnen we weer opbouwen als de klachten erger worden,’ vertelt Klaas tevreden.
Koen opereert zelf ook mee tijdens de operaties waarbij de elektroden geplaatst worden. Daarnaast houdt hij zich bezig met het verbeteren van DBS. ‘De therapie is erg complex en wordt steeds complexer. Juist daarom is het goed om betrokken te zijn bij deze ontwikkelingen en de uitvoering ervan.’ legt Van der Veen uit.
Toekomst ontwikkelingen
Juist omdat technisch geneeskundigen een steeds grotere rol spelen in de zorg, is het essentieel dat zij zich, net als artsen, verder kunnen specialiseren op een gestandaardiseerde manier. ‘Op dit moment vindt ieder van ons zijn eigen wiel uit, terwijl we met generieke vaardigheden op zoveel verschillende afdelingen direct iets kunnen betekenen,’ vertelt Verhoeven.
Waar basisartsen na hun opleiding kunnen doorgroeien tot bijvoorbeeld chirurg, huisarts of psychiater, ontbreekt die mogelijkheid voor technisch geneeskundigen. Daarom zetten zowel de beroepsvereniging als de opleidingen zich actief in voor de ontwikkeling van een vervolgopleiding.
HealthTech Nexus
Dat de genoemde technisch geneeskundigen allemaal zijn afgestudeerd aan de Universiteit Twente is geen toeval. Het Radboudumc en de Universiteit Twente werken nauw samen. Binnen deze samenwerking is het project Health Tech Nexus ontstaan, dat zich richt op zogenoemde ‘unmet needs’ in de zorg: urgente vraagstukken waarvoor nog geen adequate oplossingen bestaan. Door binnen deze samenwerking meer zichtbaarheid te creëren voor technologische ontwikkelingen in de zorg én de rol van technisch geneeskundigen, wordt bovendien gehoopt een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van de vervolgopleiding.
Meer recent nieuws
di 12 mei 2026Klimaatexamen op UT: test 21 mei je klimaatkennis
di 12 mei 2026Hoe AI de diagnostiek van epilepsie verandert
ma 11 mei 2026De robotpinguïn die endoscopie optioneel maakt
vr 8 mei 2026Oral History UT: zevendelige podcastreeks nu volledig online
vr 8 mei 2026Stand van zaken datalek Canvas

