Tewerkstellingsvergunning

Naast een visum of verblijfsvergunning heeft een buitenlandse werknemer in sommige gevallen een tewerkstellingsvergunning nodig.

De spelregels van de tewerkstellingsvergunning zijn vastgelegd in de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De Universiteit Twente vraagt bij het UWV een tewerkstellingsvergunning aan.

Een tewerkstellingsvergunning is maximaal drie jaar geldig. Een buitenlandse werknemer die drie jaar lang zonder onderbreking een verblijfsvergunning voor arbeid in loondienst heeft, komt meestal in aanmerking voor een verblijfsvergunning bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) met de aantekening 'arbeid vrij toegestaan'. Er is dan geen tewerkstellingsvergunning meer nodig.


Een tewerkstellingsvergunning is nodig voor:

·

werknemers van buiten de Europese Economische Ruimte (EER);

·

werknemers uit de lidstaat Kroatië die 1 juli 2013 is toegetreden tot de Europese Unie.

Voor de volgende categorieën is geen tewerkstellingsvergunning nodig:

·

Wetenschappelijk personeel in dienst van de UT, zoals promovendi, onderzoekers, docenten en overige WP met ufo-code beginnend met 01. Dit zijn de zgn. Kennismigranten.

·

Wetenschappers in het kader van de EG richtlijn. Bijvoorbeeld Promovendi en onderzoekers met beurs of eigen middelen.

·

Gastdocenten bij werkzaamheden tot maximaal 1 jaar

·

Wetenschappers die onderzoek verrichten in het kader van een EU beurs.

·

Gastdocenten bij werkzaamheden tot maximaal 3 jaar.

·

Wetenschappers bij een verblijf korter dan 3 maanden. Onder kortverblijvers wordt ook verstaan werknemers met een aanstelling in het buitenland en die af en toe Nederland inreizen.

Voor de volgende categorieën is wel een tewerkstellingsvergunning nodig:

·

Werknemers van buiten de Europese Economische Ruimte (EER) in dienst van de UT in een OBP functie.

·

Stagiaires van buiten de Europese Economische Ruimte (EER)

·

Studentassistenten van buiten de Europese Economische Ruimte