Ouderschapsverlof

Op grond van de Wet arbeid en zorg heb je recht op ouderschapsverlof als je aan de volgende voorwaarden voldoet:

·

je bent op de begindatum van het verlof ten minste één jaar in dienst van de werkgever;

·

je neemt het verlof op voordat het kind waarvoor het verlof is aangevraagd 8 jaar wordt;

·

je hebt voor het kind nog geen ouderschapsverlof opgenomen, ook niet bij een andere werkgever.

Beide ouders hebben afzonderlijk recht op ouderschapsverlof voor hetzelfde kind, mits zij aan de voorwaarden voldoen. Het recht op ouderschapsverlof geldt ook voor adoptiekinderen, pleegkinderen en stiefkinderen. Voorwaarde is in dat geval wel dat dit kind bij jou woont (dit moet blijken uit de gemeentelijke basisadministratie) en dat jij duurzaam de verzorging en opvoeding van het kind op je hebt genomen.

Per kind bedraagt het ouderschapsverlof maximaal 26 keer de wekelijkse arbeidsduur (13 weken betaald en 13 weken onbetaald ouderschapsverlof). De wet gaat uit van een opname voor de helft van de arbeidsduur gedurende een aaneengesloten periode van 12 maanden. Met toestemming van de werkgever kun je het verlof over een kortere of langere periode spreiden. Ook kun je de werkgever vragen om het verlof op te splitsen in maximaal zes gedeelten. Elk afzonderlijk gedeelte moet in dat geval minimaal één maand duren.

Het wettelijk ouderschapsverlof is in principe onbetaald verlof. Bovendien hoeft de werkgever voor de uren waarin je niet werkt niet bij te dragen aan de pensioenpremie. In een CAO kunnen hierover andere afspraken worden gemaakt. Bij ziekte tijdens ouderschapsverlof, loopt dit verlof gewoon door. Over de uren waarvoor je ouderschapsverlof hebt, bouw je geen recht op vakantieverlof op.

Cao Nederlandse Universiteiten

De Cao-NU voorziet in doorbetaald ouderschapsverlof. De totale omvang van dit verlof bedraagt maximaal 13 keer de arbeidsduur per week. Tijdens dit verlof ontvang je 62,5% salaris over de uren waarvoor je ouderschapsverlof hebt. Bovendien loopt de pensioenopbouw bij ABP volledig door en blijft de universiteit bijdragen aan de pensioenpremie.

De universiteit beschouwt medewerkers met een volledig dienstverband die ouderschapsverlof opnemen, als deeltijders. Dit betekent dat wordt uitgegaan van een 38-urige werkweek en dat de flexibele werkduur (je werkt wekelijks 2 uren teveel en dit wordt op jaarbasis gecompenseerd met 96 extra verlofuren) vervalt tijdens het ouderschapsverlof. Wil je bijvoorbeeld tijdens het ouderschapsverlof 32 uren blijven werken, dan bedraagt de omvang van het ouderschapsverlof 6 uren per week. Je bouwt in dit voorbeeld vakantieverlof op over 32 uren.

Als je binnen zes maanden na afloop van doorbetaald ouderschapsverlof het dienstverband opzegt of wordt ontslagen door aan jou te wijten omstandigheden, dan ben je verplicht het over de verlofuren genoten salaris terug te betalen. Desgewenst kun je in aansluiting op doorbetaald ouderschapsverlof ook nog maximaal 13 keer de arbeidsduur per week aan onbetaald ouderschapsverlof opnemen. Over de uren waarvoor je onbetaald ouderschapsverlof opneemt, ontvang je geen salaris. De pensioenopbouw loopt wel volledig door, maar de universiteit betaalt over de uren onbetaald ouderschapsverlof niet mee aan de pensioenpremie. Dit betekent dat de pensioenpremie volledig (werkgevers- en werknemersdeel) aan jou wordt doorberekend. Voor zover mogelijk, verrekent de salarisadministratie deze premie direct met jouw salaris. Als dit niet kan, bijvoorbeeld omdat je voor de volle omvang van het dienstverband onbetaald ouderschapsverlof hebt opgenomen, ontvang je een factuur.

Het totale recht op ouderschapsverlof (doorbetaald + onbetaald) bedraagt maximaal 26 keer de arbeidsduur per week.

Kijk voor meer informatie over ouderschapsverlof in de cao hoofdstuk 4, paragraaf 3b.

Aanvragen ouderschapsverlof

Je moet het ouderschapsverlof uiterlijk 2 maanden voor aanvang schriftelijk aanvragen bij je direct leidinggevende. In de aanvraag vermeld je voor het betaalde en het onbetaalde verlof (indien gewenst):

·

de periode;

·

het aantal uren per week

·

de spreiding over de week.

Zodra periode, omvang en spreiding definitief vaststaan, kun je een formulier downloaden dat jij en jouw leidinggevende moeten ondertekenen. Dit formulier lever je in bij de afdeling Human Resources van de faculteit of dienst.