Ask the Expert #03: Peerinstruction (30 mei 2013)

Aanleiding
Een belangrijk uitgangspunt van TOM is dat studenten 40 uur per week studeren. Dit  willen we bereiken met uitdagend onderwijs, waar projectonderdelen een belangrijk onderdeel binnen de modules vormen. Natuurlijk blijven ook de bekende werkvormen,  zoals hoorcolleges, werkcolleges, colstructies en practica relevant binnen de modules. Uitdaging is om ervoor te zorgen dat de werkvormen in de modules aantrekkelijk, uitdagend, passend en motiverend werken voor de studenten en op die manier een positieve invloed hebben op het leerproces en leerresultaten van studenten. Een werkvorm waarbij het leren van studenten centraal staat is peerinstruction.

Edwin van Asseldonk, universitair docent in de vakgroep biomedische werktuigbouwkunde, heeft ervaring met peerinstruction tijdens zijn colleges voor masterstudenten. Edwin geeft aan dat hij van studenten een actieve houding verwacht waarbij studenten voorbereid naar college komen en ook tijdens het college aan het denken worden gezet. Hij combineert daartoe peerinstruction met reading tests.

Reading tests
De readingtests zijn bedoeld om studenten voorafgaand aan het college de lesstof te laten bestuderen. De tests bestaan uit drie vragen over de lesstof die de student voorafgaand aan het college bestudeert. De eerste twee vragen zijn inhoudelijke vragen om te inventariseren of de stof wordt begrepen. Bij de derde vraag kan de student kwijt wat hij lastig, moeilijk of interessant vond aan de stof die bestudeerd is. Het antwoord op de drie vragen plaatst elke individuele student een dag voorafgaand aan het college op Blackboard. Voor de docent zijn de antwoorden een goede indicatie in hoeverre de stof is begrepen en welke onderdelen de student moeilijk of lastig vindt. De antwoorden zijn bovendien input voor de voorbereiding van de colleges voor volgend jaar. Studenten kunnen voor elke test die met een voldoende is afgerond 0,1 bonuspunt halen. In totaal zijn er 10 readingtests. De bonuspunten krijgt een student wanneer een serieuze poging is gedaan om het goede antwoord te geven op de drie vragen.

Peerinstruction
Omdat de studenten de lesstof hebben bestudeerd kan de docent tijdens het college dieper ingaan op de stof. Bij peerinstruction wordt er uitgegaan van drie tot maximaal vier concepten per college. De docent geeft per concept een meerkeuzevraag die qua moeilijkheid vergelijkbaar is met een tentamenvraag. De studenten krijgen twee of drie minuten de tijd om een antwoord te bedenken en deze individueel en anoniem naar de docent te sturen. De docent werkt met Socrative (www.socrative.com). en verzamelt de antwoorden zonder dat de studenten de gegeven antwoorden zien. Op basis van de antwoorden/resultaten besluit de docent of de studenten al dan niet meer hun medestudenten gaan overleggen. Wanneer 30-70% het antwoord goed heeft geeft de docent gelegenheid om te overleggen met medestudenten. De studenten kunnen elkaar uitleg geven en elkaar overtuigen van het goede antwoord. Na 3 tot 5 minuten overleg kunnen studenten nogmaals een antwoord geven op de meerkeuzevraag. De bedoeling is uiteraard dat het percentage goede antwoorden toeneemt. De studenten worden op deze manier actief betrokken bij de kern van de stof. Bovendien krijgt de docent goed inzicht in wat studenten weten en nog moeilijk vinden.

De docent heeft een uitgebreide evaluatie uitgevoerd over zijn hoorcolleges. Daaruit bleek onder andere dat ongeveer 70% van de studenten zich had voorbereid op de colleges door 2,5 tot 4 uur de stof te bestuderen.

Na de ervaringen van de docent over zijn manier van lesgeven kwamen er een heleboel vragen van geïnteresseerde EWI docenten.

Openstaande vragen

Aan het einde van de bijeenkomst waren er nog een heleboel onbeantwoorde vragen. Bijvoorbeeld:
Hoe kies je als docent de juiste concepten?

Hoe zorg je voor de goede conceptvragen?

Hoeveel tijd kost het tijdens een college om met de peerinstructionvragen te werken

Wat als studenten na overleg met de peers nog steeds het verkeerde antwoord geven?

Conclusie: Het lijkt zinvol om nog een keer een bijeekomst over dit onderwerp te organiseren. Misschien in de vorm van een onderwijsseminar begin volgend studiejaar.

Informatie over peerinstruction is o.a. te vinden op: http://mazur.harvard.edu/research/detailspage.php?rowid=8