January2006_June2006

FFNT workshop op 28 maart: Valkuilen in discussies


Van de workshop is een samenvatting gemaakt door Suzanne Hulscher.

Artikel in het UT nieuws over de workshop.


Tijdens een wetenschappelijke conferentie houdt een - vrouwelijke - hoogleraar een gedegen verhaal. De - manlijke - coreferent veegt vervolgens met retorische middelen de vloer met haar aan. Ze trekt zich in zichzelf terug, volledig terneer geslagen door het commentaar en de toon van de oppositie.

Tijdens de pauze tussen twee college-uren vertelt een student aan de - vrouwelijke - docent dat hij het niveau van het vak niets vindt en de colleges evenmin. De docent gaat in de verdediging, zegt dat ze zich heel goed heeft voorbereid en voelt zich tamelijk ongelukkig met de situatie.

Tijdens de vergadering van de vakgroep worden agenda’s getrokken. Laat nu net iedereen kunnen op de middag die jij had bestemd voor een bezoek aan een vriendin. Bijna altijd moet dan het bezoek worden uitgesteld.

Deze drie voorbeelden zijn uit het volle leven gehaald. Wellicht zijn er nog veel meer.


In deze workshop worden uitgaande van jouw eigen ervaringen specifieke situaties en mogelijke reacties geanalyseerd.


Daarnaast wil deze workshop een aantal inzichten en hulpmiddelen geven, theoretisch gebaseerd op klassieke inzichten uit de retorica en moderne inzichten uit de theorie van de agenda-setting. Naast het bieden van een theoretisch kader worden verschillende situaties praktisch beoefend.


De workshop wordt gegeven door Henk Procee, bijzonder hoogleraar filosofie en directeur van Studium Generale (http://www.utwente.nl/sg). De duur van de workshop is 1 dagdeel. Gestart wordt om 12.30 uur met een korte introductie, gevolgd door een lunch. Rond 13.30 uur zal de workshop beginnen, die tot ca. 17.00 uur zal duren. De taal zal Nederlands zijn, en de workshop zal plaatsvinden in De Broeierd (tegenover de campus, Hengelosestraat 725,
7521 PA Enschede, http://www.broeierd.nl/).


This workshop on traps in discussions, focused on gender-typical situations and expressions, will be held in Dutch. The FFNT regrets very much, that this workshop is held in English only, because unfortunately a native English-speaking trainer specialized in this topic is currently not available.


Retorica gaat om overtuigen


Valkuilen in discussies, zo heet de workshop die Henk Procee, bijzonder hoogleraar filosofie en directeur van Studium Generale, dinsdag 28 maart geeft op uitnodiging van het UT-vrouwennetwerk FFNT. Procee hoopt de deelnemers enig inzicht te geven in de retorica. ‘Ik kan daar úúúren over vertellen.’


Procee is nog ‘een beetje daas’ na een college van twee uur, vertelt hij verontschuldigend, om vervolgens meteen van wal te steken. ‘Hoe zou jij retorica omschrijven?’ Het antwoord bevalt hem niet helemaal. ‘Er zijn veel misverstanden over dat begrip. Het zou mooipraterij zijn, slechte waar met een mooie strik. Maar, het is veel fundamenteler. Retorica gaat over overtuigen. Ik wil mensen instrumenten in handen geven om overtuigingsmethoden van anderen te doorzien en die van zichzelf te verbeteren.’Henk Procee

Procee werd voor de minicursus benaderd door Mieke Boon, voorzitter van het vrouwennetwerk. ‘Zij heeft een cursus retorica bij mij gevolgd en had het idee dat mensen uit het netwerk er veel aan zouden hebben. Een officiële cursus duurt vier jaar. Ik heb het al eens tot een paar avonden weten te beperken en doe het nu in één middag: alleen de krenten uit de pap.’

Volgens Procee valt er nog veel te winnen. ‘Wetenschappers hebben de neiging een betoog vorm te geven als ware het een wetenschappelijk artikel. Het begint met de stand van zaken, dan komt de probleemstelling, vervolgens de experimentele opstelling, de meetresultaten en de conclusie. In het lab daarentegen, vertellen ze vaak over hun onderzoek als ware het een detective. Dat heeft alles met retorica te maken. Grootheden in hun vakgebied durven op congressen van die vaste stramienen af te wijken, jonge wetenschappers houden vaak de meest degelijke verhalen, omdat ze denken dat dat zo hoort.’

De manier waarop je met je publiek omgaat, het beeld dat je creëert van jezelf, de kwaliteit van je verhaal en de manier waarop je dat vertelt, dat alles behelst retorica. Procee wil de intuïtie ‘bijschaven’ aan de hand van praktijkvoorbeelden die de cursisten zelf aandragen. ‘Ik wil ze vragen voorbeelden van geslaagde en niet zo geslaagde exercities te noemen. Vervolgens gaan we die doornemen en kijken hoe het anders, beter, had kunnen lopen. De retorica is eigenlijk een manier om je tegenstander te ontwapenen.’

De workshop vindt plaats in De Broeierd en begint om 12.30 uur met een korte introductie en een lunch en duurt tot 17.00 uur.


Joost Blijham

(Bron: UT nieuws donderdag 23 oktober 2006, jaargang 41, nr. 10)



Samenvatting van de workshop: Valkuilen in discussies


Door: Suzanne Hulscher


Wie wil er niet beter beslagen ten ijs komen in discussies? Bij de aankondiging van de workshop “Valkuilen in discussies” heb ik me meteen ingeschreven. De docent van de middag is Prof dr. Henk Procee, bijzonder hoogleraar filosofie en directeur van Studium Generale aan de Universiteit Twente. De workshop is georganiseerd door het FFNT (Female Faculty Network university of Twente), een netwerk voor het vrouwelijke deel van wetenschappelijke staf. De bewuste middag, 29 maart 2006, zijn er pakweg 20 geleerde dames, variërend van promovendae tot hoogleraren en alle faculteiten van de universiteit zijn vertegenwoordigd.


We beginnen met ervaringen te delen in wat wij zelf als valkuilen in discussies ervaren. Grappig was dat er veel wordt aangevuld en de genoemde valkuilen zijn vaak ook heel herkenbaar voor de anderen. Enkele valkuil-voorbeelden


•neerbuigende start, je wordt als onervaren meisje neergezet (bijvoorbeeld bij een eerste entree in een vergadering)

•geen nee durven zeggen

•bij kritiek geven dit teveel afzwakken.

•na een wetenschappelijke lezing, te kort door de bocht gaan bij het stellen van vragen

•weggeblazen worden in discussie (niet gehoord)

•student die naderhand komt vertellen (of tijdens college vertelt) dat hij het college niets vindt


Agendasetting en bewijslast leggen

Na het inleidende rondje gaat Henk ons meer vertellen over Agendasetting en bewijslast leggen. Hij stelt dat vrouwen vaak de bewijslast naar zich toetrekken. Bijvoorbeeld, ze verontschuldigen zich waarom ze niet kunnen (met de reden waarom niet) of zeggen waarom ze op een bepaalde dag niet kunnen afspreken, bijvoorbeeld om te gaan studeren. Dit leidt er vaak toe dat erover die reden gediscussieerd wordt (kun je dat niet op een andere dag/ avond doen?). En dat terwijl de mensen dat doen niet vertellen waarom ze niet kunnen deze vragen niet krijgen. Kortom, ze hoeven daar zelf geen verantwoording voor te geven. Dit gebeurt vaak ook in discussies, door de bewijslast bij jezelf te leggen in plaats van bij de ander. Dit heeft dus te maken met agendasetting (niet afspreken op een dag dat ik niet wil) en de bewijslast leggen (bij jezelf of bij de ander).


We gaan nu verder in op het voorbeeld van de docente die geconfronteerd wordt met een student die openlijk vertelt haar college niets te vinden. Eerst inventariseren we mogelijke reacties van de docent bij dit incident. Eén van de dames zegt dat ze kwaad wordt, zij heeft immers dit college zo goed mogelijk voorbereid, wat denkt die student wel niet. Haar buurvrouw zou naar de student toe reageren met de vraag: “wat zou ik moeten aanpassen?”. Weer een ander zou de bewijslast afschuiven en zeggen: het is jouw keuze om hier te zitten en ik kan je helpen om dit vak te halen, als je daar geen gebruik van wilt maken, moet je dat zelf weten. De meest bijdehante oplossing komt van een ervaren docente die de bewuste student uitdaagt om de volgende keer zelf een deel van het college te geven. In de daarop volgende discussie wordt duidelijk dat het ook heel nuttig is om dit voorval wat breder te bekijken. Zoals het uitzoeken wat de achtergrond is, dus waarom de student deze opmerking plaatst. Misschien is hij gewoon een enorme negatieveling en valt er verder niets te doen. Of is de student er te laat achter gekomen dat hij het verkeerde keuzevak genomen heeft waarvoor nog veel gedaan moet worden ook. We moeten dus de agenda van de student helder zien te krijgen. Door slim om te springen met Agendasetting en de bewijslast bewust te leggen valt er veel te verhelderen in discussie en kun je krachtig optreden. Het helpt om uit de verdediging te komen.


Aspecten uit de retorica

De retorica kan natuurlijk niet diepgravend in een middagje besproken worden, maar Henk wil ons wel enkele krenten uit de pap aanbieden. De leidraad hierin zijn wetenschappelijke presentaties op bijeenkomsten zoals workshops en congressen, waar wij natuurlijk allemaal ervaring mee hebben. De retorica heeft in de loop der jaren een beetje een nare bijsmaak gekregen, omdat deze als meer subjectief wordt gezien, terwijl de logica en dialectica als objectief betiteld worden. Dat laatste valt bij wetenschappers doorgaans wat meer in de smaak, wetenschappers willen namelijk de objectieve waarheid vertellen. Toch heeft de retorica wetenschappers veel te bieden.


Binnen de retorica wordt er een driedeling gemaakt: Ethos, Logos en Pathos. Het Ethos heeft te maken met zaken als: wat is je rol? Welke indruk maak je? Dit kun je als spreker zelf regisseren. Denk hierbij aan hoe je jezelf neerzet, je kleding, je uitstraling etc.

Over de logos (de boodschap zelf) stappen we vanmiddag heen. Daar zijn wetenschappers doorgaans heel bedreven in. Het Pathos gaat over empathie, zaken als Wie is je publiek precies? Hoe overtuig je? Henk raadt ons aan om iets te kiezen wat dicht bij jezelf ligt. Indien dat humor is, gebruik humor, indien je bevlogen over je vakgebied bent, laat dat dan zien. Wetenschappers hebben vaak de neiging om voorbij te gaan aan ethos en pathos en zich louter te concentreren op de wetenschappelijke boodschap, terwijl het verdiepen daarin aanzienlijk kan bijdragen in het overkomen van de boodschap.


Dan gaan we verder met het voorbeeld van de voorzitter (of moderator) op een wetenschappelijke bijeenkomst. Het komt heel vaak voor dat deze de tijd niet in de hand houdt, iets wat ook voor mij een veel voorkomende ergernis is. Wat is eigenlijk de rol van de voorzitter, dus wat doet een goede voorzitter? Deze moet de tijd bewaken, ervoor zorgen dat de sprekers hun boodschap kwijt kunnen en dat er over de wetenschappelijke boodschap gediscussieerd kan worden. Dus eigenlijk is het bewaken van de tijd een heel belangrijk deel van het voorzitterschap. Nu gebeurt het heel vaak dat de voorzitter de tijd niet goed bewaakt en de bijeenkomst dus uitloopt, of dat de laatste spreker wordt afgekapt. Wat kun je daar aan doen als je in het publiek zit? Je wilt namelijk niet de voorzitter en de organisator van de bijeenkomst voor het hoofd stoten, of hen passeren en zij maken immers een fout of laten toe dat dit niet goed gaat. Henk geeft de tip om hierin het ethos te verbreden. Je kunt dus opstaan en zeggen: “ik denk dat ik ook namens de volgende sprekers spreek als ik je erop wil wijzen dat we flink aan het uitlopen zijn” (dan heb je het Ethos verbreed om zo meer gewicht in de schaal te leggen).


Of het vrouwelijke deel van de Twentse wetenschappelijke staf opeens veel sterker naar voren gaat komen in discussies? We zullen het gaan zien en hopelijk horen. Ik heb in ieder geval een aantal handreikingen meegekregen vanmiddag.