Episodes VoP 2003-2005

Redactioneel - Metamorfose

De eerste aflevering van VoP verscheen in april 2003.
In de zomer van 2005 heeft VoP een ‘make over’ ondergaan om beter aan te sluiten bij de UT-layout. De eerdere site, gemaakt met een ander cms systeem, wordt niet meer bijgehouden en is per aug. 2010 opgeheven. De artikelen, die soms nog verassend van deze tijd zijn, zijn wel bewaard gebleven.

Op deze pagina zijn de items opgenomen die in de zevende aflevering van VOP stonden. Via de link (meer) in het onderstaande overzicht kunt u de inhoud lezen van het betreffende item. De items zijn integraal per aflevering overgenomen; het kan voorkomen dat sommige links niet meer werken en de lay-out niet optimaal is.



Redactioneel - Metamorfose

Deze zevende aflevering van VoP, de laatste van het jaar 2004, is meteen de laatste aflevering van VoP in deze hoedanigheid. VoP houdt niet op te bestaan, maar wordt vanaf januari drastisch aangepast. Uiterlijk wordt aangesloten bij de UT-huisstijl en zal het op de UT gebruikte Webhare-systeem als onderliggende bouwmodule gebruikt worden. Een hele...(meer)


Professionaliseringsactiviteiten voor aio's en onderwijsgevenden in 2005

De nieuwe brochure Professionalisering 2005, van het ITBE, met het cursusaanbod en andere professionaliseringsactiviteiten voor alle UT- en HO-medewerkers betrokken bij het onderwijs, is uit! Op dit moment alleen te verkrijgen in papieren vorm.
Bel of mail hiervoor naar: Sandra Schuite: 053-489 5453  ...(meer)


18 januari lunchpauze-themabijeenkomst "Werken met internationale studenten"

Hoe ziet goed intercultureel onderwijs er in de praktijk uit? Zoals uw onderwijs? Zoals het onderwijs bij de andere UT-opleidingen? Op 18 jan. wordt u tijdens de lunchpauze een interculturele spiegel voorgehouden. Om aan te tonen hoe u uw onderwijs 'internationaler' vorm kunt geven, worden diverse praktijksituaties besproken.  
 
...(meer)


Internationalisation at Home (IaH) – Hoe bereid je studenten voor op de internationale arbeidsmarkt en multiculturele samenleving?

We leven in een multiculturele samenleving en de arbeidsmarkt wordt steeds internationaler. Hoe bereid je de studenten hierop voor? Welke interculturele vaardigheden, kennis over andere landen en taalvaardigheden zijn vereist? Hoe kun je er voor zorgen dat de inbreng van internationale studenten in dit kader een toegevoegde waarde voor het onderwijs oplevert?...(meer)


Een model voor competentiegericht opleiden. De presentatie van Van Merriënboer voor het Onderwijskundig Netwerk UT

Op 8 november jongstleden was Jeroen van Merriënboer (oud-medewerker van de UT-opleiding Educational Design, Management & Media en tegenwoordig werkzaam voor het Onderwijstechnologisch Expertisecentrum van de Open Universiteit) te gast bij de bijeenkomst van het Onderwijskundig Netwerk van de UT. Naar zijn heldere presentatie over een model voor...(meer)


Fraude en fysica

Fraude in de wetenschap. Mogelijkheden tot frauderen, waar gebeurde frauduleuze praktijken en fraudeurs die pas laat ontdekt werden. Alhoewel luchtig beschreven, maken de diverse anekdotische voorbeelden die Gerrit de Bruin, medewerker van de faculteit Technische NatuurWetenschappen, in dit...(meer)


En het winnende antwoord is…. Een effectieve manier om studenten aan het vragen te krijgen

Leuke voorbeelden van goed onderwijs zijn overal te vinden; in uw onderwijs, binnen uw opleiding, elders…. In dit voorbeeld beschrijft een Australische universitair docent hoe hij zowel de betrokkenheid van studenten bij de colleges verhoogde als het onderwijs effectiever en leuker maakte. Wij kwamen dit...(meer)


Het boek Colleges en Presentaties nu gratis beschikbaar!

De auteurs: E.B. Smuling, J.F.M.J. van Hout en M.J.A. Mirande stellen hun handboek Colleges en Presentaties gratis ter beschikking aan alle docenten in het Hoger onderwijs. Hoewel het handboek al in 1993 werd uitgegeven, zijn de tips en beschrijvingen nog altijd van kracht en speciaal voor de internetuitgave hebben de auteurs de tekst...(meer)


UT kan altijd nog beter – Nieuws over kwaliteitszorg op de UT

Natuurlijk was er op de UT altijd al aandacht voor kwaliteit van het onderwijs. Maar…de invoering van het nieuwe accrediteringsstelsel zet de opleidingen  wel even extra op scherp. Beweren dat je kwaliteit levert en zult blijven leveren is niet genoeg, je moet je beweringen met onomstotelijke bewijzen kunnen staven. Hoe gaan de opleidingen dit...(meer)


Storyboarding - een handig hulpmiddel bij presentaties

De dienst InformatieTechnologie, Bibliotheek en Educatie (ITBE), verzorgt de cursus presentatievaardigheden zowel voor Nederlandstalige als voor Engelstalige cursisten. In de Engelstalige cursus, die in oktober 2004 liep, hebben zes cursisten, onder leiding van Hans van den Berg, hun tanden behalve in de gangbare onderwerpen, ook in “Storyboarding”...(meer)


De Onderwijsraad pleit voor externe beoordelaars en streng toezicht

”Voor objectievere en transparante eindbeoordelingen is de inschakeling van externe deskundigen nodig, bijvoorbeeld een expert uit het beroepenveld of een vakgenoot buiten de eigen universiteit of hogeschool.” Dat is een van de aanbevelingen van de Onderwijsraad uit het advies Examinering in het hoger onderwijs: transparantie en kwaliteitsgarantie...(meer)


Kennis over de werking van onze hersens als basis voor goed onderwijs

We weten, intuïtief en wetenschappelijk, heel wat over ons brein. We weten bijvoorbeeld dat ieder brein uniek is en dat neurale paden gevormd worden als we ons brein gebruiken en verloren gaan als we de paden niet meer gebruiken. Waarom gebruiken we deze kennis zo weinig als het gaat om het ontwerpen en geven van onderwijs?  
...(meer)


Nieuws van Surf en de Digitale Universiteit

Wat is het laatste nieuws van de Digitale Universiteit en SURF? Lees meer over de resultaten van de nieuwe aanvraagronde, interessante bijeenkomsten, een 360 graden feedbacksysteem, een licenties voor publicaties op internet en meer.  

(Bron DU,  ...(meer)


VOORAANKONDIGING Belangrijke onderwijsevenementen (UT, nationaal en internationaal)

Call for Contributions:  Active Learning in Engineering Education 8-11 June 2005, in Amsterdam and Delft
For the Fifth international workshop on Active Learning in Engineering Education (ALE), jointly organized with the Curriculum Development Working Group (CDWG) of the European Society for Engineering Education (SEFI), hosted by the TU Delft and the Hogeschool van...(meer)



Deze zevende aflevering van VoP, de laatste van het jaar 2004, is meteen de laatste aflevering van VoP in deze hoedanigheid. VoP houdt niet op te bestaan, maar wordt vanaf januari drastisch aangepast. Uiterlijk wordt aangesloten bij de UT-huisstijl en zal het op de UT gebruikte Webhare-systeem als onderliggende bouwmodule gebruikt worden. Een hele metamorfose, met de nodige voordelen maar ook beperkingen.
Het biedt wel meteen een mooie gelegenheid om ook wat inhoudelijke aanpassingen door te voeren. De aanpassingen zijn gebaseerd op de in mei 2004 gehouden enquête onder de UT-doelgroep, op verandering van de ITBE-website (waardoor makkelijker verwezen kan worden), en op de ervaringen met het gebruik van de interactieve opties. Opties die tot nu toe weinig werden gebruikt, zoals het “prikbord”, worden zonder pardon geschrapt. Een optie als "Vraag en advies", waarvan steeds meer gebruik wordt gemaakt, maar de reacties voornamelijk van ITBE-medewerkers afkomstig zijn, verdient nadere overweging. Kunnen we stimuleren dat hier meer reacties op komen?   
Laat u verrassen en bekijk de resultaten van dit alles in het nieuwe jaar.

Evaluatie VoP
Voor wie geïnteresseerd is in de evaluatie van VoP, is via de volgende link een samenvatting te vinden van de evaluatieresultaten: Samenvatting evaluatie VoP
Een recent overzicht van het aantal ‘pageviews’ en de herkomst van bezoekers is te vinden via de button  op de VoP-site (in de oranje menubalk). Op deze sites is onder andere te zien dat bijna 11% van de pageviews afkomstig is uit België (Wees welkom, zuiderburen!), VoP vooral aan het begin van de week goed bezocht wordt en heel wat bezoekers via ‘Google’ bij ons terechtkomen.  

Terug naar het heden - de items van dit moment
In deze aflevering het eerste item van een nieuwe serie: ”UT kan altijd nog beter – Nieuws over kwaliteitszorg op de UT”. Kwaliteitszorg is op het moment niet alleen een spannende aangelegenheid op de Universiteit Twente; sinds het nieuwe accreditatiestelsel is ingevoerd, lopen alle onderwijsinstellingen in Nederland en België spitsroeden. En iedereen houdt elkaar daarbij nauwlettend in de gaten, want niemand weet nog precies hoe streng de eisen nu daadwerkelijk zullen zijn en wanneer je nu de bewijsvoering wel of niet goed voor elkaar hebt. Dat de Onderwijsraad de kwaliteit van en het toezicht op het toetsbeleid aanzienlijk wil verbeteren, zoals te lezen is in het item “De Onderwijsraad pleit voor externe beoordelaars en streng toezicht”, maakt het geheel extra spannend.
Wat extra hulp is dan nooit weg, zoals het artikel van Van Merrienboer met tips voor het analyseren en ontwikkelen van een competentiegericht curriculum of het mooie praktijkvoorbeeld in “En het winnende antwoord is…. Een effectieve manier om studenten aan het vragen te krijgen”. Nog meer tips zijn te vinden in het via VOP en ITBE gratis ter beschikking gestelde handboek “Colleges en Presentaties”. 
Dit en nog meer - zoals een luchtig geschreven, maar als onderbouwing voor meer aandacht voor ethiekonderwijs zeer serieus te nemen, artikel over “fraude en fysica” - in deze aflevering in 'oude stijl'.  
 
Tot in het nieuwe jaar, waarin we hopen u op ons nieuwe adres en in onze nieuwe outfit, nog vaker te mogen treffen, 
 
met vriendelijke groet:
 
Helma Vlas
Eindredacteur VoP 
VoP@itbe.utwente.nl  


P.S. Het nieuwe adres vanVoP wordt
http://www.utwente.nl/VOP.
Maar voorlopig zijn we ook nog  via het ‘oude’ adres te vinden.  



De nieuwe brochure Professionalisering 2005, van het ITBE, met het cursusaanbod en andere professionaliseringsactiviteiten voor alle UT- en HO-medewerkers betrokken bij het onderwijs, is uit! Op dit moment alleen te verkrijgen in papieren vorm.
Bel of mail hiervoor naar: Sandra Schuite: 053-489 5453  S.Schuite-vanWezel@utwente.nl of informeer bij onze ITBE-helpdesk: infodesk@itbe.utwente.nl  053- 489 2777


In digitale versie is er een nieuwe brochure speciaal voor aio's. Hieronder vindt u in WORD-format de Engelstalige cursusbrochure voor aio's van de ITBE-afdeling Educatie (voormalig Onderwijskundig Centrum).
  
This brochure gives an overview of a number of courses for (UT-)doctoral students:  
-  Educational staff develop­ment courses in English for doctoral students and expatriate staff members preparing for
   their educational tasks. These courses are organised by ITBE. 
- Course Professional Effectiveness for Doctoral Students organized by the UT personnel department. 
 
During the year new courses will be organized. You can find actual information about courses at the internet sites of the departments ITBE and the UT personnel department:  
- http://www.utwente.nl/itbe/  (in the category 'Onderwijskundige Dienstverlening’ and ’English’, click on 'Courses in
  English') 
http://www.utwente.nl/pao/en/info_voor/aio/index.html 
There are more courses in Dutch, described in a separate ITBE-brochure Professionalisering 2005. Some of these courses, however, will be given in English if not all participants are fluent in speaking Dutch.  

Word: AIO/Doctoral-Cursusbrochure 2005   

 

Professionaliseringsaanbod van de Dienst
Informatietechnologie, Bibliotheek & Educatie

Afdeling: Onderwijskundige Dienstverlening




Hoe ziet goed intercultureel onderwijs er in de praktijk uit? Zoals uw onderwijs? Zoals het onderwijs bij de andere UT-opleidingen? Op 18 jan. wordt u tijdens de lunchpauze een interculturele spiegel voorgehouden. Om aan te tonen hoe u uw onderwijs 'internationaler' vorm kunt geven, worden diverse praktijksituaties besproken.  
 
Inhoud bijeenkomst 

•Een korte (anonieme) test: hoe intercultureel is uw opleiding/onderwijs al? 

•Bespreking van een casus “Werken met internationale studenten” vanuit
verschillende perspectieven: docent, studenten, opleiding, universitair beleid.

•Bespreking van ingebrachte casussen, problemen en vragen.

•Overzicht van diverse acties en activiteiten komend jaar op het gebied van
Engelstalig, intercultureel onderwijs. 

Eigen inbreng 
Tot 12 januari heeft u de gelegenheid om ook zelf een casus, probleem of vraag in te brengen. Wat zijn uw ervaringen of verwachtingen wat betreft het omgaan met internationale studenten? Uit alle ingebrachte voorstellen, kiezen de organisatoren een of meerdere casussen of problemen die behandeld worden tijdens deze themabijeenkomst. Wat dit keer niet behandeld kan worden, nemen wij mee in het komend jaar te starten cursussen rond het thema Engelstalig, intercultureel onderwijs, zie hiervoor het ITBE-curussoverzicht voor 2005: http://www.utwente.nl/itbe/owk/cursussen/ut_docenten/ned2005.doc/index.html
 
Plaats, tijd en aanmelding 
Plaats :       Universiteit Twente, Vrijhof, ITBE-cursuszaal op vloer 4  
Tijd      :      12.35 – 13.30 uur 
Doelgroep:   docenten, studenten, opleidingsmanagers en iedereen die belangstelling heeft.

Graag voor 12 jan. aanmelden bij: s.vansoest@utwente.nl  

Meer informatie: ITBE: Susan van Soest, tel.: 5669  (s.vansoest@utwente.nl

Vanaf januari 2005 start ITBE - Onderwijskundig Dienstverlening met een reeks themabijeenkomsten in de lunchpauze. Bovenstaande bijeenkomst is een van de eerste. Diverse actuele thema's die spelen in het hoger onderwijs komen aan bod. Informatie over de thema's, plaats en data vind u vanaf januari in Venster op Professionalisering, UT Nieuws en de ITBE-website. 



We leven in een multiculturele samenleving en de arbeidsmarkt wordt steeds internationaler. Hoe bereid je de studenten hierop voor? Welke interculturele vaardigheden, kennis over andere landen en taalvaardigheden zijn vereist? Hoe kun je er voor zorgen dat de inbreng van internationale studenten in dit kader een toegevoegde waarde voor het onderwijs oplevert?  
 
Over deze vragen heeft de Werkgroep IaH, bestaande uit vertegenwoordigers van diverse UT-diensten, faculteiten, StudentUnion en het Platform Internationalisation Twente Studentorganisations, zich gebogen. De inspanningen resulteerden in mei 2004 in een inzichtelijk rapport, getiteld “Internationalisation at Home (IaH)” of, in het Nederlands, “Internationalisering van de thuisblijvers".  
Het rapport (de externe versie van het interne rapport) vindt u als WORD-versie bijgevoegd. Een (management)samenvatting van het rapport wordt hieronder gegeven.  
 
Download rapport: Internationalisation at Home (IaH) 

Om meer informatie te verkrijgen over internationalisatie en de activiteiten die de UT op dit gebied ontplooid en zal gaan ontplooien, zie kader onderaan dit artikel. 
 
 
 
 
*****************************************************************************************************

Managementsamenvatting van “Internationalisation at Home (IaH)” 
 

Inleiding Internationalisation at Home 
Vanuit de noodzaak om ook de niet-internationaal mobiele studenten voor te bereiden op de internationale arbeidsmarkt en multiculturele samenleving is het concept van Internationalisation at Home (IaH) ontstaan: ook de thuisblijvers, dat zijn de Nederlandse UT-studenten die niet naar het buitenland gaan, moeten hierop worden voorbereid. Het gaat dan om het bieden van perspectieven vanuit een andere cultuur/staat, en het aanleren van interculturele vaardigheden en taalvaardigheden. De verschillende perspectieven die internationale studenten kunnen inbrengen, betekenen voor de Nederlandse studenten een toegevoegde waarde in het onderwijs. Internationalisation at home is internationalisering voor en van de thuisblijvers. 
 
Momenteel vindt IaH vooral in de masterfase plaats, voornamelijk via (de invoering van) Engelstalig, intercultureel onderwijs. Door de masterstudenten in een multiculturele leeromgeving te plaatsen komen zij allemaal in aanraking met de internationale dimensie. Ook de opzet van masterintroductieprogramma’s per 2004 is (ten dele) een IaH strategie en sluit aan bij de IaH strategie om de masterfase intercultureel en Engelstalig aan te bieden. In de bachelorfase is de internationale dimensie nog niet overal aanwezig.  
 
Het inbouwen van een internationale dimensie in het bacheloronderwijs is nuttig, omdat ook een afgestudeerde bachelor over de competenties moet beschikken om zijn of haar plaats op de internationale arbeidsmarkt en globaliserende samenleving in te kunnen nemen. Daar horen internationale competenties bij, zoals kennis van en kunnen omgaan met andere culturen, landen en talen. Een grotere internationale uitstraling van het onderwijs en van de campus maken de UT niet alleen voor Nederlandse studenten, maar ook voor internationale studenten tot een nog meer aantrekkelijke plaats om te gaan studeren.


IaH in het curriculum 
Uitgangspunt voor het internationaliseren van het curriculum voor de thuisblijvers is de meerwaarde in het onderwijs. Internationalisering aan de UT wordt gezien als middel om de onderwijskwaliteit te verhogen en studenten beter voor te bereiden op hun toekomstige arbeids- en leefomgeving. De internationale dimensie kent binnen deze notitie een driedeling: intercultureel, taalvaardigheid en staatkundig, danwel landoverstijgend. Internationalisering kan tot uitdrukking komen in het gebruik van elk van deze dimensies, bijvoorbeeld het gebruik van toepassingen van theorie in of vanuit een Nederlandse en buitenlandse/internationale context om de beperkingen of mogelijkheden van de theorie te laten zien. De door de OECD (in: Van der Wende, 1996) genoemde mogelijkheden voor internationalisering in het onderwijs kunnen uitgewerkt worden in academische vorming (1) en beroepscompetenties (2) die betrekking hebben op het gebied van IaH. Deze kunnen worden onderverdeeld in intellectuele basisvaardigheden, disciplinaire kennis en vakoverstijgende vaardigheden. De notitie geeft van elk van deze vaardigheden een overzicht van internationale / interculturele vaardigheden. Op cursusniveau kunnen de voorbeelden van mogelijkheden van inhoud en vorm (zie tabel 1, p. 9) een bijdrage leveren aan de academische vorming en beroepscompetenties. Inkomende studiepuntmobiliteit (3) kan dan benut worden voor het creëren van een interculturele groep in delen van het verplichte bachelorcurriculum. Opleidingen kunnen een keuze maken uit de genoemde mogelijkheden. 
 
De werkgroep IaH heeft een checklist opgesteld welke iedere opleiding kan benutten om te meten hoeveel internationalisering er momenteel aanwezig is in de vakken die zij verzorgt. De checklist kan mondeling met docenten worden doorgenomen. Op basis van de uitkomsten van de gesprekken kan een opleiding beoordelen in hoeverre zij hun doelstellingen op het gebied van internationalisering voor de thuisblijvers (middels internationalisering van het curriculum) al behalen en wat er nog verbeterd kan worden om hieraan te voldoen.  
 
De notitie behelst een aantal ideeën voor implementatie van IaH in het curriculum, welke hieronder zijn samengevat: 

•Om binnen de eenheden de bewustwording omtrent IaH te stimuleren kunnen ITBE en International Office een interne workshop (UT-breed) organiseren (bijvoorbeeld met een docente interculturele vaardigheden).  

•Opleidingen kunnen de checklist voor docenten gebruiken gecombineerd met de vaardigheden/competenties om vast te stellen waar zij staan m.b.t. IaH.  

•Mogelijkheden voor gedeeltelijk Engelstalig onderwijs in de bacheloropleiding kunnen worden onderzocht, in het bijzonder in de vaste delen van het curriculum, maar ook in het aanbod van keuzevakken.  

•Opleidingen kunnen hun mobiliteitsbeleid nader bestuderen in verband met het creëren van multiculturele groepen in delen van het bachelorcurriculum (inkomende uitwisselingsstudenten).  

•Opleidingen kunnen keuzes maken voor concrete IaH competenties die afgestudeerden behoren te bezitten en de vormgeving ervan in het curriculum d.m.v. herziening van inhoud, vorm en cursusdoelen op basis van paragraaf 2.2 en 2.3. 

•Het vak “Cultural Encounter” kan meer worden geprofileerd om een grotere deelname van Nederlandse studenten te stimuleren om zo de student een interculturele ervaring en een theoretisch kader te bieden in het kader van IaH.  

IaH in extra-curriculaire activiteiten 
Ook in de extra-curriculaire activiteiten kan meer aandacht voor Internationalisation at Home worden besteed om zo te bevorderen dat studenten ook naast hun studie te maken krijgen met interculturele en internationale aspecten. De notitie geeft een aantal ideeën voor IaH in extracurriculaire activiteiten, welke hieronder zijn samengevat: 

•Bevorderen van interactie tussen Nederlandse en internationale UT studenten in sport-, cultuur- en andere verenigingen.  

•Structurele inbedding van een multiculturele activiteit in de introductie voor bachelorstudenten. 

•SU (Student Union) trainingen interculturele vaardigheden aan studentbestuurders/commissieleden ter bevordering van de interculturele vaardigheden van studenten in extra-curriculaire activiteiten. 

•International Weekend benoemen tot UT activiteit en professioneel neerzetten om zo een grotere toeloop van Nederlandse UT-studenten te bereiken.  

•Het talenproject van AEGEE en SMIT meer ruchtbaarheid geven en Nederlandse studenten stimuleren deel te nemen in het kader van Internationalisation at Home. 

•Onderzoeken of en hoe de lokale gemeenschap in Enschede via bijvoorbeeld scholen benut kan worden om de kennismaking met andere culturen voor de thuisblijvende student te bevorderen en tegelijkertijd een maatschappelijke functie uitgedragen kan worden (verhoging participatie HO en verkleining afstand UT-lokale gemeenschap). 


(1) Onder “Academische vorming” wordt hier verstaan: een synthese van de volgende vier onderdelen: 
    -  Wetenschapsgebonden beroepsvaardigheden 
    -  Algemene beroepsvaardigheden 
    -  Speciale beroeps vaardigheden en kennis van een bedrijfstak 
    -  Vorming door wetenschap
(In: Nedermeijer, J. en Pilot, A. (2000). Beroepscompetenties en academische vorming in het Hoger Onderwijs. Groningen: Wolters Noordhoff.) 

(2) Omschrijving gebaseerd op de definitie van Thijssen (1998): “Competentie in de zin van brede vaardigheid heeft betrekking op een cluster van vaardigheden, attitudes en achterliggende kenniselementen, dat als minimum-standaard geldt om bepaalde arbeidstaken correct te verrichten door het vertonen van adequaat gedrag”. (In: Buskermolen, F. e.a. (1999). Het belang van competenties in Organisaties. Utrecht: Lemma BV.) 

(3) Studiepuntmobiliteit: internationale mobiliteit binnen een opleiding waarvoor de student studiepunten ontvangt (veelal uitwisseling of stage). Diplomamobiliteit: internationale mobiliteit waarbij de student een gehele opleiding in het buitenland volgt.

Voor meer informatie over internationalisering aan de UT: 
 
  Mw.drs. S.N. van der Kolk 
 
  Internationaliseringsmedewerkster 
  International Office / 
  Universiteit  Twente                                                                              
  Postbus  217  
  7500 AE Enschede 
  The Netherlands 
  tel: +31-(0)53-4894697 
  fax:+31-(0)53-4893844  
  email: s.n.vanderkolk@utwente.nl 
 

Voor meer informatie over cursussen op dit gebied, zie de informatie elders in deze aflevering over de lunchpauze-themabijeenkomst op 18 januari 2005: "Werken met internationale studenten" en zie in het cursusoverzicht van ITBE voor 2005:

- “Working with Groups of International Students” (an introductory course)

- Principles of Teaching in English: “Intercultural communication in
educational settings”

- Principles of Teaching in English: “Spoken English for Lecturers”

- Principles of Teaching in English: “Writing Course Materials in
English”




Op 8 november jongstleden was Jeroen van Merriënboer (oud-medewerker van de UT-opleiding Educational Design, Management & Media en tegenwoordig werkzaam voor het Onderwijstechnologisch Expertisecentrum van de Open Universiteit) te gast bij de bijeenkomst van het Onderwijskundig Netwerk van de UT. Naar zijn heldere presentatie over een model voor competentieanalyse en curriculumontwerp, werd zeer aandachtig geluisterd en de centrale vraag “competentiegericht onderwijs: een dilemma tussen samenhang en vraagsturing?”, lokte veel vragen en discussie uit. 


In bijgevoegd artikel (PDF-file) een door de spreker uitgereikte samenvatting, geïllustreerd en aangevuld met de tijdens de presentatie gebruikte Powerpoint-slides.
Voor wie meer wil weten over het model en de toepassingsmogelijkheden, of over de spreker, worden onderaan het artikel enkele informatiebronnen aangereikt.

Interessant in dit kader is ook het boek:
Innovatief Onderwijs Ontwerpen
Uitgekomen in de hoger Onderwijs Reeks
Auteurs: A.M.B. Janssen-Noordman, J.J.G. van Merriënboer
ISBN 90 01 43246 8
Om te bestellen zie: Wolters-Nordhoff
of kijk voor meer informatie over het "Four Component Instructional Design Model" van
Jeroen van Merriënboer op:  http://www.ou.nl/otecresearch/program/4c_id.htm

Link naar het artikel: Presentatie Jeroen van Merriënboer


Fraude in de wetenschap. Mogelijkheden tot frauderen, waar gebeurde frauduleuze praktijken en fraudeurs die pas laat ontdekt werden. Alhoewel luchtig beschreven, maken de diverse anekdotische voorbeelden die Gerrit de Bruin, medewerker van de faculteit Technische NatuurWetenschappen, in dit artikel beschrijft duidelijk dat aandacht voor "ethiek" in de wetenschappelijke opleiding geen overbodige luxe is. 

Fraude en Fysica

Vervalsen in de beeldende kunst is van alle eeuwen. Beoefenaren van forensische wetenschap proberen met gebruik van fysische en chemische methoden die vervalsingen aan te tonen. Denk daarbij aan: röntgen, spectraalanalyse, weefselonderzoek verflinnen, dendrochronologie (dikte van de jaarringen in hout: is die "Stradivarius-viool" niet gewoon van recent brandhout?). 
Vaak werd alleen een forensisch onderzoek ingesteld, als er twijfel was over de stijlkenmerken van een schilderij of vanwege de verbazing, dat een gesigneerd kunstwerk zo lang onontdekt bleef. De vervalser wil je namelijk niet in het ongewisse laten en zal zeker de signatuur vervalsen!

Een schoolvoorbeeld van vervalsing vormen een aantal schilderijen van Vermeer, maar in werkelijkheid vervalsingen door Han van Meegeren: zie het boek van Marijke van den Brandhof  "Een vroege Vermeer uit 1937".  Het fraaie schilderij "De Emmausgangers", destijds aangekocht door museum Boymans in Rotterdam, is door HvM vervaardigd in 1937. Binnen een paar jaar werden diverse Vermeers ontdekt. Die "massaproduktie" aan Vermeers leidde niet tot de ontmaskering van HvM: kunstliefhebbers verloren alle ratio uit het oog en ontdekten graag onbekende Vermeers! HvM verdiende grof geld met vervalsen: moeiteloos zou hij daarmee een plaats in Quote-500  van nederlands meest vermogenden hebben verkre-gen. Dus misdaad loont!
Of toch niet? In mei 1945 werd bij het kindermeisje van de familie Göring, de nazi-topman, Vermeers schilderij "Christus en de overspelige vrouw" aangetroffen. Dat schilderij was door HvM aan Göring verkocht. Dus even later stond justitie voor de deur bij Van Meegeren, met de vraag: "Waarom hebt u nationaal kunstbezit aan de gehate bezetter verkocht"?  Op die vermeende collaboratie met de vijand zou ongetwijfeld een langdurige gevangenisstraf gevolgd zijn: dus moest Van Meegeren wel met de billen bloot!  'Bewijs dan maar eens, dat jij Vermeer bent'. Hetgeen geschiedde. Hij schilderde tijdens zijn voorlopige hechtenis een 'echte' Vermeer met als onderwerp "Christus in de Tempel". Dus eigenlijk was het een vaderlandslievende daad om de bezetter een valse Vermeer in de maag te splitsen! De rechter ging daarin mee en veroordeelde Van Meegeren tot een straf van slechts één jaar, die hij overigens niet kon uitzitten wegens voortijdig overlij-den.Een fascinerende geschiedenis, die ik om de paar jaar weer met veel genoegen herlees. Waarom dat genoegen? Misschien omdat alle kunstfanatici, de vervalser en de grote schurk Göring uiteindelijk hun trekken thuis hebben gekregen? Het zij zo.

De Natuurkunde         
In vorig voorbeeld speelt de fysicus de edele rol van getuige-deskundige, die helpt het oordeel te vellen. Maar huist in een aantal fysici misschien ook een schurk? Het zijn tenslotte ook gewone mensen, dus vast en zeker, dat er ook rotte appels tussen zitten. Waar kan de fysicus frauderen?

- Bij de beoordeling van een onderzoeksvoorstel op fysische inhoud, belang, haalbaarheid, kwaliteit van de
  groep, etc. Beoordeling door externe deskundigen, een peer-review vooraf.

- Bij het aanbieden van een artikel ter publicatie. De redaktie vraagt aan deskundige fysici hun anonieme oordeel
  over het manuscript, alvorens al dan niet tot publicatie over te gaan.

Veel fysici geloven in dat systeem van beoordeling vooraf en achteraf en roemen het zelfkritische en zelfreinigende vermogen van de wereld der fysici. Maar helaas, dat ideaalbeeld wordt vaak gelogenstraft door zelfbedrog, danwel doelbewuste fraude, gepleegd door aanstormende  fysici, maar ook door de gevestigde orde. Wat zijn mogelijke oorzaken, valkuilen?

Bij de beoordeling van een onderzoeksvoorstel moet idealiter worden uit gegaan van objectieve criteria. Echter, een referee, hoe integer dan ook, kan zijn persoonlijke voorkeuren en vooroordelen niet volledig uitschakelen. Onderzoek is speculatief, dus per definitie subjectief. In een eerste ronde kan de referee zijn bedenkingen uitspreken en kan de indiener de bezwaren trachten te ontzenuwen en de referee te overtuigen. Soms vind je elkaar, soms niet.  Een redelijke mate van persoonlijke, subjectieve,  voorkeur door een referee is onvermijdelijk. Maar wat is "redelijk"?
Dat is niet strak weer te geven. Het schetst een dilemma, maar nog geen fraude.

Een deskundige referee is vaak zelf werkzaam op het onderwerp van het onderzoeksvoorstel. Kennis nemen van een speculatief onderzoekvoorstel kan de referee op goede ideëen brengen voor zijn eigen onderzoek. In de beurswereld is handelen met voorkennis strafbaar! In de wereld der fysici is het aldus verkrijgen van voorkennis onver-mijdbaar. Is dat bedrog door een referee en zijn  fysici bajesklanten?
Niet persé: je kunt moeilijk je geheugen op delete zetten na het beoordelen van een voorstel. Het is de prijs die je moet betalen voor de deskundigheid van een jury. 
Kwalijker wordt het als een jurylid een voorstel de grond inboort om een concurrent kwijt te raken. Verleidelijk maar verwerpelijk. En toch, het gebeurt; fysici zijn tenslotte geen heiligen (als 'bewijs': de Kerk weet dit allang en heeft dan ook weinig tot geen fysici heilig verklaard). Als jurylid hoed je er wel voor om al te opzichtig een concurrent volledig de grond in te boren, want dat kost je je reputatie en anonimiteit lekt altijd uit!. Nee, de kunst is  iemand op subtiele wijze weg te schrijven uit de categorie "excellent" naar de categorie "redelijk/goed" en daardoor net buiten de prijzen te laten vallen. Jammer voor je concurrent, hoe je hem op 'integere' wijze hebt kunnen pootje haken, maar that's in the game. Be a sportsman.
Wat kan de arme onderzoeker tegen dergelijke juryleden doen? Weinig; zijn enige wapen is feitelijk het schrijven van ijzersterke voorstellen, die niet te torpederen zijn.

In vroeger tijden          
In vroeger tijden was het niet ongebruikelijk om je veronderstellingen, je theorie te beschermen tegen dat jatwerk door concurren-ten door een stelling of een resultaat te versleutelen en in die vorm aan te bieden. Dan kan je achteraf altijd zeggen "Wist ik al" en hoef je die kennis niet al te gemakkelijk prijs te geven in de open litteratuur.

Wat denk je van CEIIINOSSSTTUV.
Dat was de inzending van Robert Hooke, 'Ut tensio sic vis' ofwel 'de spanning is evenredig met de uitrekking'. Een redelijk effectieve bescherming van je theorie!

Newton probeerde met "6accdae13-eff7i319n4o4qrr4s9t12vx" te verhinderen, dat zijn rivaal Leibnitz met Newton's differentiaal/integraal rekening aan de haal ging.
Natuurlijk ging het hier om "Data aequatione quotcunque fluentes quantitates involvente, fluxiones invenire; et vice versa". Newton gaf daarbij aan het verband tussen variabelen (fluentes) en afgeleiden (fluxiones), alsmede de omgekeerde bewerking (integreren = vice versa).

Diverse van de anagrammen van Hooke waren zo lastig te kraken, of het probleem was op dat moment niet relevant genoeg, dat na Hooke's dood zijn executeur testamentair de oplossing maar bekend gemaakt heeft! (1).
Googlen op <anagram physics> levert voor de liefhebber een waslijst aan hits. Zo is software te koop om van een bestaande zinnige formulering van een fysisch theorema een schijnzinnige formulering met een totaal andere betekenis te maken: "George Bush" wordt getransformeerd tot "He bugs Gore". Volgens sommigen geen versleuteling, maar gewoon een correcte omschrijving. Zie bijv. http://www.anagramgenius.com/ag.html

Publiceren       
Bij het aanbieden van artikelen ter publicatie, zitten natuurlijk ook leuke mogelijkheden tot flessentrekkerij. Nu is niet de beoordelaar de mogelijke schurk, maar de auteur:
1) plagiaat van werk van een andere auteur,    
2) dubbel publiceren van eigen werk in meerdere tijdschriften,            
3) pik het werk van je ondergeschikten in als er echt 'eer' te verdelen valt,     
4) bij eigen experimentele resultaten/theorie:  
 
- weglaten van 'maandagmorgen' resultaten     
- laat de niet-welgevallige resultaten weg     
- voeg wat fictieve resultaten toe om een grafiek wat "op te leuken"    
- verzin volledig fictieve experimenten (Dit is iets anders dan een Gedankenexperiment).

Via google zoeken op <fraud, physics, hoax, cheating>, analoog in het duits en frans, levert weer een aantal voorbeelden van voorgaande categoriëen van fraude. Heel informatief zijn ook de boeken Betrayers of the TRUTH  (door William Broad & Nicholas Wade) en False Prophets (door Alexander Kohn).  Ook het artikel Ethics in Science (door G.M. Bodner, in Chemtec, may 1991, pp 274-280) is lezenswaardig.

Voorbeelden   

Inpikken van belangrijke ontdekkingen
In 1967 had Jocelyn Bell, een AIO, als taak met een radiotelescoop te bestuderen 'how radio waves from the sun affected the twinkling of the stars'. Op een keer zag zij een licht afwijkend patroon. Niet goed waarneembaar voor de niet-ingewijde, maar wel voor haar, omdat zij alle meetseries zelf had opgetekend en geanalyseerd. Nadat ze nog zo'n signaal zag haalde zij haar supervisor erbij. Jawel, het bleek uiteindelijk een pulsar te zijn. Eind van het verhaal: Hewish kreeg de Nobelprijs (het was mijn telecoop, mijn AIO, mijn leiding), Jocelyn vond slechts het signaal en de verklaring. Bij de publicatie in Nature zette Hewish zich als eerste auteur en Bell als tweede. De intimi onder de astro-physici spraken er later schande van, dat vervolgens Hewish de Nobelprijs kreeg en Jocelyn de gard.
 
Weglaten van onwelgevallige meetresultaten
Mendel & Erwtjes. Uit dominantie van een bepaalde eigenschap voorspelde Mendel overerving in een verhouding van 1:3. In zijn artikel daarover zie je dat ook met hoge nauwkeurigheid. Bekijk je echter zijn logboek, dan blijkt daar een fors afwijkende verhouding uit te komen. Kortom: flessentrekkerij. Door wie? Door Mendel of door zijn hulpje, die maar al te graag de grote Mendel wilde plezieren met het correcte (=het door Mendel verwachte aantal erwten)? De kans, dat Mendel vond, wat hij vond, is minder dan O (10-7).  
Andere zondaars: Millikan (hé, was dat niet ook een Nobelprijswinnaar? Zou het daar in zitten?) met de bepaling van de lading van een elektron.           
Galilei, met zijn valproeven van de toren van Pisa, die niet kunnen kloppen, want hij vergat de luchtwrijving. Dus misschien een compleet verzonnen experiment?

Fictieve experimenten
Rond 1998 werkte bij de veelbelovende jonge onderzoeker Hendrik Schön bij IBM. Met het bijwerken van zijn resultaten, al snel gevolgd door het compleet verzinnen van resultaten, heeft hij velen gedupeerd. Andere onderzoekers moesten namelijk erkennen, dat ze zo klunzig waren, dat ze niet zijn resultaten konden verkrijgen in herhalingsexperimenten. Zo groot was in enkele jaren zijn faam geworden, dat men aanvankelijk niet eens durfde te opperen, dat er misschien iets mis was met de resultaten van Schön. Pas toen bleek, dat Schön sneller artikelen kon schrijven, dan anderen die konden lezen en Schön in al zijn artikelen ook een soort uniforme  vorm van een grafiek had, ongeacht welk fenomeen hij had gemeten, rees er twijfel. Eindresultaat natuurlijk dat Schön de laan uit werd geschopt.

Verleiding
Het foezelen met je metingen heet in kringen ook wel  opschonen. Vernoemd naar Schön ? Welnee, het is de verleiding, waar elke onderzoeker aan bloot staat en die zijn integriteit danig op de proef stelt! Het toevoegen van "goede" waarnemingen gebeurt vaak t.g.v de sterke pressie van een externe opdrachtgever. Zeker als er veel geld mee gemoeid is, zoals in de pharmacie: is een medicijn nu wel of niet werkzaam. Dat is big business. In een iets andere vorm wordt het opschonen ook wel aangeduid met opleuken of  opsexen (denk aan het smeuïger maken van het rapport over massavernietigingswapens in Irak ten einde de politieke mening te beïnvloeden).
Kortom, het komt in alle lagen van de bevolking voor. Maakt het dat voor fysici dan minder erg? Nee, beslist niet. Het geeft alleen aan hoe groot de noodzaak is om alert te zijn en het bedrog te blijven bestrijden. Zit in de natuurkunde opleiding ook duidelijk gestructureerd het begrip "ethisch handelen in de fysica"?
Zowel in de USA (APS) als in Duitsland (DFg) is expliciet in de doelstellingen en werkwijzen  opgenomen een stuk over ethiek. Het klinkt misschien braaf maar wellicht toch goed als verplichte kost voor aankomende fysici?

Tips    
Oh ja, als je zelf betrapt mocht worden op opschonen of erger, dan is de volgende zin erg nuttig om daar mee weg te komen: "We greatly regret the inaccuracies in our earlier publication. They arose from the imaginative contributions of a junior assistant, who is no longer with us."  Vooral die dreiging uit de laaste zin is mooi: is die assistant gewurgd of op welke maffiose manier heeft men zich van hem ontdaan?
Wat gebeurt er trouwens met degene die binnen een laboratorium een melding doet, dat het werk van anderen binnen dat lab verdacht is? Dodelijk, zeker als het een verdenking jegens wetenschappers hoger in de pikorde is.
Margot O'Toole werkte als postdoc in een biomedisch lab aan MIT. Toen zij rapporteerde over het geknoei van haar supervisor, vloog de arme Margot de laan uit, verloor haar inkomen, huis etc. Dus betaalde een hoge prijs voor haar integriteit. Pas jaren later is zij gerehabiliteerd na een moeizame procedure, zie (Chemtec, may 1991, p258). Klokkenluiders moeten dat muggenziften maar eens afleren! Dat hebben we toch ook gedaan met die Van Buitenen bij de EU? Die lui moeten hun plaats kennen!
Of moeten uit balorigheid alle europese fysici nu eens op Van Buitenen stemmen, zouden we dan voldoende gewicht hebben om hem in het europarlement te krijgen?

Uitsmijter        
Als uitsmijter nog een laatste voorbeeld van "ethisch toegestaan" bedrog door fysici.
Allan Sokal, fysica hoogleraar aan de universiteit van New York, publiceerde in het sociaal/intercultureel tijdschrift Social Text (1996, spring issue, pp 217-252) zijn beroemde artikel "Transgressing the Boundaries: Towards a Transformative Hermeneutics of Quantum Gravity.". Het artikel was één grote nep van 'gewichtige' begrippen uit de wiskunde en fysica, die op een volkomen willekeurige volgorde aan elkaar waren geknoopt. De zinsbouw klopte, maar verder was het volstrekte onzin. Het zat wel knap in elkaar. Telkens begon een een zin op een nette manier, en als een volleerde cabaretier trok Sokal dan die begrippen uit hun verband en pastte ze in een volkomen verkeerde context toe. Sokal moet een duivels plezier hebben gehad tijdens het schrijven. Maar de goegemeente trapte er wel in! Die arrogante fysicus kreeg wel  op zijn donder omdat dat geen fair play was. Kletskoek. De referees hadden zich niet moeten laten inpakken en zeggen: "ik snap geen donder van het artikel, verklaar u nader". Maar nee, een referee die toegeeft iets niet te snappen, dat zit er vaak niet in. Sokal gokte juist op de zwakte van de menselijke psyche: het zij hem vergeven (2)!          

 
Auteur: Gerrit de Bruin, medewerker Technische NatuurWetenschappen Universiteit Twente.
Oorsponkelijk gepubliceerd in en met toestemming overgenomen uit ARAGO Focus, online tijdschrift van Technische Natuurkunde UT, jaargang 34, nummer 6, 8 juni 2004. Voor meer informatie: http://www.arago.utwente.nl/comms/focus/ 
 
(1) Zie bijvoorbeeld: http://www.lhl.lib.mo.us/events_exhib/exhibit/exhibits/civil/design.htm
(2) Zie: http://www.physics.nyu.edu/faculty/sokal




Leuke voorbeelden van goed onderwijs zijn overal te vinden; in uw onderwijs, binnen uw opleiding, elders…. In dit voorbeeld beschrijft een Australische universitair docent hoe hij zowel de betrokkenheid van studenten bij de colleges verhoogde als het onderwijs effectiever en leuker maakte. Wij kwamen dit voorbeeld tegen op Internet en geven het graag door. Maar zou het niet leuk zijn als op deze site de volgende keer ook uw voorbeeld te lezen staat? Stuur hiervoor uw methode, tip, idee, ervaring naar VOP@ITBE.utwente.nl.


And the winning email question is... (or how I got students to ask the questions they needed to ask)  

"The key point is that I helped the students to relax and feel as though they could ask anything" 

Dr Derek Abbott, Department of Electrical and Electronic Engineering. The University of Adelaide, Australia

http://www.adelaide.edu.au/clpd/materia/leap/case_studies/abbott.html

 

Meer van dit soort good practices in diverse disciplines zijn te vinden op: 
Leap case studies: Learning and Teaching Focus http://www.adelaide.edu.au/clpd/materia/leap/case_studies/focus_list.html#evaluation



De auteurs: E.B. Smuling, J.F.M.J. van Hout en M.J.A. Mirande stellen hun handboek Colleges en Presentaties gratis ter beschikking aan alle docenten in het Hoger onderwijs. Hoewel het handboek al in 1993 werd uitgegeven, zijn de tips en beschrijvingen nog altijd van kracht en speciaal voor de internetuitgave hebben de auteurs de tekst aangepast aan wat nieuwe onderwijsontwikkelingen.  

Het publiek te boeien en te enthousiasmeren, dat is de lastige taak waarvoor docenten en andere sprekers zich gesteld zien. Dit boek geeft aanwijzingen om het (hoor)col­lege zo in te richten en uit te voeren, dat het een effectieve en efficiënte onderwijsvorm is. 
In Colleges en presentaties gaan de auteurs in op de functie die het hoorcollege vooral dient te vervullen: het scheppen van een kader voor zelfstudie. De mogelijk­heden van colleges worden zo goed mogelijk benut door deze te combineren met andere onderwijsvormen en te zorgen voor structuur en afwisseling tijdens colleges. Ter ondersteuning van de docent, is een uitgebreide beschrijving van vaardigheden opgenomen voor het voorbe­reiden, uitvoeren en verbeteren van colleges. 
 
Het boek is niet alleen van nut voor docenten. Presentaties, zoals eenmalige onderzoeksvoordrachten, verschillen van colleges wat betreft hun context en doelen, maar vertonen wat betreft de benodigde vaardigheid ook een groot aantal overeenkomsten. Veel aanwijzingen voor colleges gelden dan ook voor presentaties. Daarnaast zijn ook een aantal specifieke aandachtspunten voor presentaties in dit boek opgeno­men.    
 
Het handboek verscheen vanaf 1993 in het kader van de Hoger Onderwijs Reeks van uitgever Wolters Noordhoff. De hardcopy is inmiddels niet meer verkrijgbaar. In goed overleg met de uitgever, hebben de auteurs het recht gekregen de tekst zelf beschikbaar te stellen via Internet. In 2003 is de tekst aangepast aan nieuwe ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld het gebruik van PowerPoint. 
Vanaf heden is de volledige en geactualiseerde tekst op de homepage van de Dienst ITBE, Universiteit Twente te vinden: http://www.utwente.nl/itbe/owk/publicaties/index.html 
   


Natuurlijk was er op de UT altijd al aandacht voor kwaliteit van het onderwijs. Maar…de invoering van het nieuwe accrediteringsstelsel zet de opleidingen  wel even extra op scherp. Beweren dat je kwaliteit levert en zult blijven leveren is niet genoeg, je moet je beweringen met onomstotelijke bewijzen kunnen staven. Hoe gaan de opleidingen dit aanpakken. Lees en leef mee in de komende tijd. 
 

Wat speelt er op kwaliteitszorggebied op de UT? 
Vanaf deze aflevering zal in VoP de komende tijd verslag worden gedaan van de ontwikkelingen binnen de UT op het gebied van kwaliteitszorg. Uw verslaggever is Hans van den Berg (zie tekening hiernaast), de nieuwe kwaliteitszorgcoördinator van de dienst InformatieTechnologie, Bibliotheek en Educatie – Onderwijskundig Dienstverlening (ITBE-OD).  De dienst ITBE-OD is – afwisselend vanuit de rol van initiator en aanvoerder, hulpverlener en kennismakelaar - direct betrokken bij verschillende kwaliteitszorgactiviteiten die op dit moment plaatsvinden.  
 

Platform “KAUT” maakt zich op voor tweede bijeenkomst  

Om maar met de deur in huis te vallen: “KAUT” staat voor Kwaliteitszorg en Accreditatie (onderwijs) Universiteit Twente. En platform wil hier zeggen: een gezelschap dat geregeld samenkomt om informatie, kennis en ervaringen uit te wisselen en waar gewenst gelegenheidsteams te vormen. Voor “KAUT” worden uitgenodigd: opleidingsdirecteuren, opleidings- en kwaliteitszorgcoördinatoren, studentenvertegenwoordiger(s), bepaalde stafmedewerkers en de portefeuillehouder onderwijs van het CvB. Overigens: ook andere UT-ers zijn welkom: u kunt meer informatie krijgen en / of zich aanmelden bij Hans van den Berg (ITBE), j.vandenberg-1@utwente.nl. 
 
De eerste bijeenkomst van KAUT, vóór de zomer, had het karakter van een aftrap. KAUT besloot tijdens de bijeenkomst tot het organiseren van een discussie met vertegenwoordigers van zowel QANU (de beoordelende instantie voorgekomen uit de VSNU) en NVAO i.o. (de Nederlands-Vlaamse Accreditatie-Organisatie in oprichting). Omdat dit enige tijd kost, vindt nu de 2e bijeenkomst van KAUT, op 30 november 2004, met een andere agenda plaats. We gaan het dan hebben over ervaringen tot nu toe van de opleidingen die nu met voorbereidingen voor accreditatie bezig zijn. Hoe pakken zij het aan? Welke struikelblokken komen zij tegen? We kijken daarbij zowel terug (BedrijfsInformatie Technologie) als vooruit, bijvoorbeeld naar de op hand zijnde accreditaties bij BioMedische Technologie, Chemische Technologie, Technische Natuurkunde, Industrieel Ontwerpen, Werktuigbouwkunde en Toegepaste Communicatiewetenschap.  

De UT heeft haar eerste accreditatieaanvraag ingediend 

In oktober 2004 heeft de UT voor de bachelor- en de masteropleiding BIT een aanvraag voor accreditatie ingediend. Daarmee vormen deze BIT-opleidingen de eerste opleidingen waarvoor de UT accreditatie aanvraagt.  
In 2002 heeft de overheid het bestaande stelsel voor externe, onafhankelijke beoordeling van de kwaliteit(szorg) van opleidingen vervangen door een nieuw stelsel op basis van accreditatie. Accreditatie is kort samengevat het certificeren van een organisatie die zelf certificaten verstrekt. Universitair onderwijs valt ook onder die definitie omdat instellingen studenten certificeren. Accreditatie van universitaire opleidingen is van groot belang: voor het bekostigde onderwijs is het een voorwaarde voor financiering door de overheid en voor het mogen verlenen van diploma’s. 
We bevinden ons op dit moment in een overgangsperiode van het oude visitatie- naar het nieuwe accreditatiestelsel. De externe kwaliteitsbeoordeling van de BIT-opleidingen is begonnen volgens het oude visitatiestelsel en kan nu resulteren in accreditaties. Dat klinkt eenvoudig maar vergde behoorlijk veel tijd: de opleiding moest de oorspronkelijke zelfstudie, in het licht van het visitatierapport, aanvullen met een rapport voor de “additionele beoordeling” in het kader van het nieuwe stelsel. Daarop moest QANU, de uit de VSNU voortgekomen beoordelende instantie, de oorspronkelijke commissie vragen de additionele beoordeling uit te voeren. Ook moest het visitatierapport een zogenaamde metabeoordeling ondergaan om te kunnen bepalen of het een goede basis is waarop – met de aanvulling – een beoordeling kon plaatsvinden.
Er werden geen tekortkomingen geconstateerd dus alle “verkeerslichten” (zie figuur) stonden op groen. En daarop kon BIT het bestuur van de UT vragen het dossier met de accreditatie-aanvraag bij NVAO i.o. (de Nederlands-Vlaamse Accreditatie-Organisatie in oprichting) in te dienen. 
We wachten met gepaste belangstelling af! 



BMT-docenten buigen zich over voorbereiding kwaliteitszorg en accreditatie 

BioMedische Technologie is één van de UT-opleidingen die de zelfevaluatie in 2005 dienen in te leveren bij QANU (de beoordelende instantie voorgekomen uit de VSNU). Met het opstellen en inleveren van de zelfevaluatie start het accreditatieproces. 
BMT is een relatief nieuwe opleiding: de eerste afgestudeerde bachelors hebben pas een paar weken geleden hun diploma gekregen. BMT is een geïntegreerde opleiding, heeft daardoor docenten uit verschillende groepen en faculteiten en heeft nog geen historie van interne kwaliteitszorg, zoals andere UT-opleidingen. BMT is om die reden in juni 2004 gestart met een traject, daarbij ondersteund door de dienst ITBE-OD, om het kwaliteitszorgsysteem te ontwikkelen en de zelfevaluatie te maken.  
Een belangrijke rol hierbij speelt het “BaCo”, het Bachelor-Coördinatorenteam, dat bestaat uit coördinerende docenten van bijdragende opleidingen, zoals wiskunde, natuurkunde, scheikunde en elektrotechniek. 
 
Tijdens een aantal (lunch)-bijeenkomsten met het BaCo zijn de contouren van de aanpak concreet gemaakt: BMT zal waar mogelijk haar werkwijze voor kwaliteitszorg gelijktrekken met de bijdragende groepen. Ook kiest BMT voor een aanpak waarbij de werkwijze en opleidingsteksten (zoals doelen, eindtermen) zoveel mogelijk samengebracht worden in het kwaliteitssysteem. Dit heeft twee belangrijke voordelen: (1) de werkwijze, afspraken en opleidingsteksten zijn gemakkelijker te gebruiken en te beheren, en (2) de werkwijze en teksten kunnen gemakkelijker worden gekopieerd naar het zelfevaluatierapport-in-wording. Op deze manier wordt tijdwinst verwacht. Een andere keuze die BaCo heeft gemaakt, is het streven om organisatorische en andere pijnpunten zoveel mogelijk op te lossen door uit te gaan van de in de concept-inhoudsopgave voor het kwaliteitshandboek beschreven aanpak van het kwaliteitszorgsysteem.  
 
Een belangrijke recente ontwikkeling is het voornemen van faculteit TNW om de benadering van BMT over te nemen en een kwaliteitssysteem op facultair én opleidingsniveau te ontwikkelen. Hoewel nog een prille ontwikkeling, zal dit, naar verwacht wordt, een verdere vergroting van de efficiëntie mogelijk maken.


TCW mobiliseert haar medewerkers voor een gezamenlijke zelfstudie 

TCW heeft de afgelopen jaren heel wat slagen gemaakt in het kader van curriculumvernieuwing en verbetering van de kwaliteit van de opleiding. Onder andere is kritisch onderzoek gedaan naar: het niveau van de afstudeerscripties, de studeerbaarheid (in termen van studiebelasting) van het programma, de mate van overlap tussen vakken, de aansluiting van M&T-onderwijs op het vernieuwde wiskundeonderwijs in het vwo, de inhoud en opzet van stages en de keuze voor en het gebruik van bepaalde wetenschappelijke theorieën in het onderwijs. Acties die zijn gevolgd door passende maatregelen. Daarnaast hebben diverse onderwijsvernieuwingacties plaatsgevonden, zoals: opzet en invoering van een eigen propedeuseprogramma, invoering van Major-minor, het opstellen van een vernieuwd curriculum in het kader van de invoering van Bachelor-master-stelsel, inclusief een heroverweging en herformulering van de eindtermen, de invoering van leerlijnen voor academische vaardigheden (informatievaardigheden, communicatieve vaardigheden, ontwerpvaardigheden, onderzoeksvaardigheden), een verbeterde opzet en handleiding voor stages, de invoering van de digitale leeromgeving Teletop.  
Bij klachten van studenten(commissies) wordt onmiddellijk actie ondernomen en er wordt gewerkt aan een verbeterde opzet voor vakkenevaluatie.  
De kwaliteit van het onderwijs was en is dan ook zeer zeker een belangrijk en continu aandachtsgebied, maar het goed documenteren van al deze ontwikkelingen en ervaringen, viel tijdens het proces al en valt ook in retrospectief niet mee. Dit zal een ervaring zijn waar meer opleidingen, in het kader van de op handen zijnde accreditaties, mee te kampen zullen hebben.  
De opleiding Toegepaste CommunicatieWetenschap is sinds september bezig met activiteiten in het kader van de zelfstudie ten behoeve van de accreditatie. In september is een opzet en planning gemaakt, waarin bekeken is welke TCW-medewerkers betrokken worden bij welke onderdelen van de zelfstudie. Getracht is voor ieder onderdeel en/of facet van het QANU-kader, een medewerker verantwoordelijk te stellen die in de dagelijkse praktijk zich ook specifiek bezighoudt met het betreffende onderdeel of facet. Zo zijn docenten die in de afgelopen jaren betrokken zijn geweest bij het ontwikkelen van leerlijnen voor o.a. informatievaardigheden, ontwerpen, methoden en technieken en communicatieve vaardigheden, gevraagd om voor de respectievelijke leerlijnen de nieuwe opzet te beschrijven en verslag te doen van het ontwikkelproces en de ervaringen met de invoering van de nieuwe opzet.  
ITBE is gevraagd ondersteuning te bieden bij het in structuur brengen van de teksten voor enkele programmaonderdelen, zoals het onderdeel “Programma”, waarbij het gaat om het in kaart brengen van de relatie tussen doelstellingen en het onderwijsproces. Aangetoond dient te worden dat de onderwijscomponenten in onderlinge samenhang en met een goede opbouw, waarborgen dat een student de einddoelstellingen kan bereiken, binnen het vastgestelde tijdsbestek. Tevens dient aangetoond te worden dat de einddoelstellingen van een voldoende niveau zijn en zowel het professionele als het wetenschappelijke karakter van de opleiding daarin in voldoende mate tot uiting komen.  
De verschillende tussenproducten worden de komende maanden verzameld en kritisch bestudeerd, waarbij de Opleidingscommissie een belangrijke rol vervult. Uiteindelijk worden omstreeks maart de verschillende onderdelen samengevoegd tot een zelfevaluatierapport voor de bacheloropleiding en een zelfevaluatierapport voor de masteropleiding. 


Aanzet tot vernieuwd toetsing- en beoordelingsbeleid bij de faculteit BBT 

Toetsing en beoordeling is een belangrijk en complex facet van het hoger onderwijs. In een recente publicatie (zie afbeelding, kader en zie artikel elders in deze aflevering van VoP) constateert de Onderwijsraad dat er in universitair Nederland aanzienlijke ruimte voor verbetering is van de praktijk van toetsing en beoordeling. Zo hebben docenten vaak een scholingsachterstand, is er nauwelijks sprake van externe evaluatie en validatie, en worden nieuwe toetsvormen in de praktijk nog nauwelijks gehanteerd. 

Voorbeeldtekst uit het rapport over toetsing en beoordeling dat ITBE voor BBT heeft gemaakt 

Landelijke ontwikkelingen op toetsgebied  
In een recent advies van de Onderwijsraad (juli 2004) aan de staatssecretaris van O, C & W. baseert de raad zich op een inventarisatie in het HO, gedaan met een schriftelijke vragenlijst. Men constateert: 
·         Examens in het HO zijn een ondergeschoven kind 
·         Transparantie van toetsing is onvoldoende 
·         Kwaliteit van toetsing is niet gegarandeerd. 
·         Huidige toetspraktijk is overwegend intern gericht (te weinig extern om objectief te kunnen zijn), in het  
          WO meer dan in het HBO 
·         Tijdens visitaties werd weinig aandacht aan examens besteed. 
De raad merkt op dat onderwijs en toetsing nu eenmaal in één hand zijn (onderwijsinstelling) en dat de vrijheid die instellingen daarmee hebben weliswaar beperkt wordt doordat (1) de wet examencommissies voorschrijft en (2) er een stelsel van accreditatie is. Omdat het onderwijsstelsel ook prestatiebekostiging kent vindt de raad het niet meer logisch dat onderwijs en toetsing in één hand zijn. De adviezen houden in dat de examencommissies strakker moeten functioneren en dat bij accreditatie meer aandacht aan toetsing besteed moet worden. Verder krijgt de staatssecretaris het advies certificatie mogelijk te maken van elders verworven kennis, omdat het huidige onderwijs zoiets nodig heeft.  


In verband met deze en andere, externe en interne, triggers heeft de faculteit Bedrijf, Bestuur en Technologie (BBT) kort voor de zomer van 2004 besloten tot een project ter voorbereiding van nieuw toets- en beoordelingsbeleid. Voorbereid met twee workshops in mei en juni 2004, is dit project eind juni 2004 opgedragen aan ITBE.  
 
In het project heeft een team van ITBE’ers nauw samengewerkt met opleidingsmanagers en docenten van BBT. Uitgangspunt vormde de bevindingen,  de beleving en ideeën over toetsing en beoordeling van de BBT-betrokkenen zelf. Het project heeft een gedegen basis voor nieuw beleid opgeleverd. Centraal staat dat het voor toetsbeleid nodig is om tot beschrijvingen van doelstellingen en toetsing te komen. Verder is aanbevolen om te starten met curriculumafstemming, bij grote groepen en kernvakken. Ook is aandacht gevraagd voor de volgorde waarin beleidsinitiatieven genomen moeten worden? Initiatieven zijn van drie intensiteitniveaus: faciliterend, evaluerend of  initiërend. BBT heeft op basis van het aangereikte materiaal zes uitgangspunten geformuleerd voor de aanzet tot nieuw toetsbeleid: 
1.       Maak toetsing expliciet. 
2.       Zorg ervoor dat docenten hun kennis omtrent toetsen kunnen vergroten en hun toetsrepertoire kunnen
          uitbreiden 
3.       Zorg ervoor dat er faciliteiten komen om de toetsing optimaal uit te voeren. 
4.       Besteed aandacht aan de diagnosefunctie en bevorder zelftoetsing en peerreview. 
5.       Maak bij beleidsinitiatieven een duidelijk onderscheid tussen het bachelor- en het masteronderwijs. 
6.       Ga - vanuit de kwaliteitszorg en accreditering - na of de toetsen ook de eindtermen dekken. 

  

K&A-dienstverlening ITBE: "ITBE ondersteunt individuele opleidingen en faculteiten bij het verbeteren van kwaliteitszorg en bij het voorbereiden en uitvoeren van accreditatie-aanvragen. Een nauwe en effectieve samenwerking met de betrokken medewerkers uit de klant-organisatie staat hierbij centraal. Hiertoe beschikt ITBE over ervaren professionals met kennis van kwaliteitszorg, accreditatie en onderwijskunde. Ook heeft ITBE algemene en specifieke gereedschappen, zoals methodieken en modellen, die voor de dienstverlening op dit gebied kunnen worden ingezet. Voor meer infromatie: dr. Hans van den Berg, DipM., tel.: 4793, j.vandenBerg@itbe.utwente.nl

  


De dienst InformatieTechnologie, Bibliotheek en Educatie (ITBE), verzorgt de cursus presentatievaardigheden zowel voor Nederlandstalige als voor Engelstalige cursisten. In de Engelstalige cursus, die in oktober 2004 liep, hebben zes cursisten, onder leiding van Hans van den Berg, hun tanden behalve in de gangbare onderwerpen, ook in “Storyboarding” gezet.  
 

Storyboarding komt oorspronkelijk uit de filmwereld. Toegepast op presentaties, bijvoorbeeld ondersteund met Powerpoint, is het een techniek waarmee in de kop van elke slide een lopende zin wordt geformuleerd. Elke (lopende) zin vat de inhoud van de betreffende slide samen. En wanneer je alle lopende zinnen achter elkaar plaatst, heb je een lopend verhaal. (Als dat niet zo is: aanpassen!) 
 
De opdracht werd geïllustreerd met een – hoe kan het ook anders – storyboard over: hoe maak je een storyboard. Onderstaande afbeelding geeft het principe weer.

  
 

“Nou en?” (Of “Voegt het iets toe?”) is mogelijk een vraag die bij u opkomt. Op deze – goede - vraag passen twee antwoorden: 
 
Ten eerste: veel wetenschappers die nog niet veel ervaring hebben met presenteren, hebben moeite met het structureren van hun presentaties. En een slecht gestructureerde presentatie, waar schijnbaar kop noch staart aan zit, of waar slides dusdanig onduidelijk zijn, dat het publiek al snel afhaakt, kan worden verbeterd met storyboarden. De cursisten waren er daarom ook enthousiast over. 
 
En ten tweede: iedere afzonderlijke slide in een presentatie moet de “Nou en”-vraag kunnen doorstaan. Lukt dat niet, dan kan de slide verdwijnen. En lukt het in woorden wel, maar blijkt het niet uit de slide zelf? Dan moet de slide aangepast worden. 
 
Het is even oefenen, maar als u de slag te pakken hebt, maakt u van iedere presentatie of verhaal een successtory.  
 
 

Auteur: Hans van den Berg. Onderwijskundig medewerker, coördinator Kwaliteitszorg en sinds kort docententrainer bij de dienst Informatietechnologie, Bibliotheek en Educatie – Onderwijskundige Dienstverlening. Voor meer informatie: j.vandenBerg-1@utwente.nl 

 




”Voor objectievere en transparante eindbeoordelingen is de inschakeling van externe deskundigen nodig, bijvoorbeeld een expert uit het beroepenveld of een vakgenoot buiten de eigen universiteit of hogeschool.” Dat is een van de aanbevelingen van de Onderwijsraad uit het advies Examinering in het hoger onderwijs: transparantie en kwaliteitsgarantie (juli 2004). Laat je toetsing alleen een interne aangelegenheid zijn, dan bestaat volgens de raad het risico van belangenverstrengeling en de transparantie komt in het geding.  

Een andere aanbeveling betreft de aanpassing van de samenstelling en werkwijze van examencommissies. De Onderwijsrraad pleit voor relatieve verzelfstandiging van de commissies en grote(re) actieve betrokkenheid bij het opstellen van kwalificatie-eisen. De commissie geeft het examenbeleid vorm, is verantwoordelijk voor intern toezicht op de examens en legt verantwoording af over de wijze van examineren aan interne en externe belanghebbenden. 
Het denken over examinering dient daarbij verruimd te worden. Zo dienen nieuwe beoordelingsvormen als portfolio en assessment een plaats te krijgen naast de meer traditionele en dienen er procedures te komen voor erkenning van buiten het onderwijs verworven competenties. Examenmomenten kunnen worden uitgebreid met bijvoorbeeld een integrale beoordeling aan het eind van een propedeuse of halverwege een opleiding, mede in het kader van zij-instroom. 
 
De Onderwijsraad wil Examenbeleid zwaar laten meewegen in accreditaties. Nu is de kwaliteitsborging van examens nog te vaak het sluitstuk van het onderwijsproces. Een onvoldoende op examenbeleid moet er toe leiden dat een opleiding geen kwaliteits- of accreditatiekeurmerk verkrijgt. 
 
De Onderwijsraad schetst in het kader van een leven lang leren de noodzaak van een wettelijke regeling waarbij hogescholen en universiteiten leerwegonafhankelijke certificerende instanties vormen. Bij het opstellen van een wet ten behoeve van de borging van transparante en kwalitatief goede examens, moet afstemming plaatsvinden met ontwikkelingen in Europa aangaande mobiliteit en harmonisatie. 

Om verder te lezen:

Advies Examinering in het hoger onderwijs, uitgebracht aan de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en 
Wetenschap. Nr. 20040179/775, juli 2004. 
Uitgave van de Onderwijsraad, Den Haag, 2004. 
ISBN 90-77293-25-5 
http://www.onderwijsraad.nl/pdfdocs/web_examinering.pdf
 
Samenvatting Examinering in het hoger onderwijs:
http://www.onderwijsraad.nl/main.php?p=7&summaryid=349 
 
Studie De blik naar buiten. Transparantie en kwaliteitsborging van examinering in het hoger onderwijs, uitgebracht aan de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. 
Nr. 20040220/781, juli 2004. 
Uitgave van de Onderwijsraad, Den Haag, 2004. 
ISBN 90-77293-24-8 
http://www.onderwijsraad.nl/pdfdocs/website_de_blik_naar_buiten.pdf 



We weten, intuïtief en wetenschappelijk, heel wat over ons brein. We weten bijvoorbeeld dat ieder brein uniek is en dat neurale paden gevormd worden als we ons brein gebruiken en verloren gaan als we de paden niet meer gebruiken. Waarom gebruiken we deze kennis zo weinig als het gaat om het ontwerpen en geven van onderwijs?  

Voorbeelden van de implicaties van neurowetenschap voor het onderwijs
Neuroweteschappers verkrijgen hun informatie over hoe onze hersens informatie verwerken, bewaren en weer terughalen, door autopsies, experimenten, door middel van scans en door klinische studies met proefpersonen. Deze wetenschappelijke kennis heeft directe implicaties voor het denken over leren en onderwijs. In het artikel “12 Design Principles Based on Brain-based Learning Research”, van Jeffery A. Lackney, worden een aantal voorbeelden aangegeven van de implicaties van deze wetenschappelijke kennis voor het onderwijs. 
 
Zo gold dat tot voor kort wetenschappers van mening waren dat een brein op zeer jonge leeftijd gevormd werd voor de rest van het leven (aangeduid als “pruning”). Deze veronderstelling geldt nog steeds in zoverre dat de vorming inderdaad plaatsvindt op jonge leeftijd, maar later onderzoek heeft aangetoond dat zenuwbanen het hele leven kunnen doorgroeien. Deze ontdekking heeft implicaties  
voor het levenslang leren concept.

 
Door hersenonderzoek is duidelijk geworden dat er een directe link is tussen emoties en leren; emoties helpen ons om herinneringen die in het centrale zenuwsysteem zijn opgeslagen terug te halen. Om te leren is een zekere mate van stress noodzakelijk, veroorzaakt door bijvoorbeeld een uitdagende taak of druk vanuit de omgeving. Stress zorgt er voor dat onze ‘overlevingsmechanismen’ worden gestimuleerd. Maar hersenonderzoek heeft ook uitgewezen dat om te leren er een goede balans moet zijn tussen stress en je op je gemak voelen. Te veel angstgevoelens blokkeren het leren; iedereen kent wel de effecten van een black-out tijdens een tentamen of optreden en gevoelens van faalangst. Voor het onderwijs impliceert dit dat er in de onderwijssituatie en leertaken een juist evenwicht dient te worden gezocht in uitdagende taken en een veilige leeromgeving.  
 
Hersensonderzoek heeft tevens uitgewezen dat onze hersens graag patronen maken. Uit een chaos van informatie worden betekenisvolle patronen geconstrueerd die onthouden worden. Door in het onderwijs studenten de kans te bieden deze patronen zelf te vormen, worden maximale leerkansen geboden. Constructivistische leertheorieën hanteren dit principe als uitgangspunt.
Door herhaling worden de patronen bevestigd. In het onderwijs wordt dit gestimuleerd door de studenten te laten oefenen met de leerstof, door discussies te organiseren, door de studenten aan medestudenten iets uit te laten leggen, door dezelfde leerstof in verschillende leersituaties terug te laten komen e.d.
Het principe van betekenisvol leren geldt nog in sterkere mate, indien de leeractiviteit verbonden wordt met fysieke ervaringen. Wanneer feiten en vaardigheden ingebed worden in levensechte activiteiten, leren we ‘al doende’ ofwel via het opdoen van ervaringen. Dit pleit voor concepten als ‘ervaringsgericht leren’ en ‘competentiegericht onderwijs’.

 
Meer weten? 
In bovenstaande paragraaf worden slechts enkele voorbeelden geschetst van de implicaties van hersenonderzoek voor ons denken over leren en onderwijs. In de navolgende bronnen wordt uitgebreider op het onderwerp ingegaan en worden diverse tips en suggesties aangereikt om het eigen onderwijs, gebaseerd op de principes van ‘brain based learning’, zodanig in te richten dat het leren optimaal gestimuleerd wordt.  
 
Op verzoek verzorgt de dienst ITBE-OD van de Universiteit Twente een workshop over dit thema. Voor meer informatie: F.B.deMink@utwente.nl  Telefoon: 053-489 2051. 


Brain-Based Dimensions of  Learning?
Met diverse korte artikelen over subonderwerpen, zoals: What Do We Know About the Human Brain? 
What Does Brain Research Tell us About Learning? How Does the Brain Construct Meaning? 
How Can We Use Knowledge of the Brain to Promote Attention and Retention? E.a. 
Prince George’s County Public Schools
http://www.pgcps.org/~elc/brain1.html 
 
Overview of Brain-Based Learning  
Leslie Wilson and Andrea Spears 
http://www.uwsp.edu/education/lwilson/newstuff/brain/overview%20on%20bb.htm 

Using Brain-based education to optimize learning - some helpful hints  
Leslie O. Wilson 1993 
http://www.uwsp.edu/education/lwilson/newstuff/brain/using_brain.htm 
 
Principles of Brain-Based Learning  
Developed by the Combined Elementary Task Forces of the Metropolitan Omaha Educational Consortium (MOEC), Omaha, NE: University of Nebraska at Omaha, 1999 
http://www.unocoe.unomaha.edu/brainbased.htm 

12 Design Principles Based on Brain-based Learning Research
By Jeffery A. Lackney, Ph.D.
Based on a workshop facilitated by Randall Fielding, AIA
http://www.designshare.com/Research/BrainBasedLearn98.htm 
 

Auteurs: Helma Vlas, Frank de Mink, ITBE-UT, nov. 2004 




Wat is het laatste nieuws van de Digitale Universiteit en SURF? Lees meer over de resultaten van de nieuwe aanvraagronde, interessante bijeenkomsten, een 360 graden feedbacksysteem, een licenties voor publicaties op internet en meer.  

(Bron DU,  http://www.digiuni.nl/ of logo linksbovenin op deze VoP-site en Stichting SURF: http://www.surf.nl/home/.) 

Een model voor curriculumanalyses en integratie van ICT in het onderwijs
Hoe kan binnen het curricula op structurele wijze worden onderzocht hoe ICT kan worden ingezet om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren? In het kader van dit project is gezocht naar een antwoord op deze vraag. Als resultaat is een model opgesteld waarin de diverse elementen en de proceskant van een curriculumanalyses zijn geïntegreerd. Het model geeft tevens aan welke eisen aan een goed curriculum kunnen worden gesteld en dient als handreiking bij het proces van curriculuminnovatie.
Het rapport is te downloaden via de DU-website:  Onderzoeksrapport Curriculumanalyses.pdf    (1526 Kb)
Meer informatie is verkrijgbaar bij projectleider Michel Jansen, projectleider: m.jansen@dienst.vu.nl.

Espelon biedt een overzicht van Vruchtbaar gebruik ICT in hoger onderwijs
Espelon biedt één centrale (virtuele) plek waar iedere partij (ICT-)onderwijsproducten kan inbrengen en afnemen. Hierbij gaat het om grote en kleinere realistische bedrijfscases over actuele (ICT-)onderwerpen, tools voor competentiegericht onderwijs en hulpmiddelen bij inhoudelijke onderwerpen (zoals statistiek en casegebaseerd leren).
Opname door Espelon betekent dat er een kwaliteitslabel aan het product hangt en er garantie is op continuïteit, onderhoud en technische ondersteuning. Met Espelon verkrijgen hoger onderwijsinstellingen op betaalbare wijze ondersteuning bij het gebruik van digitale onderwijsproducten.
Espelon is een initiatief van de Digitale Universiteit en Stichting SURF.
Meer informatie is verkrijgbaar bij Espelon, telefoon 030 291 9842, info@espelon.nl http://www.espelon.nl
 
Innovatium 2005: De kunst van het loslaten
Op dinsdag 15 maart 2005 vindt de jaarlijkse conferentie van de Digitale Universiteit plaats, getiteld: Innovatium 2005: De kunst van het loslaten. Met veel voorbeelden, interactiviteit en hands-on activiteiten in het programma. Fontys Hogescholen treedt als als gastheer op.
Doelgroep vormen bestuurders, opleidingsmanagers, docenten, onderwijskundigen of ICT-coördinatoren bij een hogere onderwijsinstelling Meer informatie via: http://www.du.nl/innovatium.
 
Workshop Toetsplanontwikkeling in competentiegericht onderwijs
Opleidingen moeten tegenwoordig beschikken over een toetsplan. Hierin staat aangegeven hoe en wanneer competenties, kwalificaties en doelstellingen getoetst worden.
In deze workshop wordt de eerste stap gezet bij de ontwikkeling van toetsbeleid en het maken een toetsplan voor de eigen opleiding.
Datum: dinsdag 14 december 2004 / Tijd: 10.00 – 17.00 uur
Locatie: Dali zaal Oudenoord 340 te Utrecht   
Doelgroep: docenten, toetscoördinatoren, leden van toets- en examencommissies, management en onderwijskundigen.
Deelnamekosten: 275 euro voor deelnemers van instellingen die deel uitmaken van de Digitale Universiteit en 325 euro voor andere deelnemers. Inclusief handboek, stappenplan, workshopmaterialen, koffie, thee en lunch.
Aanmelden: tot 26 november 2004 via www.du.nl/evenementen. Hier vindt u ook meer informatie over de workshop. 
 
Tien miljoen euro voor de Digitale Universiteit
In de Miljoenennota 2004 is 10 miljoen euro gereserveerd voor de Digitale Universiteit. Naast de twee miljoen euro subsidie voor 2004 is voor 2005 drie miljoen euro en voor 2006 vijf miljoen gereserveerd. De hoofdmoot van de financiering gebeurt door de contributies van de tien deelnemende instellingen. Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen acht aanvullende subsidiering nodig om de doelstellingen voor 2004-2006 te realiseren.

Verslagen van de EduTrip-site in het kader van EDUCAUSE 
Op 17 oktober jl. heeft SURF met een groep van veertig enthousiaste deelnemers een bezoek gebracht aan de EDUCAUSE-conferentie (Denver, Colorado). Verslagen van de reis en conferentie (met foto's), columns, trends, buzzwords en ruim veertig verslagen van de EDUCAUSE-sessies zijn beschikbaar via de EduTrip 2004-website: http://www.edusite.nl/edutrip2004 In het voorjaar 2005 komt nog een publicatie hieorver uit.  

Plagiaat en antiplagiaat in het Nederlands Hoger Onderwijs
In opdracht van SURF werd dit voorjaar een verkenning uitgevoerd naar de stand van zaken rondom plagiaat en antiplagiaat in het Nederlands Hoger Onderwijs. Via http://www.surf.nl/download/Rapport_Antiplagiaat.pdf is het eindrapport te vinden. Een sterk ingekorte en licht bewerkte versie van het rapport, van de hand van Hans Roes, opsteller van de rapportage en projectleider van het SURF project DiRECt (de Digitale Rechten Expertise Community), is te vinden via: http://e-learning.surf.nl/e-learning/artikelen/2435 .

Een lijst met weblogs over ICT&O
NL-Edubloggers zijn personen, werkzaam in het (Nederlands) onderwijs, die een weblog bijhouden. Een weblog is een persoonlijk logboek waain de auteur bijvoorbeeld artikelen plaatst, zijn of haar mening geeft over een actueel onderwerp of verwijst naar interessante publicaties of websites. In het artikel "NL-Edublogger – weblogs over ICT&O"
beschrijft Elsbeth Ingenluyff (redactie) diverse interessante NL-weblogs over ICT&O. Te vinden via: http://e-learning.surf.nl/e-learning/artikelen/2528

Hulpmiddel bij ethiekonderwijs
Agora is een webgebaseerd raamwerk voor casusanalyse in het ethiekonderwijs binnen ingenieursopleidingen.
Door middel van reële casussen kunnen studenten op een systematische manier oefenen met het maken van een ethische analyse. Dit kan individueel gebeuren, met individuele feedback van de docent achteraf of in kleine groepjes waarna de docent de belangrijkste onderwerpen uit de analyse in het college behandelt.
Het programma kan worden gebruikt:
- als een instrument voor docenten bij de voorbereiding van hun lessen
- als een toegangsvereiste tot een cursus
- voor examinering
- als oefening voor een hoorcollege of werkgroep
- voor automatische feedback of als feedbackmogelijkheid voor studenten onderling of tussen docent en student(en)
Meer informatie: http://goodpractices.surf.nl/gp/goodpractices/181

 



Call for Contributions:  Active Learning in Engineering Education 8-11 June 2005, in Amsterdam and Delft
For the Fifth international workshop on Active Learning in Engineering Education (ALE), jointly organized with the Curriculum Development Working Group (CDWG) of the European Society for Engineering Education (SEFI), hosted by the TU Delft and the Hogeschool van Amsterdam, Amsterdam School of Technology. Pre-conference workshop and opening session on June 8. The ALE 2005 Workshop in Holland will focus on the didactics of innovation choosing the theme: Active Learning & Educational Technology. 
The format of the workshop is consistent with the principles of active learning, emphasizing interaction and the sharing of experiences with active learning, in the form of: debate sessions, hands-on sessions, poster presentation.
All proposals must be submitted no later than February 27th, 2005. Contributors will receive notification of the conditions of acceptance of their proposal before March 14th, 2005. Full text of the pre-conference papers (max 3000 words) must be submitted no later than April 15th, 2005.  Acceptance of the pre-conference papers will be notified by e-mail before May 4th, 2005. 
For more information: ALE: http://www.ale-net.org/   Contact persons: Erik de Graaff Delft University of Technology, the Netherlands email: e.degraaff@tbm.tudelft.nl  / Michael Nieweg - Hogeschool van Amsterdam, Amsterdam School of Technology, email: m.r.nieweg@hva.nl

Annual Meeting van de American Educational Research Association (AERA)
Van 11 tot 15 april organiseert AERA haar “Annual meeting” in Montreal. Het thema luidt: "Demography and Democracy in the Era of Accountability". De inzendtermijn voor bijdragen is al afgesloten. Meer informatie is te vinden via: http://www.aera.net/meeting/

Innovatium 2005 – 15 maart  in het Evoluon in Eindhoven
De kunst van het loslaten, ICT en Transformatie van het hoger onderwijs is het centrale thema van een interactief en veelzijdig programma met als motto: zelf
doen en ervaren. U krijgt geen klassiek praatje-koffie-praatje congres voorgeschoteld, maar een dag die u grotendeels zelf kunt samenstellen door te kiezen uit tientallen sessies met een grote variëteit aan werkvormen. Er zijn drie ringen met elk een eigen thema en programma (Management & Organisatie, Technologie en Onderwijs). Alle deelnemers ontvangen een gratis exemplaar van de bundel Van Trend naar Transformatie die in maart zal verschijnen.
Het programma eindigt om 16.30 met een wrap up sessie onder leiding van Harry Starren, directeur van De Baak (www.debaak.nl). Tevens krijgt u een dagimpressie te zien aan de hand van interviews die gedurende de dag zijn gehouden met deelnemers aan Innovatium.
Het programma is bedoeld voor bestuurders, decanen, opleidingsmanagers, docenten, onderwijskundigen, ICTO-ers en ICT-ers. Ook studenten zijn welkom. Kijk voor meer informatie over het programma en het inschrijfformulier op www.du.nl/innovatium. bron: DU 

Landelijke Dag Studievaardigheden op de Katholieke Universiteit Brussel 
Op 26 mei 2005 vindt de 25ste Landelijke Dag Studievaardigheden (LDS) plaats. Het thema in 2005 is: Flexibilisering en flexibiliteit.
De 25ste LDS wordt, zoals steeds, onder de auspiciën van het Landelijk Overleg Studievaardigheden (www.losweb.nl), georganiseerd. Traditiegetrouw zal deze LDS een inspiratiebron zijn voor iedereen die als docent, studiebegeleider, onderzoeker, beleidsmedewerker of manager te maken heeft met het optimaliseren van het leerproces van studenten in het hoger onderwijs. 
De sluitingsdatum voor inschrijving is 29 april 2005. De kosten voor deelname bedragen € 160, voor studenten € 50. Leden van het Landelijk Overleg Studievaardigheden krijgen € 10 korting.  
Meer informatie en het inschrijvingsformulier (vanaf einde maart 2005) is te vinden op de website: http://www.ldsbrussel.be 

De Onderwijs Research Dagen 2005 te Gent
De Onderwijs Research Dagen in 2005 worden georganiseerd door de Vereniging voor Onderwijsresearch (VOR) en het Vlaams Forum voor Onderwijsonderzoek (VFO). Gastheer en organisator voor het evenement in 2005 is de Vakgroep Onderwijskunde van de Universiteit Gent.  
Datum: 30 mei - 1 juni 2005.
Thema: Meten & Onderwijskundig Onderzoek  
Plaats: de nieuwe gebouwen van de Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen van de Universiteit Gent. 
In het kader van het thema "Meten en onderwijskundig onderzoek" wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de betekenis van meten in het onderzoek, aan de kwaliteit van meetinstrumenten en meetbenaderingen en aan recente ontwikkelingen inzake het ontwerpen van alternatieve vormen van meten. Er is een gastlezing over "Design research" (zie ook het  themanummer van maart 2004 m.b.t. design research in Journal of the Learning Sciences). 
De sessies worden ingedeeld op basis van interessegebieden, zoals: Bedrijfsopleidingen, Beroepsonderwijs en Volwasseneneducatie, Beleid en Organisatie in het Onderwijs, Curriculum, Hoger Onderwijs ICT en Onderwijs en anderen. Speciale thema voor 2005 zijn: Onderzoeksinstrumenten en Gender & onderwijsonderzoek.
Tot 14 jan. 2005 kunnen nog conferentievoorstellen worden ingediend. Zie hiervoor: Flyer voor proposals: http://allserv.rug.ac.be/~mvalcke/ORD2005/callORD2005.doc
Bij aanmelding tot 1 mei krijgen deelnemers 50 euro korting. Voor studenten, aio’s en VOR/VFO-leden  gelden extra kortingen.
Voor meer informatie: http://www.ord2005.be 

CSCL conferentie 2005 "The next ten years!" 
Van 30 mei tot 4 juni 2005 in Taipei, Taiwan. Voor meer informatie over onderwerpen, deelname en data voor proposals klik hier of ga naar de website van de conferentie. 


European Association for Research on Learning and InstructionLearning and Cognition (EARLI) organiseert de “11th Biennial Conference”, te Nicosia, Cyprus op 23 – 27 aug. 2005.
Thema: Integrating Multiple Perspectives on Effective Learning Environments.
Het programma bestaat uit “keynote” presentaties, Earli “invited symposia” en “Special Interest Groups Symposia”
Deadline voor een bijdrage: 30 nov. 2004. Deadline voor registratie vooraf: 15 april 2005. Het definitieve programma is vanaf juli 2005 te vinden op: http://earli2005conference.ac.cy/

Oproep voor conferentie-bijdragen en aankondiging EDUCAUSE 2005
Van 18 t/m 21 oktober 2005 wordt de EDUCAUSE 2005 conferentie georganiseerd. Dit maal in Orlando, Florida. Het thema is: is "Transforming the Academy: Dreams and Reality”. Bijdragen over I(C)T in hoger onderwijs voor seminars tijdens de pre-conferentie kunnen tot 31 december worden ingediend, bijdragen voor de conferentie zelf tot 31 januari, zie Submission Guidelines.
Meer informatie is te vinden via: http://www.educause.edu/CallforProposals/5224