Notitie - Voorbereiden op standaard 3 Toetsbeleid en -kwaliteit (2012)

Aandachtspuntenlijst n.a.v. bespreking rapport “Toetsbeleid op de UT” in de UCO (18 sept. 2012)

Opgesteld in klein comité: Henk Boer, Ben Betlem, Helma Vlas

Essentiele vraag: Hoe laat een opleiding bij accreditatie zien dat zij qua toetsbeleid ‘in control’ is?

1)

Leerdoelen per onderwijseenheid zijn op orde en de gekozen wijze van toetsing per onderwijseenheid sluit aan bij de leerdoelen. Dit kan worden aangetoond via een toetsschema en/of toetsmatrijs.

2)

Er kan worden aangetoond dat er een duidelijke relatie is tussen eindtermen en leerdoelen (evt. ook leerlijnen) en dat alle eindtermen op adequate wijze (o.a. qua niveau) worden getoetst.

3)

De opleiding kan aantonen op welke wijze zij werk maakt van de kwaliteitsborging voor toetsing; d.w.z. kan aantonen dat toetsing en beoordeling voldoet aan de kwaliteitscriteria: validiteit, betrouwbaarheid en transparantie. Maatregelen hiervoor zijn:

Ø

zorgen voor heldere richtlijnen voor het opstellen, de afname, beoordeling en evaluatie en analyse van toetsen, voor de administratieve afhandeling en archivering en controle op de uitvoering daar-van; met name richtlijnen met betrekking tot het beoordelen zijn van belang, bijv. richtlijnen t.a.v.: beoordeling van labjournals of richtlijnen voor het voorkomen van meeliftgedrag;

Ø

het gebruik en beoordelingsformulieren bij de beoordeling van afstudeerwerken (met op het formulier in ieder geval: cijfer eindwerkstuk, cijfer mondelinge verdediging, eindcijfer afstuderen en handtekening beoordelaar(s)). Deze beoordelingsformulieren worden bij de visitatie opgevraagd.

Ø

het gebruik van antwoordsjablonen bij tentamens en heldere beoordelingscriteria of rubrics bij het beoordelen van vaardigheden en opdrachten;

Ø

het structureel organiseren van peer reviews bij het opstellen van tentamens of opdrachten;

Ø

toepassing van instrumenten als een “testplan”, toetsschema, toetsmatrijs, beoordelingsprotocol;

Ø

inzet van meerdere beoordelaars of ‘controle’ beoordelaars;

Ø

deskundigheidsbevordering van examinatoren (BKO, interne workshops, jobaids e.d.);

Ø

controle achteraf op de kwaliteit van toetsing en beoordeling (door of onder verantwoordelijkheid van de examencommissie) gevolgd door gerichte maatregelen indien de kwaliteit niet op orde is; gegevens die daarbij gebruikt kunnen worden zijn onder meer : vakevaluaties, gespreksverslagen van evaluatie-panelgesprekken, klachten, gegevens over deelname en slaagpercentages, toetsanalyseresultaten, resultaten van screenings van toetsen (o.b.v. toetsdossiers) door een deskundige, data van het studententevredenheidsonderzoek;

Ø

t.b.v. de transparantie richting studenten: het beschikbaar stellen (evt. via de studievereniging) van voorbeeldtentamens of in ieder geval voorbeeldvragen, -opdrachten en -opgaven.

4)

De examencommissie levert een jaarverslag aan, zowel t.b.v. visitaties als ook ter reflectie op eigen activiteiten en de uitvoering van de PDCA-cirkel m.b.t. toetsbeleid.

5)

De examencommissie beschikt over een huishoudelijk reglement (met gedragsregels bijvoorbeeld t.a.v. eigen administratie, werkwijze, wijze van besluitvorming, mandateringen, profielschets leden.).

6)

De documentatie (kan ook digitaal) van het totale pakket aan maatregelen, acties en regelgeving is op orde. De documentatie vervult een functie bij visitaties, maar is ook van belang voor de interne communicatie over toetsing/toetsbeleidaspecten richting alle betrokkenen.

Tips voor een goede voorbereiding op een visitatie:

A.

Het zelfstudierapport breed binnen de opleiding (of nog breder indien ook andere opleidingen betrokken zijn bij het onderwijs) bespreken.

B.

Organiseer tijdig een kritische proefvisitatie. Eventueel – gezien het belang van het onderwerp – nog een aparte sessie met de examencommissie.

C.

Draag zorg voor het tijdig beschikbaar hebben van gevraagde materialen (scripties met ingevuld een getekende beoordelingsformulieren e.d.) en houd er rekening mee dat tijdens het visitatiebezoek aanvullend materiaal gevraagd kan worden (bijvoorbeeld meerdere tentamens met uitwerkingen of extra scripties met beoordelingsformulieren).

D.

Benoem je extra activiteiten en inspanningen. Aandacht voor (interne) scholing van medewerkers op het gebied van toetsing, bijv. door intern georganiseerde workshops of een sessie over toetsing op een onderwijsdag, kan als pluspunt meetellen.